Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 467

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 467

11 minuten leestijd

Mies Bouhuys over het thema overleven in Hoornik's De Overlevende: „Door het boek speelt het stierengevecht, dat voor hem die zelfde ongelijke strijd h a d als het leven v a n een overlevende. Waarbij beurtelings de torero en d e stier slachtoffer en beul zijn. Die voortdurende verwisseling die daarin optreedt is eigenlijk het centrale thema in al het werk dat hij n a Dachau heeft geschreven." Het stierengevecht komt in het toneelstuk De Overlevende van toneelgroep Zondag tweemaal nadrukkelijk voor. In het begin, waarbij het feestelijke Spaanse afslachten per video op een televisie getoond wordt, en tegen het einde, in een indrukwekkende monoloog v a n d e hoofdpersoon Kuyll, door Hugo de Waal overtuigend gebracht. Kuyll vertelt hoe geboeid hij is door een afbeelding in d e eetzaal van het Spaanse hotel w a a r hij verblijft. Het stelt het moment voor w a a r o p de toreador d e stier een doodsteek kan toedienen. Daarbij kijkt hij d e stier niet a a n m a a r heft hij zijn blik n a a r d e president van d e arena: hij vraagt hem het dier gratie te verlenen uit respect voor de getoonde moed. Kuyll weet het vervolg. De stier wordt niet gedood e n gaat terug n a a r de wei. Daar blijft hij een eenling, want: hij heeft d e hoogste vervulling beleefd op dat moment in de arena, het gewone leven kan hem weinig meer bieden. Deze parabel kan als sleutel voor het thema overleven gezien worden. Adriaan van Dis: ,,Hoornik heeft eens in een toespraak gezegd, dat het verblijf in het concentratiekamp d e hoogste vervulling was, dat hij toen op d e toppen van zijn bestaan heeft geleefd. Is dat niet erg moeilijk uit te leggen a a n de na­oorlogse generatie? Ze zouden bijna n a a r zo'n ervaring g a a n verlangen." Bouhuys: ,,Ik vind dat ook het moeilijkste om te begrijpen. Wat ik er wel van vat is, dat alle dingen die er nog waren, a a n menselijke gevoelens, heel absoluut werden. Ik hoor ook nog v a n d a a g van overlevenden dat het gevoel van solidariteit dat ze toen beleefd hebben, nooit meer terug is gekomen. Waar mensen van v a n d a a g nog vreemder van op zullen kijken is, dat wanneer er bij mij thuis een aantal mensen van het kamp bij elkaar zaten, en dat gebeurde nog wel eens, d e glazen en d e flessen op tafel stonden te trillen, omdat ze ook zelf zeiden, over het kamp praten, dat is lachen. En zoals we in het kamp gelachen hebben, zullen w e nooit meer doen. Het klinkt heel vreemd, maar het geeft wel het absolute van d e dingen a a n . " Herman V erhaar, Kafka­deskun­ dige bij uitstek, voegt d a a r a a n toe:,,Kafkaësk is een situatie die volstrekt absurd is e n door d e mensen die daarin zitten als vol­ komen vanzelfsprekend be­ schouwd wordt. Zo was ik gister­ avond op een familiebijeen­ komst van d e joodse familie van mijn vrouw. Zij vierden dat ze veertig jaar geleden uit Wester­ bork bevrijd waren. Het w a s een heel gezellige avond met veel fraaie anekdotes, er werd ook veel gelachen. Als buitenstaan­ der h a d ik het idee, hoe meer ik van die verhalen hoor, hoe min­ der ik er eigenlijk van begrijp. Het hele functioneren van dat kamp, dat kleine geconcentreer­

Literair forum A l g e m e e n Cultureel C e n t r u m

Het concentratiekamp als hoogste vervulling Het persbericht kondigde a a n dat „schrijven over leven" het thema zou zijn maar uiteindelijk ging het literaire forum van 6 mei j.1. a a n de VU toch over „overleven". Onder het eminente voorzitterschap van Adriaan van Dis werd het absurde van de ervaringen van overlevenden van de oorlog en de daarmee samenhangende humor besproken. „Himior is altijd fataal voor een dictatoriaal regime", viel uit de mond van Herman Verhaar op te tekenen, die zijn uitgebreide kennis over Frans Kafka het forum aanbood. Doordat de aanleiding voor de bijeenkomst drie stukken van toneelgroep Zondag was, namelijk De Verzamelaar, De Vrouw met de Vogelkop en De Overlevende, waren ook nog uitgenodigd Inez van DuUemen, schrijfster van De Vrouw met de Vogelkop en Mies Bouhuys, weduwe van Ed Hoornik, de schrijver van De Overlevende. Zondag­regisseuse Margrith Vrenegoor completeerde het forum.

w a a r je er om huilen moet. Maar d a a r zijn we nog lang niet a a n toe." ,,Humor is altijd fataal voor elk dictatoriaal regime," weet V er­ haar. ,,Alles wat ze pretenderen wordt volstrekt ondermijnd door iemand die d a a r hartelijk om lacht. Die absurditeit, wat ik daarnet zei, van d e situatie waarin mensen zitten en waarin ze normaal functioneren die is zo evident aanwezig in dat krank­ zinnige Duitse ambtenarenap­ paraat, d e bureaucratie, d e hele efficiënte manier w a a r die kam­ pen op touw waren gezet. Dus dat is kennelijk een actualiteit voor Kafka. V oor Kafka geldt werkelijk, wie er niet af e n toe hartelijk om kan lachen begrijpt ook niet echt hoe het in elkaar heeft gezeten."

De forumleden: v.l.n.r. Herman Verhaar, Mies Bouhuys, Adriaan van Dis (vrz.), Marg rith Vreneg oor, Inez van Dullemen. (Foto AVC/VU) d e leven, tegen de achtergrond v a n d e wekelijkse transporten, ik vond dat volslagen absurd en onbegrijpelijk. Maar voor de mensen die in de situatie h a d d e n gezeten, als overlevenden, w a s het allemaal volkomen vanzelf­ sprekend. Dat is een mooie illus­ tratie uit d e werkelijkheid van de tendens in Kafka's boeken."

Gegiechel Van Dis: ,,We slagen er klaarblij­ kelijk niet in, wanneer we de kampervaringen willen herden­ ken of beschrijven, om er humor in te brengen." Margrith V rene­ goor, regisseuse vqn toneel­ groep Zondag en bewerkster van d e boeken tot toneelstukken: ,,Doordat de situatie waarin de m a n in De Overlevende zich be­ vindt heel absurd is, doen zich

veel grappige momenten voor. Ik merk dat het publiek d a a r niet om durft te lachen. Je hoort zo'n besmuikt gegiechel in de zaal, dat meteen afbreekt, want: nee, hier m a g ik niet om lachen. Het is zo'n heilig huis geworden, een kamp dat is iets vreselijks en oor­ log is dat ook." Bouhuys: „Je moet uitkijken dat je d e oorlog niet mythologiseert. Je moet vooral d e verhalen van d e overlevenden blijven aanho­ ren. Ik denk toch dat je er best om m a g lachenl V an mezelf kan ik zeggen, dat ik heel hard gela­ chen heb om dingen w a a r v a n ik denk dat geen hond er om la­ chen kan. Maar in d e poging om zo dicht mogelijk bij iemand te komen van wie je houdt, kun je het inzien. Ik denk dat die oorlog p a s echt voorbij is als wij als normale mensen lachen w a a r je er om lachen moet en huilen

Advertentie

OPWINDENPr AVONTI HET Oo(^si^EsrERS FANTASY­SPELLEN

S P E E L G O

E D

­ E N

Adriaan van Dis ,,werpt m a a r iets neer op het groene laken", de tafel: ,',ls het typisch voor het Europa van nu dat we zoveel aandacht besteden a a n de Tweede Wereldoorlog en d a n speciaal het eigen zieleleven, d e gevangenen die wij zijn van ons eigen brein? En niet aandacht geven a a n zaken die de samen­ leving bezighouden, zoals La­ tij nsamerikaanse schrijvers dat doen? Ik v r a a g het m a a r a a n u, mijnheer V erhaar." ,,Aan mij?", buigt V erhaar zich voorover. ,,Ja, u bent een belezen man, een essayist, u heeft d a a r vast wel iets over te zeggen", dient d e gastheer hem van re­ pliek.

Advertentie Wegens vertrek van de huidige tekenaar deze zomer zoekt de redak­ tie van Ad Valvas een nieuwe

TEKENAAR (M/V)

ONGEMEEN GEVAARLHKE EN J

Aart Bouwmeester

„Ja, ik weet het n i e t . . . " V erhaar herstelt zich: „Naar mijn idee gaat de literatuur, althans d e li­ teratuur die ik goed ken en waar­ van ik hou, in het algemeen niet over d e wereld en d e grote pro­ blemen. Maar wel over het indi­ vidu e n zijn plaats in d e samen­ leving. Ik zou dus nooit van de literatuur wülen eisen dat ze iets schrijft over Zuid­Afrika of over de Derde Wereld. Als dan d e Nederlandse schrijvers geënga­ geerd zouden willen zijn", en hier begeeft V erhaar zich op glad ijs, ,,laten ze d a n in de eer­ ste plaats n a a r hun eigen land kijken. De Bijstandsmoeders, d e kortingen, de ambtenarij, d e vreemdelingenhaat, laten ze d a n als goede schrijvers eens proberen dat eens in een roman te gieten." Dit is een schop tegen de sche­ nen van Mies Bouhuys, die naast d e weduwe van Hoornik, toch ook schrijfster is: ,,Nee, d a a r ge­ loof ik absoluut niet in. Je bent voor of tegen iets en je bent een schrijver. En je kunt dus nooit zeggen, o, ik moet over de bij­ standsmoeders schrijven. Dan maak je m a a r een spandoek of je gaat op d e tramrails zitten. Ik geloof absoluut niet in d e schrij­ vers die op die manier een boek, een novelle of een gedicht schrij­ ven." Van Dis scheidt de partijen: ,,Ik h e b zelf het gevoel, zoals dat heel opmerkelijk is bij een to­ neelgroep als Zondag met zeer na­oorlogse boorlingen, dat het herdenken van de Tweede We­ reldoorlog ook iets heeft van het je eigen maken van het engage­ ment v a n je ouders. Omdat je zelf geen ander engagement hebt." De stemming komt er goed in, nu voelt Margrith V enegoor zich wat in d e verdediging gedron­ gen: ,,Na het spelen van Het Bit­ tere Kruid in het vorige seizoen is ons één ding opgevallen. De meest voorkomende reactie van het publiek w a s d e vraag: zijn jullie zelf joods? En als wij d a n zeiden, nee, d a n h a d d e n d e mensen iets van, waarom spelen jullie dan zo'n stuk? En ik heb dat destijds als een soort klap op m'n hoofd ervaren. Is het d a n alleen mijn probleem als ik joods zou zijn? Ik ben er toen echt van ge­ schrokken en kon het niet vatten. Zolang mensen nog dit soort vra­ gen stellen, is het nog niet zo gek dat je op dit thema doorgaat. Want d a n zijn er nog steeds mensen, oud en jong, die dat niet begrijpen." Het grote voordeel van een groep als d e onze is, dat wij het ons kunnen permitteren om zo'n thema heel lang door te zetten. Ik wilde zelf als afronding van Het Bittere Kruid en Tramhalte Beethovenstraat, nu iets van oké, je hebt d e oorlog overleefd en wat blijft er nu nog van over. Waar­ voor heb je het allemaal ge­ daan?" Tot slot een mooi­ogende v r a a g van V an Dis met een praktisch antwoord: ,, Waarom hebben jul­ lie niet met hele hevige decors gewerkt?" ,,Als je onze studio kent, het speelvlak is vijf bij vijf, dus dat is al een beperking. Als je onze subsidie kent, die is voor vier stukken tweeduizend gul­ den, dus dat is ook al een pro­ bleem. M a a r afgezien d a a r v a n houd ik niet van vreselijk illustre­ ren. De verhalen zijn zo duidelijk, dat wanneer je er iets a a n toe­ voegt wat overbodig is, je er vaak overheen schiet."

O B

E K H A N D E

die in staat is op soms korte termijn goede, pakkende illustraties bij ar­ tikelen te maken en — eventueel — ook cartoons of strips te leveren. Betrokkenheid bij wat zich in het wetenschappelijk onderwijs afspeelt is noodzakelijk. Honorering: per opdracht. Nadere informatie is te verkrijgen bij J. L. K. van der Veen, hoofdredak­ teur; tel. 020­ 5486930. Schriftelijke sollicitaties (met voorbeelden van getekend werk) zenden naar: Vrije Universiteit, Redactie Ad Valvas (k. OD­01, Hfdgeb.), Post­ bus 7161,1007 MC Amsterdam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 467

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's