Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 507

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 507

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 29 JUN11984

9 Dit is een Info-pagina. Infopagina's kunnen door VU-instanties tegen betaling worden benut voor publikatie van informatie die,wegens uitvoe-

righeid en gedetailleerdheid niet in de Mededelingenrubriek thuishoort. Publikatie geschiedt buiten verantwoordelljheid van de redactie voor

de inhoud. De voorwaarden waaronder van Info-pagina's gebruik kan worden gemaakt zijn ter redactie verkrijgbaar.

Aanvragen voor Info-pagina's (minimaal halve pagina) richten aan: Redactie Ad Valvas. Hoofdgebouw kamer OD-01. Tel. 4330 of 6930.

Informatie ten aanzien van de ontwerp-cao nomen. Hierbij hebben de ontSinds het voorjaar 1981 werp-rechtspositieregelingen hebben onderhandelingen voor het WO en voor de Acadeplaatsgevonden tussen mische Ziekenhuizen model VU/AZVU en de vakorga- 5. gestaan. Met name in het statuut Socinisaties over een cao. Voor aal Beleid zijn een aantal door de vakorganisaties in de onderhet Bestuur der Verenihandelingen ingebrachte aanging, die formeel als werkdachtspunten vormgegeven. gever de arbeidsvoorwaarden moet vaststellen is een Inhoud van de cao delegatie opgetreden De inhoud van de cao zal hieronwaarin de directie AZVU der beknopt en in hoofdpunten en het CvB waren verte- worden aangegeven. Belangrijke aanvullingen of wijzigingen op genwoordigd. het huidige P RVU zullen worden Met de volgende vakorganisaties is overlegd: CFO (Christelijke Federatie voor Overheidspersoneel); ABVA-KABO; CMHA (Centrale voor Middelbare en Hogere Functionarissen bij de Overheid); AC (Ambtenarencentrum); FHZ (Federatie van verenigingen voor hogere functionarissen in de gezondheids- en bejaardenzorg); GrOB (Gezamenlijk Overleg Beroepsverenigingen in de gezondheidszorg). De cao-onderhandelingen zijn voorbereid in de vorm van een technisch overleg met de vakorganisaties. De cao-besprekingen hebben lange tijd gevergd. Niet omdat de standpunten zover uiteenlagen, maar wel omdat het opstellen van een - eerste - cao, geldend voor de Universiteit en het Ziekenhuis, tijdrovend en technisch tamelijk gecompliceerd is. Daarnaast vergde de landelijke taakverdeling en concentratie veel tijd van de medewerkers die ook de cao in h u n pakket hadden. Thans is het dan zover dat de vakorganisaties de ontwerp-cao aan h u n leden kunnen voorleggen. Door de werkgeversdelegatie wordt de ontwerp-cao voorgelegd aan het Bestuur der Vereniging. Over de inhoud van de ontwerp-cao bestaat dus in grote lijnen overeenstemming. Naar verwachting zal eind augustus/begin september na de wederzijdse raadpleging een afrondende onderhandelingsvergadering plaatsvinden. Het streven is dat de cao per 1 januari 1985 van kracht wordt. Vóór 1 janitari 1985 zal aan alle medewerk(st)ers een exemplaar van de CAO worden toegezonden.

Uitgangspunten cao Ten aanzien van de inhoud van de cao zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. De geldende rechtspositieregelingen voor rijksambtenaren zijn zoveel mogelijk gevolgd. Dit betekent dat waar mogelijk het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) en de daarop gebaseerde uitvoeringsregelingen zijn gevolgd zowel wat inhoud als wat systematiek betreft. Op grond van de bekostigingsvoorwaarden was ook het reglement voor het personeel van de Vrije Universiteit (PRVU) reeds op de regelingen voor rijksambtenaren gebaseerd. In de cao is e.e.a. echter nog explicieter gebeurd. 2. Er is gestreefd n a a r een zo volledig mogelijk overzicht van de belangrijkste arbeidsvoorwaarden die voor het personeel van VU/AZVU gelden in deze cao. Om deze redenen zijn een groter aantal regelingen, die toepassing vinden, in de cao opgenomen zoals bijvoorbeeld de VUT, het Rijkswachtgeldbesluit en de Interimregeling. 3. Een uitgewerkte regeling voor de Commissie van Beroep met een regeling voor de procedure maakt deel uit van de cao. 4. Enkele specifiek voor de Universiteit of voor het Ziekenhuis geldende regelingen zijn opge,t o 1 (I Jl .-ï '£ r >t j i r r II r.

aangeduid. Tevens zal zoveel mogelijk worden aangegeven welke artikelen en uitvoeringsregelingen zijn verwerkt.

Statuut Sociaal Beleid I n het s t a t u u t Sociaal Beleid zijn een aantal uitgangspunten voor een verantwoord Sociaal Beleid vastgelegd voornamelijk in de vorm van intenties en verplichtingen van de werkgever. In het statuut Sociaal Beleid is onder meer het volgende aangegeven: - de plaats van het Sociaal beleid binnen VU en AZVU; een geïntegreerd en gelijkwaardig onderdeel van het totale beleid - de zorg voor zinvolle arbeid; ontplooiing van de medewerkers en medeverantwoordelijkheid voor de taakuitvoering - de zorg voor goed overleg met de Commissie van Overleg (CvO) c.q. de Ondernemingsraad (OR); voor goede arbeidsvoorwaarden en voor een zorgvuldige wijze van leidinggeven - de verplichting tot overleg met de CvO of de OR over een vast te stellen of te wijzigen reorganisatieprocedure en over de te treffen voorzieningen om de nadelige gevolgen van reorganisaties zoveel mogelijk te beperken - de verplichting tot regelmatig overleg met de vakorganisaties over de werkgelegenheid bij VU en AZVU - de zorg voor de veiligheid, gezondheid en het welzijn van de medewerkers in de geest van de wet op de arbeidsomstandigheden - de zorg voor oudere en mindervalide medewerkers Hoofdstuk I Werkingssfeer en looptijd cao De cao is in beginsel op iedere medewerker, die op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam is, van toepassing. De begrippen worden omschreven en aangegeven wordt welke instantie als werkgever optreedt alsmede de delegatie van een aantal bevoegdheden. De cao wordt aangegaan voor de duur van twee jaar en zal dus gelden van 1 januari 1985 tot 1 januari 1987. Hoofdstuk II De arbeidsovereenkomst Op het gebied van het tijdelijke dienstverband is een uitgebreide regeling getroffen. In tegenstelling tot voorheen kan een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd uitsluitend worden gebaseerd op de in de cao genoemde gronden. Er is op deze wijze een limitatief systeem voor benoemingen voor bepaalde tijd vastgelegd. Als een grond voor een tijdelijke benoeming worden onder meer genoemd: - een benoeming op proef met het vooruitzicht van een vast dienstverband bij goed functioneren - een voorgenomen reorganisatie - ten behoeve van verdere opleiding of vorming - ten behoeve van werk van kennelijk tijdelijk karakter (/ s )i J i' 3 i n )1 a f I' o -t f 3J J, I 9 n

De invoering van de Kernnota BÜWP Het wetenschappelijk personeel zal op korte termijn door middel van een persoonlijke brief geïnformeerd worden over de invoering van de nieuwe functiestructuur die voortvloeit uit de Kernnota Beleidsvoornemens Wetenschappelijk Personeel. De beleidsvoornemens voornoemd in de Kernnota worden gedeeltelijk verwezenlijkt door de invoering van het Bezoldigingsbesluit voor het Wetenschappelijk Onderwijs (BBWO) per 1 juni 1984 en de daarbij behorende Overgangsregeling Universitair Wetenschappelijk Personeel per 1 juli 1984. Deze regelingen brengen met zich mee dat de VU de komende maanden een begin zal maken met de invoering van de nieuwe functiestructuur. Krachtens het BBWO kan nieuw wetenschappelijk personeel vanaf 1 juni 1984 slechts benoemd worden in de nieuwe functies (UD; UHD; wetenschappelijk assisten; toegevoegd docent; toegevoegd onderzoeker). Een dezer weken zullen de Faculteiten richtlijnen ontvangen voor de benoeming van het betreffende personeel.

Tevens zijn bepaalde garanties vastgelegd ten aanzien van de d u u r van een tijdelijk dienstverband bijvoorbeeld voor de duur van de opleiding. Alsmede is een maximale duur voor een tijdeUjk dienstverband aangegeven (maximaal 6 jaar). Ingeval deze d u u r is overschreden wordt de medewerker geacht in vaste dienst te zijn. In een aantal met name genoemde gevallen is de noodzaak van een ontslagvergunning van de directeur van het Gewestelijk Arbeidsbureau n a een tijdelijke verlenging opgeheven. De geneeskundige aanstellingskeuring is opgenomen en de daarbij behorende beroepsmogelijkheid. Tevens is - uitgebreider dan in het PRVU (artikel 5) - aangegeven wat in de schriftelijke arbeidsovereenkomst moet worden opgenomen. Hoofdstuk IIA Rechtspositieregeling taakverdeling wetenschappelijk onderwijs In dit hoofdstuk zijn de regels als vermeld in de aan alle medewerkers toegezonden brochure „Rechtspositioneel kader personeelsbeleid VU inzake TVC-beslissingen" opgenomen. Zoals bekend zijn in deze brochure de rechtspositionele gevolgen van de TVC-operatie geregeld. Hoofdstuk III Dienst- en rusttijden/toelagen en vergoedingen De cao bevat een veel uitgebreider overzicht van de regelingen op dit gebied dan het PRVU. Opgenomen zijn onder meer: regeling verkorting werktijd voor 60jarigen en ouder; vaststelling dienstrooster; overwerk en overwerkvergoedingen; onregelmatige dienst en de toelage alsmede de overgangsregeling ingeval van wegvallen of vermindering van de onregelmatige dienst; de regeling bereikbaarheids- en aanwezigheidsdienst; dienst op feestdagen en verschoven dienst alsmede de regehng excessieve diensten voor arts-assistenten. Hoofdstuk IV Gratificaties Hierin wordt aangegeven in wel-; y 9 iC r s > IC [ 'S' f! fc .1 ? 1' r

(t 51 r

ke gevallen een gratificatie kan worden toegekend. De regeling gratificatie ingeval van dlenstjubileum is opgenomen. Het hoofdstuk bevat geen wijziging ten opzichte van de artikelen 12 t/m 14 PRVU en uitvoeringsregeUng U24. Hoofdstuk V Vakantie, vakantie-uitkering en verlof Dit hoofdstuk bevat de weergave van de duur van de vakantie; de verhoging van het aantal dagen op grond van leeftijd; vaststelling n a a r evenredigheid van het aantal vakantiedagen ingeval niet het gehele jaar wordt gewerkt en voor part-timers; de wijze waarop de vakantiedagen kunnen worden opgenomen; mogelijke intrekking van vakantiedagen in dienstbelang met schadeloosstelling; de vakantie-uitkering en de veijaringstermünen. De artikelen 29 t/m 35 en de uitvoeringsregelen U7 en U8 PRVU zijn hierin opgenomen. Daarnaast bevat dit hoofdstuk de regeling voor buitengewoon verlof zowel bezoldigd als onbezoldigd; zowel voor korte als voor lange duur. Aangegeven wordt in welke omstandigheden aanspraak op buitengewoon verlof bestaat en onder welke voorwaarden. De artikelen 36 t/m 38 PRVU zijn overgenomen. Hoofdstuk VI Nevenwerkzaamheden Hierin zijn de artikelen 51 en 52 PRVU overgenomen, aangevuld met de regeling voor verlofverlening ten aanzien van bepaalde politieke functies als lid van Gedeputeerde Staten en Wethouder.

Hoofdstuk X Vergoeding van schade Hierin wordt aangegeven in welke gevallen de werknemer, die schade heeft veroorzaakt, kan worden verplicht tot gehele of gedeeltelijke vergoeding daarvan alsmede de te volgen procedure. Voorts de mogelijkheid dat de werkgever door de werknemer geleden schade kan vergoeden, alsmede de verplichting van de werkgever een verzekering te hebben tegen aansprakelijkheid voor de medische beroepsuitoefening in of ten behoeve van het AZVU. Het betreft een iets ruimere uitwerking van artikel 65 PRVU. Waar mogelijk is aansluiting gezocht bij de betreffende rijksregelingen. Hoofdstuk XI Verhuiskosten, reis- en pensionkosten, telefoonkosten en andere kosten In dit hoofdstuk zijn de verschillende regelingen op het gebied van verhuiskosten, vergoeding reiskosten ingeval verhuisplicht is opgelegd, vergoeding reiskosten dagelijks heen en weer reizen en vergoeding pensionkosten zoveel mogelijk in onderlinge samenhang weergegeven. Zo ook voor de dienstreizen. Daarnaast is de regeling vergoeding telefoonkosten opgenomen. Dit hoofdstuk spoort met de inhoud van de artikelen 50, 56 t/m 58 en de uitvoeringsregelingen U14 t/m U16 en U21 t/m U23 PRVU.

Hoofdstuk VII Bezoldiging tijdens militaire dienst en noodwacht I n dit hoofdstuk is - uitgebreider dan artikel 48 en uitvoeringsregeling U12 PRVU - aangegeven op welke bezoldiging een medewerker die militaire dienst moet verrichten aanspraak heeft, alsmede de voorwaarden daartoe. Hoofdstuk VIII Bedrijfsgezondheidszorg en voorzieningen in verband met ziekte Hierin zijn de artikelen 39 t/m 47b en uitvoeringsregeling ÜIO PRVU verwerkt. Het hoofdstuk bevat: de regeling ten aanzien van ziekmelding en controlevoorschriften; het geneeskundig onderzoek; het beroep tegen een beslissing van de BGD; de invaUditeitskeuring en de mogelijke aanvulling op een invaliditeitspensioen; bezoldiging ingeval van ziekte tijdens het dienstverband; de bezoldiging ingeval van ziekte na beëindiging dienstverband; wat ingeval van samenloop van uitkering en/of bezoldiging moet gebeuren; de regels ten aanzien van zwangerschap en bevalling. De bepaling dat de vrouwelijke werknemer de gelegenheid tot het geven van borstvoeding aan h a a r zuigeling moet worden geboden is tevens opgenomen.

Hoofdstuk XII Premiespaarregeling Dit hoofdstuk bevat de premiespaarregeling. Artikel 55 en uitvoeringsregeling U13 zijn hierin overgenomen zy het dat strikt de geldende rijksregeling is overgenomen, zodat deze n u ook - pro rato - geldt voor de medewerkers die voor de helft of minder van de werktijd zün aangesteld.

Daarnaast bevat het hoofdstuk de regeling tegemoetkoming in verband met ziektekosten (de zogenaamde ZVO-regeling) en de regeling tegemoetkoming premie ziektekostenverzekering (de zogenaamde Interimregeling).

Hoofdstuk XIII Voorzieningen in verband met studie In dit hoofdstuk is zowel de studie die ingeval van dienstopdracht moet worden gevolgd geregeld als de studie die binnen het kader van de regeling studiefaciliteiten wordt toegestaan. Weergegeven worden voor beide de voorwaarden; de mogelijkheid tot het verlenen van studieverlof; de mogelijke tegemoetkomingen in de studiekosten en de terugbetalingsverplichting. Artikel 62 en uitvoeringsregeling U17 PRVU zijn hierin opgenomen, en duidelijker is onderscheiden tussen beide mogelijkheden van studie.

Hoofdstuk IX Sociale zekerheid Bepaald wordt dat de sociale zekerheid van de medewerker die Ambtenaar is met name in de ABP-wet is geregeld en dat de sociale zekerheid voor de medewerker die geen ABP-ambtenaar is, is geregeld in de werknemersverzekeringen zoals bijvoorbeeld de ziektewet, de wet op de arbeidsongeschiktheid, de werkloosheidswet. Dit is nieuw ten opzichte van het PRVU.

Hoofdstuk XIV Andere werknemersverplichtingen I n dit hoofdstuk wordt aangegeven welke andere verplichtingen k u n n e n worden verlangd c.q. worden opgelegd. Onder meer worden genoemd: de verplichting het werk n a a r beste vermogen te verrichten; het daarbij inachtnemen van de bijzondere regels ten aanzien van professionele aangelegenheden van medische beroepsbeoefenaren en het daarbij werken in de geest van de 1 i. V

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 507

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's