Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 390

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 390

8 minuten leestijd

AD VALVAS — 13 APRIL 1984

De vermaarde Engelse psycholoog Hans-Jürgen Eysenck beklom in 1981 tijdens een congres in Mannheim het spreekgestoelte en verraste zijn toehoorders met een onthutsende mededeling: een binnenkort te verschijnen baanbrekend werk zou aantonen dat politieke opvattingen erfelijk zijn. Zijn mededeling werd niet met de nodige hilariteit ontvangen, zoals een argeloze leek wellicht zou hebben verwacht. Integendeel: Eysenck's gehoor bleef misschien uit een soort eerbied voor de eminence grise uit Londen - naar hem luisteren. Slechts één van de aanwezige psychologen verliet de zaal, onder het slaken van de woedende kreet „You are telling that for years already." Deze gebeurtenis staat beschreven in het blad Jeugd en Samenleving van augustus 1982, in een artikel van de Nijmeegse rechts-extremisme onderzoeker Jacques Janssen, die er enigszins schuldbewust aan toevoegt: „Ik heb er nog spijt van dat ik bleef zitten." Want hoewel het nooit goed tot de publieke opinie is doorgedrongen: in kringen van psychologen staat Hans-Jürgen Eysenck al jaren bekend als het tegenovergestelde van politiek naïef. Hij heeft niet alleen naam gemaakt met zijn „politieke psychologie", hij behoort ook tot de erfgenamen van de wetenschappelijke stroming der eugenetica, het genre der rasverbeteraars wier ideeën een opmerkelijke weerklank vonden bij de architecten van de joden vernietiging. Eysenck's politiek geïnspireerde wetenschappelijke activiteiten zijn uitvoerig uit de doeken gedaan door de Engelse psycholoog Michael Billig in een boek onder de titel L'internationale raciste. Het geval-Eysenck doet denken a a n dat van de beroemde etholoog en Nobelprijswinnaar Konrad Lorens, wiens nauw verhulde racistische opvattingen tien jaar geleden in Vrij Nederland aan de kaak werden gesteld door Rudy Kousbroek.

„Negers dommer" Maar in bepaalde opzichten is de kwestie-Eysenck ernstiger. Billig en Janssen hebben ook op overtuigende wijze beschreven hoe de beroemde Engelsman, gedreven door een fanatiek anti-gelijkheidsdenken, onderdeel is geworden van een netwerk van (quasi)wetenschappelijke rechtsextreme, neofascistische publicisten. Hij heeft zich opgeworpen als propagandist van de puur racistische ideeën van Amerikaanse psychologen als Arthur R. Jensen en Audrey M. Shuey, die „overtuigend hebben aangetoond" dat negers dommer zijn dan blanken. En hij heeft zich willens en wetens laten gebruiken door neofascistische groeperingen. Het geval-Hans Jürgen Eysenck levert het bewijs dat het racisme als intellectuele traditie, ondanks overstelpende bewijzen van de onzinnigheid ervan, tot de dag van vandaag voortleeft. Hans Jürgen Eysenck nam nog niet zo lang geleden afscheid als professor aan het Institute of Psychiatry te Londen. Hij is een directe erfgenaam van de zogenoemde London School, die in de dertiger jaren beroemde psychologen heeft voortgebracht als Fislier, Spearman, Cattell en Sir Cyril Burt. De school verwierf met name bekendheid door de ontwikkeling van statistische methoden (Spearman en Fisher) en op het gebied van het intelligentie-onderzoek (Cattell). Minder bekend zijn de vele racistische uitlatingen van de leden van de School. Eysenck was een leerling van Burt, die overigens n a zijn dood door zijn biograaf werd ontmaskerd als een bedrieger en een vervalser van onderzoeksresultaten. De London School was op zijn beurt weer een directe erfgenaam van Sir Francis Galton, die eind 19e - begin 20e eeuw de basis legde van de eugenetica. Galton was overtuigd van het bestaan van aangeboren verschillen tussen de rassen en van de mogelijkheid rassen te verbeteren. Greheel in het voetspoor van de evolutieleer van Darwin meende hij dat zo'n verbetering kon worden bewerkstelligd door de sterkeren in de samenleving aan te moedigen tot het verwekken van veel nakomelingen; de zwakkeren zouden liever een plaatsje moeten krijgen in een klooster en vooral het celibaat praktizeren.

De intellectuele tradii

Marcel Metze UP/Nijmegen Op die manier zou de natuurlijke selectie een handje geholpen moeten worden. Ausmersen zou Konrad Lorenz dat in 1940 noemen; een woord dat hij in 1973 in een televisie-interview ter gelegenheid van de toekenning van de Nobelprijs nog meende te moeten omschrijven al 'selecteren', maar waarvan de betekenis in feite_ dichter bij het begrip 'uitroeien' ligt. Maar wat dat betreft zijn Galton en zijn vooroorlogse leerlingen de London School - met een beetje goede wil nog als naïef te beschouwen, h u n aperte blanke superioriteitsgedachten daargelaten. Anders ligt het met Eysenck en zijn Amerikaanse collega Art h u r R. Jensen, die in de 50'er jaren - met de holocaust toch nog r^H*' redelijk vers in het geheugen - in « Londen met elkaar samenwerkten. Jensen is vooral beroemd.geworden door een artikel uit 1969 in de Harvard Educational Review met als titel: „How much can we '~^W"~~' boost IQ and Scholastic Achievement?" Daarin beweerde hij dat intelligentie voor 80% erfelijk is, dat het gemiddelde IQ van zwarten in de Verenigde Staten 15 punten onder dat van blanken ligt, en dat dit gebaseerd is op aangeboren verschillen tussen "'\\:-!>^? , ,;$'\\"j \ "*-f-'-Jï» het blanke en het zwarte ras. Pogingen deze verschillen te verkleinen door speciale onderwijsprogramma's zijn dus bij voorbaat tot mislukken gedoemd, aldus de boodschap van Jensen. Zijn ideeën trokken ruimschoots de aandacht: Newsweek, Time en Life wijdden er lange artikelen aan en Jensen's artikel in de Har- foto Marcel Metse vard Educational Review werd een belangrijk figuur in het Naéén van de meest geciteerde ontional Front, in 1973: „De belangderzoeken. rijkste factor voor het toegenomen zelfvertrouwen van 'racisten' en de morele ineenstorting Enoch Powell van de 'apostelen van de rassenDe grote „verdienste" van Hans gelijkheid' was professor Jensen's Jürgen Eysenck is geweest dat hij publicatie in de Harvard EducaJensen's ideeën in Engeland op tional Review in 1969." grote schaal heeft gepopulariNatuurlijk hebben Eysenck en seerd, onder andere in zijn bestJensen steeds ontkend er racistiseller Race, Intelligence and Edusche vooroordelen op na te houcation, die in 1971 verscheen. Miden; ze beweerden „pure wetenchael Billig merkt in zijn boek schappers" te zijn en zich slechts L'internationale raciste op dat met feiten bezig te houden. Maar Eyseck's en Jensen's publicitaire Billig beschrijft hoe Eysenck in successen in een zeer vruchtbare zijn boek „Race, Intelligence and politieke bodem vielen. Aan het Education" verklaart dat de ereind van de zestiger jaren begonkenning van het feit dat er „genenen racistische politici als Enoch tische verschillen" kunnen zijn, Powell immers steeds openlijker die „het ene ras . . . ten opzichte te protesteren tegen de groeiende van andere bevoordelen" niet stroom - voornamelijk gekleurde mag worden verhuld door „een - immigranten; in 1967 werd in vriendelijke instelling ten opzichEngeland het neofascistische Na^ te van gekleurde rassen." Op anational Pront opgericht en in 1971 loge wijze heeft hij zich steeds verschijnt in ons eigen land de verborgen achter de wetenschapNederlandse Volksunie voor het pelijke feiten en objectiviteit. En eerst ten tonele. zijn populariteit heeft nooit weDe neofascisten hadden al snel in zenlijk geleden onder de technide gaten hoe nuttig de geschrif- sche kritiek, die collega's toch in ten van Eysenck en Jensen wa- ruime mate op zijn wetenschapren. Zo schreef Martin Webster, pelijke arbeid geleverd hebben.

„Eysenck is veel in het Nederlands vertaald", vertelt de Nijmeegse rechts-extremisme onderzoeker Jacques Janssen, die het boek van Michael Billig ook in Nederland enige bekendheid verschafte middels een artikel in het tijdschrift Jeugd en Samenleving van augustus 1982. „Hij is ook in de Nederlandse psychologie een belangrijk referentiepunt. Op allerlei terreinen: intelligentie-onderzoek, klinische psychologie, persoonlij kheidsleer, politieke psychologie. Eysenck heeft een populariserende werking gehad, diverse van zijn boeken zijn als Prisma-uitgave verschenen". Janssen wijst met name op Eysenck's politieke psychologie: „Hij is met name de man die erop gewezen heeft dat extremisme van links en rechts vergelijkbaar zijn. Nou is hem daarbij altijd verweten dat hij maar zeven proefpersonen had; methodisch gezien is dat natuurlijk beneden alle peil en dat is iets dat Eysenck vaak aankleeft. Bovendien bleek dat hij, toen hij wilde aantonen dat links en rechts in h u n extremen hetzelfde zijn, alle anti-semi-

tisme items uit zijn vragenlijsten haalde." In 1977 liet Eysenck zich openlijk interviewen door Beacon, het orgaan van de Britse National Party, een afsplitsing van het National Front, kortom: een neofascistische organisatie. Hij herhaalt daarin zijn opvatting dat „IQverschillen tussen rassen" niet door omgevingsfactoren worden veroorzaakt, maar erfelijk zijn, en hij stelt: „Er bestaat een nauw verband tussen de verschillende prestaties van rassen en h u n huidige IQ-niveau." Duidelijker kan het alweer niet en het is niet moeilijk deze pagina's vol te schrijven met dit soort voorbeelden. Het boek van Michael Billig maakt in elk geval één ding glashelder: van politieke naïevitelt kan bij Eysenck geen sprake zijn. Dat blijkt ook uit zijn medewerking aan dubieuze (quasi-) wetenschappelijke tijdschriften als The Mankind Quarterly, Nouvelle Ecole en het Dui'tse blad Neue Antropologie. Nouvelle Ecole is een publicatie van Franse rechtsextreme kringen; de hoofdredacteur Alain de Benoist is tevens een leidende figuur in de 1 uc

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's

Ad Valvas 1983 - 1984 - pagina 390

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 1983

Ad Valvas | 510 Pagina's