Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 202

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 202

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 10 DECEMBER 1982

Overdoen hele propedeuse in strijd met geest van de wet Eerstejaars, die hun propedeuse niet in één jaar halen, kurmen niet worden verplicht het hele jaar over te doen. Alle voldoende gemaakte tentamens horen gewoon geldig te blijven. Slechts de onvoldoende gemaakte vakken moeten worden overgedaan. Dat blijkt uit een brief van het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen, die nog eens wordt onderstreept door een uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van de TH Twente. Examenregelingen die zeggen dat het hele jaar moet worden overgedaan zijn in strijd met de geest van de wet. Aan de VU komen in de examenregelingen verschillende varianten voor, zegt ons desgevraagd studentendecaan drs. Wouter van Raamsdonk. „Je moet denken aan bijvoorbeeld iets als: bij onvoldoendes moeten ook tentamens waarvooj een voldoende werd behaald worden overgedaan als het cijfer daarvoor beneden de zeven ligt." Van Raamsdonk betwijfeld of het geheel juist is dat bij enkele onvoldoendes de propedeuse niet helemaal over zou moeten. Volgens hem is er ook nog zoiets als de eigen beoordelingsbevoegdheid van de faculteiten. Vooral de Twentse uitspraak vormt een belangrijk precedent. Een - inmiddels tweedejaars student behaalde zijn propedeuse niet. Volgens de examenregels van zijn studierichting zouden

»EELE Crèche in Groningen De Rijksuniversiteit en het Academisch Ziekenhuis in Groningen kermen al sinds een jaar een kinderdagverblijf, dat onlangs officieel is geopend. De vooruitzichten zijn weinig rooskleurig. Door het stempel „bedrijfscrèche", zijn er een aantal problemen. Het ziekenhuis en de universiteit zorgen voor een constante financiële druk, terwijl de gemeente juist vanwege het bedrijfskarakter subsidie weigert. Er dreigt nu voor 1984 een groot financieel tekort. De crèche is vanwege de werktijden op het ziekenhuis langer open dan normaal, maar er bestaan biimen het ziekenhuis plannen om de ouders voor die extra'kosten te laten opdraaien. De leiders van de crèche vragen dan ook van het College van Bestuur en het ziekenhuisbestuur verder te gaan dan financiële toezeggingen van slechts één jaar.

IKV-kem VU sebrijtt Gereformeerde Kerken In een open brief aan de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland spreekt de IKV-kem van de VU haar veront^ rusting uit ten aanzien van de

daarmee alle tentamencijfers dus ook de voldoendes - komen te vervallen. Hij ging tegen deze besUssing in beroep en haalde zijn recht. De onderafdeling Bestuurskunde werd verplicht een nieuwe beschikking over de uitslag van het propedeutisch examen vast te stellen, waarbij alle voldoendes blijven staan. Ook een brief van het ministerie, verzonden op 16 september 1982, maakte duidelijk dat de geldigheidsduur van behaalde examenonderdelen niet te zeer beperkt mag worden. Het departement spreekt zelfs uit, dat in principe alle tentamenresultaten een onbeperkte geldigheidsduur moeten hebben. Alleen als er goede redenen zijn een examenonderdeel beperkt geldig te laten zijn, zou de (sub)faculteit dit in het examenreglement moeten opnemen. Bij het aanleggen van beperkingen moet, aldus de minister, de nodige zorgvuldigheid en prudentie worden betracht.

vierjarige studieprogramma's van kracht werden. Hoewel het nastreven van een zo groot mogelijke studievoortgang een algemeen gerespecteerd goed is, werd pas uit de brief van minister Deelman van IB' september 1982 duidelijk dat erliefst geen beperkingen aan de geldigheid van examenonderdelen moeten worden gelegd. In het Academisch Statuut, dat de onderwijswetgeving op studierich-

behorend bij de Academische Raad) en de Commissie voor de Bestuurshervorming (opgericht om de uit 1970 stammende Wet Universitaire Bestuurshervorming te evalueren en, waar nodig, uit te leggen), gaan uit van een beperkte geldigheid van tentamencijfers. Laatstgenoemde commissie nam die beperking dan ook op in een voorbeeldreglement, waarmee faculteiten gemakkelijk een nieuw examenreglement kunnen opstellen. Het idee is, net als de CVHWO dat voorstelt, dat alle tentamencijfers op één moment, bijvoorbeeld een jaar na het verstrijken van de inschrijvingsduur, tegelijk vervallen.

Onderbreken Minister Deetman denkt daar echter anders over. Hij^ schrijft

Een belangrijk juridisch detail is dat de examenbepalingen van de Wet Tweefasenstructuur al een jaar voor de invoering van de eeimialige financiële steun die de Gereformeerde Synode het ICTO heeft toegekend. De semi-offlciële status die deze steim het ICTO binnen de Gereformeerde Kerken geeft is voor de IKV-kem aan de VU onaanvaardbaar. Zij wijst de Synode op het feit dat uit uitspraken van ICTO-bestuurders valt op te maken, dat het ICTO zich op de eerste plaats richt op de bestrijding van het IKV en zijn positie in de kerken en dat het ICTO geen enkele behoefte voelt het huidige veiUghèidbeleid van de NAVO aan een onderzoek te onderwerpen, om zo na te gaan wat de bijdrage van de kerken zou kuimen zijn tot het temgdringen van de kernbewapening. „De erkeniming van het ICTO zal de discussie binnen de Gereformeerde Kerken lam leggen", zo stellen de IKV-leden verder, „op het moment dat de kerk het ICTO erkent, hoeven mensen met verschillende meningen over kernbewapening zich niet meer tegenover elkaar te verantwoorden over hun standpimt, beide standpunten „mogen" dan binnen de kerk". De schrijvers achten een gang van zaken waarbij de kerken kritiek uiten op het IKV en een eventueel tegemoetkomen van het IKV daarop een betere dan de erkenning van een nieuwe organisatie, hetgeen het standpimt van de kerken alleen maar onduidelijker kan maken. De brief is ondertekend door J.S. Knol, H.J.C. Gerbscheid, Y. Bekker, J.J. Visser, F.J. van der Kuip, D.E. Hofstra, H. Munneke, A.K. ten Klooster, J.M. van der Meulen, I. Vreeken, J. Tak, L. Ringnalda en G. Rinsma.

Spreiding studenten Spreiding van studenten zou fi-

Deetman wijst op artikel 24, vijfde hd, van de Wet op het Wetenschappelijk Onderwijs (onderdeel van de tweefasenwet). Dat bepaalt dat studenten, die hun studie staken, een verklaring krijgen waarop de door hen behaalde voldoende tentamencijfers staan vermeld. De bewindsman stelt, dat deze cijfers in beginsel hun waarde behoren te behouden, „opdat daarop door de betrokkene in een later stadium kan worden voortgebouwd".

Drempel Ook al is het streven gericht op een vlotte studievoortgang en is daarom het volledig overdoen van een propedeuse een onwettige eis (tenzij men dus geen enkel tentamen heeft gehaald), er is nog een drempel voor wie zijn eerste jaar niet in één keer haalt. Het afleggen van tentamens voor het doctoraal (dat zijn vanwege de tweefasenstructuur vanaf volgend jaar dus ook de tweedejaarsvakken) kan aUeen als de propedeuse is behaald. Dat zegt artikel 24 bis, vijfde lid van de WWO.

Voortgang De achtergrond van het zoveel mogelijk opruimen van belemmeringen in de studievoortgang is de tweefasenstructuur. Met de invoering hiervan werd ook de inschrijvingsduur beperkt tot zes jaar. De bedoeling van minister Pais, de opsteUer van de wet, was niet alleen dat de studieprogramma's korter zouden worden. Ook zouden studenten met minder vertraging door deze programma's heen moeten rollen. Voor hem als wetgever betekende dit, dat formele beletsels (zoals in dit geval het overdoen van al eens voldoende gemaakte tentamens) zo veel mogelijk voorkomen moesten worden.

derdelen tegelijk laten vervallen, is de bewindsman eveimün enthousiast. Deze staan „met de eisen van zorgvuldigheid en prudentie op gespaimen voet. Daarbij komt, dat dergelijke bepalingen weliswaar niet in strijd zijn met de letter van de wet en van het Academisch Statuut, maar naar mijn mening wel met de geest van de wet."

tingsniveau uitwerkt, staat in artikel 45, eerste lid: In de nadere regeling worden regelen gegeven betreffende: a. (..), b. de geldigheidsduur van met goed gevolg afgelegde examenonderdelen, alsmede de bevoegdheid van de desbetreffende examencommissie om die geldigheidsduur te verlengen. Dit Academisch Statuut is door twee belangrijke instanties weer verder uitgewerkt. Beide, de Commissie Voorbereiding Herprogrammering WO (CVHWO nancieel aantrekkelijk gemaakt moeten worden voor de studenten, door bijvoorbeeld de collegegelden op de reis- en woonkosten af te stemmen of een compensatie van die kosten zoals dat ook gebeurt bij vestigingen van bedrijven in de regio. Aldus prof. dr. G. Brenninkmeijer, voorzitter van de Academische Raad van de Limburgse universiteit, bij de opening van de nieuwe huisvesting van de Juridische faculteit. Prof Brenninkmeijer zei te vrezen, dat in de komende jaren de extra kosten voor studerende immigranten uit de randstad een steeds groter beletsel zullen vormen om elders in Nederland te gaan studeren.

HBO-raad: hoger onderwijs voor iedereen Iedereen die dat wil en kan, moet in de toekomst de mogelijkheid hebben hoger onderwijs te volgen, aldus de HBO-raad in een advies aan minister Deetman en aan de Tweede Kamer over de HBO-wet. In die HBO-wet kan ook de samenwerking met het wetenschappelijk onderwijs worden geregeld, zo vindt de raad. Maatregelen die de toelating tot het Hoger Beroepsonderwijs beperken en voorstellen tot taakverdeling en concentratie stemmen de raad bezorgd. Ook de plannen van de bewindsman studentenstops in te voeren en het aantal instellingen voor Hoger Beroepsonderwijs te halveren gaan tegen de ideeën van de raad in. De HBO-raad wenst al jaren een goede samenwerking in het gehele hoger onderwijs terwille van een goede onderwijskundige en bestuurlijke samenwerking. Dat zou voor de studenten bete-

dat artikel 45 van het Academisch Statuut „niet verplicht tot een regeling, waarbij aan elk examenonderdeel een beperkte geldigheidsduur wordt verbonden. In beginsel dient er van te worden uitgegaan, dat alle met goed gevolg afgelegde examenonderdelen een onbeperkte geldigheid hebben". De bewindsman voegt eraan toe, dat er dwingende redenen kuimen zijn om een bepaald examenonderdeel beperkt geldig te laten zijn. In dat geval kan artikel 45 gebruikt worden. Over regels, die alle examenon-

Gelukkig is er de mogeUjkheid dispensatie te krijgen. Artikel 77 quater van de WWO (tweede lid) bepaalt dat de faculteit toestemming kan geven reeds in het tweede jaar bepaalde doctoraaltentamens af te leggen, voordat het propedeutisch examen is behaald. Een kwestie van aanvragen dus. Voor studenten die vastlopen op het overdoen van hun voldoende propedeuse-tentamens is de remedie iets ingewikkelder. Die kunnen hun recht halen via het College van Beroep voor de Examens. De studentendecanen kuimen studenten vertellen hoe ze him zaak aanhangig kunnen maken. (UP, Groningen; red.)

kenen, dat hun ontplooiingsmogelijkheden toenemen en voor het onderwijs, dat het beter zou kunnen worden afgestemd op de behoeften van de maatschappij, bedrijven en andere werkorganisaties. Vooralsnog lijkt Deetman een geheel ander standpimt te zijn toegedaan dan de HBO-raad.

schappelijke werkelijkheid. Dit laatste betreft zaken als verkeer, wonen, werken, de sociale verzorgingsstaat en de vreemdeling. Bij het onderzoek komt het accent te liggen op de regio en het omringende buitenland.

Andere opzet rechten in Limburg

De economische wetenschap is steeds meer een technische wetenschap geworden. Wetenschappelijk gezien heeft de theoriebeoefening daardoor veel aan waarde gewonnen, maar de vraag rijst of er in het economie-onderwijs niet gesproken kan worden van een overdosering. Dit zei dr. A. Sanders, hoofd van de regionale economische dienst Eindhoven op het interfacultair instituut Economie van de Katholieke Universiteit in Nijmegen. Hij noemde het opvallend, dat de HBO-student veel eerder bereid is een eigen bedrijf op te zetten dan een afgestudeerde academicus.

De faculteit Rechten aan de Rijksuniversiteit Limburg in Maastricht telt honderd studenten. Deze zijn voornamelijk afkomstig uit Limburg. De faculteit, de derde van de RUL, is ondergebracht in het grondig gerestaureerde historische gebouw „De Nieuwenhof', dat voorheen dienst deed als klooster en weeshuis. Het dateert uit de vijftiende eeuw. Bij een volledige uitbouw zal de Maastrichtse faculteit 1200 studenten tellen. De opleiding duurt vier jaar. De opzet is geheel verschillend van andere rechtenfaculteiten in Nederland. Er zijn weinig of geen colleges, maar een thematische, probleemgerichte aanpak, waarbij de zelfwerkzaamheid van de student voorop wordt gesteld. Bovendien veel aandacht voor het aanleren van vaardigheden. De studenten worden in groepen ingedeeld, die twee keer per week bij elkaar komen om onder leiding van een docent over hun taken te rapporteren. De studie is ingedeeld in zes blokken van zes weken. Drie keer per jaar moeten de studenten deelnemen aan een zogenaamde voortgangstoets. Elk studieblok wordt afgesloten met een scriptie. De thema's zijn afgestemd op de juridische en maat-

Economie te technisch

De HBO-student is meer praktisch gevormd, zo stelt Sanders, en daardoor meer bereid beslissingen te nemen op grond van beperkte informatie dan de naar perfectie strevende academicus. Deze loopt het gevaar in de praktijk voortdurend achter de feiten aan te hollen. Het nut van de universitaire opleiding zal toenemen, wanneer de ^ o t e massa studenten, die geen uitgesproken wetenschappelijke aspiraties heeft, een theoretisch minder diepgaande, maar praktisch breder georiënteerde opleiding krijgen. In dit kader noemde Sanders het zeer verheugend, dat steeds meer wetenschappelijke instellingen de poorten wijd openzetten voor het bedrijfeleven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 202

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's