Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 363
9
AD VALVAS — 30 MAART 1984
Forum op VU met vrijwillig werkloze, WVC-medewerker, wetenschapper vrijetijdskunde en sociologe laat zien:
„Arbeid" en „vrije tijd" verwarrende begrippen Er wordt soms al gesproken over een 'verloren generatie', als men spreekt over de jonge mensen die nu van de school of van de universiteit afkomen en voor een groot deel uitgesloten worden van een plaats op de arbeidsmarkt, en daarmee van een goed inkomen, en zaken als ontplooiing en participatie. Niet iedereen wenst zich echter in de rol te drukken van zielige hulpbehoevende. In sommige kringen vindt een kritische reflectie plaats over de waarde van 'loonarbeid' en het complement ervan 'de vrije tijd'. De betekenis van deze begrippen stond centraal op een forum dat georganiseerd werd door het Vormtngs Centrum van de VU in samenwerking met 'Loper' het blad van de interf akulteit voor Lichamelijke Opvoeding. Het forum stond onder leiding van de arbeidsfilosoof professor Kwant. De meest traditionele opvatting werd verkondigd door een toehoorder uit het publiek. Hü vond dat werkloze academici zich maar eens dienstbaar moesten maken a a n de samenleving door bijvoorbeeld het opruimen van slecht hout in bossen. Dergelijke activiteiten zijn onontbeerlijk in een samenleving waarin het geld op is. „We komen elke dag honderd miljoen tekort, wat wil je dan." Diametraal ten opzichte van de gevestigde opvattingen over het belang van loonarbeid en vrijwilligersarbeid staan de opvattingen van de vrijwillig werkloze Kitty Mäanders, forumlid en actief in de Bond tegen het Arbeidsethos, zy trok fel van leer tegen de overheersende positie van loonarbeid in onze samenleving; iets wat alleen al in het taalgebruik tot uitdrukking komt, byvoorbeeld
Koos Neuvel waar men spreekt over het onderscheid tussen actieven en nietactieven. Mäanders stelde dat de overheid zich al lang met de vrije tyd bemoeit, onder andere door de oprichting van vrijwilligers-vacaturebanken die beheerd worden door de arbeidsburo's. Daarnaast leven er allerlei ideeën voor het instellen van een maatschappelyke arbeidsplicht. De link tussen deze twee zaken is dan snel gelegd; een ontwikkeling die door Mäanders gekarakteriseerd werd als een beheersing van de onbetaalde arbeid, die gepresenteerd wordt onder de vlag van liefdadigheid, waarby participatie- en ontplooiingsmotieven de boventoon voeren.
Mochten er toch nog jongeren zyn die van onvrede met h u n situatie biyk geven, dan wordt altyd nog het welzynswerk achter de hand gehouden om eventuele onrust in veilige banen te kanaliseren. Zo is paradoxaal genoeg de werkloosheid ook weer een bron van werkgelegenheid, vooral in de welzynssector maar ook in de wetenschap waar de werkloze een object van onderzoek vormt; zo is er a a n de Katholieke Hogeschool in Tilburg een vakgroep „vrijetydskunde' opgericht. Voor Kitty Mäanders en de leden van de Bond tegen het Arbeidsethos hoeft de loonarbeid niet zo nodig op de troon gezet te worden. Waarom zou arbeid die saai en geestdodend is per se verdedigd en in stand gehouden moeten worden? Daar tegenover staat de mogeiykheid tot de oprichting van een autonoom werkcircuit, het beginnen van eigen bedrijfjes en dergeiyke. Daar k u n je je eigen arbeidsvoorwaarden bepalen en ontdekken hoe leuk en spannend het is je eigen werk te organiseren. Probleem daarby is dat men voortdurend stuit tegen de grenzen van het betaalde arbeidcircuit; allerlei belemmeringen worden opgelegd omdat zulke activiteiten 'concurrentievervalsing' zouden bewerkstelligen.
Kitty Mäanders van de Bond tegen het Arbeidsethos, een van de forumleden, met naast haar panelleider prof. dr. R. C. Kwant, (foto AVC/VU). werd wel gesproken over een biljartprobleem, een drankprobleem etc., wat dan later wel weer bleek mee te vallen. Ook in deze tyd wordt het 'vrijetydsprobleem' al snel aangeroepen om meer functionarissen a a n te stellen, en om de ambtenaren in hogere salarisschalen terecht te laten komen. De heer Paling vroeg zich af of het terugtreden van de overheid op het gebied van de regulering van de vrije tyd in veel gevallen niet meer mogeiykheden biedt. De heer K. Bijsterveld, wetenschappeiyk medewerker a a n het Centrum voor Vrijetydskunde in Tilburg voelde zich meer gepikeerd door de kritiek. Hy ontkende dat de nieuwe studierichting disciplinerende intenties zou hebben. Het is er het centrum juist om te doen de regulatiemechanismen te bestuderen die de vrije tyd moeten ordenen.
Bevoogdend
De aanval van Mäanders richtte zich vooral op bevoogdend optreden van overheidsinstanties. Nu was er een vertegenwoordiger van het overheidsapparaat in het forum vertegenwoordigd, de heer K. Paling, stafmedewerker by het ministerie van WVC. Niettemin voelde hy zich niet geroepen de overheid te verdedigen. Hü wees erop dat de viije tyd vooral als probleem gezien wordt by grote werkloosheid. In vroeger tyden
Is de vrije tyd van werklozen dan helemaal geen probleem? Volgens de sociologe B. van Schuppen was dat maar ten dele zo: de hoger opgeleiden slagen beter in h u n vrijetydsbesteding, de lagere sociale klassen hebben er meer moeite mee. Ook relativeerde zy de gedachte dat de betaalde arbeid in het geheel niet ter discussie staat. Hierby kan gedacht worden a a n de discussies rond de professionalisering van de welzynszorg. Dat de termen 'arbeid' en 'vrije tyd' verwarrend en soms misleidend kunnen werken gaf professor Kwant in zyn inleiding al aan. Voor werkenden gaat het om vrye tyd naast de arbeid, voor werklozen om vrije tyd buiten de arbeid; en k u n je dan nog wel van vrye tyd spreken? Zoals Kwant zei is het eerste iets waarvoor men strijdt, terwyi het tweede iets is wat ons overrompelt.
Educatief verlof in plaats van arbeidstijdverkorting Academici hebben de toekomst niet meer. Dat blijkt uit alle werkgelegenheidscijfers. Academici hebben nog wel de toekomst in handen. Dat blijkt onder andere uit de lijst van sprekers die waren uitgenodigd op het congres „Hoger Onderwijs 1984 en de arbeidsmarkt in het jaar 2000" in Haarlem: vertegenwoordigers van onderwijs, wetenschap, bedrijfsleven en vakbond, stuk voor stuk met een academische titel voor hun naam. Daar kwam nog iets anders aan het licht: hoe meer mogelijkheden die hoger opgeleiden de mensen van de toekomst geven, hoe minder zij in staat zijn zinnige uitspraken over die toekomst te doen. Laat staan dat ze de toekomst kunnen beheersen. Tussen 1981 en 1983 is het aantal werklozen onder afgestudeerden in het hoger onderwys verdubbeld. By academici ging het van 7.692 naar 14.600, by HBO-ers van 19.989 n a a r 38.398. Hoewel deze categorieën procentueel nog atlyd veel betere kansen hebben op een baan dan lager opgeleiden, grijpt de verontrusting om zich heen. Wat betekent dit voor het jaar 2000?
tien jaar. De toekomstverwachtingen van zestien jaar geleden, 1968, zyn tenslotte ook maar zeerr gedeelteiyk uitgekomen. Hett energietekort viel mee, de werkgelegenheidsverwachting tégen."' Als de multinationale industrie3 het niet weet, weet niemand het.
Centres of excellence
Verdubbelt het aantal hoger opgeleiden, terwyi vooral de overheid steeds meer banen afstoot? Liopen de academici straks met zyn allen rondjes om de vyvers waarin de LTS-sers zitten te vissen, terwyi de laatste Europese werknemer in verbitterde concurrentie is gewikkeld met zyn Amerikaanse collega? Gaan we misschien weer terug n a a r de schoolbanken, om ons telkens weer aan te passen a a n de grillen van een aantrekkende economie? Of wordt iedereen 's middags gedwongen met behoud van uitkering de zure regen te bestrijden die hy de volgende ochtend, op last van zyn baas, weer moet produceren? „ w y weten het niet," zegt mr A. Vaandrager, direkteur personeelsformatie van Philips Nederland BV. „Het is niet goed om het onderwys te nadrukkelyk te richten op de verwachtingen over zes-
Intussen projekteert iedereen zy'n1 eigen heilstaat op het scherm van1 de toekomst. Met bypassend hoger onderwys. De industrie; wenst, by monde van Vaandrager, „een beperkt aantal centres off excellence" om boUeboosjes op te; leiden in natuurwetenschappelyke, technische en business-richtingen. Want ondanks de werkloosheid1 dreigt daaraan een tekort. In hett j a a r 2000, zal „een felle internationale concurrentie heersen", verwacht Vaandrager, en niet alleen1 met de Verenigde Staten. Hett verre Oosten, dat n u nog alleen1 strijkbouten voor Philips in elk a a r zet, zal genoeg kennisachterstand hebben ingelopen om ze; ook te ontwerpen. De vakbonden mikken te oordelen n a a r de woorden van wetenschappeiyk secretaris van de; FNV drs P. Vos, meer op volledige; werkgelegenheid. Anders gaan de werkgevers de wetten stellen. De door Vaandrager beleden kwaliteit „is dan alleen nodig voor hett neusje van de zalm. Dat moett echt excellent zgn." De andereni hebben het nakyken. „Nu al mag; je in bepaalde bedrijven, mett minder dan HAVO als achtergrondje alleen nog als klant binnen, niet meer als werknemer." Verder is zyn boodschap niet veel1 anders dan die van de ondernemer: alleen de technologische; ontwikkeling kan ons redden.
-
„Het is niet de technologie, maar de te trage ontwikkeling die banen vreet." De banen van de toekomst liggen in het midden- en kleinbedrijf, en het onderwys kan zyn steentje bydragen door zelfstandige ondernemertjes op te leiden. Verder moeten de salarissen voor technische leraren omhoog, moeten er meer stageplaatsen in bedrijven komen voor leerlingen en leraren, en meer èocenten uit de industrie. Niet alle sprekers op het congres stortten zich in dit noodlot van de postindustriële samenleving. Dat is een keuze, vindt prof. dr L. J. Emmerij, in de jaren zestig als econoom actief in de Organisatie voor Europese Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de internationale vakbeweging (ILO) en n u rector van het Institute of Social Studies te Den Haag. „We kiezen in Europa voor het inlopen van de achterstand op Amerika, dus voor industrie die nog meer kennisintensief is en voor een, jobless growth". J e k u n t echter ook kiezen voor een meer milieuvriendeiyke, relatief meer arbeidsintensieve industrie, waarby de afhankeiykheid van andere economieën geleideiyk minder wordt."
: Wachtkamer D a n spelen op de arbeidsmarkt ineens heel andere behoeften, waarop het onderwys n u al kan inspelen. „Nu zitten we met het verschynsel dat de mensen langer fit biy ven, maar steeds vroeger in de VUT moeten. Moeten we die dan straks, wanneer er weer werk is weer allemaal u i t de VUT halen?" Het antwoord heeft hy al jaren geleden bedacht. Voor Emmerij ligt de wachtka-
mer niet in het stempellokaal of a a n het strand, maar op school: betaald educatief verlof als alternatief voor arbeidstydverkorting. „De grensen tussen school en werk sullen vervagen." Het „initiële onderwys" kan vanzelf korter. En flexibeler. Zónder die lange en gescheiden leerwegen van nu, zonder dit diplomastelsel. Daarop vonden de partyen elkaar. De m a n van Philips omdat hy niet weet h~oe de toekomst eruit ziet en je met zo'n systeem alle kanten op kan. De vakbond, die de om-, heren byscholing voor iedereen wil vastleggen in de CAO. Zelfs die HBO-leraar die vond dat het onderwys maar heel weinig invloed heeft op de baankansen en dus zyn eigen doelstellingen moet volgen: de student ontplooien- en flexibeler maken.
Kauwgomballen Dat systeem zal er dus wel komen. Dan wordt het onderwys vemieuwbouwd tot iets wat, by gebrek a a n toekomstvisie zo vormeloos is dat het studenten als kauwgomballen produceert, die heel flexibel in alle gaten gestopt kunnen worden. En dat, terwyi nog niet eens is vastgesteld in hoeverre het onderwys schuld heeft aan de werkloosheid. En of het die kan oplossen. Wie gaat het onderwys overigens betalen als dat laatste niet zo mocht zyn? Het bedrijfsleven waarsclujniyk niet. Het is n u al, waarschuwt de vakbeweging, wel scheutig met eisen maar niet met stageplaatsen. En het is niet van plan, zegt Vaandrager, de tweede faseopleidingen voor zyn toekomstige ingenieurs te gaan betalen, zoals het ministerie voorstelt'. (UP/Lin Tabak)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983
Ad Valvas | 510 Pagina's