Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 455
5
AD VALVAS — 10 JUN11983
Afstudeeronderzoek Ton Tennis, bestuurskunde TH Twente: T^
Universitaire top fun functioneert slecht in de zware jsjaren Het topmanagement van de universiteiten en hogescholen kan het eigenlijk niet meer aan. De ene verandering na de andere komt van buiten op de managers af, terwijl h u n eigen instelling zich in een starre organisatiestructuur bevindt. De regelgeving is te stringent en er bestaat een tekort aan kennis onder het personeel over de externe ontwikkelingen. Het management bevindt zich kortom in een zeer moeilijke situatie. Dat is de treurige conclusie uit een veldonderzoek naar het functioneren van de ambtelijke topstructuur op de universiteiten. Het onderzoek werd gedaan door Jan Teunis, in het kader van zijn afstuderen bij de afdeling bestuurskunde aan de Technische Hogeschool Twente. De verkokering binnen de instelling, de vele onvoorziene regeringsmaatregelen en het moeilijke overleg tussen centraal niveau e n de faculteiten (of afdeUngen) worden door de universitaire topambtenaren Us belangrijkste knelpunten genoemd. M a a r men steekt ook de hand in eigen boezem. Zo wordt bijvoorbeeld geklaagd over de kwaliteit van het personeel en de benodig-
de deskundigheid voor het uitvoeren van de taken. Voorwaar geen opwekkende geluiden. De ondervraagden opperen dan ook de personeelselecties voor gegadigden strenger te laten geschieden en meer a a n h u n opleiding te doen. Met name, daar waar het managementsvaardigheden vergt. V a n u i t de diensten personeels2ia-
ken en nieuwbouw en onderhoud klinkt de klaagzang het luidst op de diverse universiteiten. De dienst financieel-economische zaken en de secretaris lijken daarentegen de moeilijke tijden nogal flegmatisch op te vatten. In tegenstelling tot wat men op het eerste gezicht zou verwachten, weten ook de universitaire planningsmensen het hoofd goed boven water te houden. Wel wordt juist daar een niet eerder gehoord probleem onderkend: a a n maar liefst drie instellingen signaleert het bureau planning, als enige, het probleem van de culturele verschillen tussen afdelingen en (of faculteiten). Een „techneut" is nou eenmaal geen „softie". Gelukkig achten de topambtenaren ook een aantal veronderstelde knelpunten pertin e n t niet aanwezig. Er is n a a r h u n oordeel geen sprake van dat er onvoldoende geld voor onderwijs en onderzoek zou zijn. Ook stelt men unaniem dat er geen verkeerde vormen van financie-
ring voor onderzoek bestaan. En v a n het vormen van stichtingen om onderzoek aan de democratische besluitvorming te onttrekken, daar heeft men nog nooit v a n gehoord.
Zeer zwak
De oorzaak van dit laatste feit zou kunnen liggen in een ander probleem dat de topambtenaren wel heel duidelijk onderkennen: het overleg tussen het centrale niveau op de universiteiten en hogescholen met de faculteiten (of afdelingen) is zeer zwak ontwikkeld. Ongegeneerd wordt daarbij de zwarte piet n a a r de colleges van bestuur geschoven. De verwijten luiden dat men beleid moet durven te maken, hoofd- en bijzaken moet onderscheiden, meer n a a r continuïteit i n het beleid moet streven, meer a a n d a c h t moet hebben voor het w(erk, en dat een professionele a a n p a k de colleges niet zou misstaan. Een ander kritiekpunt heeft betrekking op de beleidsuitgangsp u n t e n per instelling - overal kennen CvB en diensten gezamenlijke beleidsuitgangspunten, m a a r op eenderde van de instellingen achten de ondervraagden de uitgangspunten in het geheel niet van toepassing. Men veronderstelt over het algemeen wel, d a t de beleidsuitgangspunten gehanteerd worden, maar in een op de drie gevallen blijkt dat in meer
d a n de helft van het aantal gevallen het beleidsuitgangspunt uitdrukkelijk niet relevant is. Overigens blijkt een doelstelling als „meer aandacht besteden a a n kwalitatief hoogwaardig onderzoek" even vaak als niet voor te komen. „Het vergroten van de studenteninstroom" en „het aantrekken van nieuwe studierichtingen" wordt op de jongste TH's e n ook de oudere universiteiten h e t meest genoemd. „Het behouden van oude vakgebieden" blijkt nergens tot de doelstelling te behoren, dus daar kan minister Deetman weer bUj mee zijn. Ook is nergens het streven aanwezig de zelfstandigheid van de instelling te vergroten. En zelfs het veiligstellen van de overlevingskansen staat niet bovenaan de prioriteitenlijst. De trieste balans van het functioneren van de universitaire topambtenaren verdwijnt niet zom a a r n a a r onderin de bureaula. De stichting Interacademiale Opleidingen Organisatiekunde wil de resultaten gebruiken om een zogenaamde „nor-ervaringscursus" op te zetten, met behulp waarvan de topambtenaren op niveau gebracht zouden k u n n e n worden. Voorwaar geen sinecure. De afstuderende bestuurskundestudent J a n Teunis merkt dan ook nogal pathetisch a a n het einde van zijn voorwoord op: „Moge dit rapport voor ons een veelbetekende wissel op de toekomst zijn." UP, Enschede, Eefke Smit
Om vertrouwen van patiënten niet te verliezen
„Huisarts moet medische deskundigheid opvijzelen"
De delegatie van de ondernemingsraad van het AZVU met een aantal protestteksten op het Haagse Binnenhof. Ze boden een brief met daarin hun verontrusting aan de onderwijscommissie van de Tweede Kavier aan.
Ondernemingsraad AZVU ernstig verontrust over plannen Deetman De Ondernemingsraad van het Academisch Ziekenhuis bij de VU is ernstig verontrust over de plannen van Minister Deetman van het AZVU. Door de wisselende berichtgeving is toenemende onzekerheid en grote onrust onts t a a n onder het personeel. Zo is in een recente nota niets terug te
Parnassusweg 218,1076 AV Amsterdam (Vlakbii VU) Telefoon 020 - 645909
Alle ajwerkingsmogelijkheden. Ook voor complete scripties.
vinden van het gesprek dat College van Bestuur en Ziekenhuisdirectie met de minister gehad hebben en waarover onder het personeel een verslag werd verspreid. De Ondernemingsraad vreest als gevolg van de plannen van de minister een afbraak van het academisch karakter van het ziekenh u i s en van de huidige hoge kwaliteit van de patiëntenzorg en de opleidingen. De afbouw van de meUische topzorg en het aantal van de specialisten betekent een onderbreking van de ontwikkelingsfase waarin het ziekenhuis zich bevindt. Deze afbraak gaat voorbij a a n de behoefte aan een ziekenhuis met een speciale, protestants-christelijke signatuur, een behoefte die door velen juist het sterkst gevoeld wordt bij het behandelen van patiënten a a n de grenzen van het medisch kunnen en van h e t menselijk bestaan. De bezuinigingen die de minister voorstelt moeten, zelfs bij éen voorzichtige berekening 350 arbeidsplaatsen gaan kosten. Het AZVU wordt volgens die plannen
driemaal gepakt voor dezelfde operatie. Dit is voor de Ondernemingsraad volledig onverteerbaar. De raad beschouwt de voornemens van de minister als onverantwoord gesol met patiëntenbelangen, als een bedreiging voor h e t hoog-gekwalificeerde en gespecialiseerde personeel van het ziekenhuis en een afbraak van de hoogwaardige opleidingen. Ook doet de raad een beroep op allen die betrokken zijn bij de definitieve besluitvorming om deze heilloze weg niet te gaan en het ziekenhuis als volwaardig Academisch ziekenhuis te doen behouden. De raad bezint zich ten slotte op stappen en acties om dit streven kracht bij te zetten. Vorige week donderdag ging een delegatie van de ondernemingsr a a d n a a r het Haagse Binnenhof om de vaste onderwijscommissie v a n de Tweede Kamer een brief te bezorgen waarin zy van h a a r verontrusting blijk geeft. PvdA-onderwijsspecialist J. Wallage n a m de brief voor de commissie in ontvangst. (Red.)
Huisartsen moeten h u n medische deskundigheid op peil houden en uitbreiden om te voorkom e n dat patiënten het vertrouwen in hen verliezen en h u n heil nog meer dan n u slechts in de h u l p van specialisten zien. D a t zei dr. C. Spreeuwenberg, hoogler a a r in de huisartsengeneeskunde a a n de VU, in zijn inaugurele oratie vorige week vrijdag. De deskundigheid die de huisarts moet bezitten zal dan wel de problematiek van klachten en aandoeningen zoals die onder de bevolking bestaat dienen te behelzen. Volgens prof. Spreeuwenberg is het niet de bedoeling dat de huisarts bedrevener wordt in de ziekenhuispathologie (de medisch-wetenschappelijke kennis v a n oorzaak en aard van ziektes). Prof. Spreeuwenberg noemde de verschillen tussen de huisarts en de specialist „van graduele aard". Principieel is er geen verschil: beiden zijn geneeskundigen. Hij wees er o.m. op dat over veel verschijnselen helemaal geen „kennis" bestaat en de huisartsengeneeskunde eigenlijk een „wetend
niet-weten" is. In de huisartsengeneeskunde spelen persoonlijke factoren als het omgaan met onzekerheid, frustraties, e.d. en de relatie dokter-patiënt een grote rol, ook bij het stellen van diagnoses en de behandeling van zogen a a m d lichamelijke aandoeningen. Prof. Spreeuwenberg pleitte in h e t algemeen voor meer oog voor de echt belangrijke oorzaken van klagen en ziek-zijn. Die liggen vaak buiten het p u u r medische vlak. Ook vroeg hij meer aandacht voor de functie van ziekzijn in iemands leven. Vragen op d a t terrein worden bijna systematisch geweerd uit de hulpverlening, de theorievorming en het onderwijs, aldus Spreeuwenberg. Hij zei ook nog dat de huisarts zijn eigen verantwoordelijkheid blijft houden als a a n patiënten meer verantwoordelijkheid wordt toegekend. Prof. Spreeuwenberg is de opvolger van prof. H. J. van Aalderen, die het huisartseninstituut van de VU eind 1982 na twaalf jaar vaarwel zei. (Red.) m e n voor subsidiëring. Voorwaarde is, dat de kennis wordt overgedragen n a a r het bedrijfsleven met het oog op industriële vernieuwing. De termijn is kort e n daarom heeft het ministerie aansluiting gezocht bij reeds bestaande initiatieven in de genoemde steden.
Patiënten slachtoffer Werkloze academici weer aan 't werk Zestig werkloze academici k u n n e n weer a a n het werk. Het ministerie van sociale zaken heeft daartoe tweeënhalf miljoen gulden onttrokken a a n het budget voor de Werkgelegenheidsverruimende maatregel die sinds kort nog slechts van toepassing is op werkzoekenden tot 23 jaar. Het geld gaat dit jaar n a a r de Universiteit van Groningen en de hogescholen in Enschede en Wageningen. Blijkt het exi)eriment succesvol, dan kunnen ook andere instellingen in aanmerking ko-
De Amsterdamse tandheelkundige Ziekenfondsen steunen het protest van de universiteiten tegen de door minister Deetman voorgenomen fusering van de drie Randstedelijke subfaculteiten tandheelkunde tot één. De ATZ zegt dat de tandheelkundige verzorging van 80.000 patiënten op het spel staat. Die zouden geen behandelingsmogelijkheid meer hebben in dat geval. Daar het om vaak speciale patiënten gaat en h e t vinden van een andere tanda r t s veel tijd kan kosten, zal de fusering een ramp zijn. De universiteiten stelden in h i m taakverdelingsrapport voor van drie n a a r twee opleidingen tandheelkunde te gaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982
Ad Valvas | 490 Pagina's