Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 255
kLVAS
11983
üande Withuis Politicologie
MisL Eüvermm PAW.
Mia Euverman studeerde socio logie aan de VU, haar scriptie ging over feministische weten schapskritiek. Ze heeft in het vor mingswerk gewerkt waarbij ar beidsverhoudingen, specifiek de positie van vrouwen in arbeids organisaties, centraal stonden. Van januari 1981 tot oktober 1982 was Mia medewerkster vrouwen studies bij sociologie. Mia Euverman werkt nu bij de subfakulteit Pedagogische en Andragogische Wetenschappen aan het projekt „Vrouwen, werk en wélzijn". Op dit moment is ze bezig onderwijsprogramma's te maken. Vanaf september gaat ze een doctoraalcollege feministi sche theorievorming voor twee dejaars geven. Daarnaast neemt ze een onderdeel in de propedeu tische fase voor haar rekening, bij het thema van Inde houdt zich in het kader aansluitend volgend jaar „vrouwen, sociali haar onderzoek bezig met en gebouwde omgeving". Ze }puwen tussen sexe en klas satie aan het bijvak „Ik onderzoek keuzen en di werkt ook mee en aan stage en \na's in gedrag en gevoel van vrouwenstudies scriptiebegeleiding. : van de Nederlandse Vrou Het onderzoek van Mia richt zich \Beweging (NVB), een organi op de consequenties voor vrou ' van veelal communistische wenwerk van het teruglopen van ]/,wen, in de jaren '45'65. Het het professionele welzijnswerk en ; daarbij om de vraag waar de vraag hoe vrouwen aan \vrouwen zo vaak „kozen" machtsvorming kunnen doen ' solidariteit met haar klasse binnen het welzijnswerk. ^ats van zichzelf te deflnië Mia Euverman is tevens betrok §als lid van een onderdrukte ken bij het landelijk overleg ; waarom progressieve vrou vrouwenstudies (SLOV) en de soms zo antifeministisch werkgroep arbeidsomstandighe jen, terwijl zij zich tegelijker den van de emancipatiecommis twel als vrouwen organiseer sie van de VU.
nde Withuis studeerde socio aan de Universiteit van Am ilturellKl.am. Haar scriptie handelde „Psychoanalyse enfeminis Van januari 1981 tot decem 982 werkte ze bij politicolo ils medewerkster vrouwen ies. Artikelen van haar hand chenen in het Maandblad delijke Volksgezondheid, het 'Handelsblad en in Socialis in La^FRministiese Teksten. nde Withuis is nu medewerk vrouwenstudies bij politico ; vanuit de pool vrouwenstu Haar onderwijstaken rich zich onder andere op een oraalaccentuering spro nma getiteld „klassieke tek van het feminisme", scriptie leiding, tentamens en een k vrouwenstudies.
AnnelieRibberinli Geschiedenis Na eerst een paar jaar als secre taresse gewerkt te hebben ging Anneke Ribberink geschiedenis studeren in Utrecht. Haar afstu deerscriptie handelde over Hilda VerweyJonker, een bekend femi niste, sociaaldemocraat en so ciologe. De scriptie is gedeeltelijk gepubliceerd. Anneke was medewerkster van Lover, het driemaandelijkse lite ratuuroverzicht voor de vrou wenbeweging. Naast haar werk in een archief was en is ze nog steeds lid van de werkredactie van het landelijke RooieVrou wenblad. Sinds 15 oktober 1982 is Anneke Ribbelink medewerkster vrou wengeschiedenis met als specifie ke opdracht „geschiedenis van de tweede feministische golf'. Dit onderwerp is aangedragen en ontwikkeld door het, vrij aktieve, vrouwenoverleg geschiedenis. Tevens is een aantal stafleden al een aantal jaren bezig met vrou wengeschiedenis (vrouwen en kloosters, rol en positie van vrou wen op het platteland, vrouwen en vakbeweging), initiatieven waar Anneke gebruik van kan maken. Eén van de taken van Anneke Ribberink is het opzetten van een erkend bijvak vrouwengeschie denis binnen de Letterenfakul teit. Daarnaast moet ze onder wijs geven over en onderzoek verrichten naar de tweede femi nistische golf. Dit moet uiteinde lijk resulteren in een leesbare en wetenschappelijk verantwoorde publicatie.
Margriet Nieuwenliüis Sociale geograüe Margriet Nieuwenhuis heeft so ciale geografie gestudeerd aan de VU. Ze heeft gewerkt bij het NOVIB als projektevaluator La tijnsAmerika en bij de vakgroep sociale geografie van ontwikke lingslanden, alwaar ze betrok ken was bij het oprichten van een vrouwenoverleg. Vanaf 1 oktober 1982 is Margriet als medewerkster vrouwenstu dies werkzaam bij de subfakul teit sociale geografie in het kader van het projekt „Vrouwen en mi gratie: de betekenis van migratie voor de positie van de vrouw in ontwikkelingslanden, met name LatijnsAmerika". Het onderwijs van Margriet vormt een geïntegreerd onder deel van het hoofdvak sociale geografie van ontwikkelingslan den zodat iedereen die dat kiest colleges in en literatuur over vrouwenproblematiek moet doen. De verplichte studieonder delen scriptie, paper en veldwerk kunnen door studenten in het kader van het projekt worden ingevuld. In het kader van haar onderzoek toil Margriet Nieuwenhuis ener zijds bekijken waarom er zoveel meer vrouwen dan mannen in LatijnsAmerika van het platte land naar de stad trekken en anderzijds analyseren wat mi gratie van mannen betekent voor de taken van achterblijvende vrouwen. Samen met studenten zal Margriet hiernaar in 1984 in Oaxaca (Mexico) veldwerk doen.
Herover mogelijkbeden totintegtatie
isch is zal zij moeten veranderen lelf terug te verwijzen. Maar enken wèl dat jij alles van iwengeschiedenis weet en ij dat wel even kunt doen. Ik «er het dus steeds terug te lelen, anders ontstaat er een gat. En ik moet zeggen dat aardig lukt." et huisartseninstituut werd nkele punten al wat aan wenstudies gedaan voor Dukkers van Emden er maar dat bleef beperkt tot «geleiding van enkele scrip redelijk positief is de erva van gedragswetenschapster y Davis: „Ik word van aller ngen vrijgesteld, zoals enke derwijstaken en bestuur en maar dat is omdat ge wordt dat onderzoek op het led van vrouwenstudies op laag niveau staat. En ze n graag dat er iets met kwa ' uitkomt. Ik zit dus onder en raar soort druk: iets heel te produceren, maar dan binnen een halve baan en in jaar."
egratie van de voorwaarden voor rtjzing uit de pool vrouwen lies is dat de voorgestelde lyiteiten moeten worden op pmen in het onderwijs en ïrzoeksprogramma van de fa eit. Dat zou betekenen dat uwenstudies in zoveel moge ; studieonderdelen voorkomt flat de medewerkster zichzelf ï of meer overbodig maakt, laatste tijd rijzen echter nogal Itwijfels over deze integratie. |ewerksters vrouwenstudies 1 enige tijd op de imiversiteit zaam zijn, hebben ervaren integratie moeilijk verloopt, »dezen ervoor voorlopig nog lapart wetenschapsgebied te ten. Bij de poolmedewerk p was een verschil merkbaar len diegenen die al enig tijd medewerksters vrouwenstu 1 werkzaam waren, en diege Idie daar nu mee begormen. '^bijvak geschiedenis is een voorbeeld van integratie. iis is het ook moeilijk om over
De medewerksters vrouwenstudies voor het portret van de stichter van deze universiteit. Abraham Kuyper. Zou deze dit gezelschap met lede ogen aankijken? In 1914 schreef hij immers: „Het soortverschil tusschen man en vrouw is derhalve in beider schepping, en in de daaruit voortgekomen natuur, zoo onomstotelijk vastgelegd, dat alle onderschatting of wegcijfering daarvan een streven verraadt om de door God ingestelde orde door menselijke willekeur teniet te doen". Desondanks zijn er nu eindelijk medewerksters vrouwenstudies op de VU. Achteraan van links naar rechts: Margriet Nieuwenhuis, Kathy Davis, Jolande Withuis, Ina Keuper, Anneke Ribberink en Marta Kirejczyk. Vooraan: Thea Dukkers van Emden, Mia Euverman en Denise Dijk. integratie iets meer te zeggen. Marta Kirejczyk: „Ik ben bijna de enige vrouw in Nederland die op een dergelijke plaats bij de bètafakulteit zit. Er is dus nog geen voorbeeld van bètavrou wenstudies. En verder is het moeilijk vrouwenstudies in het zuiver mathematische onderwijs te integreren. Maar ik ben niet voor niets ondergebracht in de vakgroep algemene vorming, dus
ik verwacht dat binnen dat kader wel wat mogelijk is." Een van de medewerksters die er al langere tijd zit, is Jolande Wit huis. Zij is somber over integra tie: „Integratie kan natuurlijk niet alleen van ons komen. Waar de wereld sexistisch is, zal de wereld moeten veranderen. Het is een beetje onzin om dat tot onze taak te verklaren. Het zijn anderen die moeten veranderen.
Je kunt integratie wel nastreven, maar ik denk dat we de komende jaren nog wel een apart gebiedje zullen blijven." Anneke Ribberink: „Ik denk dat je onderscheid moet maken tus sen de doelstelling die je na streeft en wat je concreet kunt realiseren in de tijd datje er zit." Jolande Withuis: „Dan geen inte gratie dus. Hoogstens bereik je dat een aantal mensen op de
Ina Keuper ca/nws Na haar studie nietwesterse so ciologie aan de VU heeft Ina Keuper eerst twee jaar als onder wijsmedewerkster gewerkt bij de subfaculteit culturele antropolo gie en nietwesterse sociologie (ca/nws). Vanaf 1980 was Ina medewerkster vrouwenstudies bij de subfakulteit met ah be langrijkste taak het opzetten en begeleiden van een doctoraal werkgroep „Feministische bena deringen in ca/nws". Vanaf september 1982 bezet Ina Keuper de halve formatieplaats uit de pool vrouwenstudies („vrouwenstudies in ca/nws"). Naast het voortzetten van de doctoraal werkgroep gaat ze col lege geven aan eerste en tweede jaars en afstudeerscripties en pa pers over vrouwen(studies)on derwerpen begeleiden. Het onderzoek van Ina richt zich op de betekenis van verschillen de vormen van organisatie en samenwerking voor de emanci patie van vrouwen in en uit de Derde Wereld. In dat kader zal onderzoek gedaan worden onder (creoolse) Surinaamse vrouwen in Nederland die deelnemen of deelnamen aan scholings en vormingsgroepen, welke spe ciaal voor deze vrouwen zijn op gezet. Ina Keuper is lid van de emanci patiecommissie van de VU en aktief in de Stichting Landelijk Overleg Vrouwenstudies (SLOV). literatuurlijst wat relevante vrouwenliteratuur zet. Maar als het echt geïntegreerd zou zijn, dan zouden ze er in hun eigen wetenschap ook mee bezig zijn, en elk onderzoeksvoorstel zou er anders uitzien dan het er nu uit ziet." Ook de vraag of vrouwenstudies een apart vakgebied is of door alle disciplines heenloopt, is een punt van diskussie. Mia Euver man: „Ik zou het heel triest vin den als na bijvoorbeeld dertig jaar, vrouwenstudies niet meer als iets eigens zou bestaan, maar opgedeeld zouden worden in de bestaande disciplines. Je pro beert ook je eigen onderwijs en onderzoekspraktijk te verande ren. Het gaat toch niet alleen om de inhoud van boeken, maar ook om de wetenschappelijke prak tijk, hoe je met materiaal en met elkaar omgaat? " Ina Keuper: „Aan de andere kant is het wel zo dat vrouwen studies een ontzettend breed ter rein is en dat je als persoon toch op een gegeven moment voor een bepaalde vakg;ebied moet kiezen. Je bent toch in eerste instantie bezig met, in mijn geval, vrouwen en antropologie." Jolande Withuis: „Ik ben juist niet in eerste instantie bezig met vrouwen en politiek, zoals dat meestal wordt opgevat, want dan zou ik precies dezelfde beperkte opvatting overnemen waar ik nu juist kritiek op heb." Door de meeste vrouwen wordt benadrukt dat integratie niet „het" doel van vrouwenstudies is, maar dat er andere en wellicht belangrijker doeleinden zijn die nagestreefd moeten worden, zo als bijvoorbeeld de omvorming van het wetenschappelijk bedrijf. Toch blyft doorbreking van de bestaande strikte scheiding in vakgebieden een van de belang rijkste aandachtspunten. Enkele vrouwen opperen het plan om een basisprogramma vrouwen studies aan te bieden wat dan door alle studentes / n biimen bij voorbeeld de sociale fakulteit, ge volgd zou kunnen worden. Ook wordt gedacht aan een universi tair keuzevak vrouwenstudies. Plaimen genoeg, en het is dan ook te hopen dat de medewerk sters hun volle vier jaar aan vrou wenstudies kunnen besteden. Na twee jaar worden de aanvragen tussentijds geëvalueerd, en hoe wel de verwachtingen somber zijn, hopen velen dat deze plaat sen niet al na twee jaar ingele verd zullen worden.
sä
''s
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982
Ad Valvas | 490 Pagina's