Ad Valvas 1981-1982 - pagina 139
7
AD VALVAS — 13 NOVEMBER 1981
Aankomend kritische wetenschappers concluderen: deren:
niet beter op geworden; de aparte minister voor wetenschapsbeleid is verdwenen. Voorts constateren de auteurs dat er een dalende lijn zit in het aantal milieu-onderzoeksprojecten. Gezien de aanhoudende economische recessie verwachten zij dat dit proces voorlopig wel zal voortduren. „De moeilijkheden om tot een oplossing van het milieuprobleem te komen, zullen alleen maar toenemen", schrijft men in de conclusies van het rapport. Welke ideeën leven er bij de studenten met betrekking tot de toekomst? „Een van de belangrijkste dingen is dat er een orgaan moet komen dat het mUieu-onderzoek op een goede wijze over de verschillende instellingen gaat verdelen. Dan worden er tenminste geen dubbele onderzoeken meer gestart. Nu is dat voor zo'n tien procent van de onderzoeken namelijk het geval; zonde van het geld natuurlijk. Verder zal de imlieu-beweging meer eigen initiatief op het gebied van onderzoek moeten nemen zodat niet op resultaten van anderen hoeft te worden gewacht. Overigens moet men hierbij wel rekening houden met het feit dat ministeries nogal snel geneigd zijn ideeën van de mUieu-beweging naast zich neer te leggen. Altijd speelt namelijk de vraag in hoeverre die suggesties zijn in te passen in het bestaande overheidsbeleid", aldus Judith, Maarten en Jos. Uit de inleiding van jullie rapport begrijp ik, dat jullie het noodzdkelyk vinden dat wetenschap zich anders moet gaan oriënteren en derhalve dient te veranderen. Er wordt echter niet concreet aangegeven in welke richting die wetenschap zich zou moeten ontwikkelen.
Industrie bepaalt Inhoudi milieuonderzoek „Hoe wordt wetenschap beïnvloed door de samenleving?" Deze vraag vormde het startpunt van een project over maatschappelijke invloeden op het milieu-onderzoek. Het onderzoeksproject viel onder het bijvak Algemene Variant. Dit is een experimenteel programma dat de bedoeling heeft de vakstudies (natuuren sterrenkunde, scheikunde en biologie) in een breder maatschappelijk kader te plaatsen. De zes aankomende bèta wetenschappers, die deelnamen aan dit bijvak, organiseerden zelf hun onderzoek onder hvm eigen verantwoordelijkheid. De resultaten ervan hebben zij vastgelegd in een rapport dat is getiteld „MiUeu-onderzoek onderzocht".
Peter van Eijk
Het onderwerp werd bekeken vanuit een kritische visie op de wetenschap. De auteurs wijzen de wetenschap niet af, maar z^n van mening dat wetenschap zich anders dient te oriënteren. Op het moment bieden de universiteiten weinig oplossingen voor maatschappelijke problemen en de betrokkenen achten het noodzakelijk dat aan die situatie een einde komt. Op de vraag in hoeverre het rapport bijdraagt aan het verbeteren van het milieu-onderzoek, zal door Maarten de Hoog, Jos van der Schot en Judith Scheepstra, drie van de zes kritische studenten, later worden teruggekomen. Allereerst een korte Inhoudelijke weergave.
sociale groeperingen zal de overheid over kennis van de situatie moeten beschikken. Die eisen zijn immers vaak tegenstrijdig. De mUieubeweging wil in het algemeen zo streng mogelijke normen, de industrie daarentegen zo soepel mogelijke. Zo stelde de Commissie Wagner onlangs dat het noodzakelijk is om de mUleu-eisen minder streng te maken, zodat het bedrijfsleven er dan weer bovenop kan komen. Overigens bestaat er binnen het overheidsapparaat zelf ook verdeeldheid over deze zaak. De betrokken departementen, voor wat het mUieu betreft zijn dat er maar liefst negen, hebben namelijk ieder een andere relatie tot het milieu. Economische Zaken is bijvoorbeeld belast met het energieonderzoek, recreatie valt onder C.R.M., Onderwijs richt zich op de onderzoeksaspecten en dan is er nog Volksgezondheid en Milieuhygiëne dat zich specifiek met dit onderwerp bezighoudt. Ook universiteiten doen aan milieuonderzoek. Maarten de Hoog, nogal teleurgesteld hierover: „Toen ik met dit project begon, leefde bij mij nog de gedachte dat milieu-onderzoekers uiterst kritische wetenschappers waren. Maar als je nu kijkt wat er gebeurt dan moet je constateren dat het milieu-onderzoek nauwelijks verschilt van andere onderzoeken. De overgrote meerderheid van de onderzoekers is bezig met het verder onderbouwen van het bestaande overheidsbeleid. Dat is een trieste zaak want ons is nu juist gebleken dat dat beleid te sterk georiënteerd is op de industrie. Men laat het economische belang vaak prevaleren boven het milieu-belang".
Historie
Economie versus Milieu
Interessant is het historisch overzicht dat wordt gegeven. Milieuverontreiniging is veroorzaakt door intensivering van de landbouw met energie- en chemicaliëngebruik en door de snelle industrialisatie. Het proces kwam in de eerste decennia vem deze eeuw op gang. De reeds bestaande natuurbeschermingsorganisaties richtten hun aandacht derhalve steeds meer op dat milieu. In de jaren zestig raEikte de naam milieu wat meer ingeburgerd en vanaf begin '70 klinkt de term bekend in de oren van de meeste Nederlanders. De toegenomen bewustwording van het milieuprobleem in die jaren leidde ertoe dat het onderzoek op dit gebied kwantitatief sterk toenam. De belangrijkste onderzoeksinstellingen zijn overheidsinstituten, universiteiten, grote industrieën en milieu-onderzoeksinstituten. Voor de overheid zijn er verschillende argumenten aanwezig om aan onderzoek te doen. Genoemd worden onder andere beheer, behoud en verbetering van het milieu. Om te kunnen beslissen over het al dan niet tegemoetkomen aan de eisen van de verschillende
Uiteraard vindt men dit laatste ook terug in het research-werk van de industrie. Grote bedrijven doen aan milieu-onderzoek omdat het produktieproces moet worden aangepast aan wettelijke normen met betrekking tot de milieuverontreiniging. Daaraan willen zij zo goedkoop en efBciênt mogeUjk voldoen. Verder komt er nog een commercieel aspect bij. Van verschillende bedrijven is het bekend dat zy met onderzoek of onderzoeksresultaten inspringen op de markt voor milieu-apparaten- en -technieken.
Honderdfijftig jaar geleden stierf op 61-jarige leeftijd de Invloedrijke duitse filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel. Voor de studentenvereniging van de Centrale Interfaculteit aan de VU is dat aanleiding om op woensdag 18 november een Hegeldag te organiseren. Het programma ziet er alsvolgt uit: 10.00 uur 13a-05- W. van Dooren; Over de fenomenologie van de geest. 11.15 uur 13a-05: S. Griffioen; Wat werkelijk is dat is redelijk. 13.45 uur 6a-04: A. Th. Peperzak; Hegels ethiek. 15.00 uur 13a-05: M. Petry; Hegels kritiek op Newton en de verdediging van Goethe's optica. 16.15 uur 13-05: M. Marlet; Afeluitend overzicht.
Tenslotte wordt er onderzoek verricht door de milieubeweging. In feite is dit een verzamelnaam voor een sociale beweging, die bestaat uit tientallen groeperingen die onderling zeer verschillen in doelstelling en strategie. niet bij elkaar aan. Er zullen nieuwe vormen van registratie moeten worden opgezet. Het rapport is te bestellen bij de wetenschapsvoorüchter van de Tilburgse Hogeschool, Henk Blom, telefoon 013-662002/662000.
Andere honorering
Tel(Ort
Hegeldag
Met betrekking tot de vraag door wie en op welke wijze de wetenschap op dit terrein wordt gestuurd, kan worden gesteld dat het industrieel belang domineert. De eerder genoemde tegenstelling tussen economie en milieu lijkt ten gunste van de eerste te worden beslecht. Opvallend hierbij is het dat de vakbond, in veel gevallen een belangrijke tegenspeler van de industrie, op milieugebied nauwelijks activiteiten ontplooit.
Er bestaat een ernstig tekort aan gegevens over de beroepsgroepen in de paramedische sector. Dat blijkt uit een onderzoek van het Instituut voor Gezondheidszorg (IVG) van de KathoUeke Hogeschool Tilburg. Het IVG onderzocht in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid en Milieuhygiëne of het mogelijk was tot een cijfermatig overzicht te komen van de paramedische man / vrouwkracht in Nederland. Daarbij moest gebruik gemaakt worden van de her en der beschikbare gegevens. Van vijf verschillende beroepsgroepen is een overzicht gemaakt naar omvang, leeftijd, geslacht, werkzaamheid, gezondheidssector en gezondheidsregio. BiJ het verzamelen van de beschikbare gegevens is de onderzoeker, drs. C.J.M, van Brunschot, op tal van problemen gestuit. Zo bleek dat er lacunes bestaan die niet opgevuld kunnen worden met schattingen. Daarnaast komt het voor dat onjuistheid en onvolledigheid geslopen zijn in de beschikbare gegevens. Bovendien sluiten de informatiebronnen
Het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen heeft vorige week een tweede versie van een concept-honoreringsregeling voor artsen verzonden voor commentaar aan de academische ziekenhuizen en de belangenorganisaties van artsen. Deze tweede verschilt maar weinig van de eerste die oud-minlster Pais opgesteld had. Specialisten krijgen in de toekomst een dubbele aanstelling - deels bij de universiteit en deels bij het ziekenhuis - en de eigen praktijk wordt verboden. Tijdens de overgangsperiode zuUen de opbrengsten van de eigen praktijken centraal door het ziekenhuis geïnd en vervolgens over de artsen verdeeld worden. Een nieuw element is dat deze verdeling gemaakt gaat worden door een stichting waarin de artsen zelf ook zitting hebben. De regeling moet per 1 januari 1982 ingaan. Part-time in h^t academisch ziekenhuis werkende sp^ialisten mogen hun inkomsten uit eigen praktijk helemaal behouden.
Geweigerd De s-ib-faculteitsraad Biologie van de Universiteit Utrecht heeft vorige week besloten aan vier studenten de toegang tot het onderwijs te ontzeggen. Deze studenten hebben vorig studie-
De doelstellingen lopen uiteen van louter natuurbehoud tot maatschappelijke hervorming. De strategieën variëren van het afwijzen van de wetenschap tot het zelf verrichten van onderzoek. Als gevolg van een opkomend milieubesef zijn daar veel instituten mee bezig.
Toekomst Al met al zijn de studenten met het oog op de komst niet erg optimistisch. In hun rapport wijzen zü op een aantal ontwikkelingen. Milieu- en wetenschapsbeleid nemen een bescheiden plaats in binnen het totale regeringsprogramma. Die positie is er onder het nu net weer missionaire kabinet
jaar geweigerd deel te nemen aan het snijpracticum Dierkunde in de eerste fase van het kandidaatsprogramma. Dit meldt het Utrechts Universiteitsblad. Begin oktober had de sub-faculteitsraad, hangende de beroepsprocedure, toestemming gegeven het onderwijs te blijven volgen. Ze mochten echter geen tentamens afleggen. De studenten mogen de cursus uit de tweede fase nog afinaken. Daarna wordt hun de toegang ontzegd. De studenten hebben nog een beroepsmogelijkheid. Ze kunnen het coUege van bestuur verzoeken het raadsbesluit ter vernietiging voor te dragen aan de universiteitsraad. Het lijkt echter zeer de vraag of de universiteitsraad zich zal lenen voor iets dat opgevat zal worden als een verregaande ingreep in het onderwijsprogramma van een sub-faculteit.
Examens Prof.dr. F. Doeleman, hoogleraar in de Sociale Geneeskunde in Leiden en voorzitter van het college voor Sociale Greneeskunde, meent dat het hoog tti'd wordt om in de Sociaal-Geneeskundige opleidingen een begin te maken met toetsen. Hij zei dit vorige week, tijdens de eerste ledenvergadering van de Landelijke Vereniging van Sociaal-Geneeskundigen. De praktische opleiding van klinisch specialisten gebeurt in een zogenaamde meestergezelsituatie. De opleider kan zich daarbij een redelijk beeld vormen van de kennis en vaardigheden van de assistent. In de Sociale Geneeskunde staan echter'de theoretische cursussen voorop. Deze cursussen zijn bovendien gescheiden van de
1
„Dat klopt. Dat is ook niet de bedoeling geweest van dit rapport. Wij hebben vooral duidelijk willen maken hoe wetenschap op dit moment georiënteerd is. Voordatje kunt overgaan op het bedrijven van kritische wetenschap moetje eerst precies weten hoe het nu toegaat en waar de voornaamste knelpunten zitten. Bovendien is ons heel duideljk gebleken dat niet alleen wetenschappers een kritische houding zuUen moeten aannemen, maar vooral ook de vele ambtenaren die bij het miUeu-onderzoek betrokken zijn. Om aan te kunnen geven welke kant de bèta wetenschap op moet is eerst een vervolgstudie op hetgeen wij hebben gedaan nodig". Er kan dus van julie nog wel wat verwacht worden. „In ieder geval niet in het kader van het experimentele bijvak Algemene Variant. Dat wordt namelijk met ingang van l januari stopgezet. Voor de komende tijd is er voor de studenten geen gelegenheid meer om iets dergelijks te doen. De invoering van ^ dg twee-fasenstructuur zal in deze situatie waarschijnlijk niet veel verbetering brengen. Men geeft namelijk aan dit soort activiteiten jammer genoeg bijzonder weinig prioriteit".
praktische opleiding in de vorm van stages en praktijkscholing in eigen dienst. Voor de cursusleider is een beoordeling op die manier moeilijk. Volgens prof. Doeleman is het eigenlijk onvoorstelbaar dat de inschrijving in het register van erkend Sociaal-Geneeskimdigen op zulke zwakke gronden gebeurt. Toetsen in dit na-universitaire onderwijs vindt hij dan ook absoluut noodzakelijk. Niet alleen de sociaal-geneeskundige in opleiding vindt hier baat bij, maar ook de opleiders, die kunnen nagaan in hoeverre leerdoelen bereikt worden en de werkgevers, die ervan op agm moeten kunnen dat de inschrijving in het register een bepaald peil aan kennis en vaardigheden garandeert.
Verantwoordelijk Minister Van Kemenade van Onderwijs en Wetenschappen beschouwt de werkgelegenheid in het onderwijs als zijn verantwoordelijkheid. Daarin verschilt deze bewindsman van zijn voorganger Pais. Voor het behoud van arbeidsplaatsen, ziet hij meer in gerichte maatregelen dan in algemene, als bijvoorbeeld de verlagmg van groepsgrootte. Een delegatie van de Nederlandse Federatie van Onderwijsvakorganisaties (NFO), waarbij tweederde van de georganiseerden in het onderwijs aangesloten is, heeft dit onlang meegedeeld. Ze had op het departement met Van Kemenade een gesprek over haar „Sociaal Plan voor het Onderwijs". De NFO wil met dit plan voorkomen dat het leger van 20.000 werkzoekende onderwijskrachten de komende tien jaar met 30.000 toeneemt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 augustus 1981
Ad Valvas | 434 Pagina's