Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 9

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 9

4 minuten leestijd

AD VALVAS — 17 AUGUSTUS 1984 voor mij zijn gelijk klaar met de laatste lichting ouderen, zij hebben dan natuurlijk weinig kans op werk." Margot: „Als het om werk ging had ik beter een andere studie kunnen kiezen; er zijn zoveel werkloze artsen. Toch stikt het ook bij ons van de mensen die denken allemaal verschrikkelijk rijk te worden. Ze hebben het nu al over h u n huis met een zwembad, ze denken dat alleen slechte artsen geen werk vinden en zij zijn natuurlijk allemaal hardstikke goed. Er zijn ook wel mensen die om veel socialere redenen zijn gaan stude­ ren, bijvoorbeeld om in de Derde Wereld te gaan werken. Evelien: „Toen ik van de middelbare school afkwam wist ik niet goed wat ik wilde. Ik vond biologie bijvoorbeeld erg leuk, maar er zijn al zoveel biologen werkloos, dat ik dat maar niet heb gekozen. Daarom ben ik ook gestopt met de opleiding voor diëtiste, daar is geen enkele toekomst voor en daarnaast vond ik het geen leuke opleiding. Met schei­ kunde denk ik toch wel werk te kunnen krijgen.

taal ongemotiveerde keuze, ik vond politiek wel interessant en daarom ben ik economie gaan studeren. Maar ik heb er bijvoorbeeld ook nog over gedacht om medicijnen te gaan doen. Tot n u toe bevalt het wel, het eerste jaar is alleen wel wat droog en weinig praktijkgericht. Margot: „Ik vond het dus stomvervelend. Bovendien zit het programma niet logisch in elkaar. Je krijgt bij embryologie allemaal dingen te horen, waar je niets van begrijpt. Als ze nu eerst anatomie geven, kun je ten­ minste ook embryologie volgen. Ik heb van mijn broers gehoord dat het later wel leu­ ker wordt, dus het is gewoon een kwestie van doorzetten. Evelien vond het vak encyclopedie afschu­ welijk, ze moet daar ook nog tentamen in doen: „Dat vak kan ik absoluut niet plaat­ sen, het is een soort wetenschapsfilosofie. Die man stond alleen maar namen te noe­ men van oude Grieken. Ik vind het niet zo nuttig om te weten hoe Socrates en Epi­ dinges ergens over dachten. Er waren ook praatgroepjes, op zich leuk bedoeld maar er

nog te kiezen valt. Een heleboel specialisa­ tierichtingen zitten vol en er bestaan lange wachtlijsten voor. En ben je dan eenmaal specialist, dan k u n je nog niet aan de slag." Yvette: „Ik moet in augustus kiezen tussen algemene, bedrijfseconomie en bestuurlij­ ke informatiekunde. Dat laatste lijkt me helemaal niets dus ik moet één van de an­ dere twee richtingen kiezen. Met bedrijfse­ conomie kun je gemakkelijker bij de indus­ trie terecht, ik denk dat ik liever bij de overheid wil werken, dus ik weet het nog niet. Er wordt ook helemaal geen voorlich­ ting over gegeven, je krijgt wel wat van die vakken in het eerste jaar, maar veel te wei­ nig om een keuze te kunnen maken. Ik denk dat ik er maar een paar boekjes over ga lezen, maar het blijft natuurlijk een gok." Evelien: „Aan het eind van het tweede jaar moet ik kiezen tussen de meer biologische en de algemene richting en weer later moet ik een bepaalde vakgroep kiezen. V an de biologische vakken heb ik nog maar een gedeelte in het eerste jaar gehad, de rest komt nog in het tweede jaar, dus ik moet dat eerst nog afwachten. De biologische richting trekt mij wel het meeste aan. Maar ik weiger pertinent om dierproeven te doen en ik moet nog uitzoeken of ik dan wel die richting kan doen. Bovendien zijn er, dacht ik veel biochemici werkloos, dus misschien toch maar de algemene richting. Het is wel jammer dat je zo vroeg al moet kiezen. Ik wil graag van veel vakken wat afweten, het liefst volg ik een zo breed mogelijke oplei­ ding."

•\ »

', ' '<

Oud­minister van O. en W. Arie Pais, die ve r­ antwoordelijlcis voorde tw ee fas e nstructuur en daarom he e l wat prote st ove r zich he e n laeeg. Bij e e n be ze tting van he t hoofdge ­ bouw in de ce mbe r 1978 uit prote st et eg n Pais' plarme n we rd zijn konte rte itse l e st vig besmeurd, (toto AVC/VU).

Begeleiding Om zo'n nieuw overvol studieprogramma goed te volgen en binnen de maximale stu­ dieduur van zes jaar het doctoraal te halen is een goede studiebegeleiding noodzake­ lijk. Je kunt het je niet veroorloven om ver achter te raken of een verkeerde keuze te maken, want er is weinig tijd om dingen nog eens rustig over te doen. Het is vreemd dat bij de studierichting met het zwaarste programma, geneeskunde, de studiebege­ leiding een beetje een ondergeschoven kind is, althans in de ervaring van Margot. Als je je propedeuse niet haalt en het jaar over moet doen zou er toch wel wat aandacht aan je besteed mogen worden. Margot: „In het begin was er bij schei­ en n a t u u r k u n d e wel enige begeleiding, maar daarna moetje alles zelf maar uitzoeken. Ik heb dat eerste jaar nooit wat gehoord en opeens kreeg ik een brief in de bus, aan het eind van het studiejaar, waarin ze zich af­ vroegen waarom het zo slecht met me ging." Yvette: „Bij ons heb je het eerste jaar men­ torgroepen, die in de tussenuren, eens per week bij elkaar kornen onder leiding van een student­assistent. Daar wordt dan wel uit belangstelling gevraagd hoe het met je gaat, maar daar gebeurt dan verder niks mee. De mentoren krijgen bijvoorbeeld ook geen cijferlijsten. Ik vind het persoonlijk niet zo'n succes die groepen. Het doel is studiebegeleiding en er wordt gepraat over de geschiedenis en achtergronden van de economie. Verder is er nog een studiebege­ leider waar je altijd terecht kunt, daar schijnt wel eens een rij voor de deur te staan. Heb je problemen of wil je iets vra­ gen, dan moet je dus wel zelf initiatief ne­ men." Margot: „Bij geneeskunde zal ook wel zo iets bestaan, maar ik heb geen idee waar hij of zij zit. Bovendien, waarmee kunnen ze je helpen? Het komt toch neer op het in je kop stampen van allemaal dingen."

/é L tweefasenstuden tes" f'ilosofie

gheii Ie (i( #8 de studie watje je ervan had voorgesteld? ge\e Evelien: „Het practicum viel wel een beetje wi­ö Aegen. Bij scheikunde denk je toch aan het ,Ssss wij elkaar gooien van allerlei stoffen, maar ^ a a k moest je alleen maar wat in een appa­ Taat spuiten en die deed dan verder het werk voor je, dat had ik niet zo verwacht. loerder zag ik erg op tegen natuurkunde, )f vie lie man deed alleen maar sommen voor op lakei iet bord, die wij weer over zaten te pennen nici! ?n je kreeg maar weinig theorie. Ik dacht e dai lat ik het tentamen erg slecht gemaakt heel lad, maar ik had er toch een goed cijfer roor. Ik was niet de enige die dat gevoel had ik ft p bijna iedereen had een voldoende. V ol­ n. G( tens mij hebben ze achteraf de normen werï j,angepast, daar ben ik het niet mee eens, 1 \(i rant zo leer je niets van een vak." i der n ve fvette: „Ik had geen flauw idee wat de jl sti Studie zou inhouden. Het was ook een to­

13'

kwam niets uit. Ik zat dan ook nog bij de docent in de groep en het gevolg was dat hij de hele tijd weer aan het woord was." Mar­ got heeft juist tegenovergestelde ervarin­ gen met filosofie: „Eerst vond ik het niet leuk, maar later werd er stevig gediscus­ sieerd, daar kwamen echt hele goede din­ gen n a a r boven." Evelien: „Bij ons durfde n a drie kwartier eindelijk één van de studenten wat te zeg­ gen en dan was het al weer tijd."

Kiezen Naast de swaarte, de ve rschoolsing van he t programma e n de geringe kanse n op de ar­ beidsmarkt is één van de punten van kritie k op de twe e fase nstruktuur dat je je al sne l moet spe cialise re n. Al vroe g in de studie moet e r gekosen worde n tusse n de ve rschil­ lende richtinge n. Hoe de nke n de drie hie r­ over? Margot: „Bij ons kun je pas na het docto­ raal kiezen, hoewel het de vraag is wat er

ken. Evelien vond ook het introductieweek­ end belangrijk: „Daar heb ik meteen al de meeste namen van mijn medestudenten ge­ leerd." Yvette heeft nog een aantal goede adviezen voor de eerstejaars, waar Evelien en Mar­ got mee instemmen: „Zorg dat je alles goed bijhoudt, ik heb dat zelf niet gedaan. Je k u n t je tentamens wel halen door twee we­ ken hard te werken, maar het is natuurlijk veel beter om ook tussendoor te werken. Verder heb ik het zelf erg leuk gevonden om actief te zijn in de eerstejaarsraad en de faculteitsvereniging."

Vergelijking Ondanks alle problemen lijken alle drie de studentes h u n studie leuk te vinden. Zelfs Margot, die twee jaar over de propedeuse deed; de hoop op een leuker vervolg was voor h a a r voldoende motivatie. Zij had het niet voor haar studie over om alle andere activiteiten stop te zetten. Liever twee jaar over het eerste jaar doen dan helemaal gek worden, is haar houding. Ook de andere twee hebben er niets om gelaten. Het is dus mogelijk om in de tweefasenstruktuur op zo'n manier toch alles in één keer te halen. Maar getuige h u n verhalen over andere studenten zijn er toch ook heel wat die hard moeten ploeteren om h u n papiertje te ha­ len. Er is nauwelijks antwoord te geven op de vraag of ze liever het oude programma hadden gevolgd. Het is een irreële situatie en op basis waarvan moet je een vergelij­ king maken? Wel hebben ze het idee dat het vroeger allemaal wat meer „relaxed" was. H u n grootste zorg is dat ze minder (kun­ nen) leren dan h u n voorgangers en toe­ komstige concurrenten op de arbeids­ markt.

Evelien: „Ik vind het systeem bij scheikun­ de erg goed. De vijftig eerstejaars zijn ver­ deeld over vier groepen met ieder een tutor, meestal een promovendus. Die houdt je een beetje in de gaten, krijgt al je studieresulta­ ten en roept je af en toe eens bij zich om over je studie te praten. Na het eerste jaar blijft dan één tutor begeleider van het hele jaar. Het is fijn dat er tenminste iemand is die je naam kent. Verder zijn er huiswerk­ groepjes bij wiskunde en algemene chemie. Die functioneren ook erg goed, de assisten­ ten bereiden dat goed voor, zó dat je daar tenminste ook meer aan hebt, dan het over­ schrijven van sommen van het bord. In mijn jaar zijn maar vier mensen afgevallen. De subfaculteit probeert zoveel mogelijk mensen te houden." Yvette is het er mee eens dat je van het werken in kleine groepjes veel meer leert dan bij massale hoorcolleges: „Dan zit je meestal toch maar een beetje te slapen, van werkcolleges steek je veel meer op." Zij vindt het wel jammer dat er gedurende het eerste jaar steeds minder werkcolleges ko­ men. Het werken in kleine groepen heeft bovendien het voordeel datje mensen beter leert kennen, daardoor wordt de studie wat minder onpersoonlijk. Bij medicijnen en scheikunde gebeurt dat op de practica, waar je in kleine groepjes moet samenwer­

Margot Borstlap (foto AVC/VU)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 9

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's