Ad Valvas 1981-1982 - pagina 347
23 APRIL 1982
29e JAARGANG — NUMMER 31
UR voor openbaarheid
W E E K B L A D A / R I J E UNIVERSITEIT
De universiteitsraad heeft zich in principe uitgesproken voor het openbaar maken van kommlsslevergaderingen. Het moderamen van de raad zal binnenkort met een voorstel komen om het reglement van orde In die zin te w^zlgen. By die reglementswijziging zullen ook de restrikties op de openbaarheid aangegeven worden. De precieze Invulling van die restrikties kunnen echter nog wel enige voeten m de aarde hebben, want een niet onaanzienlijk deel, twaalf van de tweeendertig, raadsleden voelde er weinig voor nu al die principe uitspraak te doen en stemde voor het ordevoorstel van de VUSO om de al lang slepende kwestie van de openbaarheid te behandelen binnen het kader van de diskussie over het totale funktloneren van de raad. De huiver om nu al in principe de openbaarheidsuitspraak te doen kwam vooral voort uit het ontbreken van enig zicht op de invulling van de restrikties die zouden moeten gaan gelden. VUSO-er Hans Haring zie dat het VUSO standpunt niet te vatten is onder de noemer voor of tegen openbaarheid en ook Zeylemaker van de onafhankelijke TAS benadrukte dat de nu gedane principe-uitspraak pas werkingskracht krijgt als de raad de reglementswijziging met de daaraan gekoppelde restrikties goedgekeurd heeft. Na een korte schorsing op verzoek van de VUSO, sprak de raad zich toch unaniem voor de openbaarheid uit.
Deeltijdarbeid moet meer van bovenaf bevorderd, vindt UR il!
Het was toevallig dat de universiteitsraad afgelopen dinsdagavond tegelijkertijd drie nota's te behandelen kreeg die met werk en werkgelegenheid te maken hebben; een concept-nota over de bevordering van deeltijdarbeid op de VU, de al eerder in Ad Valvas beschreven discussienota met kriteria voor nevenwerkzaamheden (28 febr. jl.) en een notitie van de adviescommissie Emancipatiebeleid over de vraag hoe de zeer scheve verhouding mannelijk en vrouwelijk personeel (72 : 28%) via positieve discriminatie van vrouwen kan worden rechtgetrokken plus een reactie van het college van bestuur daarop. De raad kon er slechts zijn kritisch licht over laten schijnen, omdat het college van bestuur de verantwoordeUjkheid voor het personeelsbeleid draagt, maar deed dat met graagte. De raad was er merkbaar over te spreken dat de drie, in zekere zin met elkaar samenhangende zaken nu eens worden aangepakt. Toch werden hier en daar kritische kanttekeningen geplaatst. Namens de commissie personele zaken zei diens voorzitter B.L. de Jong, dat er in de nota deeltijdarbeid nogal wat „maars" zijn opgenomen. „Werkt dat niet als een schrikdraad voor mensen die op deeltijdbasis zou-"
Verschijning Ad Valvas Zoals eerder meegedeeld verschijnt Ad Valvas niet op vrijdag: 30 april. 0e komende maand komt Ad Valvas niet uit op vrijdag 21 mei. M.n. inzenders van mededelingenkopij worden hier reeds op attent gemaakt. Advertentie
KilPffl^ AUTOVERHUUR
Middenweg 175, Amsterdam Tel. 938790 Bestelwagens 5 m3-20 m3 FordTransit/39,—pd. Personenbus ƒ 64,— p.d Personenwagens v a / 36,— p d. Alleincl 100 km p dag Excl. BTW en verzekenng STUDENTEN 20% KORTING Ook onbeperkt rijden v a / 50,— p d. netto Huur 'm ook bij Plantinga V. d Madeweg 1-5, A'dam Tel. 924755 Naast metrostation Ouivendrecht
den willen gaan werken?" Volgens de commissie zitten er te weinig stimulansen in de nota en zij vond dan ook dat er van bovenaf meer op deeltijdarbeid zou moeten worden aangedrongen. De door het CvB aanbevolen inventarisatie binnen de werkeenheden van mogelijkheden voor deeltijdarbeid zou aan een termijn moeten worden gebonden, omdat er anders geen druk achter zit. De raadscommissie was het roerend eens met de uitgangspunten van de nota. Die zijn; principiële gelijkwaardigheid van medewerkers die deel- en voltijds werken en het streven naar meer deeltijdfuncties met name op middelbaar en hoger niveau. Deeltijdarbeid op die niveaus komt bij het technisch en administratief personeel nauwelijks voor. Bij het wetenschappelijk personeel is vaak van echte deeltijdarbeid geen sprake als men maar een deel van de week werkt, omdat men voor het andere elders aan de slag is, bijv. een eigen praktijk heeft. Aan de VU ligt het percentage deeltijdarbeid vergeleken met dat bij de landelijke overheid vrij hoog. In 1980 was het er al (excl. student-asslstenten) ca. 30%, terwijl tot nu toe bij de overheid slechts ca. 8% van het personeel deeltijds werkt. Op de VU werken aanzienlijk meer vrouwen dan mannen deeltijds. Bij de TAS 58% vrouwen tegen 14% mannen en bij de WP resp. 47% en 23%. De raad vond het Instellen van een proeft)eriode bij overgaan op deeltijdarbeid een uitstekend middel om eventuele bezwaren daartegen uit de weg te ruimen. In de nota werd op die mogelijkheid gewezen. De afpaling
die de nota geeft voor deeltijdarbeid zal niet van toepassing zijn op promotiemedewerkers. Voor deze „doorstromers" is benoeming op deeltijdbasis nog niet mogelijk. Bovendien kan niet van hen worden verlangd, aldus het CvB, dat zij in vier jaar een proefschrift afronden als ze maar bijv. 0,6 werkweek werken. Aan deze groep wordt in een aparte nota aandacht besteed. Deze zal in de loop van dit jaar verschijnen. Ook verschijnt, maar dan biimenkort, nog een circulaire over de mogelijkheid onbezoldigd verlof op te nemen. Het college van bestuur hoopt de regeling voor deeltijdarbeid in definitieve vorm per 1 mei a.s. in eerste instantie voor een periode van twee jaar in te voeren. De concept-nota is o.a. voor commentaar naar faculteiten en diensten gestuurd. In antwoord op de opmerkingen van de heer De Jong zei ir. A.W. de Jager als personeelsportefeuUlehouder in het CvB dat het coUege niet van zins is om de deeltijdarbeid er bij het personeel door te drukken. HiJ noemde dat „niet verstandig". De raad kon zich vinden in de notitie van de adviescommissie Emancipatiebeleid en de visie van het CvB daarop. Het college van bestuur zal proberen voor vrouwelijke personeelsleden zo gunstig mogelijke omstandigheden te scheppen, o.a. door in advertenties met name vrouwen te stimuleren te reflekteren. AUeen dan waimeer de betrokken solllcitatiecommissie er Inhoud aan weet te geven voelt het coUege er echter voor
Vervolg op pag. 2
Chemicibijeen over vetvuiling De dame op deze foto, staatssecretaris J J. Lambers-Hacquebard van Volksgezondheid en Milieuhygiene, opende vonge week woensdag het 12th Annual Symposium on the analytical chemistry of pollutants, dat voor het eerst in Nederland, en wel aan de VU, gehouden werd. Zo'n 300 wetenschappers, grotendeels chemici, uit 25 landen congresseerden over de nieuwste methoden van het meten van chemische stoffen, die een gevaar voor het milieu of de volksgezondheid kunnen betekenen. Onderwerpen die aan de orde kwamen waren onder andere het opsporen van kankerverwekkende stoffen, zware metalen in het milieu, waterverontreiniging en de zogenaamde zure regens die ontstaan als gevolg van uitlaatgassen. Het ontwikkelen van meetinstrumenten om de aanwezigheid aan te tonen van bepaalde stoffen, die een schadelijke werking hebben, is om diverse redenen van belang. Zo heeft bijvoorbeeld een wettelijk verbod van bepaalde gevaarlijke stoffen pas zin, als de eventuele aanwezigheid van die stoffen ook aangetoond kan worden. Ook zijn de afgelopen decennia vele tienduizenden nieuwe chemische verbindingen ontwikkeld en industrieel toegepast, zonder dat ze op hun eventuele schadelijkheid onderzocht zijn. Alle bestaande stoffen testen is een nagenoeg onmogelijke opgave. De analitici proberen dan ook bepaalde chemische clusters op te sporen, die in een grote hoeveelheid stoffen een gevaarlijke, bijvoorbeeld kankerverwekkende, werking hebben.
Vakbeweging mag universitair onderzoek niet laten liggen Door een serie overheidsmaatregelen wordt het wetenschappelijk onderzoek in Nederland aan banden gelegd: wettelijke maatregelen maken onderzoekers sterker afhankelijk van hun opdrachtgevers, die tevens hun broodheren zijn; opdrachtgevers oefenen invloed uit op de publikatie van onderzoeksresultaten, hetgeen zelfs kan uitmonden in censuur. Het wetenschappelijk onderzoek komt zo steeds meer in dienst te staan van het beleid van de overheid of het bedrijfsleven. Onderzoek dat zich oriënteert op de belangen van werknemers komt daardoor in de knel. Redenen genoeg voor een landelijke groep onderzoekers om aan het federatie-bestuur van het FNV een kritische diskussienota te sturen onder de titel „Onderzoek: een aandachtspunt voor de vakbeweging". De titel duidt er al op dat momenteel een en ander niet het geval is: de vakbeweging heeft zich, uitzonderingen daargelaten, tot dusver afzijdig gehouden van diskussies over het wetenschapsbeleid en de prioriteiten die daarin moeten gelden. Dat is een slechte zaak, aldus de nota-opstellers, want de vakbeweging heeft wel degelijk belang bij wetenschappelijk onderzoek. „In een strategie om de krisis te bestryden mag een wetenschapsbeleid niet ontbreken", schryven ze aan het federatiebestuur FNV.
W/m Crezee Er bestaat nog altijd een forse kloof tussen de universiteit en de vakbeweging. Hoewel de universiteit enkele initiatieven heeft genomen om die Idoof enigszins te dichten (bijvoorbeeld de wetenschapswmkel), bluft de universiteit voor de vakbeweging vooral een ehte-msteUmg' het is weliswaar een „essentiële welzijnsvoorziening", maar ook een broedplaats voor academici van het soort dat m de CAO-besprekingen aan gene zijde van de onderhandelingstafel zit. Bovendien wordt er in de Alma Mater met altijd efficient met geld en tijd omgesprongen en schroomt men niet om onder het mom van verworven rechten een vet salaris of een lukratieve nevenfunktie te verdedigen. „Ik wü u wel vertellen dat op de ledenvergadering steeds de rillingen door de rijen gaan als er over de universiteit wordt gepraat", zo vertolkte FNV-medewerker Hugenholtz
twee jaar geleden het sceptische gevoelen van zijn bond. En zijn baas, FNV-voorzitter Wim Kok, maakte m zun rede ter openmg van het academisch jaar van de UvA, in september 1977, melding van „het weinig verheffende beeld van academisch gevormde mensen, met een groot aanzien in de samenlevmg, die te hoop lopen om hun voorrechten te verdedigen". Kok hield toen de academici een ander beeld voor ogen „Er bestaat bij de vakbeweging een schreeuwende behoefte aan wetenschapsbeoefening, die haar helpt bij het analyseren van de grootste kwalen van deze maatschappij. De universiteiten moeten maar eens proberen los te komen van hun verknochtheid
Vervolg op pag. 2 Advertentie
VU Boekhandel Or. C. I. Dessaur DE DROOM DER REDE Het mensbeeld in de sociale wetenschappen ^iéy> impt. ^TJJF
Uitg. Martinus Nijhoff / 39.50
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981
Ad Valvas | 434 Pagina's