Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 297
3
AD VALVAS — 24 FEBRUARI 1984 seerd worden, waar de resultaten gepresenteerd en bediscussieerd zullen worden.
Snellius II expeditie vertrekt in mei naar Bandazee
Nederlanders weer op onderzoek in Indonesische wateren In 1929 vertrekt het Neder landse onderzoeksschip „Willebrord Snellius" (ge noemd naar de bekende 17e eeuwse Leidse natuur kundige Snellius) voor een expeditie naar de wateren van NederlandsIndië. Twee jaar lang werd er on der leiding van de oceano grafisch directeur van het KNMI, Van Riel, onder zoek verricht naar de geo logie van land en zee in het oostelijk gedeelte van de kolonie. De resultaten van deze expeditie droegen bij tot de vorming van de theorie van de drijvende continenten. Volgens deze theorie zijn de hui dige continenten ontstaan uit één groot oercontinent. De Bandazee in OostIndonesië ligt precies op de plaats waar de aard schol van Australië botst tegen die van Azië. Dit gebied is de beste plaats op aarde om de vorming van bergen te bestuderen. De bot sende aardschollen zijn ook ver antwoordelijk voor het vulkanis me en de vele aardbevingen in dit gebied. In 1978 stelde het Indonesische instituut voor wetenschappen (LIPI) voor om een tweede Snel lius expeditie n a a r het gebied van de Bandazee te organiseren. In december van dit jaar werd tij dens een workshop van de UNES CO en het LIPI het wetenschap pelijk programma voorbereid. Tijdens het bezoek van Van Trier, de toenmalige minister voor we tenschapsbeleid, aan Indonesië werd de mogelijkheid van Neder landse deelname aan de expeditie besproken. De Nederlandse wetenschappelij ke wereld reageerde enthousiast en het resultaat is dat op 28 mei van dit jaar het onderzoeksschip de „Tyro" voor de Snellius II ex peditie n a a r de Bandazee ver trekt om gedurende een jaar on derzoek te verrichten. Nederland heeft een goede naam op het gebied van zeeonderzoek en er is nog steeds een grote hoe veelheid kennis over het voorma lige OostIndië aanwezig, onder andere door de eerste Snelliusex peditie in dejaren dertig. Het doel van deze nieuwe expeditie is fun damenteel onderzoek n a a r de zee en de zeebodem. Tweederde van
Maarten de Hoog de oppervlakte van Indonesië be staat uit water. Er is echter veel minder bekend over de zee dan over het land. Nu op de gehele wereld de natuurlijke hulpbron nen op het land schaarser wor den, richt men zijn oog meer en meer op de zee. Steeds meer olie en gas worden op zee gewonnen, er bestaan plannen voor de win ning van mineralen uit zee en vergroting van de voedselproduk tie in de zee kan bijdragen aan vermindering van het voedselte kort. Indonesië maakt al gebruik van de vele mogelijkheden die exploi tatie van de zee biedt. In het wes ten wordt olie en gas gewonnen en de visserij is een belangrijke voedselbron. Om de rijkdom van de zee beter te benutten is echter meer fundamentele kennis van de zee(bodem) noodzakelijk. De Snellius II expeditie heeft tot doel deze kennis te vermeerderen. Deze expeditie biedt de mogelijk heid om gegevens van 50 jaar ge leden (van de Snellius I) te verge lijken met die van n u en zo iets over de geologische veranderin gen van het gebied te weten te komen. Bovendien kunnen ont dekkingen en theorieën uit de dertiger jaren gecontroleerd en uitgebreid worden. Volgens het LIPI kan op deze manier de tradi tioneel sterke band tussen Neder landse en Indonesische weten schappers verstevigd worden. Door de deelname van Nederlan ders kunnen Indonesische onder zoekers ook beter geschoold wor den in geavanceerd zeeonder zoek.
Het onderzoeksprogramma voor de expeditie is onderverdeeld in vijf thema's. Ieder thema heeft een Nederlandse en een Indonesi sche coördinator. De vijf thema coördinatoren uit een land vor men samen met een voorzitter en een secretaris het „planning committee". Het Indonesische committee is nog uitgebreid met een aantal adviseurs en leden. Professor Dr. J. E. van Hinte van de vakgroep paleontologie en Stratigrafie van de Verenigde Subfaculteiten Geologie en Fysi sche Geografie van de VU is coör dinator van het eerste thema, waaraan ook VUaardweten schappers een bijdrage leveren. Binnen dit onderzoeksthema wordt de geologie en geophysica
Thema 2 grijpt direct terug op de eerste Snellius expeditie. De Bandazee is tot op grote diepte zuurstofrijk, iets dat in overeen komstige zeeën niet het geval is. Reeds 50 jaar geleden zijn hier voor diverse verklaringen opge steld, maar het is nog steeds niet duidelijk waarom dit verschijnsel optreedt. Dit onderzoek is van be lang voor het mogelijke gebruik van verschillen in temperatuur in de zee om energie op te wekken. Thema 3 is gericht op de stromin gen in het water en de invloed van de moessons hierop, dit is van belang voor de visserij. De koraal riffen zijn het onderwerp van thema 4. Deze zijn van grote eco nomische betekenis voor Indone sië. Naast voedsel verschaffen ko raalriffen bouwmateriaal en a n dere grondstoffen. Vanuit weten
***«8#*
»j^ *
•'«"f.imm'
^ » ^ A * « * * .
' " " * " ,««***i*
*«««^'**'*«^i:^»:r
»«Ä'* i
De „Tyro" (Foto Ned. Raad voor Zeeondersoek, F. Hoogervorst).
Instituten In juni 1983 is de officiële over eenkomst over de Snellius II ex peditie getekend door de Neder landse minister voor onderwijs en wetenschappen, Deetman, en de Indonesische minister voor we tenschap en technologie, Habi bie. De coördinatie in Nederland wordt verzorgd door de Neder landse Baad voor Zeeonderzoek (NRZ), die ressorteert onder de KNAW. De expeditie wordt van zo'n groot belang geacht dat de NRZ hiervoor zes miljoen gulden uittrekt, dat is tweemaal het bud get dat de NRZ jaarlijks te beste den heeft. Het is dus twee jaar lang niet mogelijk om andere pro jecten te financieren. Van Nederlandse zijde nemen on geveer 15 verschillende onder
Kamermeerderheid akkoord
Arbeidsmarktcriterium voor instroom eerstejaars Een meerderheid van de Tweede Kamer bestaande uit in ieder geval PvdA, CDA en D'66 zal akkoord gaan met de door Minis ter Deetman in november voorge stelde wijziging van de Machti gingswet Inschrijving Studen ten. In die wijziging wordt de ge legenheid gecreëerd om de in stroom van eerstejaarsstudenten te beperken op basis van de situa tie op de arbeidsmarkt. Dat zal overigens alleen maar het geval zijn wanneer het gaat om een „ex cessieve kloof" tussen vraag een aanbod op de arbeidsmarkt, en dan alleen nog voor die studies die opleiden voor specifieke beroe pen, zoals bijvoorbeeld tandheel kunde en pharmacie. Tot dusver is instroombeperking alleen mogelijk als er niet vol doende opleidingscapaciteit aan wezig is.
zoeksinstituten deel aan het on derzoek. Naast de aardweten schappelijke instituten van de UvA, de v u Groningen en Utrecht en het Nederlands Insti t u u t voor Onderzoek der Zee (NIOZ) participeren ook verschil lende biologische onderzoeksin stellingen en nog enkele andere organisaties. Voor de industrie is een bescheiden rol weggelegd; er zijn enkele kleine samenwer kingsprojecten op het gebied van „oceaanengineering", waarbij in
Onderzoeksthema's
ren te voorspellen, kan de bevol king in deze gebieden beter be schermd worden, door tijdige eva cuatie.
De VVD heeft grote twijfels over het wetsvoorstel, evenals de klei ne rechtse fracties. P S P en P P R zijn tegen. In het voorlopige verslag van de vaste kamercommissie voor on derwijs blijkt overigens dat de ka mer in meerderheid nog grote be zwaren heeft tegen de manier waarop Deetman het nieuwe cri terium heeft uitgewerkt. In het algemeen vinden de woordvoer ders van de fracties de voorstellen te weinig beargumenteerd. Zij verwijzen daarbij n a a r de jaren lange toezeggingen om in een meer principiële nota in te gaan op de problematiek van de toela ting in relatie tot de behoefte aan afgestudeerden. Die nota wil Deetman pas later uitbrengen. Het huidige wetsvoorstel is voor een periode van 2 jaar bedoeld.
Nederland ontwikkelde appara t u u r wordt gebruikt. Van Indonesische zijde doen ook veel universiteiten en overheids instituten mee aan het onder zoek. Naast de Nederlandse Tyro zullen de Indonesiërs een aantal kleinere onderzoeksschepen in zetten. Verscliillende onderzoe kers uit Indonesië zullen in Ne derland nog extra geschoold wor den in de specifieke onderzoeks methoden. Om te voorkomen dat de resultaten van de expeditie In diverse bureauladen verdwijnen, zijn er strikte afspraken gemaakt over de rapportage van de ver schillende onderzoeken. Voor de uitwerking van de resultaten hoopt men extra steun van ZWO te ontvangen. In 1987 zal er in Indonesië een congres georgani
van de Bandazee onderzocht. Dit is een van de meest interessante gebieden voor geologen, omdat hier de aardkorst uiterst actief is, vanwege de reeds vermelde bot sing van verschillende aardschol len. Er wordt speciale aandacht besteed a a n het mogelijk voorko men van aardolie en gas in het gebied. Ook wordt de aanwezig heid en samenstelling van „man gaanknoUen" onderzocht. Dit zijn stukjes gesteente op de zeebo dem, die veel metaal, vooral man gaan, bevatten. Er zijn plannen om deze op commerciële basis te gaan winnen. Een onderzoek dat vooral door VUwetenschappers wordt verzorgd is gericht op het voorspellen van aardbevingen en vulkaanuitbarstingen. Als het mogelijk is deze ruim van te vo
schappelijk oogpunt zijn de riffen interessant omdat ze de rijkste natuurlijke systemen in de oceaan vertegenwoordigen. Belangrijk voor de studie van mi lieuvervuiling is thema 5; hierin wordt onderzocht hoe deeltjes en stoffen uit rivieren zich versprei den in de oceaan. Over dit onder werp is nog weinig bekend. Voor de verspreiding van milieuver vuilende stoffen, die veelal via rivieren in zee komen, is dit on derzoek van groot belang. Overigens vindt het onderzoek niet alleen op zee plaats. Ook op land worden activiteiten ont plooid. Dit sluit goed aan bij de eerste Snellius expeditie. Het was toen de combinatie van onder zoek op land en op zee dat de expe ditie tot een groot succes maakte.
Bovendien vinden de meeste frac ties dat de minister zich zelf te gemakkelijk de bevoegdheid geeft om in te grijpen. Pas als andere middelen, zoals voorlichting of differentiatie in de collegegelden, niet blijken te werken mag even tueel tot ingrijpen worden over gegaan, aldus onder andere CDA en VVD. Maar dan nóg gaat bijvoorbeeld de raming van de behoefte a a n afgestudeerden met zo veel moei lijkheden en onzekerheden ge paard, dat Deetman met het in strument zeer terughoudend moet zijn. Om die reden vindt een meerderheid van de kamer (PvdA, VVD, D'66) dat zij nauwer betrokken moet zijn bij de in stroombeperking, bijvoorbeeld door deze telkens in een aparte wet te regelen, en niet bij ministe rieel besluit. Een ander p u n t daarbij is dat het principe van vrije studiekeuze door deze ingrij Ijende maatregelen In het geding komt. Bovendien moet de minis ter duidelijker criteria aangeven wanneer hij tot instroombeper king overgaat: Wanneer, bijvoor beeld, is sprake van een 'excessie ve kloof'? Verschillende fracties wijzen ten
slotte op het ontbreken van een sociaal perspectief voor het per soneel dat door een lagere in stroom eventueel op straat komt te staan.
Herenparade
Minister Deetman zal de kamer n a a r verwachting spoedig ant woorden, omdat het wetsontwerp in principe moet terugwerken tot 1 januari van dit jaar, zodat het al op het komend studiejaar van toepassing kan zijn. (Bert B akker/UP)
De bedrijfsgezondheidsdienst or ganiseerde in 1983 een E.H.B.O. beginnerscursus. Alle VUdeelne mers slaagden voor het examen. Het zijn de heren M. Braster, O. Commandeur, W. J. Gerissen, K. F. C. de Groot, J. H. A. v.d. Heis teeg, R. Mohabier, K. B. van Oort, N. Peet, W. N. M. Reijnders, H. A. Schwarz, R. Stoevelaar en A. v.d. Vos.
Advertentie
Thans verkrijgbaar: Rationality in the Calvinian tradition, Proceedings van een gelijknamige conferentie die in 1981 in Toronto plaats vond. Deze conferentie werd georganiseerd door de VU, Calvin Colle ge (U.S.A.) en het Institute for Christian Studies (Canada). De Proceedings zijn samengesteld door: Johan v. der Hoeven, Hendrik Hart, Nicholas Wotterstorff. Prijs: ƒ 59,55 (Ingen.: ƒ 97,90 gebond.) Uitg.: University Press of America. ISBN: 0-8191-317-4. Ter inzage bij de VU Boekhandel.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983
Ad Valvas | 510 Pagina's