Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 120

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 120

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 28 OKTOBER 1983

6

BOEKEN­

i's

TIJDSCHRIFTEN

l­­^­'

.%,.­• ­^

Gesprekken met Simone de Beauvoir

Liefde als valstrik .­1

I n 1949 schreef Simone de B eaii­ voir haar beroemde boek 'De twee­ de sekse'. In 1972 zegt zij daarover: „Ik herinner mij dat ik mijzelf a a n het eind van 'De tweede sek­ se' een anti­feministe heb ge­ noemd, want ik dacht dat de pro­ blemen van vrouwen vanzelf tot een oplossing zouden komen in een socialistische maatschappij". De Beauvoir zegt dit tegen Alice Schwarser die h a a r daarover in­ terviewt. Als Schwarzer h a a r vraagt waarom ze dan toch aktief meedoet aan „de concrete en col­ lectieve strijd van vrouwen", ant­ woordt De Beauvoir: „Omdat de

positie van vrouwen de afgelopen twintig jaar niet echt is veran­ derd." De vijf interviews die Alice Schwarzer tussen 1972 en 1982 met Simone de Beauvoir hield, en die nu gebundeld zijn, gaan bijna allemaal over dit thema. 'De tweede sekse' is nog steeds een van de meest diepgaande analy­ ses over de positie van vrouwen. Aan actualiteit heeft het ­ helaas ­ nog nauwelijks ingeboet. De thema's die Schwarzer aansnijdt zijn alle in 'De tweede sekse' terug te vinden, al worden ze ook n a a r de huidige tijd vertaald.

Leraar worden, ga er maar aan staan Leraren zijn vaak slecht voorbe­ reid op h u n eerste confrontatie met de klas. Dat concludeerde vu­onderwijskundige Hans Vonk vorig jaar in zijn proef­ schrift over de problemen van be­ ginnende leraren en de gebreken van de bestaande lerarenoplei­ ding. Het tweede deel van zijn on­ derzoek heeft hij nu bewerkt in een populaire versie. In het boek­ je worden op systematische wijze en aan de hand van praktijkvoor­ beelden de problemen van de be­ ginner besproken. Vonk weet waar hij het over heeft, want die voorbeelden zijn ontleend aan door hemzelf verricht onderzoek

onder 20 afgestudeerde VLVU­ studenten, die nu lesgeven. Trouwens Vonk zelf is ook jaren­ lang leraar wiskunde geweest. De leraren worden h u n eerste jaar op school van nabij door de auteur gevolgd. Vonk beschrijft op le­ vendige manier h u n ervaringen, analyseert die en voorziet ze van kanttekeningen. Knap daarbij is, dat hij de verleiding weerstaat de belerende adviseur uit te hangen. Hij geeft aan hoe bepaalde cate­ gorieën leraren de problemen rond leerstofoverdracht, orde, motivatie etc. benaderen. Bemoedigend is zijn stelling, dat de beginnende leraar momenten

L%«ï;

Simone de Beauvoir bij het verko­ pen van de verboden krant La Cause du Peuple. (Foto Magnum, Parijs).

van falen veel te snel aan zichzelf wijt, terwijl veeleer de enorm moeilijke situatie waarin hij ver­ keert de oorzaak is. Er is eigenlijk geen ander beroep waar je vanafs het allereerste moment zo volle­ dig helemaal zelfstandig moet opereren. Vonk onderscheidt twee rolopvattingen bij de leraar: de permissieve, die de leerling nogal veel vrij laat en de meer regulerende rol van het sterk structureren van de les. Het probleem is dat veel leraren­ opleidingen vooral de eerste op­ vatting accentueren waardoor de leraar met een veel te optimisti­ sche visie op het lesgeven wordt opgescheept. Tussen de regels door k u n je merken dat Vonk zelf meer voor de regulerende rol voelt. Alle leerlingen moeten ge­ durende de hele les anvolle acti­ viteiten te doen hebben zodat er minder kans is op verveling en onrust in de klas. Je moet de les

Tegen heersend medisch weten in De geschiedenis van de medische wetenschap is een geschiedenis van opeenvolgende beelden over de mens. Grof geschetst: in de Oudheid maakte men nauwelijks onderscheid tussen lichaam en geest; in de zeventiende eeuw werd het lichaam van de mens gezien als een uurwerk of machine, en vanaf de negentiende eeuw hield men de mens voor een chemische fabriek. Vanzelfsprekend correspondeerden deze beelden met uiteenlopende visies op ziekte en gezondheid. Steeds dacht men een beter beeld van de mens te hebben en steeds werden informatie en kennis die niet met dat beeld strookten genegeerd en soms als gevaarlijke dwaling afgewezen.

Dr. Hugo Verbrugh, docent pathologie aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam, tracht in zijn boek Nieuw besef van siekte en siek sijn met behulp van wetenschaps-filosofische theorieën een beter inzicht te krijgen in deze geschiedenis. Hij leunt daarbij sterk op het gedachtengoed van de Engelsman Thomas S. Kuhn. Deze kreeg bekendheid door zijn analyse dat de geschiedenis van wetenschappen geen lineaire ontwikkelingsgang naar steeds rationelere theorieën is, maar een opeenvolging is van zogenaamde paradigma's of denkm.odellen die in een taaie strijd met elkaar verwikkeld zijn. Dit inzicht werkt sterk relativerend en bevrijdend tegenover

gangbare theorieën, die vaak een massieve zekerheid uitstralen, merkt Verbrugh terecht op. Met behulp van K u h n gaat Verbrugh bijvoorbeeld „een van de hardnekkigste fabels" in de medische geschiedsschrijving te lijf, namelijk als zou de ontwikkeling van de moderne anatomie in de middeleeuwen gestagneerd zijn door het verbod van de kerk lijken te openen. „Dat is een typisch staaltje van interpretatie van de geschiedenis vanuit het eigen denkraam," schrijft Verbrugh. Hij stelt dat de Middeleeuwse mensen op een totaal andere wijze in h u n lijf zaten dan wij nu: veel directer en veel intensiever h u n lijfelijke gewaarwordingen belevend. Daardoor kwamen ze

Eén van de interviews gaat over de verhouding die Simone de Beauvoir had met de filosoof en schrijver Jean Paul Sartre (Sartre overleed in 1980). Zij was vastbe­ sloten niet in de valkuilen te trappen die zij in haar boek be­ schrijft. „In naam van de Uefde worden vrouwen vernederd en uitgebuit en laten zij zich uitbui­ ten," zegt zij, en: „Het huwelijk is gevaarlijk voor de vrouw." Zelf is zij nooit met Sartre getrouwd, zij hebben nooit samengewoond en hebben geen kinderen. H u n rela­ tie stond eind jaren zestig model voor die van veel franse intellec­ tuelen.

Alice Schwarzer is een Duits journaliste. Zij werkt onder ande­ re bij het vrouwenblad Emma, en is in Nederland vooral bekend door h a a r boek 'Het kleine ver­ schil en de grote gevolgen'. Het aardige van de interviewstijl van Alice Schwarzer is dat zij aktief meedoet in het gesprek, zodat we ook over h a a r een heleboel te we­ ten komen. De hechte vriend­ schap tussen haar en Sartre en De Beauvoir leverde een opmer­ kelijk interview op. „Wat ons drieën onder andere met elkaar verbond was onze roddel­ zucht . . . ", schrijft Alice Schwar­ zer in h a a r inleiding.

Meermalen waarschuwt De Beauvoir vrouwen tegen het iso­ lement van 'het huwelijk. „Moe­ derschap komt in de huidige sa­ menleving neer op slavernij. Va­ ders en de maatschappij laten vrouwen alleen voor de kinderen opdraaien." Zij ontvangt regel­ matig brieven van vrouwen die h a a r schrijven: „Wat moet ik doen? Ik heb niet eens een beroep. Ik heb niets. Ik ben niets." Het krachtige van De Beauvoir is dat zij deze persoonlijke verhalen en politieke analyses met elkaar ver­ bindt.

Deze bundel interviews geeft een uitstekend beeld van de analyse die Simone de Beauvoir van de positie van vrouwen maakt. In enkele zinnen weet zij een wereld vol verdriet en ellende zichtbaar te maken. Gelukkig biedt zij ons ook ontsnappingsmogelijkheden.

dus goed structureren en dat is, zoals ons vorig jaar uit een inter­ view met hem bleek, beslist iets anders dan autoritair lesgeven.

van dit heel leesbare en nuttig boekje wordt Vonk iets minder te­ rughoudend. Alleen overdragen van schoolse kennis is onvoldoen­ de. Deze moet in een ruimer ka­ der worden geplaatst. De leerling moet geholpen worden om een perspectief op zichzelf en zijn toe­ komst op te bouwen. En in de re­ latie leraar­leerling zijn kontakt en dialoog sleutelbegrippen. De leraar zelf tenslotte is aan een levenslang leerproces op weg n a a r een goed leraar onderwor­ pen.

Het gaat erom alle leerlingen per­ manent bij de les betrokken te houden. Wat niet mag betekenen dat door even wat extra aandacht voor één leerling de anderen zich gaan vervelen. Een hele kunst m a a r het is een kwestie van goed organiseren. Vonk onderscheidt ook diverse manieren van reageren op het rolpatroon dat wordt aangetrof­ fen op de school waar je begint: je aanpassen, je voorlopig aanpas­ sen (en van daaruit ruimte gaan eisen) en ruimte eisen. Heel te­ rughoudend signaleert hij, dat de meeste leraren de tweede positie kiezen. Tot een oordeel hierover komt hij niet maar wij weten, dat hij zelf de tweede positie van de strategische aanpassing ook de verstandigste vindt. Aan het slot

niet op het idee dat lijken wel eens iets zouden kunnen vertellen over het levende lijf. Het boek (een populaire versie van Verbrughs proefschrift) is een pleidooi voor het waardering geven a a n het subject in de geneeskunde, aan wat de mens subjectief gewaar wordt aan eigen lijf en leden. Als zodanig is Verbrugh in hoge mate geïnspireerd door de antroposofie. Dat betekent allerminst dat zijn betoog uitmondt in een kritiekloze bewondering van alles wat zich in de laatste jaren als alternatief heeft aangediend. Juist omdat in de alternatieve geneeswijzen elementen zitten van een nieuw paradigma dat „eraan zit te komen", wil Verbrugh de zwakheden ervan niet maskeren, lijkt het. Wat vaak ontbreekt in de alternatieve sector, schrijft hij, zijn

Tweede Höweler is mislukt De tweede roman van Marijke Höweler speelt zich, zoals h a a r eerste, in een academisch milieu af. Wie zich regelmatig tussen Buitenveldertselaan en Amstelveenseweg bevindt weet ook welk academisch milieu. Bij ons schijnt de zon heet het boek, dat een uiterst magere plot kent. Het verhaal draait om mevrouw De Zeeuw, moeder van Leo en Wiesje die, samen met h u n partners Rosa en Hugo de tegenspelers zijn van een clichématig homoseksueel paar, Arnold en Mattheus. Beide partijen maken jacht op het geld van de oude vrouw. Dialogen kunnen wel eens helpen een verhaal gestalte te geven. In

dit geval lijken ze alleen bedoeld als bladvulling, er wordt in dit boek meer gepraat dan gezegd, zelfs op papier lopen er geen personages rond, hoogstens woorden. Geen reden om overmatige belangstelling aan deze „hondsbrutale" (Komrij op de achterflap) te wijden, ware het niet dat Höweler vaak in de publiciteit is - onlangs kondigde zij h a a r derde roman aan - en geen onbekende is in het Buitenveldertse. W a t Höweler over de universiteit te zeggen heeft is niet erg veel. Dat is vanuit het oogpunt van dit blad natuurlijk jammer. Toch zijn er wel een paar krenten. Zoals deze: Men heeft besloten een wervingsfolder voor de universiteit uit te geven. „Waar heeft het

Dit boekje is niet alleen voor aan­ staande en beginnende leraren bedoeld maar kan ook docenten op lerarenopleidingen nog veel le­ ren. (J.K.) 3. H. C. Vonk; Leraar worden, ga er maar aan staan. Problemen van beginnende lera­ ren nader bekeken. VU Boekhandel/Uitge­ verij. Prijs: ƒ17,50.

criteria en meetinstrumenten om vast te stellen of en waarom behandelwijzen soms wel en soms niet werken. Daarvoor ontbreekt vaak een theoretisch kader. „Een begrip als 'energie', dat in veel alternatieve geneeswijzen voorkomt, deugt nu nog niet als communicatie-instrument, filosofisch, theoretisch-conceptueel gezien (...)." Het is te vaag en te onduidelijk. „Energie" is volgens Verbrugh momenteel eigenlijk niet meer dan een loze kreet, en zo is het ook (nog) gesteld met talloze andere begrippen uit de alternatieve geneeskunde. Voor de critici van het heersende medisch weten nog veel werk aan de winkel dus. (W.C.) Hugo S. Verbrugh, Nieuw besef van ziekte en ziek zijn; over veranderingen in het mensbeeld van de medische wetenschap. Uitg. De Toorts, Haarlem. Prijs / 39,50.

Goed, het is niet veel, maar toch. Alles wat universiteit is, is in dit boek slechts decor. Totdat het laatste hoofdstuk aanbreekt. Rosa is benoemd tot hoogleraar vrouwenstudies. Ze houdt net op tijd h a a r inaugurele rede. Vier maanden later zal haar vakgroep opgeheven zijn. Dat stelt Rosa in staat geen blad voor de mond te nemen. In die fase verliest het verhaal de ironie die het tot dan toe gekenmerkt heeft. Höweler lykt zich tot een andere lezer te wenden. Ze zet zelfs voetnoten bij het betoog. Op die manier neemt ze het vlammend betoog van Rosa zelf voor h a a r rekening. Blijkbaar zit het h a a r toch hoger dan eerder in het boek leek. Juist in dat perspectief is het boek dan definitief een mislukking. (H. v.d. V.)

Nederlandse volk al die geletterde werklozen aan verdiend," dramde Rosa (...). „Trouwens het is niet in overeenstemming met de christelijke grondslag van onze universiteit". Van der Loo (haar baas) keek of hij water zag branden. „Daar heb JiJ bij mijn weten nooit zo over in de zorgen gezeten." „Nood breekt wetten," zei Rosa mismoedig. Maar Van der Loo was onvermurwbaar: „Ik zou daar niet zo over praten als ik jou was." Ook Rosa wist niet van ophouden vandaag: „Juist in deze tijden moet je daarover nadenken, bezinnen bedoel ik, moet je je daarop bezinnen," zei Roos.

(R.V.) Alice Schwarzer, Gesprekken met Simone de Beauvoir. Uit een periode van tien jaar 1973­1982. Vertaald uit het duits door José Rijnaarts. Feministische Uitgeverij Sara 1983, /17,50.

Marijke Höweler

(foto AVC)

Marijke Höweler, Bij ons schijnt de zon; roman. Uitg. de Arbeiderspers. Prijs: ƒ 24,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 120

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's