Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 449

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 449

10 minuten leestijd

9

AD VALVAS — 18 ME11984

Petrus Wittewrongel wist het anno 1662 al precies

Hoe een christelijk gezin zich moet gedragen Wel eens gehoord van Petrus Wittewrongel? Absoluut nooit, zal vrijwel iedereen zeggen. Dat is ook niet verwonderlijk want de man leeft al geruime tijd, om precies te zijn sinds 1662, niet meer. Niemand zou ook ooit iets over deze Wittewrongel horen, ware het niet dat hij door een proefschrift plotseling (voor eventjes?) aan de vergetelheid ontrukt is. Woensdag 9 mei promoveerde L. F. Groenendijk tot doctor in de sociale wetenschappen met het proefschrift „de nadere reformatie van het gezin". Het is een onderzoek naar de denkwereld van één man (Wittewrongel) en één boek (getiteld: Oeconomia Christiana), waarin tot in de finesses uitgewerkte aanwijzingen worden gegeven over hoe een christelijk huisgezin zich dient te gedragen. Zoiets mag een curieuze benadering en onderwerpkeuze voor een proefschrift genoemd worden. Wat bezielt iemand om met zo'n schijnbaar onbetekenende figuur aan de slag te gaan, iemand die toch zeker niet gerekend mag worden tot de grote helden van onze roemruchte vaderlandse geschiedenis. Tijdens de promotieplechtigheid lichtte Groenendijk zijn keuze toe: „de traditionele benadering is een geschiedschrijving van grote pedagogische denkers. Deze studie wil aandacht vragen voor een kleine denker, maar iemand die wel meer practische invloed heeft gehad dan menig getalenteerd groot denker. Wittewrongel is een figuur die een hele traditie in het leven heeft geroepen van „na-denkers", mensen die tot op de dag van vandaag in de rechterflank van de gereformeerde gezindte nog altijd aanwijzingen geven. Het is een traditie met sterke wortels die weinig is opgemerkt door de pedagogie." Wittewrongel maakte in de zeventiende eeuw deel uit van een piëtistische beweging binnen de gereformeerde kerk die bekend stond als „de Nadere Reformatie". Deze beweging trachtte de levenshouding van christenen in werkelijk al h a a r facetten in overeenstemming te brengen met het Woord van God. Het gezin en de opvoeding namen sleutelposities in, bij deze beoogde algemene reformatie van de zeden.

Devotie

Dat er heel wat te hervormen viel stond voor deze brave wereldverbeteraars onomstotelijk vast. Zij signaleerden een onvoldoende deugdzaamheid van het gereformeerde volk, wat zich zou uiten in overspel, hoererij, concubinaatschap en het zich onderdompelen in schandelijke wereldse geneugten als daar zijn: dansen, het bezoeken van bepaalde toneelvoorstellingen, en het lezen van erotische lectuur. Verder werden er waarden bekritiseerd als: onmatigheid (ongelimiteerde braspartijen bü bruiloften), hoogmoed (pronken met kleding en haardracht), winzucht en onbarmhartigheid. Behalve het

Eén rang voor alle WP'ers Gréén onderscheid tussen een universitair docent en een universitair hoofddocent, maar één rang voor alle medewerkers en hoofdmedewerkers aan de universiteiten en hogescholen. Dit lijkt het CMHA (Centrale van Middelbare en Hogere Ambtenaren) dé weg om grote spanningen in het wetenschappelijk onderwijs te voorkomen. Die zouden namelijk ontstaan wanneer minister Deetman het volgend jaar 3300 hoofddocenten benoemt en willekeur en vriendjespolitiek daarbij de doorslag zuUen gaan geven, voorspelt het CMHA. Dan

KoosNeuvel aanklagen van misstanden op zulke gebieden zagen de aanhangers van de Nadere Reformatie het ook als h u n taak om binnen de kerk allerlei vormen van pseudo-vroomheid te ontmaskeren. Men accepteerde slechts die vroomheid die voortkwam uit een geheiligd hart. Het christelijk huisgezin, dat een ware devotie en discipline bijgebracht moest worden, werd beschouwd als de voornaamste „change-agent" van waaruit de natie gestimuleerd moest worden tot een leven in dienst van God. Het boek Oeconomia Christiana van Wittewrongel was uitdrukkelijk bedoeld om „de huisvaders en- moeders zodanig toe te rusten, dat zij in staat zullen zijn van h u n gezinnen 'Christelicke Huys-gesinnen, ende kleene Gemeenten' te maken", (blz. 24) Het probleem bij zo'n analyse van gedragsvoorschriften is, dat vaak niet duidelijk wordt of die aanwijzingen geschreven zijn ten behoeve van één specifieke bevolkingsgroep, en in hoeverre die voorschriften ook daadwerkelijk succes hadden. Groenendijk zegt zelf over deze zaak: „de regels zijn niet geparticulariseerd, ze moeten een zekere algemeenheid bezitten voor al diegenen die leven binnen een gezinsverband. Wittewrongel was goed op de hoogte van de levenspraktijk van de hogere kringen, waar hij veel kritiek op had, maar de bredere gemeente heeft hij ook wel goed gekend. Er wordt niet alleen geattendeerd op de materiële upper-ten, hoewel hij weinig aandacht heeft voor 'het grauw'. Wittewrongel schetst een beeld van hoe hij het idealiter zou wiUen hebben, waarbij de mogelijkheid bestaat de voorschriften op te volgen, gezien de concreetheid van de regels.'

Vrouw mocht mee-regeren

Al die concrete aanwijzingen behoren zonder twijfel tot het meer vermakelijk deel van Groenenmaar carrièreperspectieven verstoren door het invoeren van één rang, zodat een doorlopend gevecht over het hoofddocentschap vermeden wordt.

Geneesen tandheelkunde 1485 eerstejaars geneeskunde wil Deetman in september toelaten en geen 1550, zoals de Academische Raad had voorgesteld. Daarnaast wil de minister nog 240 eerstejaars toelaten tot de drie experimentele studierichtingen die dit jaar in loeiden, Utrecht en Nijmegen yan start gaan. Hetfinan-.

dük's boek. Zo stelt Wittewrongel dat kinderen absolute gehoorzaamheid aan h u n ouders verschuldigd zijn. Ook bestraffingen dienen zij lijdzaam te ondergaan. Wanneer de kinderen ten onrechte gestraft worden door h u n ouders, mogen zij hen op vriendelijke toon en vragenderwijs op h u n vergissing attenderen, maar mopperen of zelfs terugschelden past de kinderen niet. Dat is zonder twijfel een heel practisch en ondubbelzinnig gebod van Wittewrongel, alleen het is toch wat moeilijk je voor te stellen dat het er bij een ruzie zo beleefd en minzaam aan toe gaat. Ook de schets van de verhouding tussen m a n en vrouw binnen het huisgezin is zeer instructief. Wittewrongel waarschuwt er ten stelligste voor dat mannen zich niet door vrouwen moeten laten verleiden tot het doen van verkeerde dingen: „O ghij Mannen! . . . wacht uwe zielen wel voor de bewegingen en quade aanradingen van uwe Vrouwen. Want op het laatste socht den Duyvel den heyligen Job oock daar in te verstricken. En door dit, middel soeckt hij noch veele te verkeeren." (blz. 92) Toch stelt Groenendijk dat de vrouw in het hulsgezin in die tijd, de zeventiende eeuw, niet volledig de slaaf van de man was, en dat zoiets ook niet gepropageerd werd: „de huisvrouw van zijn dagen had de facto een leidinggevende taak. Met zijn betoog beoogt hij (Wittewrongel) duidelijk te maken dat deze situatie in orde is. Hij richt zich tegen de antifeministische retoriek die de praktijk vergezelde. Tevens wordt de huisvrouw te verstaan gegeven dat h a a r mee-regeren zo behoort te zijn dat 'sij nochtans blijft onder de heerschappij van haren Man' en dat lijkt bedoeld als een correctief van de praxis.' (blz. 107) Veel meer van dit soort aardige informatie is in 'de nadere reformatie van het gezin' aan te treffen. Toch word ik af en toe bekropen door een indruk die me bij het lezen van proefschriften wel vaker parten speelt: die van een dodelijke saaiheid, misschien wel veroorzaakt doordat iedereen bij het schrijven van een proefschrift meent zijn meest serieuze wetenschappelijke gezicht te moeten opzetten. In het bijzonder bii Groenendijk trof het me dat zijn boek de aantrekkingskracht van een goed uittreksel bezit: handzaam in het gebruik, makkelijk om in een kort tijdsbestek veel over een onderwerp aan de weet te komen; maar ook, met weinig toegevoegde waarde, en het overstijgt helemaal niets. Behalve dan om een graad te krijgen is het boek van Groenendijk voor mij een proeve van bekwaamheid van hoe je een leuk onderwerp op een brave, fantasieloze wijze k u n t behandelen.

Bolwerk

Behalve de ongetwijfeld getrouwe weergave van een gedachtengoed, zijn er in 'de nadere reformatie van het gezin' slechts zeer spaarciële kader van de Taakverdelingsoperatie staat niet meer eerstejaars toe, luidt de uitleg van de minister. Een verdere extensivering van het onderwijs is niet mogelijk omdat gemikt wordt op bescherming van het geneeskundig onderzoek. 495 minder eerstejaars dan in het vorig jaar, dus. Ook bij tandheelkunde houdt de onderwijsminister voet bij stuk: 360 eerstejaars en niet de voorgestelde 415 van de AR. Die zou niet rekening gehouden hebben met de afbouw van de opleiding in Utrecht. Formeel mag de minister op grond van de machtigingswet niet afwijken van het ARadvies. De Tweede kamer floot hem vorig jaar nog terug. Ook n u zou dat in principe weer kunnen gebeuren.

zaam opmerkingen te vinden die getuigen van een wat grondiger theoretische analyse. En juist daar begin het interessant te worden. Dat zien we onder andre hierboven bij zijn opmerkingen over de positie van de vrouw in het gezin, en elders in het boek bij een opmerking over de verhouding tot knechts en dienstboden. Wittewrongel propageert een vaderlijke zorg voor het zieleheil van het dienstpersoneel. Groenendijk constateert echter dat deze aanbevelingen in de praktijk geenszins regels waren en hü interpreteert: „Wittewrongels betoog was geen weerspiegeling van een existerende idylle, maar van

De heer

Wittewrongel en zijn nazaten: „neem de conceptie van het gezin als bolwerk. Voor de nazaten is het christelijk gezin vooral een bolwerk ter bescherming van 'wereldse' gevaren, terwijl voor Wittewrongel, zoals op de voorgaande bladzijden van het boek is betoogd, het gezin een bastion was van waaruit een theoretische aanval op het gehele openbare leven gewaagd moest worden. (blz.180)

Nog niet passé

Ook hier is het jammer dat Groenendijk het laat bij een losse opmerking in de slotbeschouwing

Groenendijk

(fotoAVC/VU)

een patriarchaal alternatief voor de uiterst zakelijke relatie die men in ons land met zijn huispersoneel placht te hebben." (blz. 175) Dit soort conclusies zijn echter uitzonderingen temidden van een berg van descriptief materiaal. Groenendijk legitimeert zijn studie met een verwijzing n a a r de invloed die de denkbeelden van Wittewrongel nog altijd hebben in rechtse gereformeerde kringen, waar het gezin nog vaak gezien wordt als een 'kerkje in de kerk', en waar de huiseredienst gepropageerd wordt. Maar, n u anceert hij, er kunnen ook verschillen genoteerd worden tussen

die verder geen consequenties heeft gehad voor zijn onderzoek. Waar het wel de aandacht op vestigt is, dat gedragsvoorschriften ä la Wittewrongel nog niet passé zijn. Het doet je beseffen dat we nog niet de bevrijdende lach kunnen laten horen over een afgesloten tijdperk, over een aantal ridicule gedragsaanwijzingen van een stel bemoeizieke kerels. Groenendijk wijst er in één van zijn stellingen terecht op dat het feit dat er in orthodox-gereformeerde kring zo weinig nieuwe gezichtspunten over huwelijk en gezin zijn ontstaan, bewijst, dat hier de leer sterker is dan het leven. En dat is geen goede zaak.

L. F. Groenendijk. De nadere reformatie van het gezin; de visie van Petrus Wittewrongel op de christelijice huishouding. Dordrecht. Van den Tol, 1984. Prijs / 4 5 .

Advertentie

V E R B R U I K S S T A T I S T I E K D O N G E N , een bu

ro voor marktonderzoek dat bij 6000 huishoudingen in Nederland het aankoopgedrag volgt, zoekt in Amsterdam mensen die — — — —

niet ouder zijn dan 29 jaar alleen of met twee personen zelfstandig wonen minstens vier keer per week de warme maaltijd verzorgen bereid zijn geruime tijd wekelijks hun aankopen te noteren.

Belangstelling? Stuur dan een briefje of kaartje met naam, adres en telefoonnummer naar Verbruiksstatistiek Dongen, Mgr. Schaepmanlaan 55,5103 BB Dongen, t.a.v. Marty Pansier en wij reageren snel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 449

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's