Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 391

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 391

10 minuten leestijd

AD VALVAS — 22 APRIL 1983 b a a r vervoer zal het vervoersaan­ deel slechts marginaal toenemen. Voor de meeste Nederlanders is bij het zich verplaatsen nl. niet de prijs, maar het gemak en/of de tijdbesparing de doorslaggevende faktor bij de keuze van het ver­ voermiddel.

Planoloog prof. dr. L. Bak:

'Aanvaarden openbaar vervoer als aanvullend onontkoombaar' Platform De beschouwing van drs H. van Gent in Ad Valvas van 1 april 1983 noopt tot enig vriendschappelijk commentaar. De indruk wordt gewekt dat de per 1 april j.1. ingevoerde (en nog volgende) tariefverhogin­ gen bepalend zijn voor de toekomst van het open­ baar vervoer in Nederland. Geheel los van de vraag welk tariefsysteem voor het openbaar vervoer als optimaal kan worden be­ schouwd ­ mede gelet op overwegingen van maat­ schappelijke aard ­ lijkt de visie van drs. van Gent op verschillende punten voorbij te gaan aan de he­ dendaagse realiteit.

Alhoewel vanuit de planologische invalshoek bezien, een bevorde­ ring van het openbaar vervoer ze­ ker de voorkeur verdient boven individueel autogebruik, kan men niet de ogen sluiten voor de reeds langdurig scheefgegroeide relatie tussen openbaar vervoer en ruimtelijke ordening en even­ min voor de inmiddels hecht ver­ ankerde vervoerspref erenties van het Nederlandse publiek. Uitgaande van in de ruimtelijke ordening gehanteerde doelstel­ lingen verdient openbaar vervoer zeker in veel gevallen de voorkeur boven persoonlijk autogebruik. Het is niet moeilijk om aan te geven dat openbaar vervoer het in termen van ruimtegebruik en milieuhinder vrijwel altijd wint van de auto. De praktijk is helaas anders. In de eerste plaats moet worden vastgesteld dat van het met de

Bijzondere groepen Er k a n op worden gewezen dat de huidige positie van het openbaar vervoer nog voor een belangrijk deel kan worden verklaard uit bijzondere deelnemingsgroepen zoals schoolgaande jeugd, winke­ lende huisvrouwen en bejaarden. In de nabije toekomst zullen deze groepen, ongeacht het te kiezen tarief systeem, verschralen. Er zal in de toekomst minder jeugd zijn, huisvrouwen zullen steeds vaker winkelcentra opzoeken waar zij gemakkelijk met de auto kunnen komen en de nieuwe generatie be­ jaarden is straks volop gewend a a n gebruik van de auto. Exces­ sieve ontwikkelingen voorbehou­ den, zal het aandeel van het open­ b a a r vervoer alleen reeds om deze reden slechts een dalende tenden­ tie kunnen vertonen.

mond beleden geïntegreerde ver­ voers­ en ruimtelijke plannings­ beleid niet zoveel is terecht geko­ men. Het openbaar vervoer heeft de afgelopen decennia eerder een volgend dan een struktuurbepa­ lend karakter gedragen. Van een fundamentele vernieuwing van het openbaar vervoer is, zeker in de stedelijke agglomeraties, nau­ welijks sprake geweest. I n het midden kan blijven welke faktor hiervoor moest worden aangewezen: voortdurende twij­ fel a a n de groei van het autobezit, gebrek aan stedebouwkundige vi­ sie of investeringsangst? Vast s t a a t dat het openbaar vervoer zich na de tweede wereldoorlog m a a r zeer ten dele heeft aange­ past bij de zich stormachtig ont­ wikkelende mobiliteitsdrang.

De opgetreden „time lag" zal ver­ moedelijk nooit meer zijn in te halen. Enerzijds niet vanwege de inmiddels gerealiseerde bebou­ wing, anderzijds niet door de hou­ ding van het publiek. Omdat het publiek niet is gekonfronteerd met geavanceerde vormen van openbaar vervoer, heeft het zich met graagte aan de auto toever­ trouwd. Het heeft weinig zin daarover n a te treuren. De plaats gehad hebbende attitude­vor­ ming is onomkeerbaar: het Ne­ derlandse publiek is „auto­min­ ded" geworden. Natuurlijk kan men blijven stel­ len dat zulks een verkeerde atti­ tude is. Allerlei maatschappelij­ ke, zo niet ideologisch getinte doelstellingen staan haaks op de vervoersvoorkeur van een meer­ derheid van het publiek. Men moet er echter van uit gaan dat de gemiddelde Nederlander vol­ doende logisch kan denken om de voordelen van autogebruik te stellen boven die van openbaar vervoer. Dit zo zijnde, lijkt een tariefdis­ cussie weinig zinvol. Een reeds maximaal gesubsidieerd open­ b a a r vervoer (in streek­ en stads­

Platform is een open forum voor meningen over actuele onderwerpen. Als regel nodigt de redaktie zelf mensen uit om bijdragen te leveren die tot diskussie prikkelen. Eigen initiatief is echter ook welkom. Bijdragen en reak­ ties worden geschreven onder eigen verantwoordelijkheid; d a t geldt ook voor journalis­ ten van Ad Valvas als die zich op persoonlijke titel in de dis­ kussie willen mengen. De arti­ kelen zijn bij voorkeur niet langer dan plm. 1200 woorden. Eindredaktie: J a a p Kamer­ ling. vervoer tussen 70 en 80%) heeft tot dusver geen kans gezien een grotere aantrekkingskracht op het publiek uit te oefenen. Van de totale mobiliteit wordt in Neder­ land thans nog slechts 13% gere­ aliseerd door het openbaar ver­ voer. Een nóg hogere vervoers­ subsidie zal hieraan weinig ver­ anderen, omdat de reeds gevestig­ de auto­voorkeur blijft bestaan. Zelfs bij een volledig gratis open­

Zeer principieel resteren dan twee vragen: (1) moet de auto zwaarder worden belast ten gun­ ste van het openbaar vervoer, (2) zijn sociaal geïndiceerde tarief­ subsidies voor het openbaar ver­ voer houdbaar? Een zwaardere belasting van de auto lijkt nau­ welijks verdedigbaar. Deels niet omdat autogebruik reeds buiten­ gewoon fiscaal is belast, ander­ deels niet omdat minder draag­ krachtigen zich geen auto meer zouden kunnen veroorloven en gedwongen zouden worden tot ge­ bruik van openbaar vervoer. Het is duidelijk dat wie vanuit sociaal beleid minder draag­ krachtigen wenst te steunen, dat nimmer zal mogen doen middels een gedwongen keuze voor open­ b a a r vervoer. Daarbij komt on­ middellijk de tweede vraag a a n de orde. Waarom wel sociaal geïndi­ ceerde tarief subsidies voor open­ b a a r vervoer en waarom niet voor gas, water, electriciteit e.d.? Men r a a k t hierbij als vanzelf aan de grondslag van het inkomensbe­ leid. Subsidie van konsumptie­ goederen ­ openbaar vervoer kan ook als zodanig worden be­ schouwd ­ is op zich reeds onei­ genlijk, maar is dat zeker wan­ neer dat geldt voor iedere gebrui­

Op 1 april werd de natioiiale strippenkaart voor bus en t r a m 13% in prijs verhoogd. Tegelijkertijd gingen de pre­ mies van de collectieve auto­ verzekering een aantrekke­ lijk eind omlaag. Drs. H. van Oent, vakgroep ruimtelijke economie VU, fronste daar op 1 april in Ad Valvas in deze rubriek zijn wenkbrauwen over. Prof. dr. L. Bak, vak­ groep planologie, vindt dat Van Gent de realiteit wat uit h e t oog verliest: het Neder­ landse publiek is onomkeer­ baar „auto­minded".

ker. Men vergelijke in dit verband de subsidiëring van het openbaar vervoer eens met de zeer gediffe­ rentieerde wijze waarop de indivi­ duele huursubsidies worden toe­ gekend. Betekent een en ander dat het openbaar vervoer niet langer subsidie zou moeten genieten? Volstrekt niet, maar een ingrij­ pende struktuurverandering lijkt onafwendbaar om te voorko­ men dat het openbaar vervoer steeds méér zal kosten ten gerieve van steeds minder gebruikers. Hoe de struktuurverandering tot stand moet komen valt royaal buiten het bestek van deze reak­ tie. Volstaan moet worden met de konklusie dat een en ander wel gevonden zal moeten worden in drie hoofdvariabelen: hogere ta­ rieven, beperking van de dienst­ uitvoering en meer categorie­be­ paald vervoer (bv. voor scholie­ ren). Tenslotte zij gezegd dat men ge­ leidelijk zal moeten aanvaarden dat openbaar vervoer aanvullend vervoer is. Het „leve de auto" hoort men n u eenmaal wat vaker dan „leve het openbaar vervoer". Zo beschouwd is niet alleen een herstrukturering van het open­ b a a r vervoer aan de orde, maar ook een herbezinning op de moge­ lijkheden van autogebruik. De totale mobiliteit (en al wat daar­ mede samenhangt) wordt funda­ menteel bedreigd als men blijft dagdromen over de mogelijkhe­ den van het openbaar vervoer en gelijktijdig het autogebruik ver­ der bemoeilijkt. Prof. Dr. L. Bak, vakgroep planologie

Dr. R. Haan houdt zes Kuyper­voordrachten In het kader van de Kuyper­ka­ theder zal dr. R. L. Haan, tot voor kort verbonden aan het oecume­ nische protestantse theologische Instituto Superio Evangelico de Estudios Teologicos in Buenos Aires (ISEDET), de komende we­ ken 5 Kuyper­Voordrachten houden a a n de Vrije Universiteit.

Kuyper­Voordrachten Sinds 1981 worden jaarlijks Kuy­ per­Voordrachten ­ gehouden. Deze voordrachten worden geor­ ganiseerd door de Commissie Kuyper­katheder, ingesteld door de Vereniging voor wetenschap­ pelijk onderwijs op gereformeerde grondslag. De Vereniging bood als geschenk aan de honderdjari­ ge VU het zg. fonds Kuyper­ka­ theder aan. Dit fonds, dat aan­ vankelijk tot doel had de oprich­ ting van een Kuyper­leerstoel te realiseren, wordt, vanwege de be­ scheiden omvang ervan, thans aangewend om voordrachten te houden over onderwerpen 'op het gebied van de staatkunde en van daarmee verwante of samenhan­ gende takken van wetenschap'. De eerste reeks voordrachten werd gehouden door Prof. dr. N. Wolterstorff, hoogleraar filosofie aan Calvin College (USA). Thans wordt de tweede reeks verzorgd door dr. R. Haan. De eerste zes reeksen hebben alle als thema 'De politieke conse­ quenties van de Reformatie'. In de komende jaren zullen de voor­ drachten worden verzorgd door Prof. dr. W. Albeda, Dr. M. R u p ­ pert. Prof. mr. A. Donner.

Dr. R. Haan De heer Haan, oud­medewerker van de economische faculteit van de V.U., is vooral bekend om zijn werk aan ISEDET en om zijn kennis van het Latijns­Ameri­ kaanse continent. Nog immer schrijft hij hierover in het VU­ Magazine in een vaste column. De heer Haan geeft zijn voor­ drachten als overkoepelende titel mee 'Reformatie en Revolutie ­

over het "Nochtans" in het nucle­ aire tijdperk'. Haan: „De moderne vertechni­ seerde samenleving heeft het be­ wustzijn van de persoon en daar­ mee de menselijke aanspreek­ baarheid grondig aangetast. De Reformatie richt zich, in h a a r meest eigenlijke, religieuze be­ doeling echter tot dat bewustzijn. Zij houdt dus een principiële kri­ tiek in op de technische maat­ schappij. De analyse van de mo­

yn'^,,­ ;<•

'

:•'>,

De eerste lezing is op 27 april, met als onderwerp: Reformatie: ver­ kiezing tot vrijheid. Haan: „De Reformatie herontdekt de relatie met God alä een verbond in plaats van een contract, waarin bemid­ deld kan worden. Zij betekent de bevrijding uit de contractver­ plichtingen waarvan de kerk zich had opgeworpen als auteur en ad­ ministratief centrum, met de be­ doeling bemiddelaarster te zijn van de Verlossing. De uit het ge­ loof gerechtvaardigde echter handelt 'om niet', en niet uit een op eigen (contract)belang geba­ seerd technisch efficiency­prin­ cipe. Dat geloof is de ontkenning van „de burgerlijke orde als ge­ rechtigheid Gods". Hierin ligt de diepe betekenis van de 'uitverkie­ zing', zowel bij Luther als Calvijn. I n die verkiezing gaat het niet om een privilege maar om een ver­ antwoordelijkheid, een opdracht jegens de ander in de samenle­ ving."

f"..

\t?^"­' Dr. R. Haan

derne economische, politieke en militaire ontwikkelingen doet een beroep op het radicale en oe­ cumenische karakter van de Re­ formatie. Haar actualiteit brengt h a a r samen met de bevrijdings­ theologie in Latijns­Amerika, waar opnieuw blijkt hoe vernieu­ wing van de samenleving en kerkhervorming met elkaar ver­ band houden."

'm Wanneer en waar? 27 april Reformatie: verkiezing tot vrijheid

Dit is een Info­pagina. Info­ pagina's kunnen door VU­in­ stanties tegen betaling wor­ den benut voor publikatie van informatie die wegens uitvoe­ righeid en gedetailleerdheid niet in de Mededelingenru­ briek thuishoort. Publikatie geschiedt buiten verantwoor­ delijheid van de redactie voor de inhoud. De voorwaarden waaronder van Info­pagina's gebruik kan worden gemaakt zijn ter redactie verkrijgbaar. Aanvragen voor Info­pagina's (minimaal halve pagina) rich­ ten aan: Redactie Ad Valvas, Hoofdgebouw kamer OD­01. Tel. 4330 of 6930.

4 mei Technische revolutie 13 mei Economische en politieke revolutie 25 mei Modernisering en militari­ sering 1 juni Economie en oecumene Alle lezingen vangen om 16.00 u u r aan en vinden plaats in het HOOFDGEBOUW VRIJE UNI­ VERSITEIT, in de KERKZAAL (15e etage). De toegang is gratis. Aan het eind van elke lezing is er gelegenheid tot discussie. Commissie Kuyper­katheder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 391

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's