Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 275

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 275

11 minuten leestijd

AD VALVAS — 25 JANUAR11985

Afscheid van prof. dr. mr. D. C. Mulder: „In de dialoog aan zending doen is ander niet serieus nemen"

Levenslang bruggen bouwen tussen godsdiensten Een bekende hoogleraar verlaat de Vrije Universiteit. Het is prof. dr. mr. D. C. Mulder. Vandaag, vrijdag 25 januari, spreekt hij zijn afscheidsrede uit. De godsdienstwetenschapper berijdt daarin zijn stokpaard, de dialoog tussen christelijke en niet-christelijke godsdiensten. Er zijn overeenkomsten, stelt hij, evenals hij twintig jaar geleden in zijn inaugurele rede vaststelde dat er genoeg overeenkomsten zijn tussen de theologie en de godsdienstwetenschappen om ze in één faculteit te vestigen. Een gesprek. Over de dialoog, de zending, godsdienstwetenschappen, het Midden-Oosten en Zuid-Af rika. „De aandacht voor de niet-christelijke godsdiensten zat er al vroeg in". Centraal probleem bij het aangaan van een dialoog met nietchristelijke godsdiensten door de christelijke religie is de zendingsboodschap. „Een christen moet de vrijmoedigheid hebben om ondanks de minachting en ergernis die het tot gevolg kan hebben, samen met Paulus en Petrus te gaan en het evangeUe te verbreiden," luidde desgevraagd de kritiek van een wat reactionaire dominee op de opvatting van professor Mulder. De terugtredende hoogleraar vindt dat niet: „Wanneer je in de dialoog aan zending gaat doen, neem je de ander toch niet helemaal serieus. Ons gezonden-zijn houdt in dat je een dialoog aangaat. Daarin Ugt opgesloten dat je liefde, respect en eerbied voor de ander hebt." Mulder is ervan overtuigd dat niet alleen christenen de „weg n a a r het heil" hebben gevonden: „In alle godsdiensten zijn mensen bezig om n a a r God te zoeken. En hij is een god die van mensen houdt, dat weet ik omdat ik dat gemerkt heb in Jezus. Die houdt niet alleen van christenen. God zy dank, zou ik willen zeggen." Wonderkind Mulder is in 1919 in Leiden geboren. Ik heb begrepen dat op vierjarige leeftijd Uw carrière al vaststond. „Nee hoor, dat is onzin!," werpt hij tegen. „Maar toen kende u al de Bijbelboeken toch al uit uw hoofd", weet ik uit betrouwbare bron te melden. „Oh, dat is iets anders. Ik heb leren lezen uit de opschriften van de Bijbelboeken. Dan vroeg ik a a n mijn moeder of vader, wat staat hier? En dan zeiden ze „Genesis" of „Exodus" en zo kon ik al lezen voordat ik n a a r de lagere school ging". Als tienjarige ging de professor-in-spé reeds n a a r het gymnasium en op zijn zestiende begon hij aan de studies theologie én rechten aan de VU. „Ik wist zelf nog niet zo goed wat ik wilde en toen zei mijn vader, doe dan maar behalve theologie, waar ik wel enigszins voor voelde, ook nog rechten. Wat later heb ik, op basis van doctoraal rechten, doctoraal filosofie gedaan. Dan kon toen." w y spreken de vriendelijk ogende godsdienstwetenschapper in de ruime studeerkamer van zijn huis in Amsterdam-West. „Ik ben een echte Amsterdammer geworden ja, ik vind het hier kostelijk." Het interieur wekt de indruk in de laat-jaren vijftig aangeschaft te zijn en de boekenkast verstrekt de erudiete uitstraling van de man. In de loop van ons gesprek wordt mij steeds duidelijker dat hier een ervaren docent aan het woord is. De volzinnen komen

Aart Bouwmeester perfect en zo n u en dan op geriefehjke dicteersnelheid zijn mond uit. De verkondiging van het evangelie is toch een vaste opdracht in het christelijk geloof? „Jazeker," glimlacht Mulder. „Het is natuurlijk een beroemde kwestie en ook een vraag die me altijd weer gesteld wordt als het over dialoog gaat. Ik ben n u zelf geneigd te zeggen: in de huidige situatie is de dialoog eigenlijk de beste manier waarop je kunt la-

ken en mensen die vinden dat wij deze mensen, die het hier toch al zo moeilijk hebben, moeten helpen om vrijheid te beleven, een identiteit te vinden. Dat laatste is toch wel de weg geworden van de kerk in het algemeen. De gereformeerde, de hervormde en de katholieke kerken hebben speciaal mensen aangesteld die moeten helpen om moslims te ontmoeten en daar heb ik ook altijd aan meegewerkt en achtergestaan. En dat wordt natuurlijk door een bepaalde vleugel in de kerk inderdaad gezien als" . . . Mulder stokt even om op zachte toon te vervolgen: „Zeg maar vrijzinnig of een verraad van de zendingsopdracht." Met een wat verlegen glimlach: „Dat weet ik wel, ja". „Er zit een zekere angst in van, als ik ze niet het evangeUe predik gaan ze verloren. Het is ook gemengd met een westerse hoogmoed, een superioriteitsgevoel, wij weten het zo goed, en een fanatisme dat in aUe fundamentalistische religies meeloopt. J e ziet het zelfde verschijnsel bü fundamentalistische moslims, die ook niets voor de dialoog voelen en ook de waarheid in pacht denken te hebben. Die extreme vleugels maken het elkaar erg moeilijk." Een dwingend belletje doorbreekt de vertrouwde sfeer die inmiddels ontstaan is: „Ik denk dat mijn vrouw thee aan gaat bieden." En terwijl hij voor ons de dampende kopjes roze-gebloemd porselein neerzet: „In dit verband is misschien één ding ook wel interessant, ik ben erg onder de indruk

een aantal mensen die ik als docenten heb gehad voor mij het meest vormend zijn geweest de kennismaking met een totaal andere cultuur aan de ene kant en a a n de andere k a n t de oecumenische beweging." Mulder haalt de herinnering boven aan zijn eerste ervaringen in Azië. Rondlopend over een bazar zag hy allerlei winkeltjes met etenswaren bedekt met vliegen . . . „en dat ik werkelijk dacht, moet ik hier dan mijn leven sUjten." Eenmaal op Java, „een paradijs voor mijn vrouw en ik," wordt hij gevraagd om les te komen geven aan de theologische hogeschool in Djokja en in 1962 volgt hij professor Verkuyl op in Djakarta. Wanneer hij dan in 1965 aan de VU benoemd wordt als hoogleraar niet-christelijke godsdiensten, is dat een principiële stap. Voor het eerst wordt het voetspoor van Abraham Kuyper verlaten, die de godsdienstwetenschappen niet tot de theologie vond behoren. In zijn inaugurele rede doet Mulder uit de doeken dat de theologie en de godsdienstwetenschappen elkaar wel degelijk nodig hebben. Wil je als theoloog de niet-christelijke godsdiensten kunnen beoordelen, dan zul je eerst precies moeten weten wat die godsdiensten dan precies inhouden, een standpunt dat Mulder nog steeds huldigt. Maar: „Cïodsdienstwetenschap dien je niet op een theologische manier te behandelen. Ik wil mijn onderzoek niet laten onderbreken

aandacht wilden besteden aan de Palestijnen, Nederland stond natuurlijk heel erg bekend als proIsraël, en aan de andere k a n t hadden wij het verzoek gekregen van mijnheer Khoury van de PLO, die in Den Haag een kantoor heeft, of hij eens met ons mocht praten." Maar hoe belangrijk is Nederland nou? „Nederland is natuurlijk toch in de Wereldraad van Kerken en in de oecumenische beweging een tamelijk belangrijk landje. In Gtenève is er altijd een grote rol gespeeld en dat weten ze wel in Midden-Oosten, maar je moet het niet overschatten. Het is niet zo dat wij hier in Nederland de kwestie even kunnen regelen." De fervente voorstander van een dialoog met niet-christelijke godsdiensten Mulder wordt niet onopgemerkt gelaten door de oecumenische beweging. In 1975 wordt hy voorzitter van een commissie van de Wereldraad van Kerken die verantwoordeiyk is voor deze dialoog en in 1983 is zyn benoeming tot voorzitter van de Nederlandse Raad van Kerken. Daar tussenin, in 1979, wordt hy ook nog voor een aantal jaar conrector van de VU. U lijkt werk aan te trekken. Ja, ha, je k u n t het ook wat minder vriendeiyk zeggen, ik kan geen nee zeggen."

Zuid-Afrika

In 1968 vond u al dat Zuid-Afrika geboycot moest worden van de Olympische Spelen. Gelooft u nog steeds in dat pressiemiddel? „Jazeker, ja," het nieuwe onderwerp doet Mulder opveren: „Ik geloof datje heel radicaal de relaties met Zuid-Afrika moet verbreken. We hebben destyds nog één keer een poging gewaagd vanuit de VU om een gesprek te voeren met de universiteit van Potschefstroom, daar was ik ook by, en toen leek het even of er een opening was. Ze zeiden, het gaat om een cultureel verschil en niet om een raciaal. Toen wy vroegen, als er dus iemand vanuit de zwarte wereld in de westerse cultuur teelt, kan hy dan meedoen, leek het inderdaad zo. Maar thuis gekomen hebben we een rapport opgesteld en dat hebben ze verworpen. Myns inziens heeft de universiteitsraad toen volkomen terecht gezegd, en nu is het afgelopen." „De Raad van Kerken, en daar ben ik het ook helemaal mee eens, heeft ook opgeroepen tot een economische boycot, niet alleen maar sport. Want dat kriebelt wel maar dwingt natuuriyk niet."

(Foto Bram de Hollander) ten zien dat je een christen bent. In vol respect met een ander omgaan." Geconfronteerd met het stempel „vrijzinnig" dat hem vanwege deze opvatting door een bepaalde groep gereformeerden wordt opgelegd, neemt Mulder de ruimte voor een uitwijding over fundamentalisten: „Er is op het ogenblik een duidelijke controverse, heel speciaal over de moslims in Nederland en dat zijn er toch al zo'n drie a vierhonderdduizend. Er zijn mensen die zeggen, dit is voor ons dé gelegenheid om aan hen het evangelie te prediken. Daar zijn ook organisaties voor opgericht." „Aan de andere k a n t zijn er ker-

De ene student tegen de andere: "Als je al een SSGZ-ziektekostenverzekering en een SSGZ-zekerheidspakket hebt, kun je een reisverzekering afsluiten voor 50 cent per dag!" Loop even langs bij het plaatselijk informatiebureau of bel 01719-70944.

geraakt, in de loop der jaren, van de kwalijke rol die godsdienstigen hebben gespeeld in de wereldgeschiedenis. Als je denkt aan de miljoenen die in de loop der eeuwen zijn vervolgd, gediscrimineerd en doodgeslagen in de naam van God en godsdiensten en dat dat vandaag nog doorgaat, denk maar aan Sri Lanka, de Filippijnen, de Sikhs en Hindoes, Libanon, I e r l a n d . . . dan vind ik het extra nodig dat je zegt, laten we nou proberen om als mensen van verschillende religies, of anders-gelovigen zeg ik dan, eens een beetje fatsoenlijk met elkaar om te gaan."

Indonesië

In 1945 wordt Mulder beroepen voor het zendingswerk door de gereformeerde kerk van Amsterdam. Door de bevrijdingsoorlog die op dat moment gaande is op Midden-Java, Mulders bestemming, gaat hij Islam studeren in het toenmalige Brits Indië en promoveert hij aan de VU op de islamitische filosofie. „Ik kan wel zeggen, want ik vroeg me af of U wellicht vraagt n a a r de invloeden die ik heb ondergaan, dat behalve

door de vraag, is het allemaal wel waar? Ik wil proberen te begrijpen wat het geloof is van een moslim, maar vraag niet: Is Allah wel een ware god? Zo ben ik dus in de beoefening van mijn vak geen theoloog, maar als mens toch weer ergens wel. Ik ben ook helemaal niet vies van de theologie."

Palestijnen

Als voorzitter van de Nederlandse Raad van Kerken zit professor Mulder op het ogenblik midden in de problematiek van het Midden-Oosten. De Raad van Kerken is inmiddels in gesprek met de PLO, waarmee de Palestijnen op een zelfde wijze erkend worden als de Israëli's. Wat hébben de Nederlandse kerken daar nu eigenlijk mee te maken? „U bedoelt natuurlijk, waarom moeten wij zo nodig iemand van de PLO uitnodigen," s t u u r t Mulder het gesprek. „Nou, wij doen dat soort zaken eigenlijk alleen maar op verzoek. Aan de ene k a n t hebben wij heel nadrukkelijk de vraag gekregen van de Middle East Council of Churches of wij

Een economische boycot kan Zuid-Afrika toch ook niet veel doen? „Jawel hoor, dacht ik wel. Als je ziet hoe enorm intensief allerlei westerse internationale concerns zich hebben ingegraven in de economie daar, wat er vanuit de Verenigde Staten en ook vanuit Nederland by voorbeeld belegd i s . . . Een economische boycot zou waarschyniyk het meest harde maar meest efficiënte middel zyn om Zuid-Afrika te dwingen de apartheidspolitiek te wyzigen."

Gereformeerd

Na zoveel ervaringen met andere godsdiensten kunnen wy ons voorstellen dat professor Mulder zich niet meer echt gereformeerd voelt. „Ik ben gereformeerd predikant, ik preek ook regelmatig. Er is veel gebeurd in de gereformeerde kerk, met betrekking tot bybelopvatting, visies op homofilie, de kernbewapening of Zuid-Afrika, waar ik me best in vinden kan. Myn kerkeiyke beleving is wel erg gekleurd door de oecumenische beweging. By de Wereldraad heb ik toch erg genoten van andere vormen van kerk-zyn. Maar, ik ben van gereformeerde huize en biyf dat toch steeds."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 275

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's