Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 201

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 201

8 minuten leestijd

AD VALVAS — 10 DECEMBER 1982

5

Petra de Vries in studium génerale-lezing over vrouwenstudies:

..Wetenschappelijke taal bezit verdwijntruuks'' Het klinkt heden ten dage wat bizar in de oren. Maar rond de eeuwwisseling werden vrouwen afgehouden van een universitaire studie omdat ze over minder hersensubstantie dan mannen zouden beschikken. Intellektuele aktiviteiten zouden hun voortplantingsorganen aantasten en ze waren überhaupt niet geschikt voor serieuze studie. Tegenwoordig gaat het weren van vrouwen uit de wetenschap wat subtieler. Drs. Petra de Vries belichtte in de laatste lezing van de studium génerale-cyclus over vrouwenstudies een aantal ongeschreven regels van het vrouwonvriendelijke wetenschapsbedrijf. Mevr. De Vries is wetenschappelijk medewerker vrouwenstudies aan de Universiteit van Amsterdam. Logika, afstandelijkheid, objektiviteit en rationaliteit. Het zijn eigenschappen die toegeschreven worden aan mannen en die goed van pas komen als je wetenschap bedrijft. Althans, dat is het beeld en de voorstelling die velen, vaak onbewust, met zich meedragen als gedacht wordt aan wetenschap. Het beeld van de vrouw is daaraan tegengesteld: emotionaliteit, irrationaliteit, etc. Of die beelden nu overeenkomen met de werkelijke gang van zaken aan de imiversiteit doet er in dit verband niet zoveel toe. Het belangrijkste is dat ze een taai bestaan en voortbestaan hebben in de hoofden van mannen en ook van vrouwen. Want als vrouwen zich op het „maimelijke terrein" van wetenschap begeven, passeren ze een „symbolische grens" die getrokken wordt door ongeschreven regels. Ze worden dan voor een dilemma geplaatst: of je bent wetenschapper maar dan ben je geen „echte" vrouw, öf je bent een vrouw maar dan ben je geen echte wetenschapper. „De beelden, ideëen, gevoelens en voorstellingen over wat wetenschap is, zijn dus heel sterk antivrouw", konstateerde Petra de Vries. De voorbeelden die ze van deze stelling tijdens de goedbezochte lezing gaf, spreken voor zich: „Ik krijg vaak brieven met drs. De Vries op de envelop, maar dan begint zo'n brief altijd met geachte heer. Omgekeerd krijg ik wel brieven die begiimen met geachte mevrouw maar dan staat er nooit drs. bij. Een ander (voor)beeld van wat minder subtiele aard komt van de schrijver Jan Wolkers. In een interview in de Haagse Post zegt hij over z'n vriendin: „Ze lijkt natuurlijk op een lekker dik mokkel, maar ze heeft Frans m.o.-a, Engels m.o.-a en ze is met m.o.-b bezig. Ja jongen, ik moet haar klein houden. Anders overvleugelt ze me. Binnenkort ben ik een schrijvertje die naast een professor over straat loopt. Als het maar niet een schrompeleffekt op haar borsten heeft. Hahaha." Uit deze beelden spreekt volgens De Vries een diepe vrouwenhaat en agressiviteit: „Ze scheppen een klimaat waarin vrouwen tegen barrières oplopen die op het eerste gezicht door niemand schijnen te zijn opgeworpen."

Wim Crezee vaak beschreven op een manier waarop gesuggereerd wordt dat de weduwen uit vrije wil en uit toewijding voor de gestorven echtgenoot zelf hun noodlot op de brandstapel zochten. De Engelse taal bezit voor dit mechanisme een mooie uitdrukking: „blaming the victim": vrouwen de schuld geven van him eigen onderdrukking. Maar anno 1982 doen we daar in het Westen toch niet aan?, zal een onverlichte geest tegenwerpen. We doe het niet precies zoals in India omstreeks 1800, maar de wetenschap kent nog steeds dezelfde mechanismen, volgens De Vries: „Nog in 1975 presteerde een psychiater het om in een gezaghebbend Brits medisch blad verslag te doen van een onderzoek naar oorzaken van vrouwenmishandeling waarbij hij merkwaardig genoeg niet de mannen onderzocht die vrouwen mishandelden, maar de vrouwen zelf onderzocht en daarbij vrolijk tot de konklusie kwam dat zij, de vrouwen dus, een of andere defekte persoonlij kheidsstruktuur hadden. Deze meneer geeft dus via een zeer dubieuze draai vrouwen de schuld. Een schoolvoorbeeld van blaming the victim." Een tweede mechanisme dat volgens De Vries in de wetenschap voorkomt is het onzichtbaar maken van onderdrukking door het gebruik van versluierende taal. Zo wordt het levend verbranden van weduwen naast het lijk van de man vaak omschreven als een „Indiase gewoonte" of „een gebruik".

Deze termen suggeren volgens De Vries zoiets onschuldigs als het eten met mes en vork dan wel met een palmblad: „Wie zou het in haar hoofd halen om zoiets afschuwelijks als de moord op het Joodse volk te omschrijven als een Nazi-„gebruik". (....) Kennelijk klapt ér een deur dicht als het over wandaden tegenover vrouwen gaat." Een derde mechanisme in sexistische wetenschap is mystifikatie: de suggestie dat er algemene problemen bestaan en daarnaast vrouwenproblemen, en het doen voorkomen dat warmeer in theorieën over mensen gesproken wordt, het dus automatisch ook over vrouwen gaat: de specifieke posities van vrouwen vallen dan buiten het gezichtsveld. De „analyse" van gezinssocioloog Kooy is hiervan een voorbeeld: „Het individu leeft niet alleen in zijn gezin, het leeft ook en gewoonlijk een aanzienlijk deel van de tijd die niet-slapend wordt doorgebracht - erbmten."

Deünitie

Deze mechanismen legitimeren volgens De vries in feite vrouwenonderdrukking: „Door iets niet of oiyuist te benoemen lijkt het ook of het niet bestaat. Als degenen die de macht van de definitie hebben dezelfde zijn die de macht over vrouwen uitoefenen, dan zal die machtsuitoefening op alle mogelijke manieren biimen de definities versluierd worden." De konsekwentie hiervan is uiteindelijk dat wetenschap (en De Vries doelde, gezien haar achtergrond van medewerker vrouwenstudies aan de fakulteit sociale wetenschappen, met name op de sociale wetenschappen) eenzijdig de leefwereld van slechts één helft van de mensheid reflekteert.

Nu is het niet zo dat vrouwenstudies per definitief de andere, „vergeten" helft onderzoekt, zo benadrukt De Vries in haar lezing: „Een onderzoek naar sexisme in wetenschap of religie gaat meer over „maimen" en patriarchaat" dan over vrouwen. Omgekeerd is niet alle geproduceerde kennis over vrouwen automatisch ook vrouwenstudies. We kennen bijvoorbeeld al veel wetenschappelijke literatuur over werkende moeders, moeder-kind relaties en sexeverschillen. Maar

Sexistiscli? Is bovenstaande tekening die de folder van het studium génerale-programma opsierde sexistisch of steekt het juist de draak met bepaalde cliché's? Het is maar net wie en hoe je het bekijkt. Drs. Petra de Vries vond in elk geval dat de prent een uitdrukking is van de verwarring van de tekenaar Arend van Dam over zijn beeld van wetenschap en van vrouwen: „De vrouw loopt midden in de processie van hoogleraren. Zij is als een gesexualiseerde vrouw afgebeeld: blote benen, korte rok, lange haren, zoenmond, dikke unmpers. De heren kijken naar haar, zij is hun objekt. De vrouw op het plaatje doet niet mee op haar eigen termen maar op die van mannen. Zij is wel objekt van wetenschap maar geen subjekt." De Vries zag in het plaatje de gedachte bevestigd dat wetenschap mannelijk is, dat vrouwenstudies een geestig incident zijn en dat vrouwen er zijn om naar te kijken.

dan gaat het respectievelijk over wat voor probleem werkende moeders zijn voor andere gezinsleden, opvoeding van kinderen en hoe vrouwen van mannen verschillen, waarbij nog al eens op subtiele wijze mannelijk gedragsmodellen de norm zijn waarvan vrouwen zogenaamd „afwijken". Het potentiële onderzoeksterrein van vrouwenstudies is evenwel enorm groot, omdat de machtsverhoudingen tussen de sexen zich voordoen op alle niveaus van menselijk handelen, denken en voelen: „Ik heb zelf, evenals veel andere vrouwen, ervaren hoe inspirerend en kreatief het is om eens vanuit sexeverhoudingen naar allerlei verschijnselen te kij-

Optoclit

Psychiater Niet alleen de wijze waarop vrouwen bewust of onbewust uitgesloten worden van deelname aan het wetenschapsbedrijf is sexistisch, maar ook in de inhoud van veel wetenschappelijk werk speelt de kategorie sexe een onjuiste of onvolledige rol. Het gevolg is dan dat vrouwenonderdrukking onzichtbaar wordt gemaakt en sexe als relevante onderzoekskategorie verdwynt. De antropologische Uteratuur geeft volgens De Vries tal van voorbeelden van deze verdwijntruuks in de wetenschap. Zo wordt de „sutee", de praktijk van weduweverbranding in India,

ken, om je steeds af te vragen: ziet het er voor vrouwen ook zo uit?" „Een begrip als „sexualiteit", door mannelijke wetenschappers gedefinieerd als hoevaak, hoeveel coïtus per tijdseenheid, verdwijnt in het licht van ervaringen van vrouwen met sexueel geweld. We zien dan ook dat de definities en operationalisaties van sexuele beleving - het hoevaak en hoeveel - typisch de preoccupaties van veel maimen met sex weerspiegelen, waarbij sexualiteit van vrouwen impliciet als een afgeleide daarvan benoemd wordt", aldus Petra de Vries die haar lezing, naar analogie van Friedrich Engels verhandeling over het socialisme, de titel „Feminisme van utopie naar wetenschap" meegaf.

Petra de Vries: „We vnllen geen apart gebiedje worden, geïsoleerd van het universitaire tumult en zo een alibifunktie vervullen in de trant van: „als je wat met vrouwen wilt ga dan maar naar vrouwenstudies, want hier doen we aan psychologie."

Vrouwenstudies is dus eerder een kritiek dan zomaar een aanvulling op de bestaande wetenschapspraktijk. Daarom willen wij niet, zo zei De Vries, een apart gebiedje worden, geïsoleerd van het universitaire tumult en zo een alibifunktie vervullen in de trant van „als je wat met vrouwen wilt, ga dan maar naar vrouwenstudies, want hier doen we aan psychologie." Het warme pleidooi voor integratie van vrouwenstudies in de bestaande disciplines is de laatste tijd echter wat getemperd toen bleek dat bijvoorbeeld één halve medewerkster met een kontrakt voor één jaar de taak op zich kreeg de hele sociologie met vrouwenstudies te integreren! Niet voor niets sloot Petra de Vries daarom de (overigens drukbezochte) lezingencyclus over -vrouwenstudies af met de bekende woorden van Virginia Woblf: „Want de vraag die we ons hier en nu moeten stellen is: willen we ons bij die optocht aansluiten of niet? Op welke voorwaarden zullen we ons bij die optocht aansluiten? En bovenal: waartoe leidt hij ons, deze optocht der . intellektueien?".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 201

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's