Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 373

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 373

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 6 APRIL 1984

7

Pop wetenschappelijk benaderd op muziekbeurs in Paradiso

Weinig aandacht voor teksten popmuziek „Een oud vooroordeel luidt dat wetenschap en popmu­ ziek niet samen kunnen gaan." Met de bedoeling deze stelling te ontkrachten opende Stan Rijven een drie­ daagse muziekbeurs in Paradiso. Een onderdeel van die beurs werd gevormd door een aantal lezingen en diskus­ sies van wetenschappers uit Nederland, België, Enge­ land en Zweden. De toenemende belangstelling van we­ tenschappelijke zijde voor het verschijnsel populaire muziek heeft al geleid tot de oprichting van een vereni­ ging: „the International Association for the Study of Popular Music". Popmuziek als verzet of louter als ver­ maak, de verwantschap tussen „ernstige" en „lichte" muziek, en de vraag of teksten werkelijk van belang zijn in de popmuziek; dat waren enkele van de topics die besproken werden tijdens deze muziekbeurs. Toch lijkt een wetenschapp)elijke benadering van popmuziek een hachelijke zaak te blijven. Het genoegen dat aan muziek beleefd wordt, laat zich moeilijk katego­ doende kunnen ook Spaans­ en riseren in begrippen, dan wel Italiaanstalige platen een hit toetsen aan objektieve maatsta­ worden in Nederland. Deze klei­ ven. De filosoof Roland B arthes nering van het belang van teks­ heeft in dat verband een keer de ten was niet wat iedereen van een harde uitspraak gedaan dat „wij intellektuele benadering van wetenschappelijk zijn omdat wü popmuziek verwacht had. Dis­ subtiliteit missen". Daar komt kussie­leider Boudewijn Buch nog bij dat popmuziek door „se­ vond het maar niks: „Nou kan rieuze" kultuurliefhebbers met het belang van teksten eens goed een zekere minachting wordt be­ benadrukt worden, en nou mag handeld; popmuziek wordt in de het weer niet van de weten­ hiërarchie van cultuurvormen schap," aldus een mokkende doorgaans geen hoge plaats toe­ Buch. bedeeld. I n tegenstelling tot een land als Een middel om onderzoek n a a r Engeland staat in Nederland het popmuziek respektabel te maken onderzoek n a a r popmuziek en is het overnemen van beproefde jeugdcultuur nog in de kinder­ methoden van onderzoek die in de schoenen. Een opvallend verschil sociale wetenschappen al op een is dat in Engeland de verzets­ jarenlange staat van dienst kun­ funktie van popmuziek veel meer nen bogen. Zo hebben Remco benadrukt wordt dan in Neder­ Bark, musicoloog, en Jan Jacobs, land waar muziek veel als ont­ pedagoog, een enquête gehouden spanning en gezelligheid gewaar­ onder 400 jongeren over h u n bele­ deerd lykt te worden. Dat verschil wordt volgens Remco Bork ver­ ving van popmuziek. Met zo'n grootscheeps onderzoek is aan de oorzaakt doordat in Engeland de eis van representativiteit ruim­ popmuziek veel meer is ingebed schoots voldaan. Het nadeel van in subculturen en dat het weten­ schappelijk onderzoek juist vbor zulk onderzoek is dat het vaak in die spektakulaire subculturen uitgebreide bewoordingen beves­ een grote belangstelling aan de tigt wat iedereen toch al lang dag legt. weet. In Engeland doet de al eerder ge­ Eén van de meer opmerkelijke en noemde socioloog Simon Frith al niet onomstreden uitkomsten van het onderzoek is, dat bij de jaren onderzoek n a a r popmuziek beoordeling van muziek door jon­ en jeugdcultuur. Hij hanteert daarbij niet één bepaalde metho­ geren het totale geluid het be­ de, maar doet meerdere dingen: langrijkste is, en dat er weinig aandacht bestaat voor de teksten. het bestuderen van biografieën van popsterren, van publiciteits­ „Jongeren zeggen de tekst wel be­ langrijk te vinden, maar als je campagnes, de media en dergelij­ dan doorvraagt dan blijkt het ke. In Paradiso hield Frith a a n de hand van de voorbeelden Michael vooral om woordklanken te gaan, wat er in het verhaaltje zelf ge­ Jackson en Culture Club een le­ beurt is niet van belang," aldus ­zing over het begrip „populari­ Remco Bork. teit"; dat wil zeggen over de vjraag hoe sommige artiesten en groe­ Deze mening werd later onder­ pen een massa­populariteit be­ steund door de Britse socioloog reiken. Simon Frith: „Mensen luisteren wel naar woorden, maar wat in teksten in de eerste plaats be­ langrijk is, dat is de stem en de toon waarop iets gezongen wordt. De stelling van Frith is dat mas­ Dat geldt ook voor Protestsongs, sa­populariteit doorgaans be­ waarin niet de inhoud van de reikt wordt doordat een aanvan­ boodschap a,anspreekt, m a a r de kelijke verontwaardiging en af­ boze stem waarmee het gezongen keuring ten opzichte van een wordt. De menselijke stem is een groep in de loop van de tijd veran­ instrument naast andere instru­ dert In een soort publieke famili­ menten." ariteit. Popmuziek is immers Wat UI teksten aanspreekt is voor een groot deel gebaseerd op imago's. Het is met pop als met vaak een yell, een kreet die een aantal keren herhaald wordt. Zo­ mode: het moet een plotselinge

KoosNeuvel

Boy George

Vereniging universitair management Aan de T H Twente is de Vereni­ ging voor Universitair Bestuur en Management opgericht. Deze club, die overigens nog nader vorm moet krijgen, heeft niet zo­ zeer tot doel een nieuwe machts­ factor te worden binnen het We­ tenschappelijk Onderwijs, maar Doogt vooral het universitair ma­ nagement te ontwikkelen. De vereniging heeft dan ook een am­ bitieus programma van semi­ nars, symposia en lezingen opge­ zet. Voorzitter van het voorlopig bestuur is de Utrechtse College­ voorzitter dr. L. Ginjaar. De Ver­

eniging werd opgezet tijdens een tweedaags seminar aan de TH Twente, waar tevens de plannen bekend gemaakt werden om aan die instelling een leerstoel Uni­ versitair Management te stich­ ten. De vereniniging ­ die rond de zo­ mervakantie pas écht opgericht gaat worden ­ staat open voor ie­ dereen die „qua functie op hoger niveau medeverantwoordelijk­ heid draagt voor integraal mana­ gement" en belangstelling heeft voor actieve bevordering van in­ tegraal management.

De informatieniarkt

en ruilbeurs

nieuwswaarde hebben. Dat is een onontbeerlijke voorwaarde voor de wording van een popster. In het geval van Culture Club was dat image gecentreerd rond de bi­ zarre vrouwelijke uitdossing van zanger Boy George. Frith beschreef de carrière van George als die van een school­ mislukking die zijn weerstand te­ gen zijn traditionele milieu uit­ drukte in een radikaal verschil van uiterlijk. Boy George is hier­ in verwant met de glitterpop uit het begin van de jaren zeventig; in het bijzonder met een figuur als David Bowie voor wat betreft het idee van „ontwerp je eigen persoonlijkheid". Anderzijds be­ staat er een verwantschap met de punkfilosofie van het einde van de jaren zeventig, in die zin dat h e t gaat om doe­het­zelf­mode en eigengemaakte fantasieën. Toen Boy George begin jaren tachtig muziek ging maken, heeft een uitgekiende promotie­ strategie niet in de laatste plaats bijgedragen tot het sukses van zijn groep Culture Club. De pro­ paganda richtte zich vooral op het jonge singles­kopende pu­ bliek; Boy Greorge moest een tie­ ner­idool worden. Culture Club bewerkstelligde bij het grote pu­ bliek een shock; de groep werd beschouwd als een „freak­succes" e n als nep. Maar naarmate de shock­appeal wegebde kreeg het Boy George­effect iets ver­ trouwds en de manie in de media rond zijn persoon werd iets aan­ genaams om bij betrokken te zijn. Boy George werd een geaccep­ teerde excentriekeling. Deze ontwikkeling stelt volgens Frith bijzondere problemen aan de vraag of populaire muziek ooit radicaal kan zijn, en hij verwees hierbij ook n a a r de Rolling Sto­ nes in de jaren zestig. Op het ant­ woord op deze vraag kwam Frith in de loop van zijn betoog overi­ gens niet meer terug. Simon Frith benadrukte dat het succes van Culture Club niet in de laat­ ste plaats ook te danken is aan muzikale kwaliteit. In het bijzon­ der de stem, het zingen van Boy George heeft een charme die ont­ leend is aan de zwarte soulmuziek uit de jaren zestig en zeventig.

Michael Jackson Daarmee belandde Frith bij het fenomeen Michael Jackson, de artiest die met de elpee „Thriller" de best verkochte elpee aller tij­ den op zijn naam heeft staan. De massa­populariteit van Michael Jackson werd door Simon Frith

sondagmiddag getypeerd als „de triomf van de cross­over". Dit wil zeggen dat Jackson p u t uit verschillende genres en verschillende „smaak­ markten" weet aan te spreken. Dat is een betrekkelijk zeldzame zaak omdat hit­singles en ­elpees doorgaans niet meer dan de po­ pulairste binnen een bepaald genre zijn. Volgens Simon Frith is het ook niet zo dat platenmaat­ schappijen streven n a a r massa­ verkopen. De succes­elpees kun­ nen het grote aantal nauwelijks verkopende elpees vrijwel niet compenseren. Waar de platenindustrie eerder n a a r streeft is een verkleining van het risico: vandaar de inde­ ling in verschillende typen mu­ ziek die duidelijk ten opzichte van elkaar begrensd en afgeba­ kend zijn. Ieder genre kent zyn eigen bladen, programma's, smaak­publiek en dergelijke. Dit biedt een zekere garantie voor de platenverkoop. De „cross­over" van Michael Jackson is volgens Frith o.a. te horen in het nummer „Beat it" waar hardrock­gitarist Eddie Van Halen een solo ten beste geeft, en te zien in de video­clips met beelden van horror­films en straatbendes. Allemaal zaken die tegemoet komen aan de smaak van een blank publiek. Simon F r i t h typeert het succes van Jackson dan ook in de eerste plaats als een raciale cross­over. De integratie van elementen van de smaak van een blank publiek, de „sophisticated glamour" waar­ mee „thriller" geproduceerd werd, zijn teenage­appeal, zijn manier van dansen die sexy maar niet bedreigend is, bewerkstellig­ den de doorbraak van Michael Jackson n a a r een massa­publiek. Hij werd de eerste zwarte artiest die een pin­up voor blanken werd.

Royalties Dit betekent niet dat er een alge­ meen geaccepteerde kruisbestui­ ving heeft plaatsgevonden tussen blanke en zwarte muziek. In Amerika zijn In de jaren zeventig de raciale verschillen op popge­ bied alleen maar groter gewor­ den. Het succes van Michael Jackson lijkt nogal aan de per­ soon gebonden. De platenmaat­ schappij C.B.S. contracteerde hem waarschijnlijk doelbewust om hem bij uitzondering een echt massa­publiek laten bereiken. Dat concludeert Simon Frith ten minste n a a r aanleiding van de royalties die Jackson krijgt: 42 %

(foto B ram. de Hollander) van iedere plaat, een uitzonder­ lijk hoog percentage als bedacht wordt dat de meeste artiesten niet meer dan tien procent krijgen. Een cross­over van een ander ka­ rakter is die tussen de „serieuze" minimal music en de „lichte" popmuziek. Gust de Meyer, we­ tenschapper a a n de universiteit van Leuven, stelde dat de kloof tussen avant­garde muziek en pop, en de bijbehorende indeling in smaakpublieken, langzamer­ h a n d geslecht wordt: „in de he­ dendaagse kunst bestaan geen hiërarchieën meer". Hij illustreerde zijn stelling aan de hand van talloze geluidsfrag­ menten die de overeenkomst tus­ sen minimal music en popmuziek moesten aantonen. Hij haalde ook de ,woorden van de Ameri­ kaanse componist Philip Glass aan, die gezegd heeft dat de beste componisten vaak popmuzikan­ ten zijn, en die de aandacht heeft gevestigd op de nieuwe muzikale talen die ontwikkeld worden door artiesten als Laurie Anderson, Brian Eno en Talking Heads.

Klassieke muziek Dat de klassieke repetitieve mu­ ziek openingen zoekt bij de repeti­ tieve muziek van de pop, is vol­ gens De Meyer niet zo verwonder­ lijk: „de verschillen met de pop­ muziek zijn helemaal niet zo fun­ damenteel. Het belangrijkste onderscheid is dat de verschui­ vende ritmiek, de proces­matige opvatting van muziek zoals die in de minimal music gehanteerd wordt, niet aangetroffen wordt in de doorsnee repetitieve popmu­ ziek, welke een meer constant rit­ me­patroon kent. Vandaar dat een muziekstuk van Philip Glass vier en een half u u r k a n duren, terwijl een popsong n a drie minuten ophoudt omdat het anders begint te vervelen. Een ander onderscheid is het vol­ ledig ontbreken van communica­ tieve aspecten by minimal music. De muziek deelt niets mee, heeft geen enkele boodschap en is zui­ vere aanwezigheid. Het is een klankdecor dat als^ achtergrond kan worden beluisterd, m a a r wat ook een trance kan bewerkstelli­ gen." De Meyer verwacht dat In de toe­ komst de verschillen tussen klas­ sieke muziek en popmuziek ver­ der zullen vervagen, en dat in de klassieke muziek een evolutie richting pop zal plaatsvinden, onder andere door het toevoegen van meer harmonieën en melo­ dieën.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 373

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's