Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 12
10
AD VALVAS — 17 AUGUSTUS 1984
Banken zien student als investering in hun toekomst
betaalkaarten. De giro is populair onder studenten. Men kan vrij anoniem (je saldo wordt niet gecontroleerd) op ieder postkantoor geld opnemen en het rood staan levert weinig problemen op. Voor een gewone student biedt de giro ook voldoende mogelijkheden.
Schrijf maar bij, schrijf maar af In de reclamespot rennen jonge mensen zorgeloos van het ene vermaak naar het andere, wapperend met hun betaalcheques, alsof het geen geld kost. Giroblauw past bij jou roept de concurrent je toe als je thuis weer eens fijn kleurentelevisie kijkt. Zondagavond een pak koffie en een stuk kaas van je moeder mee en je komt de week wel weer door, als je tenminste geen studieboeken hoeft te kopen. Studenten hebben weinig geld, dat merk je met de regelmaat van je giroafschrijvingen en dat zal voorlopig ook wel zo blijven. Maar welke sluiproutes bestaan er op weg van de storting van je beurs of toelage naar huur of disco om meer profijt te hebben van je geld? Ofte wel: welke rol spelen bank en giro in het leven van een student? Gezien de plannen voor een nieuw studiefinan- „ cieringsstelsel zal de rol van de banken een stuk groter worden. Als het onlangs gepresenteerde ontwerp doorgaat zullen heel wat studenten een rentedragende lening moeten afsluiten bij een bank.
Toch lijkt het er op dat de banken steeds makkelijker worden en de giro meer voorwaarden gaat stellen. Deze semi-overheidsinstelling is ook in tegenstelling tot de banken verliesgevend. Kreeg vroeger bijvoorbeeld iedereen twintig betaalkaarten per keer, n u is het aantal afhankelijk van je inkomsten. De kredietmogelij kheden van de banken zijn daarentegen steeds ruimer geworden. Een aantal jaren geleden adverteerde een bank nog met de regeling dat na het behalen van het kandidaats een saldotekort van 500 gulden werd toegestaan.
ïf^^ll „.
<J»A.
foto Bram de Hollander Om meteen maar een misverstand uit de weg te ruimen: de banken verdienen niets aan studenten. „Het is," zoals Harry Wolkers van de afdeling marketing particulieren van de Amrobank ons eens zei, „een investering voor de toekomst." De verwachting is dat studenten als ze afgestudeerd zijn bij h u n bank blijven en aangezien academici goede klanten zijn, is het de banken wel wat waard om studenten a a n zich te binden. Via een uitgebreide advertentiecampagne (waar de universiteitsbladen weer van profiteren) wordt studenten op de voordelen van een bankrekening gewezen. De Amrobank heeft een speciale rekening voor studenten die volgens Wolkers weinig afwijkt van wat andere banken, en dan vooral de grote concurrent de ABN, te bieden hebben.
Maarten de Hoog Het belangrijkste voor een student is natuurlijk de mogelijkheid om „rood te staan". Als je weinig geld hebt, wil het nog wel eens voorkomen dat je meer uitgeeft dan je ontvangt. In tegenstelling tot het gezelschapsspel Monopoly zit een extra rondje van de bank er niet in als je krap zit. Wel k u n je met een studentenrekening maximaal zes maanden achtereen een krediet opnemen waarvan de hoogte afhangt van je inkomsten. Krijg je zo'n achthonderd gulden per maand dan k u n je / 1000 extra opnemen. J e betaalt dan echter wel 16'/^ % rente, maar ga je over de contractueel vastgelegde limiet heen dan
betaalt de gewone burger 19'/S!% en de student ook nog steeds 16%%. Bij de postgiro geldt een soortgelijke regeling. Het is hier alleen wat onduidelijker wat de regels precies zijn. In ieder geval krijg je n a een paar maanden rood staan vervelende brieven en als je onder het nulpunt zit krijg je geen kaschèques of betaalkaarten meer. Het is aan te raden om in ieder geval één keer per maand positief te staan. Lukt dit niet met je inkomsten, dan k u n je altijd nog een eigen „Nationaal Betalingscircuit" opzetten. Je moet dan met bekenden afspreken elkaar regelmatig van inkomsten te voorzien. Door betaalkaarten aan elkaar uit te schrijven k u n je om de beurt uit de rode cijfers komen en zodoende weer nieuwe betaalkaarten krijgen. Het systeem werkt natuurlijk alleen tijdelijk,
op een gegeven moment heb je wel echte inkomsten nodig. Je k u n t ook proberen geld op te nemen van je eigen rekening om dit direkt weer te storten, het storten op eigen rekening gaat meestal sneller dan het afschrijven, vooral als je het je lukt in winkels geld op te nemen, zodat je je zelf tijdelijk a a n je eigen haren uit het financiële moeras omhoog k u n t trekken. Overigens berekent de giro ongeveer dezelfde rente als de banken.
Banken worden makkelijker
Bij de banken k u n je twee of drie maanden n a opening van een rekening betaal- of eurochèques krijgen als je een juist gebruik maakt van je rekening. De postgiro levert op dezelfde voorwaarden
Het voordeel van een bankrekening is dat in een contract wordt vastgelegd hoeveel je over de schreef mag gaan; je weet dan tenminste precies wat je mogelijkheden zijn. Bij de giro is dit allemaal wat duisterder. Verder kun je bij een bank ook verzekeringen afsluiten en reizen boeken. De giro mag dit, zolang de postbank nog niet bestaat, niet voor je regelen. Volgens de in het begin van dit verhaal even geciteerde bankfunctionaris Wolkers zijn studenten nette klanten. Ondanks h u n slechte inkomenspositie geven ze niet meer problemen dan anderen. Hij heeft de indruk dat ze zelfs voorzichtiger dan andere mensen met h u n weinige geld omgaan. Gebeurt het toch dat iemand zijn schulden niet kan of wil afbetalen, dan is er altijd een soepele betalingsregeling te treffen. Een pikant detail is dat in zeer incidentele gevallen in een uitzichtloze situatie de bank wel eens kontakt zoekt met de ouders van een student om een oplossing te zoeken voor de financiële problemen.
Konklusie na vluchtige blik in boekjes met studieadviezen:
Leren zoals het je zelf 't beste bevalt Vaak wordt er gezegd dat de universitaire opleiding de laatste jarenschoolser van opzet is geworden. Toch zal het altijd wel zo blijven dat de overgang van middelbare school naar universiteit voor de aankomende studenten een grote stap is. Er wordt van studenten immers een grotere zelfwerkzaamheid verlangd dan van scholieren. Hoe kun je die zelfstudie het beste aanpakken? Er is een aantal boekjes op de markt dat zich met deze vraag bezig houdt. We hebben eens bekeken wat dit soort werkjes de aankomende studenten te bieden heeft. Een titel van een boek geeft vaak al een aardig beeld van waar het boek over gaat en in welke stijl het geschreven is. Titels als „effectief studeren" en „sneller succesvoller studeren" doen eerder a a n de zakenwereld denken met zijn meedogenloze strijd om geld en prestige, dan aan de universiteit met zijn onbaatzuchtig kennisideaal. In het voorwoord van het laatst genoemde boek geeft de a u t e u r W. Kugemann ook toe, niet meer pretenties te hebben dan een aantal handige methoden en technieken te beschrijven. Hij wil niet discussiëren over de ontoereikendheid van het onderwijsstelsel, de noodzaak van verschillende vakken en de doelmatigheid van onderwijsprogramma's. Wat heeft Kugemann binnen deze zelfgekozen beperking te bieden? Een lange inleiding in de leerpsychologie met als eindconclusie: hoe sterker de motivaties zijn, des te beter is de leerprestatie. Er staan meer van dergelijke evidenties in het boek: leren gaat het beste als je je lichamelijk prettig voelt, de werkruimte moet groot genoeg en comfortabel zijn enz. Het enige lichtelijk verrassende advies is, dat het luisteren n a a r muziek op de radio tijdens het studeren niet ontraden
Koos Heuvel wordt. Sterker nog „de wetenschapsmensen weten thans dat muziek het leren niet hoeft te storen maar zelfs kan bevorderen". Het mag dus van de deskundigen, als je het tenminste prettig vindt. De beste conclusie van het boek is misschien wel dat het onmogelijk is leerregels op te stellen die voor iedereen gelden, behalve één: individueel leren, dus zo als het je 't beste bevalt.'
Zelfdiscipline Het boekje „effectief studeren", dat door een drietal auteurs is geschreven (Van Parreren, Peeck en Velema) is oorspronkelijk in 1966 uitgekomen, in 1973 gewijzigd en sindsdien zijn er nog een aantal nieuwe drukken verschenen. Het noemen van die jaartallen is niet zonder betekenis, want je weet af en toe niet in welk tijdperk je beland bent als je de tekst leest, de negentiende eeuw soms? Het eerste deel van het boek, over de studie-voorwaarden, is vervuld van een archaïsch taalgebruik, pedante vermaningen en een traditioneel-christelijke moraal. Herhaaldelijk wordt de aan-
r£^TA>^
voegende wijs gebruikt, zoals: „de student streve n a a r een sluitende begroting en naar een evenwichtige verdeling van zijn uitgaven over de verschillende posten". Er wordt ernstig gewaarschuwd tegen het misbruik maken van vrijheid, en onder alle omstandigheden moet zelfdiscipline en verantwoordelijkheid worden betracht. Ook de seksuele moraal zou er één van zelfdiscipline moeten zijn. Seks met liefde, verantwoordelijkheid en fatsoen zou het motto van de student moeten zijn. En die verantwoordelijkheid die moet je maar dragen, als een kruis desnoods, maar alsjeblieft. Als studie-methode wordt in „effectief studeren" de zgn. SQ3Rmethode aanbevolen, wat staat voor Survey, Question, Read, Recite en Review. Kort uitgelegd betekent dit, dat begonnen wordt met een oriéntatie-fase, het krijgen van een globale indruk. Vervolgens komt de vraag- en leesfase waarbij je onderzoekt op welke vaag een hoofdstuk een antwoord probeert te geven. Dan komt de formuleringsfase waarbij je in eigen woorden het antwoord op de vraag, de inhoud van het onderdeel, geeft. Tenslotte de integratie-fase: je loopt het hele hoofdstuk nog eens door en je bekijkt of je een goede greep op het geheel hebt gekregen.
Bluf en angst Aanzienlijk anders dan bovengenoemde boekjes maar zeker niet de minst interessante is het in het nederlands vertaalde boekje ,,Studietijd: word wijzer en raak je zelf niet kwijt. Het is een wat eigenaardige mengeling van be-
Vervolg op pag. 13
Uit „Studietijd: wordt wijser en raak je self niet kwijt". Amsterdam 1980. Tekening van Willemen.
SUA
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984
Ad Valvas | 544 Pagina's