Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 480
6
AD VAL VAS — 24 JUNI 1983
Twee-fasen studenten hebben hun eerste jaar er bijna op zitten
'Het is een behoorlijk zwaar programma ma. Het cursusjaar 1982/1983 loopt ten einde. De maand juni is voor veel studenten de tentamenmaand. Nog even moeten de tanden op elkaar voor de vakantie aanbreekt. Het lijkt of er niet veel nieuws onder de zon is; al jarenlang tref je in juni de gemiddelde student eerder aan het bureau dan in de collegezalen, in een poging het studiejaar met goed gevolg af te sluiten. Dit jaar verdient een groep echter speciale aandacht, namelijk de eerstejaars. Jarenlang verzet van de universiteiten kon niet voorkomen dat in september van het afgelopen jaar de twee-fasen structuur in werking werd gesteld. De huidige eerstejaars zijn de eerste twee-fasenstudenten; veelal volgen zij een ander programma dan de huidige ouderejaars. Bij de invoering van de nieuwe structuur voorspelden heel wat mensen louter kommer en kwel. De programma's zouden zo haastig in elkaar zijn gedraaid en zo overvol zitten dat een slachting onder eerstejaars niet te vermijden zou zijn. Nu het eerste jaar er bijna op zit dringt de vraag zich op hoe het die stakkers dan vergaan is. Hoe zwaar was het programma nu eigenlijk? Hoeveel eerstejaars halen de propedeuse niet? Is er veel^isgegaan en hebben ze het gevoel de proefkonijnen voor de nieuwkomers te zijn? We vroegen een zestal eerstejaars van verschillende studierichtingen naar hun ervaringen. Een impressie van de meningen van studenten geneeskunde, rechten, economie, sociale geografie, geschiedenis en politicologie. Daarnaast vroegen we de professionele hulpverleners bij uitstek, studentendecanen en -psychologen, of de twee-fasenstudenten meer problemen hebben dan hun voorgangers. „Ik ben de oudste thuis en ik had niet zoveel verhalen gehoord over studeren. Voor ik begon had ik er wel een beetje de schrik in. Van: die studie is niet te doen, veel te zwaar, je moet een hoog intellect hebben. Nou, dat viel dus wel mee. Je wordt ook best aan het handje gehouden, vooral bij de werkcolleges". Ina de Bruin studeert sinds september 1982 sociale geografie. Ze was naar de voorUchtingsdagen van de VU geweest en de inhoud van de studie bleek dan ook goed aan te sluiten bij haar verwachtingen. Maar met de zwaarte van het programma valt het reuze mee. Uiteraard zijn verwachtingen van een aankomend student met betrekking tot de studie altijd sterk persoonlijk getint. Het hangt er ook vanaf hoe goed je je van te voren informeert. Jan van Berkel had voor hij aan de studie politicologie begon al met studenten van de VU en de UvA gepraat en een aantal boeken over politicologie doorgelezen. De studie beantwoordt dan ook aan zijn verwachtingen. Maar al gaat het om een persoonlijke ervaring, de vraag of de stu-
Leo Endedijk
re scholieren een voorstelUng van daar een zeven voor een ander een studie te geven. Van wat het vak tegenover staat. nou eigenlijk inhoudt. Dat moet Haal je een tentamen niet dan je meemaken. Na een paar maan- moetje de herkansing doen. Veelden kan je je pas een beeld van de al zijn de herkansingen in augusstudie vormen". tus waardoor je wel een deel van Het studieprogramma voor de je vakantie ^an je studie moet opeerstejaars van de verschillende offeren. Bij geneeskunde, econostudierichtingen verschilt iiiter- mie en rechten kun je ook nog een aard nogal. Veelal is het eerste herkansing in het najaar van jaar een soort introductiejaar. De 1983 doen. Dan mag je alvast de verschillende vakgroepen presen- colleges van het tweedejaar gaan teren zich en door colleges en ten- volgen. Tentamens voor het tweetamens moet de basiskennis over de jaar mag je echter niet afleghet vak verkregen worden. Pas gen. later gaan studenten zich specialiseren. In die zin verschillen de nieuwe programma's niet van de Zwaarte oude. De tijd voor de basisperiode Hoe zwaar zijn die programma's is echter korter geworden, het va- n u eigenlijk? Moeten eerstejaars rieert van één tot anderhalf jaar. hun tenen lopen, of is het te Overigens draait het nieuwe pro- op Een antwoord op dit soort gramma bij geneeskunde en doen? is eigenlijk pas goed te gerechten al voor het tweede jaar. vragen ven wanneer je de ervaringen van De huidige eerstejaars zijn dan de eerstejaars vergelijkt wel de eerste twee-fasenstuden- methuidige van de huidige tweedeten, de huidige tweedejaars heb- jaars.die Ook de cijfers, de afvalperben vrijwel hetzelfde programma centages, kunnen wat zeggen, doorlopen. Het voordeel daarvan maar daarover later meer. De is dat een jaar proefgedraaid is: vergelijking op basis van ervarinmet behulp van ervaringen van gen van voorafgaande is het vorige jaar kon het program- moeilijk te maken. Tochjaren zegt de ma van dit jaar aangepast wor- mening van de twee-fasenstuden, daar waar zich problemen denten wel wat over de zwaarte voordeden. van het programma. Verschillen de programma's qua Bij geschiedenis schijnt het alleinhoud nogal, qua opbouw zijn er maal mee te vallen. Ynze Alkema: twee constructies aan te wijzen. ,,We begonnen in het eerste seZo is het programma van politi- mester vrij rustig. Toen moesten cologie opgedeeld in blokken. Elk ineens twee werkstukken gelijblok sluit je af met een werkstuk kertijd geschreven worden. Daarof een tentamen. Bij andere stu- na, na drie tot vier weken, was er dierichtingen wordt niet met een tentamen nieuwste geschieblokken gewerkt. Je krijgt een denis. Toen was het kerstvakanbepaald vak gedurende het hele tie, maar in januari viel wel het jaar of gedurende een semester. De tentamens zijn of geconcentreerd in bepaalde maanden, zoals bij economie, of vinden verspreid door het hele jaar plaats, veelal met een accent in het tweede semester, zoals bij rechten. De opbouw van de twee-fasenprogramma's is niet uniek in de zin dat het fundamenteel verschilt van de oude programma's. Wel is het aantal toetsingsmomenten (tentamens, werkstukken, e.d.) meestal groter omdat de basisperiode in een korter tijdsbestek is geprogrammeerd.
Ina de Bruin trekt een vergelijking met ouderejaars sociale geografie. „Ik werk ongeveer even hard als op de middelbare school, gewoon normaal. Maar als je het vergelijkt met ouderejaars dan
die toch een beetje aan de verwachtingen voldoet zegt ook iets over de studie zelf. Gert ter Velden, eerstejaars geneeskunde: ,,De hoeveelheid tijd die ik erin Nieuw is wel dat de propedeuse moet steken is me tegengevallen. nu wettelijk verplicht is. Aan het Ik had ook niet verwacht dat het einde van het eerste jaar moet bezo ontzettend gedetailleerd zou keken worden of op grond van de zijn. Ik wil huisarts worden. Mijn resultaten een student door mag eerste keuze was eigenUjk ook gaan naar het tweede jaar. Haal Maastricht met het idee: ik krijg je de propedeuse niet dan krijg je met mensen te maken, dus ik zal nog één jaar respijt. ook wel een heleboel vakken krij- De propedeuse wordt bepaald gen die over mensen gaan. Maar door de cijfers die je gekregen dat valt best tegen. De studie hier hebt voor de verschillende vakis over het algemeen vrij klinisch ken van de studie. Het aantal gericht. Dat is natuurlijk ook wel vakken wil overigens per studienodig voor een gedeelte. Maar het richting nogal eens verschillen; is toch veel klinischer dan ik ge- eerstejaars geschiedenis krijgen vier vakken, maar eerstejaars gedacht had". hebben er maar liefst Met uitzondering van Jan van neeskunde twaalf. Bij geschiedenis is het dan Berkel bleken de verwachtingen ook zo dat je voor alle vier vakken van de eerstejaars met wie we voldoende moet staan. Per spraken toch niet van te voren zo wordt het cijfer bepaald door vak het duidelijk omlijnd te zijn. De vraag gemiddelde van de resultaten in hoeverre ze in hun verwach- voor een tentamen en een werktingen teleurgesteld zijn bleek Ook by politicologie moeten dan ook moeilijk te beantwoor- stuk. alle vakken voldoende gemaakt den. Gerdien Roodenburg, eerste- zijn. Bij de andere studierichtinjaars rechten: „Ik geloof dat het gen mag je een vijf laten staan als altijd moeilijk blijft om middelba-
'n Science center, moet dat zo nodig? Is er wel behoefte aan zo'n „science center"? Enne, zijn er voldoende waarborgen om te voorkomen dat individuele onderzoekers er hun inkomen mee gaan spekken? Vragen die de universiteitsraadsleden Van Overhagen en Boeker tijdens de zitting van de vorige week opwierpen toen de nota „Aspecten van externe dienstverlening" van het college van bestuur werd besproken. En dan was er nog de algemeen binnen de raadsgelederen levende vraag of de sinds enige tijd op de VU draaiende wetenschapswinkel en het nog
tentamen oudheid. Van de studenten kwamen er toen toch veel klachten over overbelasting. Het tweede semester is toen qua opzet veranderd. Het tentamen middeleeuwen vond al direct aan het begin plaats. Hierdoor is er meer spreiding en is het semester eigenlijk vrij rustig. Ikzelf vind het programma te doen, de meeste andere studenten lukt het ook wel. Het is eerder van: o ja, dat moet ook nog af. Er is niet echt een grote druk". Jan van Berkel (poUticologie): „Ik vind voor mezelf dat het te doen is. Maar je moet het wel bijhouden. En regelmatig bij bUjven lezen, anders ga je de boot in. En dat blijkt ook wel uit de cijfers: er gaan vrij veel studenten nog de mist in. Ik besteed ongeveer 30 tot 35 uur per week aan mijn studie". Iedereen is het er over eens dat je regelmatig moet werken, wil je je propedeuse halen. Maar de zwaarte van het programma wordt toch verschillend ervaren. Rechtenstudente Gerdien Roodenburg: „Het is een behoorlijk zwaar programma geweest. Ik ben wel blij dat, niet zoals op de UvA, het allemaal niet zo dicht op elkaar zit. Dat vind ik hier een groot voordeel, dat het zo gespreid is over het hele jaar. Het betekent wel datje het hele jaar regelmatig flink bezig moet zijn. Maar het is wel te doen".
embryonale transferpunt (samen met de Universiteit van Amsterdam en het Nationaal Instituut voor Kernfysica en Hoge Energiefysica) niet samen met een op te richten „science center" onder één noemer te brengen was. De relatie tussen universiteit en maatschappij staat de laatste tijd in het brandpunt van de belangstelling. Wetenschapswinkels, transferpunten en de zgn. science centers zullen in de nabije toekomst kunnen bijdragen aan een betere communicatie en samenwerking tussen universiteit en.
samenleving. Zorg dat je erbij komt als universiteit, 't is in je eigen belang. De tyden zijn ernaar. ,,Externe dienstverlening" staat er in de titel van de nota. Het CvB interpreteert het begrip ruim: „Daaronder worden begrepen de overdracht van kennis, verkregen uit (wetenschappelijk) onderzoek, aan personen, groepen of instellingen buiten de universiteit, alsook de toepassing van die kennis voor een maatschappelijk (niet-wetenschappelijk) doel." Achtereenvolgens wordt dan
aandacht geschonken aan de bekende wetenschapswinkels, de luifels voor kansarme groepen die er gratis kunnen worden geholpen; het transferpunt, dat zijn diensten tegen betaling aanbiedt aan kleine en middelgrote ondernemingen en lagere overheden, zoals gemeenten; en het science center, dat bedoeld is om onderzoekers te assisteren bij het te gelde maken van onderzoeksresultaten, waarvan de universiteit wijzer wordt. In de raadsdiscussie ging het vooral over het fenomeen science center. In Amerika zyn al tientallen jaren verscheidene van dergelijke universitair-industriële samenwerkingsverbanden in be-
drijf. Een science center bestaat uit een serie bedrijven - in zijn zuiverste vorm op de campus gevestigd - die zich bezighoudt met research ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek aldaar en die van de resultaten daarvan vervolgens commercieel gebruik maakt. Zo'n center werkt zo stimulerend op de ontwikkeling van commerciële toepassingen van wetenschappelijke vindingen. De Technische Hogeschool Twente heeft als eerste instelling voor wetenschappelijk onderwijs in ons land onlangs een science center opgericht onder de naam „Bedrijfstechnologisch Centrum". Aan de rijksuniversiteit Groningen worden voorbereidingen voor een science center getroffen. .
'^^Mm
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982
Ad Valvas | 490 Pagina's