Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 106

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 106

9 minuten leestijd

AD VALVAS — 5 OKTOBER 1984

2

Directeur-generaal hoger onderwijs In 't Veld pleit op symposium voor inspelen op behoeften bedrijfsleven

„Letterenfaculteit moet de markt op" Dat het nieuwe letterengebouw van de Universiteit van Amsterdam aan de Spuistraat officieel geopend is, mag nu wel genoegzaam als bekend worden verondersteld. In geen jaren heeft een nieuw gebouw zo veel publiciteit naar zich toe weten te trekken. De aanvankelijk felle kritiek op de architectuur van het gebouw lijkt plaats te hebben gemaakt voor een zekere tevredenheid met het uiteindelijke resultaat. Boudewijn Büch verklaarde in ieder geval onlangs, een „blij gevoel van binnen" te krijgen als hij door het gebouw liep. Ter gelegenheid van de opening was een colloquium georganiseerd over „literatuur, geschiedenis en wetenschap". Donderdag 27 september vond de afronding daarvan plaats met een forum. Uitgenodigd waren o.a. Harry Miilisch, N.R.C.- redacteur K. L. Poll, en de historicus H. W. von der Dunk. In het nieuws kwam het letterengebouw ook, toen er door studenten een bezetting werd uitgeroepen uit protest tegen het beleid van Deetman. Onmiddellijk daarop werd het gebouw ontruimd op last van de nieuwe voorzitter van het College van Bestuur, Van Kemenade. De studenten sloegen hard terug: door een blokkade van het Maagdenhuis werd Van Kemenade verhinderd de officiële openingsplechtigheid bij te wonen. Op de dag van het forum was echter van agressie of van strijdlust weinig meer te merken. De zachte kleuren van het gebouw en de ka-

KoosNeuvel mermuziek waarmee het forum omlijst werd, leken op de toegestroomde massa h u n kalmerende werking niet te missen. Televisietoestellen en geluidsapparatuur zorgden ervoor, dat ook zij die buiten het gezicht- en gehoorveld van de forumleden zaten, de zaak keurig konden volgen. Wie naar de Spuistraat was gekomen om een interessante diskussie aan te horen over de inhoudelijke dwarsverbanden tussen literatuur, geschiedenis en wetenschap, moet teleurgesteld huiswaarts zijn gekeerd. De vraagstelling die namelijk centraal stond was: Wat is de plaats van een letterenfaculteit in onze samenleving, geplaatst tegen de achtergrond van de bezuinigingspolitiek van de regering. Wat daarom de plaats was van mensen als Mulisch en Poll in het forum, werd me niet helemaal duidelijk. Als mensen die weinig

of niets met de universiteit te maken hebben, mochten zij lippendienst bewijzen aan het belang van letterenfaculteiten.

Marketing De diskussie speelde zich af op het niveau van het overheidsbgleid met betrekking tot de universiteit. De toon werd gezet door R.J. in 't Veld, directeur-generaal voor het hoger onderwijs, bij het ministerie voor Onderwijs en Wetenschappen. Ondanks een soms moeilijk navolgbaar taalgebruik, hield hij een pleidooi dat aan duidelijkheid weinig te wensen overliet: de letterenfaculteit moet zich meer gaan richten op het bedrijfsleven. Men moet financieringsbronnen aanboren voor het veroveren van nieuwe markten, en men moet de marketing gebruiken om latente behoeften bij eventuele afnemers wakker te maken. Zo heeft volgens In 't Veld het bedrijfsleven bij buitenlandse investeringen ook behoefte aan kennis van vreemde culturen. Hij

Zo gemakkelijk echter liet de letterenfaculteit haar ziel niet verkwanselen. De overige forumleden rolden over de topambtenaar heen. De Utrechtse historicus Von der Dunk: „De functie van een letterenfaculteit is, er een bijdrage aan te leveren dat de heerschappij van de computer niet gepaard gaat met analfabetisme. Daarin past niet een klakkeloos overbrengen van sciëntistische methoden op de letteren. Het gaat om de bestudering en de overdracht van cultuur, de reflectie op doelstellingen. Dat laat zich niet inpassen in een profijtbeginsel. Het n u t van veel onderzoek in de letteren is niet precies meetbaar en instrumenteel te gebruiken. Kretologieën als grensverleggend onderzoek en maat-

Directeur-generaal voor het hoger onderwijs dr. R. J. in 't Veld (geheel rechts) lijkt kritiek op sijn verhaal maar onsin te vinden. (Foto Bram de Hollander)

VU stemt in met nieuwe studiefinanciering maar:

Drempel minder draagkrachtige student mag niet hoger De VU stemt in principe in met het nieuwe studiefinancieringsstelsel van minister Deetman al verbindt zij daaraan een aantal voorwaarden en kanttekeningen. Zo mag de hoogte van de voorgestelde basisbeurs voor iedereen (max. ƒ 8275) niet naar omlaag en moeten de lagere inkomensgroepen meer worden ontzien. Het belastbaar inkomen waaronder ouders niet geacht worden een bijdrage te kunnen leveren aan hun studerende kinderen moet op het huidige, niveau van ƒ 27.270,gehandhaafd blijven en mag niet worden verlaagd tot het belastbaar minimumloon van

wees ook op de technologische ontwikkelingen in de toekomst, die onze maatschappij in een informatiemaatschappij zullen doen veranderen; daarom zou de taal als code bestudeerd moeten worden.

ƒ 21.650. Er zal trouwens in het algemeen op moeten worden gelet of het nieuwe systeem de barrière voor kinderen uit laagbetaalde milieu's niet verhoogt. Verder moeten, zolang de leningsmogelijkheid niet voor alle studenten open staat, kinderen beschermd blijven worden tegen ouders, die weigeren h u n bijdrage te betalen door hen een toelage onafhankelijk van het ouderlijk inkomen te geven zoals nu ook het geval is. De universiteitsraad kon deze week in grote lijnen instemmen met het advies van de werkgroep studiefinanciering van de Academische Raad, dat ook op bijna al deze punten wijst, maar voegde er als extra aandachtpunt de dreiging van een hogere barrière voor studenten uit de laagbetaalde groepen aan toe. Op twee punten week de raad op

advies van het CvB van het werkgroepadvies af. Men vond het onjuist om op het p u n t van schuldvorming verschil te maken n a a r opleidingsniveau en discipline. Ongelijke behandeling van WO-, HBO- en RiBO-studenten is niet nodig omdat de terugbetalingsverplichtingen immers al zijn gekoppeld aan het inkomen later. Ook vond de raad, dat in het geval van een eigen arbeidsinkomen van de student óf de franchise of het kortingspercentage verlaagd dient te worden. De raad verzette zich in meerderheid niet tegen het idee van de AR-werkgroep, dat het nieuwe systeem als zodanig een verbetering betekent, al werd er flink getwijfeld aan de mening, dat vrijwel alle groepen er op vooruit zouden gaan. Met name het DAK vreesde een verslechtering van de positie van de laagbetaalde ouders en ook de PKV en de Verenigingsfractie waarschuwden voor drempelverhoging voor kinderen uit die groep. Studentendecanen hebben, zo betoogde Marianne

Creutzberg van het DAK, berekend, dat gezinnen met een jaarinkomen van ƒ 20.000 er ƒ 369 bij inschieten terwijl gezinnen met een inkomen van / 60.000 er ruim ƒ 3000 op vooruitgaan. Hoe verdraagt dat en trouwens ook de rentedragende studielening zich met het mooie ideaal van vergroting van de toegankelijkheid van het WO. Het nieuwe CvB-lid Sybolt Noorda, destijds raadslid van het zelfde DAK, meende echter, dat je een studiefinancieringstelsel niet moet gebruiken als hefboom voor verbetering van de maatschappij. Waarop Nijhuis van het DAK reageerde, dat hier de positie van de laagbetaalden dreigt te verslechteren en dat moet je tegengaan. Studentendecaan Molenveld vond tenslotte, dat je het sociale aspject niet moet zoeken in al te gunstige leningen maar eerder in de sfeer van de terugbetaling die duidelijk rekening houdt met het latere inkomen. Wie later weinig verdient hoeft minder of zelfs niets terug te betalen. Als je de leningen al te aantrekkelijk zou maken zou dat een aanjagend effect hebben zo van ,je bent wel gek als je geen lening neemt". Dat zou een te grote aanslag betekenen op de geldmarkt. Hij had trouwens maar zelden gehoord, dat studenten zich zouden laten afschrikken bij h u n entree op de universiteit door hoge schulden later. Niettemin zal de VU-delegatie naar de Academische Raad extra aandacht vragen voor het barrière-effect. (J.K.)

schappelijk relevant onderzoek leveren uiteindelijk iets wezenvreemds voor de letteren op." De dekaan van de letterenfaculteit van de UvA, W. G. Klooster, was iets gematigder in zijn afwijzing van de benadering van In 't Veld. Hij maakte een onderscheid tussen het zuivere, fundamentele onderzoek, en de technologische toepassingen daarvan: „Beide zijn belangrijk. Een uitgeverij heeft een aantal bestsellers die het mogelijk maken dat een poëzie-bundel uitgegeven wordt. Net zo goed moet op een letterenfaculteit het toegepaste onderzoek mogelijk maken, dat het onderzoek gedaan wordt, waarvan het n u t en de meetbaarheid niet precies valt vast te stellen." Klooster vond het wel typerend dat vaak gesproken wordt over economisch belangrijke en economisch onbelangrijke wetenschappen. Hij zag hierin een verklaring voor de stiefmoederlijke bedeling van letteren bij de bezuinigingen. Het technologisch en het fundamenteel onderzoek zouden hierbij met elkaar verward worden. Na zoveel kritiek hield In 't Veld zijn stellingen weliswaar overeind, maar hij moest zijn opponenten wel iets toegeven: „Fundamenteel onderzoek is nooit rendabel. Het is de plicht van de overheid dat onderzoek ruimhartig te financieren. De ondergrens hierin is bereikt." Ook meer in het algemeen zag In 't Veld wel in, dat de overheid de universiteiten een tikkeltje met maatregelen dreigt te overspoelen: „De snelheid van implementatie geeft problemen, dat zijn planningsproblemen. Daarom probeert de. overheid op strategische punten stabiliteit te creëren. Zo is het middelenperspectief sinds september 1982 stabiel. Er wordt niet meer additioneel bezuinigd." Een wat anderssoortige kritiek op In 't Veld werd geleverd door Harry Mulisch. Hij hekelde het begrip „informatiemaatschappij" wat te pas en te onpas in de mond wordt genomen: „Die informatiemaatschappij is er altijd al geweest. Als ik iets wil opzoeken, dan loop ik n a a r de UB toe; of ik sla het kookboek open. De bedoeling van dat begrip is, dat we al die vervelende toestellen moeten gaan kopen. Dat is tegen de cultuur."

Vervolg vanpag. 1

den geleden is al afgesproken dat datgene wat in het moderamen werd besproken door de leden met h u n diverse fracties zou worden bepraat. De communicatiestoornis ligt bij u. „Het voorstel van het Onafhankelijke WP om bij de vorige raadsuitspraak te blijven werd verworpen. De motie van de eenmansfractie van de JOVD Amsterdam-VU, waarin om aanpassing van het kiesstelsels aan het in de nieuwe wet op het wetenschappelijk onderwijs opgenomen vereiste van evenredige vertegenwoordiging werd verzocht, vooruitlopend op de invoering van die wet, kwam om formele reden te vervallen. De motie, op de vorige raadszitting aangehouden, had aanvankelijk de steun gekregen van leden van de VUSO-fractie en kon, omdat er zo tenminste drie handtekeningen onder stonden, behandeld worden. Maar de VUSO-leden trokken zich terug en toen ging het feest niet door. De JOVD Amsterdam-VU voelde zich in zijn mogelijkheden om moties in te dienen daardoor wel beperkt. Voorzitter Vlijm zei dat nog eens aan het moderamen voor te leggen. (J.v.d.V.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 106

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's