Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 235

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 235

10 minuten leestijd

11

AD VALVAS — 14 JANUAR11983

Vernieuwend Frans auteur integreert beeld en teilst Maandagmiddag 17 januari a.s. om 16.30 uur wordt door prof. dr. S.A. Varga in de Exposorimn tentoonstellingsruimte (restaurant, hoofdgebouw) een nieuwe expositie geopend: „Twintig kimstenaars van het boek en Michel Butor". De tentoonstelling, die afkomstig is van de Nationale Bibliotheek van het Groothertogdom van Luxemburg en op de VU is georganiseerd in samenwerking met het Maison Descartes, Amsterdam, duurt tot en met 18 februari. Ingrid Duin, studente Frans aan de vu, schreef over deze tentoonstelling het volgende:

punt komt door de inbreng van Butor en diens literaire aflcomst. Samen met o.a. Robbe-Grillet en Duras behoort hij tot het groepje auteurs dat onder het hoofdje „Nouveau Roman" in de moderne-literatuuroverzichten te vinden is; zij staan voor een literatuur waarin het experimenteren met taal en vorm voorop staat. Een klassieker van deze richting is Butors roman „La Modification". De verteller in „La Modification" is op weg van Parijs naar Rome om daar zijn maitresse te bezoeken . Tijdens de treinreis, die 21 uur duturt en zich uitstrekt over de gehele roman, wisselen beelden van heden en verleden elkaar af, lopen herinneringen, dromen en werkelijkheid in elkaar over. Het is aan de lezer, die voortdurend betrokken wordt in het verhaal - immers aangesproken met de 2e persoon meervoud „Vous" - om orde te scheppen, om zijn eigen verhaal te kiezen. Zoals de titel aangeeft, vindt er

1^^ Wanneer men gewoon is de tentoonstellingen te volgen in de expositieruimte is men deze keer, bij een eerste bUk, misschien enigszins verbaasd geen schilderijen, tekeningen of grafiek aan te treffen, maar boeken. De blik van verbazing wordt wellicht gevolgd door die van teleurstelling, omdat er geen „Grote Kunst" te zien is. Men loopt weg. Een verkeerde beslissing; wat hier tentoongesteld is kan men gerust een van de hoogtepunten noemen in de relatie literatuur-beeldende kunst. Het betreft hier een vijftigtal boeken die ontstaan zijn uit de samenwerking tussen de Franse schrijver Michel Butor en beeldende kunstenaars. De tentoonstelling geeft een vrij kompleet overzicht van deze samenwerking. De boeken zijn bibliofiele uitgaven („ouvrages de luxe"), waarvan de oplage de honderd exemplaren zelden te boven komt en een enkele keer zelfs beneden de vijfentwintig blüfl;. Dat er sprake is van een hoogte-

VU-Magazine:

Wie wint de kost? Kostwinnen is mannenwerk. Dat is een gedachte die steeds meer terrein verliest. Ook de vrouw heeft recht op betaald werk en economische zelfstandigheid. De weg die daartoe leidt is die van de individualisering, werd door de meeste poUtieke partijen in-

een wijziging plaats: bij aankomst in Rome ziet de verteller af van het bezoek aan zijn maitresse die voor hem niet zo zeer de vróüw als wel de mythe van het Oude Rome belichaamt. Dit thema treffen we ook in de andere werken van de schrijver aan. Butor is voortdurend op zoek naar de bronnen van de westerse beschaving, is letterlijk op reis naar de kuituur.

fTBme traditie Terwijl Robbe-Grillet en Duras him aandacht zijn gaan richten op het medium film, is Butor zich steeds meer gaan interesseren voor beeldende kunst. Butor sluit hiermee aan bij een typisch Franse traditie: enerzijds de schrijver / dichter die kontakt zoekt met de kunst en daarvan getuigenis aflegt in kunstkritieken en gedichten en anderzijds de schilder die zich laat inspireren door de literatuur. De bekendste voorbeelden van de schrijver / dichters zijn Baudelaire, Zola, Huysmans, Apollinaire, middels ingeslagen, maar dreigt nu dood te lopen in het moeras van de economische crisis. Is emancipatie luxe en alleen voor betere tijden? De vrouwen terug naar het aanrecht? In het januarinummer van VUmagazine wordt een poging gedaan antwoord te geven op de vraag of het kostwinnersbegrip moet worden afgeschaft ten gunste van het recht van (gehuwde) vrouwen op betaalde arbeid. Verder in dit nummer aandacht voor belastingfiraude. Stelen mag

Eluard, Sartre, Ponge; maar ook talloze anderen hebben aan deze traditie bijdragen geleverd. Een gevoel van verwantschap lijkt steeds voorwaarde te zijn voor het schrijven over, of het zich laten inspireren door kunst. De dichter Baudelaire laat zich inspireren door schilderijen van Delacroix (Romantiek) maar schrift ook kunstkritieken; Huysmans schrijft over de schilder Moreau (Symbolisme); Sartre herkent in Giacometti de vertegenwoordiger van het existentialisme in de beeldhouwkunst. Aan de andere kant zijn er schilders die zich verwant voelen met schrijvers en hun thematiek. Een bekend voorbeeld is Flauberts „La Tentation de Saint Antoine" dat een inspiratiebron is geweest voor verschillende, symbolistische schilders. Behalve deze direkte invloeden, hebben er ook steeds informele kontakten tussen schrijvers en kunstenaars bestaan. Men denkt bijv. aan de dinsdagavonden van de dichter Mallarmé die bezocht werden door een zeer heterogeen gezelschap van artistieke afkomst (Verlaine, Wilde, Van Deyssel, Jongkind etc.). Maar ook buiten Frankrijk is er sprake van wisselwerkingen tussen kunst en literatuur. Ons land kent o.a. de schilder-dichters Lucebert en Armando, K. Schippers die kunstkritieken schrijft en Hugo Claus die gedichten schrijft bij het werk van Karel Appel. Wat betreft de bijdrage van Butor aan de relatie literatuur-beeldende kunst, kan men een tweetal aktiviteiten onderscheiden: Butor onderzoekt de mogelijke funkties die woorden / teksten in beelden / schilderijen kunnen hebben en ten tweede maakt hij teksten als illustratie bij beelden van kunstenaars. Bij beide aktiviteiten staat centraal het doorbreken van de muur die bestaat tussen Uteratuur en kunst, een muur die, volgens Butor, ons onderwijs heeft opgebouwd. Dit ten onrechte, want onze ervaring van kunst is voor een groot deel verbaal: we lezen kunstkritieken, katalogi, tekstborden, affiches, horen mensen kommentaar geven. Van eerstgenoemde aktiviteit is „Les mots dans la peinture" (de woorden in het schilderij) het resultaat. In dit boek konstateert Butor dat in de westerse kunst woorden nooit goed zijn onderzocht op hun relatie met het beeld. Deze konstatering is misschien niet helemaal juist; er zijn wel deelstudies verschenen, maar Butor is de eer gegund een klassiflkatie te hebben opgesteld van deze relaties,^ zoals deze voorkomen in de periode van de IMiddeleeuwen tot heden. Woorden kunnen de handtekening zijn van de kunstenaar, de titel van het schilderij die beschrijvend kan zijn maar ook het beeld kan vervreemden van zijn alledaagse omgeving. Zoals bij de Dadaïsten en de Surrealisten, woorden als spreekwoord, woorden als titel en auteursnaam op een boek als onderdeel van de voorstelUng, etc. De mogelijke relaties blijken talrijk te zijn. Maar het belang van Butor blijkt nog eens te meer wanneer men hem in het licht ziet van bovengenoemde traditie: tot in de twinniet. Belanstingontduiking is een andere zaak. Want wie plichtsgetrouw het aangifteformuUer invult zónder de fiscus om de tuin te leiden heet een dief van eigen portemonnee. In VU-magazine de vraag: Wat is de verloedering van het belastingrecht? Verder in het januarinummer dat nu in de VU-boekhandel Ugt een diepgravende analyse van de situatie nu in Zimbabwe en de vaste rubrieken, waaronder ditmaal vier pagina's uit De Standaard van januari 1933.

tiger jaren (de periode van het Surrealisme) bleven schrijver / dichters vasthouden aan een kleine groep geestverwante kunstenaars. Butor daarentegen staat open voor de meest uiteenlopende kunstenaars. Rondkijken op de tentoonstelling doet dan ook opvallen dat hij samenwerking zoekt met kunstenaars als Alechinsky (Cobra) en Vasarely (geometrische abstraktie). Daarnaast valt op het grote aantal kunstenaars, ruim twintig, die ieder ook weer hun eigen medium of techniek (fotografie, kollage, etc.) hanteren. Behalve deze aandacht voor verscheidenheid is Butor vooral vernieuwend vanwege de aard van de samenwerking die hij zoekt. De relatie tussen schrijver / dichter en kunstenaar, tussen beeld en tekst is intensiever en nauwer geworden. De dichter laat zich niet meer inspireren door de kunst zonder een direkt kontakt te onderhouden met de kunstenaar, de kunstenaar maakt geen illustraties meer louter als verflraaiing van een dichtbundel; in de hier getoonde boeken vloeien het Uteralre en het beeldende in elkaar

over. Teksten zijn illustraties van beelden evenzeer als beelden illustraties zijn van teksten. Al naar gelang de aard van de kunstenaar kan men drie vormen van samenwerking onderscheiden: die waarin Butor een tekst schrijft in het beeld zelf; hy een tekst schrijft naast of onder het beeld dat de kunstenaar hem in handen gegeven heeft; en die waarin de kunstenaar Butors tekst gebruikt als aanleiding om een beeld te maken. Voor de hier genoemde werkwijzen zijn wel precedenten te vinden. Wat Frankrijk betreft kan men denken aan de Surrealisten. Wat bij hen echter indidenten of aanzetten blijven, wordt door Butor in al zijn konsekwenties uitgewerkt. De samenwerking zelf is thema geworden van het experiment; Butor blijft trouw aan zijn „Nouveau Roman"-achtergrond. Grote kunst dus voor hen die houden van literatuur en beeldende kunst. Geïnteresseerden in de teksten van Butor bij werken van kunstenaars kunnen deze vinden in „Illustrations" I, II en n i , uitgegeven bij Gallimard.

Vrijdag 14 januari 20.15 uur:

21.00 uur: 22.00 uur:

De Amsterdamse Gesprekskring, Van Gentstraat 23. Prof. dr. A. van Dantzig over: „Normaal is niet gewoon". Filmhuis Uilenstede, Uilenstede 108. „Play it again Sam" van Woody Allen. PH'31, Prins Hendriklaan 31. Pop: optredens van de groepen „Awacs" en „Pilots".

Maandag 17 januari 20.00 uur:

Soeterijn, Linaeusstraat 2. „Onweer in de verte". Film in het kader van „Ghandi, ideaal of werkeUjkheid?" 20.00 uur: Speakinn, Heiligeweg 21-25. De christelijk gereformeerde gesprekskring: „Kunstmatige intelhgentie". 21.00 uur: VE 90, Van Eeghenstraat 90. Informatieavond over een tocht van een week naar Taizé (oecumenisch ontmoetingscentrum). 21.30 uur: PH'31, Prins Hendriklaan 31. Film: „Bloed van de Condor" over de situatie in Bohvia.

Dinsdag 18 januari 19.00 uur:

PH'31, Prins Hendriklaan 31. Boliviaanse maaltijd. Daarna 20.30 uur: dia's en om 22.00 uur een optreden van de Boliviaanse groep „Los Kjarkas". 20.00 uur: Hotel Krasnapolsky, Dam. Lezing van de Amsterdamse Kring voor Wijsbegeerte in de reeks „Stilgestaan bij de tijd" met de componist Louis Andriessen, die toeUcht met muziekvoorbeelden. 20.00 uur: Concertgebouw. Het Nederlands Studentenorkest met o.a. Symphonie Fantastique van Berlioz. 20.30 uur: Filmhuis De Lange Adem, Tilanusstraat, AmsterdamOost. Wenders „lm Laufe der Zeit". Twee mannen op reis door Duitsland. 21.00 uur: Filmhuis Uilenstede, Uilenstede 108. Korte films van Charley Chaplin. 21.00 uur: PH'31, Prins Hendriklaan 31. Maandelijks flikker en potten café „FUpocafé", waarin een optreden van toneelgroep Panter met „One Person".

Woensdag 19 januari 12.45 uur: 22.00 uur:

Aula van het VU-hoofdgebouw. Ewald Kooiman bespeelt het orgel. Buurthuis Uilenstede. Optreden van de New Wave-groep „Slauerhofi".

Donderdag 20 januari 20.00 uur: 20.00 uur: 20.00 uur: 20.00 uur:

Soeterijn, Linnaeusstraat 2. „Dr. Martin Luther King jr.... van Montgomery tot Memphis ('55-'68)". King o.i.v. Ghandi groeit uit tot architekt van de burgerrechten van de Amerikaanse negers. PH'31, Prins Hendriklaan 31. Vrouwencafé. VE 90, Van Eeghenstraat 90. Leerhuis o.l.v. Herman Wiersinga over zonde: „Wat zonde wel is". VE 90, Van Eeghenstraat 90. Start „Schillebeeck-kring" O.I.V. Bernard Rootmensen. Het boek „God is ieder ogenblik nieuw" van Huub Oosterhuls over Schillebeeck wordt in en zestal avonden gelezen.

Vrijdag 21 januari 20.15 uur: 21.00 uur: 22.00 uur:

De Amsterdamse Gesprekskring, Van Gentstraat 23. K.C. Stoffel met „De spreiding van de kunst" (gedwongen consumptie of de nieuwe kleren van de keizer). Filmhuis Uilenstede, Uilenstede 108. „Les Enfants du Paradis! PH'31, Prins Hendriklaan 31. Latin-jam. Apparatuur aanwezig.

Zondag 23 januari 14.30 uur:

De Balie, Kleine Gartmanplantsoen 10. SLAA: over de dichter Dér Mouw. Programma rond het werk van Adwaita. Toegang: ƒ 7,50 of ƒ 5,- (CJP).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's

Ad Valvas 1982 - 1983 - pagina 235

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1982

Ad Valvas | 490 Pagina's