Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 471
AD VALVAS — 8 JUN11984
Blanke mannenpraat tussen de college-uren
„Liever een hoer dan zo'n vrouw"
Racisme is voor veel mensen, vooral blanken, een nogal abstract begrip. Natuurlijk: de meesten verklaren er pertinent tegenstander van te zijn - mensen zijn immers gelijk; huidskleur en afkomst mag er niet toe doen. Maar hoe racisme in de praktijk werkt, wat het voor zwarten betekent om als inferieur gezien en behandeld te worden - daarvan zijn blanken nauwelijks op de hoogte. Hieronder een verslag van de ervaringen van Mila Dorothea, studente aan de VLVU, met twee docenten van de VU. We spreken af de namen van de docenten niet in de krant te vermelden. Mila Dorothea (28), van Antilliaanse origine en studente van de VLVU, is bang dat anders beide docenten misschien n a a r de rechter zullen stappen om h a a r te beschuldigen van laster. Daartegen zou formeel gezien weinig verweer mogelijk zijn, want bij het voorval waren behalve Mila en de twee docenten geen andere getuigen aanwezig. Bovendien, zo benadrukt ze, gaat het er h a a r niet om beide docenten aan de schandpaal te nagelen, ondanks haar persoonlijke boosheid op de twee heren. Mila: „Zij zijn immers niet de enigen die met vooroordelen rondlopen. Ik vind het van belang dat mensen lezen hoe racisme in de praktijk werkt en hoe blanke mensen zwarte mensen kunnen kwetsen." Het voorval, waar het hier om gaat, speelde zich al weer ruim een jaar geleden af in het hoofdgebouw van de VU. Tijdens het wisselen van de lessen van een M.O.-opleiding van de VLVU treffen twee docenten, die behalve h u n taken aan de VU ook het onderricht in een aantal vakken van deze lerarenopleiding voor hun rekening nemen, elkaar op een van de koffieuitschenkpunten van het hoofdgebouw. Daar ontspint zich een dialoog tussen beide docenten over Mila die op dat moment op enige afstand bezig is een collegedictaat van een medestudent over te schrijven. Beide heren onderschatten kennelijk het volume van h u n stemgeluid, óf er is sprake van bewuste provocatie - wie zal het zeggen. In ieder geval hoort Mila met stijgende verbazing het laatste gedeelte van h u n gesprek aan. Dat gesprek verliep volgens h a a r aldus: Docent A: „Ik heb nog nooit zo'n rustig meisje gezien." Docent B: „Dat kind is dom, dat kind is achterlijk, zo'n vrouw vind ik minderwaardig." Docent A: „Dat heeft ze niet verdiend." Docent B: „Heeft ze het niet veraiend?! Zelfs de makkelijke sommen die ik opgeef kan ze niet maken." Docent A: „Ze is niet achterlijk, ze heeft je gehoord, je moet haar respecteren." Docent B: „Moet ik h a a r respecteren - zo'n vrouw? Volgens mij voert ze geen moer uit. Ik ga liever met een hoer dan dat ik met zo'n vrouw ga. Ik zou mij doodschamen als ik naast zo'n vrouw zou moeten lopen. Waar haalt ze trouwens het geld vandaan?" Docent A: „Ze werkt bij de bank, ze heeft een auto." Docent B: „Werkt ze bij een bank? Wie neemt zo'n vrouw in dienst? Voor mijn part kan ze een hartaanval krijgen. Volgens mij
Wim Crezee is ze een hoer, hoe kan ze dan anders opschieten met de jongens in de klas?" Docent A: „Ze is geen hoer". Docent B: „Hoe weetje dat? Ik zeg het je: ze is een hoer. Ik heb het gevoel dat ze een hoer is. Misschien is ze lesbisch. Hoe kan het dat ze met Thea kan opschieten, zo'n leuke vrouw. Weet dat kind wel wat ze doet? Hoe kan ze met zulke mensen omgaan? Deze vrouwen moeten zich aanpassen a a n onze vrouwen, ze moeten onderdanig aan ons zijn. Ze draagt geen korte rokken zoals de hollandse vrouwen. Ze gebruikt ook geen make-up. Wordt ze ongesteld zoals de hollandse vrouwen? Docent A: (onverstaanbaar) Docent B: „Ik heb geen medelijden met deze mensen." Docent A: (onverstaanbaar) Docent B: „Ze neuken dat kind. Denk je dat ze nog maagd is? Hoe zou ze er bloot uit zien? Ze slaan dat kind; ze is brutaal; ze weet h a a r plaats niet. Ze is toch alleen; ik zeg gewoon dat ik niks gezegd heb. Wat doet dat kind hier? S t u u r dat kind weg. We zijn allemaal getrouwd met een hollandse vrouw; ze heeft meer bereikt dan een hollandse vrouw; ze zit op de plaats van een hollandse vrouw. Wat doen ze allemaal hier? We moeten h a a r tegenwerken zodat ze niets meer bereikt." Docent A: (onverstaanbaar) Docent B: „Laatje mij vallen voor zo'n vrouw? Trek zo'n vrouw niet voor op een hollandse vrouw. Ik vermoord dat kind."
Mila er geen gras over laat groeien. De andere docent voelt zich kennelijk verplicht zijn collega te dekken en wil er niets meer van weten, vertelt Mila. Het voorval speelde zich zoals gezegd ruim een jaar terug af. Maar al pratend erover blijkt h a a r kwaadheid niet verdwenen. „Als die mannen zo zeker zijn van zichzelf, waarom zeggen ze zulke dingen niet gewoon in de klas waar iedereen bij zit. Dat durven ze kennelijk niet." „Ze denken dat alleen Europeanen mensen zijn - de rest is eigenlijk ongedierte; witten zijn superieur, zwarten zijn inferieur. Maar tegelijkertijd zijn ze benieuwd n a a r hoe wij kinderen krijgen, hoe wij er bloot uitzien, hoe we vrijen, hoe we ongesteld worden. Vaak sluit ik me af voor racistische opmerkingen. Dan denk ik: bekijk het maar; ik leef zoals ik wil leven. Ik voel me zwart als steeds tegen me gezegd wordt dat ik zwart ben. Ik vind het de grootste nonsens die er is dat je op je huidskleur beoordeeld wordt, (lachend) Trouwens, ik
zelf houdt daarnaar gevraagd tegenover ons een andere interpretatie van zijn ontmoeting met Mila staande: „Ik heb h a a r aangeboden h a a r klacht met de docent te bespreken. Uiteindelijk heeft zij mij gevraagd dat niet te doen omdat ik niet bereid was bij voorbaat deze docent te veroordelen. Daarmee was de zaak voor mij afgerond.") Uiteindelijk zoekt Mila h a a r toevlucht tot het APFRA (een hoofdstedelijke anti-fascistische organisatie) alwaar Bert Rovers, die ook actief is in het anti-f ascismecomité van de VU, zich met h a a r klacht gaat bemoeien. Ook hü neemt contact op met de docent in kwestie. Deze ontkent wederom de lezing van Mila over het gebeuren bij het kof fieuitschenkpunt. Hij weet zich het voorval nog wel te herinneren, maar het gesprek met zijn collega zou toen enkel gegaan zijn over Mila's assertiviteit, verklaart hij tegenover Bert. „Die mevrouw laat zich de kaas niet van het brood eten," zou hij tegen zijn collega hebben gezegd. Mila had name-
Machteloos
Na deze dialoog, waarin zo ongeveer alle vooroordelen tegen zwarte vrouwen n a a r voren komen (ze zijn bedreigend maar ook hoerig, aantrekkelijk en spannend) en de sexuele frustraties ervan af druipen, gaan beide docenten h u n weegs. Mila blijft half verdoofd half kwaad over het gezegde achter. „Ik schrok n a t u u r lijk. Niet omdat die ene docent zei dat ik achterlijk ben, want ik weet dat veel mensen zo over ons zwarte vrouwen denken. Maar toen hy zei dat ik een hoer was en lesbisch was, ging ik rechtop zitten. Maar ik ging door met schrijven, want ik voelde me overrompeld en ik wist niet hoe ik moest reageren. Hoe komen ze erbij te zeggen dat ik een hoer ben?" Na het voorval loopt Mila rond met deze voor h a a r pijnlijke ervaring en voelt zich machteloos. Een paar pogingen aan de docent in kwestie te vragen waar hij zijn opvattingen over h a a r vandaan haalt lopen op niets uit. Hij ontkent alles en schrikt enigszins dat
BgnffiffiBtiïïïnTïïT^iynintlüwpnrriCi^^
Mila Dorothea en Bert Rovers van het anti-fascisme vind dat ik een mooie hmdskleur heb."
Assertiviteit
Na de vruchteloze contacten met de betreffende docenten klopt Mila aan bij dr. O. Kooi, directeur van de M.O.-opleidingen, „Ik vroeg hem hoe docenten worden aangesteld. Wordt er alleen gekeken of ze gelovig zijn óf wordt ook de vraag gesteld of ze iets tegen zwarte studenten hebben? Ik vertelde hem dat er docenten zijn die zwarte vrouwen discrimineren. De reactie van Kooi was dat ik weer contact met die docenten moest opnemen. Daar had ik, n a alles wat zich had voorgedaan, natuurlijk geen zin in. Kooi zou toen zelf gaan praten met de docenten. Daar heb ik verder niks meer van gehoord." (Dhr Kooi
comité AFFRA (foto Bram de Hollander)
lyk tijdens een lesuur de docent met een verbastering van zijn achternaam aangesproken en dat wekte de nodige hilariteit in de klas. De docent was echter lichtelijk verbouwereerd. Maar uitlatingen zoals hierboven vermeld, nee, die wil hij niet voor zijn rekening nemen. „Ik vind het nogal moeilijk jezelf een pluim op de hoed te steken, m a a r in mijn 25-jarige onderwijscarrière heb ik nog nooit zoiets a a n de hand gehad," geeft de docent n u als commentaar. Hoe komt Mila er dan bij u dergelijke uitlatingen toe te dichten. Zoiets zuigt iemand toch niet uit h a a r duim? „Geen idee. Ik héb wél eens de mogelijkheid geopperd dat se het vak dat ik doceer moeilijk vind." Het voorstel van Bert Rovers om door een gesprek met alle betrok-
Tijn, Amsterdams burgemeester over racismebestrijding.
D i n s d a g 12 j u n i 20.30 uur: De Balie, Kleine Gartmanplantsoen 10. SLAA: Nederlandse h t e r a t u u r in vertaling. Forumdiscussie olv. GerdaMeijerink. 20.30 uur: Vossiusstraat 20. Lecture on personal development: How to think new.
D o n d e r d a g 14 j u n i
Zaterdag 9 j u n i
kenen deze affaire de wereld uit te helpen, vindt geen weerklank bü de docent. Hij is van mening dat kritiek op zijn handelwijze thuishoort bij zijn superieuren. Bert: „Ik vond die reactie nogal formeel, temeer omdat ik de brief a a n hem tamelijk genuanceerd had geschreven. Niet in de t r a n t van 'U bent een racist en dat willen we in een gesprek u nog eens onder de neus wrijven', maar ik schreef dat in onze hele westerse cultuur met h a a r superioriteit van de witte man, 'onzorgvuldige opmerkingen' die pijnlijk en kwetsend kunnen zijn voor een zwarte vrouw als Mila, makkelijk gemaakt kunnen worden. Ik schreef hem dat ik ervan uit ga dat hij niet racistisch wil zijn en dat dat een basis is om deze zaak tot een bevredigend einde te brengen. Helaas heeft hij dat niet opgepakt." Na verloop van enige tijd wendt Bert zich tot het bestuur van de Vrije Leergangen dat de M.O.-opleidingen onder zijn hoede heeft. Hij stelt het bestuur voor een vertrouwenscommissie in te stellen, aangezien een dergelijke klacht niet zomaar onder tafel mag verdwijnen. Nogmaals beklemtoont hij dat het niet aangaat een beschuldigend vingertje n a a r de docenten uit te steken en dat hij wil uitgaan van h u n niet-racistische intenties. Het bestuur gaat echter niet op het voorstel in. Tegenover het verhaal van Mila. staat de ont-
13.00 uur: De Balie, Kleine Gartmanplantsoen 10. Populier-debat: „London-Amsterdam: cities in crisis?" Een discussie tussen Ken Livingstone, vz. Greater London Counsil en Ed van
20.00 uuK PH'31, Prins Hendriklaan 31. Parapsychologie. Centraal op deze avond sceances en psychometrie. Medewerking van verschillende deskundigen.
Vrijdag 22 j u n i
22.00 uur: PH'31, Prins Hendrik 31. Feest, als vrolijke afsluiting van het seizoen, mmv. de Monaco's.
kenning van de docenten, en daarmee is de zaak voor het bes t u u r van de Vrije Leergangen afgedaan. Maar dat er een vertrouwensrelatie tussen een docent en een studente ernstig is geschaad en de studente daardoor studievertraging oploopt (Mila heeft sinds het voorval niet meer de colleges van de betreffende docent bezocht) lijkt het bes t u u r nauwelijks zorgen te baren. En dat dergelijke voorvallen überhaupt zouden kunnen plaatsvinden, n u of in de toekomst, acht het bestuur kennelijk uitgesloten. „We hebben er geen behoefte aan ten overstaan van u verantwoording af te leggen van ons beleid ten aanzien van racisme en sexisme in het algemeen," schrijft het bestuur in een vijf-regelig briefje aan het AFFRA.
word ook bloeddonor
020-123456 Amsterdam en omstreken.
é
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983
Ad Valvas | 510 Pagina's