Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 305

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 305

12 minuten leestijd

7

AD VALVAS — 25 FEBRUAR11983

Behoefte aan crèche op VU overduidelijk gebleken: vele tientallen aanmeldingen Het gaat zó goed met de crèche dat er één maand na opening al enige tientallen kinderen meer aangemeld zijn dan er geplaatst kunnen worden. Die toestroom ging gepaard met een aantal 'kinderziekten' die sommige ouders in het verkeerde keelgat zijn geschoten. Zij hadden hun kind keurig op tijd aangemeld, maar hebben tot op heden nog niets vernomen, terwijl de crèche al op volle toeren draait. Ook de sollicitatieprocedure voor crècheleiders/sters verliep niet vlekkeloos: een van de sollicitanten kreeg pas bericht van afwijzing in de week dat de crèche openging. Het TAS-vrouwenoverleg, dat deze zaken op het spoor kwam, heeft wel begrip voor de problemen die bij het opstarten van een dergeUjk projekt de kop opsteken, maar vermoedt dat de medewerking van het College van Bestuur inzake de crèche ook niet al te groot is geweest. Wat is er aan de hand: alleen een kinderziekte of een veto over werkende moeders? Uit de voorgeschiedenis van de crèche zou je af kunnen leiden dat het enthousiasme voor de crèche binnen bepaalde delen van de VU niet erg groot was. Al in 1978 werd de werkgroep kinderopvang op de VU ingesteld. Deze werkgroep moest van het CvB de behoefte aan kinderopvang nagaan. Rond diezelfde tijd was via een aktie van de initiatiefgroep kresj al duidelijk geworden dat er grote behoefte aan een crèche op de v u bestond. Er werden 3086 handtekeningen opgehaald en via een enquête bleek dat 51 mensen van de crèche (toen nog kresj) gebruik wilden maken. Maar ook de werkgroep kinderopvang liet door het ITSWO (Instituut voor Toegepast Sociaal-Wetenschappelijk Onderzoek) een onderzoek n a a r de behoefte aan kinderopvang verrichten. Op dat onderzoek kwam van een aantal kanten nogal wat kritiek. Zo moest men de vragenlijst zelf ophalen en alle niet-inzenders werden als niet-gebruikers aangemerkt. Bovendien werd er geen rekening gehouden met mensen, die juist omdat er geen kinderopvang is, niet aan de VU studeren of werken. Desalniettemin bleek uit het onderzoek dat er voor 170 kinderen behoefte aan kinderopvang bestond. De werkgroep kinderopvang concludeerde dan ook in haar eindrapport uit 1980, dat in september 1980 de crèche van start moest gaan. Dat heeft echter nog tweeeëneenhalf jaar moeten duren. Er waren problemen rondom de behuizing (op het voorgestelde terrein werd opeens een tuin aangelegd) en de financiering. Dat duurde een aantal mensen veel te lang: op 3 m a a r t 1981 werd de bestuursvleugel door studenten, wetenschappelijk personeel en TAS bij wijze van protest voor één dag als crèche ingericht. De universiteitsraad sprak op diezelfde dag uit dat per 1 september 1981 die crèche n u toch eindelijk van start moest gaan. Dat werd uiteindelijk 1 februari 1983.

Roeleke Vunderink NMB. De totale capaciteit van de crèche is dertig kinderen, waarvan de drie organisaties er elk tien mogen plaatsen. Dat lijkt niet veel en het is dan ook niet verwonderlijk dat velen, bijvoorbeeld de emancipatiecommissie, zich afvragen of er niet een enorme wachtlijst voor de crèche is. Volgens Dorine Kaulingfreks, hoofdleidster van de crèche, is dat ook zo. Er is op het moment een wachtlijst van ongeveer dertig kinderen. Daar zijn echter een aantal kinderen bij, die nog geboren moeten worden, of die pas over een paar maanden geplaatst moeten worden. Echt urgent is de situatie voor zes kinderen. Toch is de crèche niet volledig bezet. De kinderen zijn in drie groepen ingedeeld: een groep kinderen van zes weken tot veertien maanden, een groep van veertien maanden tot twee jaar, en een groep van twee tot vier jaar oud. De laatste twee groepen zitten niet vol. Dat komt volgens Dorine doordat de meeste ouders van kinderen uit die groep al een andere oplossing voor de opvang van h u n kind hebben gevonden. Ze hebben vaak de grootouders ingeschakeld of h u n kind bij een andere crèche ondergebracht. De wachtlijst heeft vooral betrekking op de baby groep. Het gaat daarbij vooral om baby's die net geboren zijn en waarvoor de ouders nog geen oppas hebben. Ook staan er kinderen op de wachtlijst die nog geboren moeten worden. Van de tien VU-kinderen worden er vier van studenten en zes van h e t personeel geplaatst. Tot n u toe zijn er slechts drie studentenkinderen geplaatst, m a a r er s t a a n er nog wel een aantal op de wachtlijst die nog geboren moeten worden. Bü het personeel bestaat duidelijk een grotere behoefte a a n een crèche. De toedeling gaat niet uitsluitend n a a r volgorde van binnenkomst. Eerst wordt gekeken n a a r de leeftijdscategorie. Is er bijvoorbeeld een plaats voor een kind van drie jaar, dan wordt van de driejarigen het eerst ingeschreven kind geplaatst. Die plaatsing is niet vlekkeloos verlopen. Een aantal mensen die zich wel op tijd hadden ingeschreven, hebben n u nog steeds niet gehoord of zij wel of niet geplaatst zijn. Gerhard Smid, wetenschappelijk medewerker bij PAW, kwam in de problemen toen zijn vriendin, nadat het kind geboren was, weer moest werken. Hij had vlak voor Kerst nog geïnformeerd n a a r zijn stand op de wachtlijst, maar er kon hem geen duidelijkheid worden verschaft. Hij zou schriftelijk nog wel iets horen. Dat gebeurde echter niet, zodat hij genoodzaakt was een andere oplossing te zoeken. Dat zijn kind niet geplaatst kon worden was nog tot daar a a n toe; dat hij het zo laat hoorde was eigenlijk het vervelendst. Hetzelfde overkwam Gert Peelen, redakteur bij VU-magazine. Hij verkeert nog steeds in onzekerheid over de eventuele plaatsing van zijn kind. Zijn vrouw studeert en hij heeft een betaalde baan: ze kunnen eigenlijk geen van beiden op het kind passen, m a a r het resultaat is natuurlijk dat zijn vrouw, die h a a r tijd makkelijker zelf in kan delen, de verzorging van het kind op zich neemt. Gert doet wat lacherig over de hele toestand: hij had toch niet verwacht dat zijn kind zou worden geplaatst bij een zo kleine capaciteit. y

Niet verwonderlijk

Vrije tijd

De crèche die n u draait is een samenwerkingsverband tussen VU, AZVU en de nabijgelegen

De administratie van de crèche werd tot voor kort gevoerd door Jannie Westra, medewerkster bij

Personeelszaken. Zij moest het crèche-werk echter buiten h a a r normale werk doen, zodat het niet verwonderlijk is dat niet alles even lekker verliep. Volgens het TAS-vrouwenoverleg zijn de problemen rondom de toewijzing niet zozeer te wijten aan Jannie West r a alswel aan de structuur van het stichtingsbestuur. Dat dit werk in de vrije tijd moet gebeuren duidt volgens het vrouwenoverleg op weinig betrokkenheid v a n de heren bestuurders. Van verschillende kanten wordt overigens gewezen op de geringe betrokkenheid van het CvB bij de crèche. Het heeft niet voor niets zo lang geduurd, zo wordt gezegd.

vallen niet zo zwaar aan getild wordt. Pas toen het werk met betrekking tot de crèche over gedaan werd aan Bert Meulman, adjunct-secretaris van het CvB, kwam er schot in de zaak. Naar de redenen achter de schijnbare onwil bij het CvB kan men slechts gissen. Vindt men dat vrouwen eigenlijk niet buitenshuis horen te werken als zij jonge kinderen hebben? Of past iets als de crèche niet binnen een instelling als de VU? Het kan de betrokkenen niet zoveel schelen: „Het m a a k t mij niet zoveel uit hoe het CvB er over denkt. De crèche is er n u tenminste."

'^•-

- • '^

Een rommelige voorloper van de hataige crèche, de besetting van de bestuursvleugel in 1981. (Foto AVC) De crèche stond zeer laag op het prioriteitenlijstje van het CvB; veel stukken en rapporten kwam e n om die reden niet verder dan de bureaula. Steeds werden nieuwe commissies ingesteld die onderzoeken moesten doen die al lang gedaan waren, en die door h u n samenstelling niet de indruk wekten dat het allemaal snel voor elkaar moest zijn. Bovendien vond men het bij de crèche nodig dat alles precies volgens de regels ging. Iets wat op zich wel noodzakelijk is, maar waar in andere ge-

Ook het vervullen van de vacatures verliep niet zoals het hoort. Een van de sollicitantes n a a r de b a a n van crèche-leidster kreeg pas een afwijzing toen de crèche al open was. Een slordigheid die misschien te wijten is aan de wil om de crèche zo snel mogelijk te openen. J a m m e r genoeg geen voorbeeldige start, hetgeen overigens niet te wijten valt a a n de direkt betrokkenen, ;naar aan een gebrek aan mogelijkheden. Of is het normaal

dat leden van het stichtingsbes t u u r thuis kinderkleertjes voor de crèche moeten maken?

Voor drie jaar De Stichting 't Olifantje is voor een bepaalde tijd, dat wil zeggen drie jaar, opgericht. Daarna zal bekeken moeten worden of het nog zinvol is met de drie organisaties verder te gaan. Bij de NMB bestaan plannen n a a r de Bijlmer te verhuizen en van de ondernemingsraad van het AZVU is bekend dat hij liever een fulltime crèche zag in verband met de nachtdiensten. Dat de crèche, zeker voor de VU, in een behoefte voorziet, is inmiddels duidelijk geworden. De bezettingsgraad van de VU is bijna 100 %, de NMB zit voor 45% vol en het AZVU voor 63%. Er wordt momenteel over gedacht de niet bezette plaatsen van de NMB door de VU te laten opvullen. In dat geval k u n n e n meer ouders geholpen worden en wordt leegstand, en dus financieel verlies, vermeden. Dorine Kaulingfreks, die de toewijzing van Jannie Westra heeft overgenomen, vindt eigenlijk dat de babygroep moet worden uitgebreid, maar dat zou betekenen d a t er ook meer leidsters zouden moeten komen. En dat zal financieel wel onhaalbaar zijn. De creèche moet kunnen bestaan van de ouderlijke bijdrage. Die bijdrage varieert van ƒ80,- per maand bij een inkomen onder de ƒ 1500,- netto tot ƒ 680,- bij een inkomen van ƒ 3850,- netto. Deze bedragen gelden bij een fulltime verblijf van het kind in de crèche. Minder kan ook, maar het minim u m aantal dagdelen bedraagt vier per week. Dit is om de continuïteit te waarborgen en de kinderen te laten wennen aan de leidsters en aan elkaar. De crèche wordt ook bevolkt door kinderen van net zes weken. Dorine: „Zelfs de grootste feministen hebben er vaak moeite mee h u n pasgeboren baby voor hele dagen n a a r de crèche te brengen. Ze weten ivel dat er goed op gepast wordt, maar het blijft toch heel moeilijk je kind waar je zes weken constant voor gezorgd hebt, opeens a a n vreemden af te staan. Een moeder die bij het AZVU werkt had het, vóór h a a r kind geboren werd allemaal prima geregeld, maar toen ze h a a r kind n a a r de crèche moest brengen had ze het er wel moeilijk mee. Nu komt ze regelmatig even kijken. Dat vind ik wel het voordeel van een bedrijf scrèche: ouders zijn dicht in de b u u r t en komen vaak even kijken hoe het met h u n kind gaat. Veel moeders komen h u n kind hier de borst geven. En als het kind ziek is, k u n je de ouder makkelijk even roepen." Het is duidelijk dat de crèche n u al een groot succes is. En wie een kijkje neemt in het blauwe gebouw aan De Boelelaan zal merken dat als het a a n de leidsters ligt, de behoefte aan een crèche steeds groter zal worden.

VU bereid er twaalf op te nemen

Medische studenten Suriname kunnen hier studie voortzetten De acht geneeskunde-faculteiten in ons land hebben een werkgroep opgericht voor de verdeling van ouderejaars geneeskunde studenten van de Universiteit van Suriname die hun studie hier willen voortzetten. Zoals bekend is de Universiteit van Suriname onlangs door de regering-Bouterse gesloten. De werkgroep wil op 8 april met de plaatsing van de Surinaamse studenten beginnen.

De medische faculteit van de VU zal twaalf Surinaamse studenten k u n n e n opnemen. Leiden heeft zich bereid getoond om maximaal dertig studenten te plaatsen. De Universiteit van Amsterdam heeft meegedeeld voor vijftig studenten plaats te hebben. Het college van bestuur wil proberen eventueel meer dan twaalf Surinaamse studenten op te nemen, wanneer mocht blijken dat dit aantal te krap is berekend. De werkgroep houdt zich al druk bezig met de aanvragen. Zij zal bij plaatsing niet alleen kijken n a a r de opnamecapaciteit van de instellingen, m a a r ook eventuele voorkeuren van de betrokkenen een rol laten spelen. ledere student die een aanvraag heeft ge-

daan, zal een formulier toegestuurd krijgen. Hierin zal o.a. worden gevraagd n a a r h u n onderwijsachtergronden en h u n voorkeur voor een bepaalde instelling. Als iemand familie in Leiden heeft wonen, kan het verstandiger zijn hem däär te laten studeren dan bijvoorbeeld in Amsterdam. Uiterlijk tot 15 maart kunnen aanvragen voor plaatsing in Nederland worden ingediend. Dit moet gebeuren bij de Commissie Advisering Toelating Surinaamse Studenten Geneeskunde, p/a Stationsweg 46, 9500 RA, Leiden.. (LS.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 305

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's