Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 372

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 372

12 minuten leestijd

6

AD VALVAS — 15 APRIL 1983

Richtlijnen inzake aan­ en afwezigheid Het College van Bestuur heeft Richtlijnen inzake aan­ en afwe­ zigheid van personeelsleden vastgesteld. D e tekst daarvan luidt als volgt: 1.1. Inleiding a) In het voorjaar 1982 is een en­ quête gehouden naar met name de wijze waarop afwezigheid bij ziekte werd geregistreerd (circu­ laire van 17 maart 1982 kenmerk AZ/7878). Deze circulaire bevatte daarnaast nog de volgende twee vragen: ­ is bekend op welke dagen part­ timers werkzaam zijn; ­ zijn de werktijden van de mede­ werkers en de tijden waarop men wordt geacht op de V.U. aanwezig te zijn op een centraal p u n t be­ kend. Uit de reacties die wij op deze en­ quête ontvingen blijkt dat de a a n ­ en afwezigheid van de mede­ werkers in beginsel wordt bijge­ houden. Tevens blijkt dat dit niet overal binnen de Universiteit op eenzelfde wijze gebeurt. b) Van het Ministerie van O. en W. ontvingen wij richtlijnen in­ zake het bepalen van bevoegdhe­ den en verantwoordelijkheden t.a.v. de autorisatie en registratie van de afwezigheid van universi­ tair personeel. Deze ministeriële richtlijnen ko­ men vrijwel geheel overeen met de ontwerp­richtlijnen die in 1977 a a n de instellingen voor w.o. wer­ den toegezonden. Ook n u wordt verwezen n a a r het rapport d.d. 7 m a a r t 1977 van de Taakgroep taakvervulling universitair per­ soneel. In 1977 berichten wij de toenmali­ ge minister reeds, op zich geen bezwaar te hebben tegen de des­ betreffende richtlijnen en verwe­ zen wij n a a r de samenhang met een regeling voor nevenwerk­ zaamheden. De definitieve rege­ ling t.a.v. nevenwerkzaamheden is inmiddels per 1 januari 1983 van kracht geworden. 1.2. Karakter van deze richtlij­ nen Gelet op het bovenstaande zijn wij van mening dat het thans nuttig is een overzicht te geven van: ­ de mogelijke vormen van (gele­ gitimeerde) afwezigheid van de werkplek; ­ de wijze waarop dit geregis­ treerd moet worden; ­ welke instantie toestemming voor de afwezigheid moet verle­ nen. Het uitgangspunt van deze richt­ lijnen is dat iedere medewerker zijn taak op de universitaire werkplek dient te verrichten. Dit laat onverlet dat daarop soms uit­ zonderingen mogelijk zijn, zoals hierna zal worden aangegeven. Wij zijn ons ervan bewust dat een goede regeling van de autorisatie en registratie van de afwezigheid nog geen waarborgen inhoudt t.a.v. de wijze waarop de taken worden vervuld. Met dat doel zijn deze richtlijnen ook niet opgesteld. Voor de beoor­ deling of een medewerker zich op een goede wijze van zijn taken kwijt zijn andere instrumenten ontwikkeld zoals bijv. de metho­ dische personeelsbeoordeling c.q. functioneringsgesprekken. De richtlijnen hebben uitslui­ tend ten doel nog eens duidelijk aan te geven op welke wijze bij de verschillende vormen van afwe­ zigheid van de werkplek moet worden gehandeld. Er zij nog­ maals op gewezen dat uit de en­ quête is gebleken dat op de meeste plaatsen reeds op enigerlei wijze registratie en autorisatie van af­ wezigheid plaatsvindt. Tevens is daaruit de noodzaak van een ze­ kere uniformering van de proce­ dures gebleken. 1.3. Begripsomschrijvingen In deze richtlijnen worden een aantal begrippen gebruikt waar­

onder in dit verband het volgende moet worden verstaan: basisniveau/werkeenheid: een organisatorisch samenhan­ gende werkeenheid d.w.z.: ­ de vakgroep ­ de afdeling van een dienst ­ een dienstverlenende eenheid binnen de (sub/inter)faculteit bevoegd gezag basisniveau: ­ het vakgroepbestuur ­ de chef van de afdeling ­ chef van de eenheid evt. de be­ heerder/adjunct­secretaris middenniveau: ­ de (sub/inter)faculteit, het in­ stituut ­ de centrale dienst bevoegd gezag middenniveau: ­ het (sub/inter)faculteits/insti­ tuutsbestuur c.q. de beheerder/­ adjunct­secretaris ­ het hoofd van dienst centraal niveau: ­ College van Bestuur registratie: het systematisch bijhouden van a a n ­ en afwezigheid; de reden voor de afwezigheid; de verleende toestemming daarvoor en (even­ tueel) de plaats en tijdstippen waarop de medewerker bereik­ baar is. Tevens omvat het eventu­ ele (periodieke) melding aan an­

>^r^'|

regeling is opgenomen in de P.Z.­ bundel voorschriften onder nr. 3.1.2. De regeling is als een voorlopige regeling in m a a r t 1980 ingevoerd. Globaal weergegeven houdt de regeling het volgende in: Dage­ lijks wordt 8 u u r gewerkt. De grenzen van aanvang en einde van de werktijd zijn gesteld op 7.00 u u r en 18.00 u u r voor de dag­ dienst. Er gelden bloktijden waar­ op een ieder aanwezig moet zyn. Deze liggen tussen 9.30 en 12.00 u u r en tussen 13.30 en 16.00 uur. Er geldt een verplichte lunch­ pauze van een half uur. De regeling blijkt in de praktijk redelijk te voldoen. Om deze reden is besloten de in de bundel opge­ nomen voorlopige regeling met ingang van 1 april 1983 definitief van kracht te doen zijn. De aan­ vang van de werktijd willen wij echter in het vervolg op 7.30 u u r stellen. (Er zij op gewezen dat de tekst van de bundel op een enkel p u n t achterhaald is.) b) regeling Kerstverlof. Voorts geldt voor V.U.­medewer­ kers een regeling m.b.t. Kerstver­ lof. Deze regeling houdt in dat de universitaire medewerkers tus­

^mmm w

dere instanties, bijvoorbeeld inge­ val van ziekte. autorisatie: het verlenen van toestemming tot afwezigheid in individuele ge­ vallen in het kader van algemeen geldende regelen. 1.4. Opzet van de richtlijnen. Achtereenvolgens zullen de vol­ gende onderwerpen worden be­ handeld: 2.1) regeling van de werktijden 2.2) afwezigheid wegens ziekte 2.3) thuiswerken 2.4) dienstreizen/veldwerk/con­ gresbezoek 2.5) buitengewoon verlof 2.6) studieverlof 2.7) vakantieverlof Z. Inhoud richtlijnen 2.1. Regeling van de werktijden. De basis voor een goed systeem van afwezigheidsautorisatie­ en registratie is een goede regeling van de werktijden. Op grond van artikel 22 van het personeelsre­ glement is het C.V.B, bevoegd een regeling van werktijden voor alle universitaire medewerkers ­ zo­ wel wetenschappelijk als niet­we­ tenschappelijk ­ vast te stellen. Voor de medewerkers geldt in be­ ginsel een 40­urige werkweek met vijf werkdagen van 8 uur. In dit verband zijn de regelingen variabele werktijden en kerst ver­ lof tevens van belang. a) regeling variabele werktijden. Binnen de V.U. geldt een regeling voor variabele werktijden. Deze

sen Kerstmis en Oud en Nieuw vrij hebben. Deze extra vrije da­ gen worden door de medewerkers door het jaar heen gespaard door­ dat door een voltijds medewerker op 4 dagen per week iedere dag 10 minuten langer wordt gewerkt. Voor deeltijdwerkers geldt dat zij deze tijd naar rato van de omvang van h u n dienstverband moeten inhalen. c) deeltijdwerkers. Voor deeltijdwerkers geldt een kortere werkweek dan de 40­uri­ ge. Met hen worden ten tijde van indiensttreding c.q. gewenste wij­ ziging van de arbeidsovereen­ komst concrete afspraken ge­ maakt over de voor hen geldende werkdagen en de duur daarvan. Deze afspraken worden schrifte­ lijk vastgelegd, bij voorkeur in de arbeidsovereenkomst. Ter voorkoming van misver­ stand merken wij op dat de hier­ boven aangegeven werktijdenre­ geling voor alle medewerkers geldt. Het is echter mogelijk dat by voorbeeld in verband met avondonderwijs de aangegeven werktijden tussen 7.30 en 18.00 u u r niet strikt aangewezen zul­ len zijn. Een werkdag van in beginsel 8 u u r sluit echter geenszins uit dat op grond van de aard en met name de honorering van de func­ tie van medewerkers kan worden verwacht dat zij ook buiten deze werktijden nog werkzaamheden voor de VU zullen verrichten, zonder dat daar een extra vergoe­

ding, zoals bijv. voor overwerk, te­ genover staat. Dit geldt met name voor werknemers die vol­ gens schaal 130 BBRA of hoger worden gehonoreerd. autorisatie van de werktijden. De afspraken over de werktijden worden binnen het kader van de hierboven onder a t/m c aangege­ ven mogelijkheden op het basis­ niveau gemaakt. De werktijden op basis van de regeling variabele werktijden worden voor een ta­ melijk lange periode (minimaal drie maanden) vastgelegd. registratie van de werktijden. De afgesproken werktijden (tijd­ stip van aanvang en einde van de werkdag van elke medewerker moeten schriftelijk op het mid­ denniveau (sub/inter) faculteits­ bureau/secretariaat van de dienst) worden geregistreerd. Wij denken hierbij aan lijsten of kaarten waarop staat aangege­ ven volgens welk schema de me­ dewerkers van de regeling varia­ bele werktijden gebruik maken; de werktijden van de part­timers en welke verschuiving in de werktijden volgt uit bijv. avond­ onderwijs. Vanzelfsprekend die­ nen de gegevens t.a.v. de werktij­ den ook op het basisniveau be­ kend te zijn. Dit geldt eveneens voor alle andere vormen van af­ wezigheid die in deze richtlijnen worden behandeld. Tot de taak van het vakgroepbestuur c.q. de chef van de werkeenheid behoort immers het houden van toezicht op de juiste invulling van het aantal gewerkte uren. 2.2 afwezigheid wegens ziekte. Om verschillende­ redenen is een goede, sluitende registratie van ziekteverzuim van belang. Het lage geregistreerde percenta­ ge ziekteverzuim onder het we­ tenschappelijk personeel doet vermoeden dat niet in alle geval­ len melding plaatsvindt. Ziekteverzuimregistratie is een normale verplichting in een ar­ beidsorganisatie en onder meer van belang voor de toepassing van de artikelen van het perso­ neelsreglement inzake doorbeta­ ling van bezoldiging tijdens ziek­ te en tevens met het oog op het vorderen van een AAW­uitke­ ring. Voor medewerkers die onder de werknemersverzekeringen vallen (niet ABP­ambtenaren) is ziekte­ verzuimregistratie noodzakelijk met het oog op een tijdige melding door de Dienst P.Z. aan de be­ drijfsvereniging in verband met de uitkering van ziekengeld en mogelijke controle door de be­ drijfsvereniging. Daarnaast is registratie belang­ rijk voor de mogelijkheid van ver­ zuimbegeleiding door de BGD en eventuele andere instanties bin­ nen de V.U. Uit het bovenstaande moge blijken dat een stipte mel­ ding van ziekteverzuim zowel 'voor de medewerker als voor de VU belangrijk is. registratie ziekteverzuim. In geval van verzuim wegens ziekte geldt de volgende procedu­ re (PZ­bundel nr. 4.1.1.). De medewerker moet aan het be­ gin van de werkdag (uiterlijk tot 10.00 uur) of op het moment dat hij zijn werk in verband met ziek­ te verlaat zijn ziekte in ieder ge­ val melden bij het middenniveau conform het eventueel daarom­ trent per (sub/inter)faculteit/­ dienst bepaalde. Op het midden­ niveau wordt het ziekteverzuim op de verlof­ en absentiekaart aangetekend. De desbetreffende werkeenheid wordt van de afwe­ zigheid wegens ziekte op de hoog­ te gesteld door het middenniveau. Het ziekteverzuim dient door het middenniveau volgens een daar­ voor bestemd formulier zo spoe­ dig mogelijk schriftelijk aan P.Z. te worden gemeld. Het spreekt voor zich dat een juiste herstelmelding van even groot belang is als een goede ziek­ temelding. Voor de goede orde wijzen wij erop dat deze procedure ook geldt voor het wetenschappelijk personeel dat toestemming heeft om thuis dan wel elders te werken (dienst­ reis/veldwerk/congresbezoek). 2.3. thuiswerken. Zoals reeds eerder gesteld is het uitgangspunt dat iedere mede­ werker zijn taak op de werkplek vervult d.w.z. binnen de Universi­ teitsgebouwen (c.q. het A.Z.V.U.).

Dit is een Info­pagina. Info­ pagina's kunnen door VU­in­, stanties tegen betaling wor­; den benut voor publikatie van; informatie die wegens uitvoe­' righeid en , gedetailleerdheid niet in de Mededelingenru­;. briek thuishoort. Publika,tie? geschiedt buiten verantwoord 1 delijheid Van de redactie voor; de inhoud. De voorwaarden­ waaronder van Info­pagina'S;; gebruik kan worden gemaakt', zijn ter redactie verkrijgbaar,;­ Aanvragen voor Inf o­pagina's­ (minimaal halve pagina) rich­ • ten aan; Redactie Ad Valvas, Hoofdgebouw kamer OD­Ol.ï Tel. 4330 of 6930.

Slechts bij uitzondering zal thuiswerken kunnen worden toe­ gestaan. Het kan uitsluitend worden toegestaan wanneer het in het belang van de V.U. is dat de desbetreffende medewerker thuiswerkt. N.b. Waar in deze regeling wordt gesproken over thuiswerken wordt daaronder tevens verstaan het niet binnen de universiteit werken maar elders bijv. in een bibliotheek. De aanwezigheid op de werkplek is een belangrijke voorwaarde voor een goede taakvervulling, zij het zeker niet de enige. Aanwezig­ heid op de werkplek is van belang voor de communicatie, onderlin­ ge raadpleging van collega's, be­ reikbaarheid voor studenten en anderen. Uitzonderingen op deze regel moeten worden geautoriseerd en geregistreerd. Het voornemen om thuis te wer­ ken zal binnen de werkeenheid moeten worden besproken. Te onderscheiden valt in dit op­ zicht: incidenteel en geregeld thuiswerken. 2.3.1. incidenteel thuiswerken. Hierbij gaat het om concreet aan­ gegeven werkzaamheden van be­ perkte omvang welke n a a r het oordeel van het vakgroepsbe­ s t u u r c.q. de chef van de werkeen­ heid het beste thuis kunnen wor­ den verricht. De periode zal in beginsel niet langer dan twee aaneengesloten weken bedragen. autorisatie incidenteel thuiswer­ ken Toestemming wordt door het middenniveau verleend. Het C. V. B. wordt eens per jaar geïnformeerd over verleende toe­ stemmingen voor incidenteel thuiswerken gedurende een lan­ gere periode dan twee aaneenge­ sloten weken. registratie incidenteel thuiswer­ ken Op het middenniveau wordt de afwezigheid i.v.m. incidenteel thuiswerken geregistreerd. Te­ vens dient daar bekend te zijn waar de medewerker in voorko­ mende gevallen is te bereiken. geregeld thuiswerken In bepaalde omstandigheden kan een wetenschappelijk medewer­ ker worden toegestaan gedurende een langere periode gedeeltelijk zijn werkzaamheden thuis te ver­ richten. Of geregeld thuiswerken in het belang van de VU is staat in eerste instantie ter beoordeling van het vakgroepbestuur en uit­ eindelijk van het (sub/inter) fa­ culteitsbestuur. Bij geregeld thuiswerken in VU­ belang kan wórden gedacht aan het naar het oordeel van de VU ontbreken van een redelijke werkplek binnen de Universiteit; het bezit van een eigen meer toe­ gespitste bibliotheek; het op grote afstand wonen van de VU en ter­ zake bij de indiensttreding ge­ maakte afspraken; het gedurende een bepaalde periode vrijwel on­ gestoord kunnen werken aan de

Vervolg op pag. 8

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 372

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's