Ad Valvas 1981-1982 - pagina 262
ADVALVAS-ijA
De democratiseringsstrijd aan de Universiteit van A'dam Prof. Frits de Jong Edz. schreef 400 pagina's tellende historie bij 350-jarig bestaan Wie wil weten wat studentenbeweging ook al weer betekent, moet teruggrijpen op wat historie. De glorie van weleer is danig afgetopt. De studentenleiders, in de pers destijds altijd afgeschilderd als ging het om de wederopstanding van Marx zelf, hebben hun megafoon in de relikwienkluis opgeborgen. Wie studenten nu aktief wil zien, moet het veel meer zoeken in allerlei bewegingen buiten de universiteit, zoals de kraakbeweging, de energiebeweging en als vrijwilliger in buurtakties. Velen ook komen niet verder dan hun dagelijkse uitstap vanuit een studie zaal naar het koffiepunt of de mensa. Omdat dit jaar de Universiteit van Amsterdam 350 jaar bestaat, leek het het College van Bestuur daar een goed idee iemand maar eens aan de geschiedenis van de demokratiseringsstrijd te zetten. Het werd prof. dr. Frits de Jong Edz., hoogleraar politieke, economische en sociale geschiedenis; „inzonderheid van de 20e eeuw", zoals hij zelf aanvult. AI eerder De Jong heeft geen verklaring willen geven of een ander model op de geschiedems willen leggen. Hij geeft gewoon een beschrijvmg van de penode '45-'76 of eigenlijk '45-'68. Na 400 pagina's sla je het boek dicht met de gedachte „nou dat was dan dat. Dat hebben we ook weer gehad. Om te laten zien dat er ook buiten de universiteit heel wat aan de hand was, heeft hij de demokratiserlngsbeweging beschreven binhen het geheel van maatschappelijke ontwikkehngen. De verschillende hoofdstukken geven een verslag van een bepaald tijdvak. Niet alleen over wat er van studentenzijde kwam, maar ook wat er aan plannenmakerij gedaan werd vanuit het heersend apparaat, om het zo maar even te zeggen Het apparaat dat door de groei en wensen van de gebruikers gedwongen werd het organisatiemodel dienovereenkomstig aan te passen. Dat wil zeggen zó dat er kwa machtspositie wemig veranderd, terwijl men toch de mdruk wekt toe te geven aan eisen. De mhoud overstijgt door deze aanpak zo de direkte sfeer van nostalgie. Al kun je door de woordkeuze van De Jong bij het beschrijven van personen ontdekken dat hij ze kent en wat hij van ze vindt. Door de wederopbouw en verdere ontwikkelmg (o a de opnchting van de Navo) ontwikkelden de verschillende wetenschappen zich steeds verder. Ideeën over vermaatschappehjkmg van de wetenschap kwamen echter van studenten en progressieve wetenschappers. Juist deze pogingen tot inhoudelijke verandering van de wetenschap zijn het belangrijkste vertrekpunt voor de demokratiseringsstrijd Door de uitgebreide beschnj-, vmg van de verschillende tijdvakken die De Jong geeft, knjgt dit element te wemig nadruk Het is een van de vele feiten Dat de studentenbewegmg niet alles aan spontane invallen heeft te danken, maar aan ontwikkelmgen van koUegae in het buitenland, wordt door De Jong het hele boek door benadrukt Hieronder de belangrijkste invloedstromen bij elkaar gezet Vooral Frankrijk is een voortdurende inspiratiebron geweest. Al m '45 huldigde men het idee dat studenten mtellektuele arbeiders zijn en ging men uit van participatie aan het hele maatschappelijke leven en demokratisenng van alle universitaire systemen, opdat menselijke en geen technocratische verhoudingen zouden heersen. De ervanng van Parijs '68 wordt eraan toegevoegd. Inspirerend zijn ook de akties op de 'Freie Universität' in Berlijn Studenten kozen de zijde van arbeiders die aktie voerden tegen bednjfesluittngen. Op wetenschappelijk terrem krijgt de buiten-parlementaire oppositie in Duitsland vorm m de Kritische Universiteit met als doel kntische wetenschapsbeoefening.
schreef hij de geschiedenis van het N W die nu „totally revised and newly edited" wordt. Daarnaast werkt hij aan een geschiedenis van het AJC. — In '76 is de Jong aan de slag gegaan. Eerst met hulp van een aantal studenten die voor hun graafwerk op de zolder van de Agnietenkapel studiepunten konden krijgen. Later gans alleen. Hij is nog draaierig van het doorlezen van alle pamfletten, nota's, brochures, ideologische achtergrondstukken, soUdariteitstelegrammen, aktiehandboeken en wat nog meer in dit kader thuishoort. Het uitzoekwerk over de periode na '68 heeft hij alleen moeten doen. De door hem verwachtte belangstelling bij aktivisten voor dit werk was er nog niet. Men wilde hooguit de tijd van de studiepunten er aan besteden. Meer niet. Uiteindelijk heeft de Jong een boek van 400 pagina's geschreven dat de periode '45-'76 beslaat. Titel; „Macht en inspraak".
Rob Mioch Daarnaast worden de opvattmgen van Adorno, Horkheimer, Habermas en Marcuse gezet tegenover het positivisme. Na enige tijd worden'zij op de Neo-Marxistische zijlijn geschoven, vanwege hun humanistische wetenschapsvisie die de klassenstrijd in de weg staat. Binnen Nederland wordt m Nijmegen het idee van de radenuniversiteit ontwikkeld. Dit wordt gesteld tegenover de hierarchische verhoudingen en de inhoudelijk hoge mate van abstraktie waann het onderwys georganiseerd is. De studenten blijven daarbij te onzelfstandig. Er moet projektonderwijs komen. Konltrete problemen moeten uitgangspunt zijn voor het bestuderen van specialismen. Paritair samengestelde kommissies van studenten wetenschappelijk personeel en ovenge personeel bereiden de Projekten voor. Hoogleraren zijn gewoon deskundigen net als de rest van de staf. Naast deze ideologische basis voor de demokratisenngsakties speelt de stryd voor goede studentenvoorzienmgen, huisvestmg en studiefinanciering. Uit Amerika waaien tenslotte nog akties over tegen discrimmatie van negers en akties tegen de oorlog m Vietnam.
Nog andere ontwikkelmgslijnen De Jong geeft m zijn boek nog andere ontwikkelmgslijnen naar verdere demokratisering van het universitaire onderwijs aan Kort na de oorlog deed Jan Romein samen met N.W. Posthumus het voorstel een politiek sociale fakulteit op te richten. Men wilde kennis op kunnen doen over Amerika, Rusland en Indonesië. Dat ging met zonder slag of stoot In de diskussie over dit plan werd de vraag gesteld of de heersende machten geen aanstoot zouden nemen aan de te bieden stof Het antwoord van Romein was daarop: „Het gevaar in konflikt te komen met machthebbers is inherent aan elke waarheidsstreven." Maar studenten en progressieve wetenschappers waren niet de enigen die dachten over de uitbouw van de orgamsatie en invulling van het universitaire onderwijs De wederopbouw van de ekonomie deed een grotere behoefte ontstaan aan acadepiici. Andere groeperingen dan de elite werden aangespoord te gaan studeren Deze groei maakte ideeën over de opbouw van het wetenschappelijk corps en bestuur noodzakelijk. De WUB, waann het bestuur van de universiteit IS geregeld, is een verlengstuk van ideeën over deze zaken van o a A.G Maris en F.H L van Os en
sloot mooi aan bij de gedachtes over mspraak btj studenten die hiermee monddood gemaakt werden. Door de WUB was meepraten geregeld. Dat wilde men toch Voor veel mensen is het Maagdenhuis een hoogtepunt in de geschiedenis. Ondanks alle hoerastemming is relativenng gepast, vindt De Jong. Kijk maar hoe de studentenbeweging er nu voor staat Wat is er nou echt veranderd?
Wegebbend aktivisme De periode na het Maagdenhuls krijgt in het boek een sfeer opgelegd van wegebbend aktivisme met hier en daar een opbloeier, o.a. in de strijd tegen de kollegegeldverhogmg.
Alles wat te bereiken viel, was bereikt, zff^Ujkt De Jong te willen zeggen. En zeker, de periode van de zeventiger jaren wordt vooral gekenmerkt door vechten voor behoud van verworvenheden. Men moest zich voortdurend wapenen tegen aanvallen en herovering van oude posities. Daarnaast het gevecht tegen de opkomende bezuinigingen en herstrukturering. Maar ook dit IS nog een demokratisermgsstrijd. In de studies zelf was er bovendien inhoudelyk nauwelijks iets verbeterd. Aan de periode na '76 wordt amper aandacht meer besteed. ' De hele studentenbewegmg is inderdaad in elkaar gezakt. Er is een verzet
zichtbaar tegen het optreden van de " r " studentenvakbond. Tegen haar werk- ^^^ wijze waarin het strakke demokra- ' tisch-centralistische model overheer '^^^^ ste. «'ses' Een kritiek die mede door de vrou- ^ ^ wenbeweging is aangezet. ^^' Er komen vrouwengroepen en vrou- ^ " ^ wenstudies. Hier en daar verschijnt'^ een garde floepers (jongens op het ~ ^ ' spoor van de mannenbeweging) en ^^''^^ het eerste {likkergroepje. i^^'^' Dat staat er niet m. De Jong doet het ^*^ af als kenmerken van het subjektivis De J tische tijdperk. Het is een modever- stri)d schijnsel. Evenals de hele studenten- aante beweging trouwens. Hoogleraren her ten.i
—!-
Hoogleraren weer voor e aktivisten nu bestuurders Na het beklimmen van drie trappen, het overwirmen van stapels kranten en een postzak van de Deutsche Bundespost, kom ik terecht in de studeerkamer van prof. dr. Frits de Jong Edz. waar ik met hem praat over de demokratisering op de universiteit en het boek dat hij daarover geschreven heeft. „Aon welke kant stond u in de demokrattsenngsstnjd?" „Nou, laat Ik zeggen dat ik in die tijd m ieder geval aardig aan de linkerkant stond. Met een zekere distantie houd ik dat nog altijd voor juist. In alle narigheid die de demokratisenng heeft meegebracht ten aanzien van tijd, geld en personen. Je moet het zien in een bepaalde tijd. Je moet iets doen, een keuze maken." „Staat u er nu anders tegenover?" „In pnncipe sta ik nog altijd achter de demokratisering. In aUe nadelen en alle modieus gemopper erop. Ik ben nu een boek aan het schrijven, het spuit er uit. Dat is 10 jaar lEing niet gebeurd. Waarom met dubbele punt: Demokratisenng uitroepteken! Je komt niet aan de dingen toe die je eigenlijk zou willen doen. Waarvoor je aangesteld bent." „In uw boek stelt u dat wetenschap in rust moet ontwikkelen, bedoelt u dat zo?" Lachend zegt hij: „Daarom ben je ook hier, bij mij thuis. Denken over pro-
Rob Mioch blemen die de wetenschap opwerpt in een bepaalde tijd, is een werk van eenzaamheid. In die merkwaardige konsteUatie van denken, bezinken, overwegen, komt het los. Het creatieve moment, het typisch wetenschappelijke is niet iets van vergaderen." „U vindt thuis werken dus terecht." „Kijk, de eUende van al deze dingen is, als ik zulke zaken zeg, dan kan ik onmiddellijk worden ingekapseld door de andere kant. Althans door het publiek. Als ik aan de andere kant zeg dat ik toch wel erg voor demokratisering ben, dan zeggen ze nou we weten niet of we wel op je kunnen vertrouwen. Dus laat maar hoor. Misschien kijkt mijn burgerhart naar rechts en mijn linkse geweten naar de andere kant. Door mijn afkomst heb ik een rooie bewogenheid." „Voor veel studenten is „het" Maagdenhuis iets waar ze zich steeds op richten, toen gebeurde het. U zegt, „leuk", maar het ging helemaal niet om die aktie toen." „Goed dat je dat opmerkt. Dat is een
moeilijk punt in de geschiedenis om dat het achteraf kijken naar de ge- li beurtenissen betekent dat je gebeur tenissen die jouzelf of anderen diep Iw geraakt hebben, moet gaan relativa ren. Je neemt afstand. Als je achteraf beziet hoe we er voor staan, zegje, noi zoveel maakt het nou ook weer met uit. Hevige voorvallen zijn een stukji van een rimpel, een van de vele ruit peltjes van een veranderingsproces Het is iets van de tragiek van di kwestie van het leven. Het Maagden huis heeft meer een symboUsche bete k kenis. Ook zonder d a t zou het heli proces doorgaan. Het eind van het boek is nogal pessi mistisch of mischien moet je zejga relativerend. Alle aktivisten van toa zijn wetenschapper of ambtenaar ge worden. Netjes ingevoegd in het syi teem. Dat hebben we dan ook lom gehad. Ik antwoord met een anekdote uit de tijd van Politeia (de landelijke soc te demokratische vereniging - RM) De „1 3i oude Sam de Wolfkwam daar nogwel|b( u eens. Hij hief zyn vinger op en zeijDi „Jullie zijn flu allemaal zo revolutio ki e nair hè? Tien jaar en jullie ^itt«i 01 tl allemaal op een baantje m de be m a staande maatschappij. Dan is er vai ve SI jullie revolutie niks meer over " 01 En De Jong zegt verder: „Wat bete d( it kent een studentenbeweging warineer re daar niet een beweging van maatschappelijke aard achter staat' Ja, de CPN heeft zich ermee verDon f den na enige aarzeling.' Maar spon taan opkomende stromingen? Het is! geen grote massale zaak. En boven dien, sorry voor het woord boor, hst is
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981
Ad Valvas | 434 Pagina's