Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 137
3
AD VALVAS — 11 NOVEMBER 1983
CvB-voorzitter Harry Brinkman terug van studiereis naar Japan
Universitaire opleiding in Japan niet zwaar, vorming in bedrijfsleven wel intensief De technologische voorsprong die Japan op Europa heeft genomen spreekt sterk tot de verbeelding en de vraag dringt zich op of misschien het wetenschappelijk onderwijs in dit land en de manier waarop dit is opgezet niet een belangrijke rol speelt in dit Japanse wonder. Vorige maand bezocht een delegatie van topfiguren uit de Nederlandse universitaire wereld Japan om eens te kijken hoe het universitaire bestel in Japan werkt. Aan één van de delegatieleden CvB-voorzitter van de VU Harry Brinkman vroegen we naar zijn indrukken. Daaruit maakten we op, dat niet zozeer het universitaire bestel zelf zó bijzonder in elkaar steekt als wel het bedrijfsleven dat de reeds jong afgestudeerde academicus daarna op maat snijdt via intensieve personeelsbegeleiding en vorming. Hieronder een interview met Brinkman over zijn reisimpressies. Hoewel de CvB-voorzitter twee dagen van het programma moest missen omdat een keelontsteking hem tijdelijk velde heeft hij toch in korte tijd zoveel indrukken opgedaan dat hij zich een redelijk beeld heeft kunnen vormen van het universitaire bestel in Japan. „We konden genieten van een royaal aanbod aan Japanse gastvrijheid. Een rol speelde daarbij, de bekende oude historie van het eiland Decima. Bij elke ontvangst werd dat wel weer een keer n a a r voren gehaald. Japan is enkele eeuwen potdicht geweest voor Westerse invloeden. In die gesloten deur zat echter één sleutelgat waar de Japanner doorheen kon kijken n a a r het Westen: Decima." Dit door de Nederlanders gekoloniseerde eiland liet twee eeuwen lang de weinige kennis over het Westen doorsijpelen naar Japan. Dit wordt in J a p a n op het ogenblik cultuur-historisch zeer positief gewaardeerd zoals de eeuwenlange gesloten deur-politiek nu negatief wordt beoordeeld. Japan heeft inderdaad de laatste decennia veel van het Westen geleerd en n u het dit land economisch zo goed gaat begint het Westen op zijn beurt steeds leergieriger te worden. Wat zag Brinkman bijvoorbeeld in dit J a pan?
Hoge scholingsgraad
Om te beginnen een hoge scholingsgraad -^an de bevolking. „Ook de blue collar werknemer heeft hier vaak het middelbaar onderwijs genoten. Doordat het universitair onderwijs maar een curriculum van vier jaar nä het middelbaar onderwijs omvat is de afstand door verschil in scholing veel minder dan in Nederland." De doorstroming n a a r de universiteit is vrij groot: zeker de helft. Sr zijn in J a p a n liefst 446 universiteiten waarvan 319 in particuliere handen. Tussen die universiteiten zijn echter grote verschillen in kwaliteit. Er zijn een aantal instellingen van topniveau die het meest toegankelijk zijn voor kinderen van de intellectuele elite die zich op deze manier reproduceert. Dat werkt ongeveer als volgt. De Japanse overheid stelt per universiteit een numerus fixus vast. Er is dus een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Om zo'n plaats te kunnen veroveren moet de afgestudeerde middelbare scholier allereerst slagen voor het centraal opgezet examen. Naarmate je hoger scoort bij dat examen heb je een betere kans om toegelaten te worden tot een goede universiteit. Slaagt hy dan wacht hem nog een tweede barrière. Hij zal ook nog het toelatingsexamen van de universiteit
Jaap Kamerling van zijn voorkeur met goed gevolg moeten afleggen. Hoe beter die universiteit hoe moeilijker het toelatingsexamen. Veel studenten mikken daarom maar op meerdere universiteiten. Uiteindelijk kom je terecht op de beste universiteit die je wil .toelaten. Volgens Brinkman begunstigt in J a p a n het milieu van herkomst de kansen om op de beste universiteit te komen. De zoon van de hoge ambtenaar heeft een prachtig opvoedingsmilieu, dat de onderwijscultuur van de universiteiten krachtig ondersteunt. Deze bevoorrechte zoon komt dus vrij gemakkelijk op een goede universiteit terecht. Het curriculum van de Japanse universiteiten dat over het algemeen niet al te zwaar is komt hij ook wel door en vervolgens kan hij een aardige carrière starten in het bedrijfsleven of bij de overheid en komt hij uiteindelijk terecht in dezelfde soort positie als zijn vader. Waarmee de kring gesloten wordt. De cirkelgang der elites zoals de Westerse socioloog Vilfredo Pareto dat noemt.
Emancipatie
We hebben het hier over zonen en dat is niet toevallig. Het is welis-
waar zo, dat het aantal vrouwelijke studenten in J a p a n flink stijgt al is er een sterke overconcentratie op de alpha- en gamma-faculteiten, éénmaal afgestudeerd komen die vrouwen veelal toch weer thuis in het gezin terecht. Op de staatsuniversiteiten is bijvoorbeeld slechts één op de tien wetenschappelijk medewerkers vrouw. Op de iets progressievere particuliere instellingen is die verhouding één op acht. Brinkman verwacht in de toekomst spanningen in de Japanse samenleving tussen enerzijds het relatief hoge opleidingsniveau van de vrouw en anderzijds de geringe kansen op de arbeidsmarkt. De organisatorische opzet van de Japanse universiteit is voor de Europeaan, die zich in de J a p a n se samenleving een vreemde weet door de totaal verschillende cultuur, een ware verademing. De universiteiten, waarvan de oudste ongeveer een eeuw oud zijn, ademen volledig de geest van het organisatiemodel van de Duitse filosoof Humboldt. Naar Duits model is de universiteit opgedeeld in faculteiten. Klassiek en recht op en neer zoals bij ons. De onderwijsstruktuur is echter meer Amerikaans georiënteerd. Een eerste fase van vier jaar als bij ons en daarna een tweede fase voor de post-graduates, waamaarbetrekkelijk weinigen doorstromen. Kennelijk heeft men na de Tweede Wereldoorlog het Amerikaanse model in het Duitse geschoven. Ook de financiering van het onderzoek kent weer dat gemengde karakter. Enerzijds de vaste aanstelling voor de onderzoeker, anderzijds het Amerikaans getinte subsidiesysteem van de Japanse regering en de Japanese Science Counsel (het ZWO bü ons) die met projektsubsidies werken. Het aantal mensen dat op de universiteit met onderzoek doorgaat stijgt en de onderzoeksbudgetten zijn vrij goed. De eerste geldstroom is weliswaar beperkt maar de tweede ziet er heel goed uit.
Bedrijfsleven
En de derde, de sogenaamde contract-research, gesubsidieerd door het bedrijfsleven? „Er wordt erg veel research gedaan door de grote bedrijven m a a r die doen dat helemaal zelf.
iäi$i'^S»
Drs. Harry Brinkman (Foto A VC/VU) Het is in J a p a n niet zo, dat het bedrijfsleven het onderzoek uitbesteedt . Men is ook vrij strikt in het scheiden van activiteiten op de universiteit en in het bedrijfsleven. Je mag als hoogleraar niet tegelijk in het bedrijfsleven en op de universiteit werken. Ik ben ook op het Tokyo Institute of Technology geweest en heb niet de indruk gekregen dat de wereld van de industrie en de universiteiten nauwer met elkaar zijn verweven dan bij ons. Wel staan de bedrijven bil de poort van de universiteit te dringen om de beste afgestudeerden. In J a p a n heeft de universiteit niet de taak gekregen de industriële innovatie te bevorderen. Dat doet het bedrijfsleven zelf wel. Dit is in feite de meest bijzondere sector van de Japanse samenleving voor ons Europeanen. Het bedrijfsleven neemt zelf de verdere opleiding van de universitair geschoolde over en begeleidt de verdere loopbaan via long life employment zeer intensief. Het bedrijf zorgt voor jouw en jij bent er voor het bedrijf. De universitaire opleiding is zoals gezegd niet al te zwaar. J e k u n t de Japanse universiteit trouwens beter vergelijken met de Amerikaanse colleges. De drop-out is ook vrij klein. De student is als hij op de universiteit komt nog erg jong: achttien. Op z'n 22-ste stroomt hij al weer door n a a r industrie of overheid. De student heeft weinig te zeggen binnen de universiteit. Het be-
mrM^^^ïirM^^^^
Eén van de weinige overgebleven Hollandse huisen van de Verenigde Oost Indische Compagnie op het eilandje Decima, een Nederlandse kolonie in Japan in de 18e eeuw. (foto Harry Brinkman)
s t u u r is volstrekt klassiek georganiseerd net als bij ons vroeger. Je hebt een senaat uit hoogleraren en aan de top, naar Amerikaans model, een president. Die neemt formeel de beslissingen maar in de praktijk gaat dat in samenwerking met de leden van de senaat. De president is trouwens geen professionele bestuurder. Hij is bij wijze van spreken een emeritus-hoogleraar die dit baantje op een andere universiteit op zich neemt" Brinkman vertelt hoe hij op het Japans-Nederlands instituut een bestuurlijke top ontmoette waarvan drie heren de tachtig al waren gepasseerd. De jongeren in de top waren trouwens ook al 40, 50 jaar. Dat zie je ook bij die presidenten. De één zou tenminste je vader kunnen zijn, en bij de ander denk je zelfs in de richting van je grootvader. Leeftijd is n u eenmaal erg in tel bij de Japanners. Een tikkeltje gecharcheerd want in een brochure over de University of Tokyo lezen we dat daar de hoogleraren al op de leeftijd van 60 jaar h u n bevoegdheid wordt ontnomen. Bij andere nationale universiteiten varieert die leeftijd van 63 tot 65. En presidenten, zo lezen we even verderop worden gewoonlijk gekozen uit die hoogleraren.
Ministerie regelt alles
Hoe sit het met de overlegstructuur tuisen universiteiten en het ministerie van Onderwijs? „Die is er nauwelijks. De minister stelt, althans bij de staatsuniversiteiten, de numeri fixi vast. Elke universiteit is geprogrammeerd; zoveel eerstejaars, zoveel medewerkers (met trouwens een zeer gunstige getalsverhouding stafstudent op een universiteit als die van Tokyo van ongeveer 1 op 7, a a n de VU: 1 op 11, op de particuliere universiteiten in J a p a n is de verhouding weer ongunstiger) en zoveel budget. Alles wordt van bovenaf gepland, het ministerie is uitermate machtig. En verder is alles zo stabiel als maar enigszins kan. Bezuinigd hoeft er niet te worden want het gaat J a p a n economisch goed, dus wat zou je verder nog moeten overleggen? Ik zag in een academisch ziekenhuis dat de verpleegkundige staf veel te klein was, wel drie keer zo klein als bij ons. Ik zei daar wat van. De reaktie? 'Dat heeft het ministerie n u eenmaal besloten.'Men neemt de dingen zoals ze n u eenmaal zijn en probeert er het beste van te maken. We vroegen een bestuurder omdat in feite alles vast ligt: hebt u eigenlijk wel problemen? Ach, zei die, onze gebouwen zijn wat verouderd. Maar dat was eigenlijk het enige. Als je weinig problemen hebt valt er ook wei-
Vervolg op pag. 6
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983
Ad Valvas | 510 Pagina's