Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 35

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 35

8 minuten leestijd

AD VALVAS — 31 AUGUSTUS 1984

3

Lage inkomens, voordeurdelers, jongeren en 27-plussers de dupe

Het nieuwe studiefinancieringsstelsel en de prijs van de financiële onafhankelijkheid Beursstudent, welkom in het studiejaar 1984/5. Geniet nog maar even van je toela%e, want binnen drie jaar wordt alles anders geregeld. Dan ga je extra inleveren op je achttiende om ouderejaars meer te kunnen laten eten. Dan ga je meebetalen aan de financiële onafhankelijkheid van studiegenoten met bemiddelde ouders. Dan word je geacht met honderden guldens per jaar minder toe te kunnen. En als je bent afgestudeerd mag je vijftien jaar lang rente betalen over hetgeen je van de staat hebt geleend. Want er komt een nieuw stelsel voor de studiefinanciering. Voor wie het niet precies meer weet: vlak voor de zomervakantie presenteerde minister Deetman de al tien jaar beloofde nieuwe plannen. Die komen in het kort hierop neer: wat nu aan studiefinanciering (1,3 miljard) en aan kinderbijslag (1,7 miljard) wordt uitgekeerd gaat in een grote pot en wordt opnieuw verdeeld. Alle studerenden tussen de 18 en de 27 jaar krijgen daaruit een basisbeurs. Die beurs is niet afhankelijk van de opleiding of het inkomen van je ouders, alleen van je leeftijd. Hij dekt slechts een deel van de kosten voor levensonderhoud en studie. Voor een volle-v dige financiering van alle studenten wil het kabinet geen extra geld uitti'ekken. Studenten uit de lagere inkomensklassen kunnen een aanvulling krijgen die bestaat uit beurs en rentedragende lening. Dit bedrag is wel afhankelijk van je opleiding: hoe hoger die is, hoe hoger ook de maximale aanvulling. Het beursgedeelte van de aanvulling daarentegen wordt dan kleiner. Akademici verdienen later beter, redeneert het ministerie, diis die kunnen ook meer aflossen. Over dat aflossen mogen ze maximaal vjftien jaar doen, en wie door omstandigheden in gebreke moet blijven krijgt daarna kwijtschelding.

Bedragen. De student in het wetenschappelijk onderwijs die op kamers woont krijgt een basisbeurs van 7.386 gulden als hij achttien is, uitlopend tot 8.275 op zijn drieëntwintigste. De aanvulling bedraagt, bij gelijkblijvend kollegegeld, maximaal vier duizend gulden waarvan vijfhonderd als beurs. Het nieuwe systeem heeft onmiskenbare voordelen. Het is eenvoudiger. Momenteel moeten ouders naar Onderwijs en Wetenschéppen, naar Sociale Zaken en in enkele gevallen ook nog naar de belastingdienst om in de vorm van toelage, kinderbijslag en belastingaftrek de studie van hun kinderen te financieren. Straks komt alles van het ministerie van onderwijs. En het gaat rechtstreeks naar de student, zodat die thuis zijn hand niet meer hoeft op te houden voor iets waarop hij recht heeft. Een derde voordeel: studenten buiten het hoger onderwijs krijgen voortaan ook een beurs. Maar nu de keerzijde. De regering wil het aantal beursstudenten aanzienlijk uitbreiden, zonder daarvoor meer geld op tafel te leggen. Ook nu bestaat er een inkomensonafhankelijke subsidie voor studerende kinderen: de kinderbijslag. Die komt voornamelijk terecht by de ouders van nietbursalen, de hogere inkomens dus, die in de meeste gevallen vijf tot zes en een half duizend gulden per studerend kind ontvangen. Dat bedrag wordt verhoogd tot een basisbeurs van ruim zeven tot ruim acht duizend gulden. Die verhoging betalen de tegenwoordige bursalen: de prijs voor de financiële zelfstandigheid der rijkeluiskinderen! De doelstelling

Un Tabak (U.P.) waaruit het beurzenstelsel ooit is ontstaan, namelijk de universiteit zoveel mogelijk toegankelijk te maken voor kinderen uit de lagere inkomensgroepen blijkt hier te worden opgeofferd. De student met maximale beurs gaat er reëel op achteruit. De maximale beurs is nu 11.468 gulden. Maar omdat de Raad van Arbeid vindt dat de student 14.448 gulden nodig heeft om van te leven en zijn ouders dat geld dus wel zullen bijpassen, kunnen die nu éénmaal kinderbijslag krijgen. Wat het totaal aan staatsbijdrage brengt op ongeveer 12.668 gulden. Straks krijgt diezelfde student op zijn achttiende aan beurs en aanvulling maximaal bijna dertienhonderd gulden minder, wat hem op het bijstandsniveau voor die leeftijd brengt. De drieëntwintigjarige ontvangt 'slechts' bijna vierhonderd gulden minder, maar zit daarmee ruim ónder het bijstandsniveau.

is. En die vijftien jaar kunnen wel eens heel onaangenaam worden als straks het rentepercentage wordt vastgesteld. Die verrassing hebben we immers nog tegoed. De terugvloeiende rente zal gebruikt worden om de basisbeurzen te verhogen en zo het niet gerealiseerde principe van de ouderafhankelijkheid weer een beetje meer in zicht te brengen. Een wrang vooruitzicht voor bursalen die, zo heeft de Landelijke Studentenvakbond al opgemerkt, op deze manier andermaal moeten dokken om de rijkere ouders te ontlasten.

Voordeurtruc Deetman en zijn kollega De Graaf van sociale zaken hebben nog een andere verrassing in petto. Tot nu toe worden alleen gehuwde partners, voor zover ze dat

\\0£m !

mentaar. Want een rechtenstudent heeft beslist geen hogere studiekosten dan een HTS-ser. Ongelijk is ook de verhouding beurs-lening. De student in het voortgezet onderwijs krijgt zijn aanvulling geheel als beurs, de universitaire student moet bijna alles met rente terugbetalen. Vanwaar dit verschil? vraagt de Landelijke Studentenvakbond zich af. Akademici zijn al lang niet meer zeker van een dikke baan. Wil de overheid iets van haar centen terugzien, dan kan ze beter van iedereen een vast percentage van het latere loon opeisen.

Leeftijdsdiscriminatie Tenslotte is er het onderscheid in leeftijd, die juist in de basisbeurs zit en niet in de aanvullende toelage. Deetman probeert dit on-

in 1974 op papier zette, heeft het stelsel „een goede zaak" genoemd en is zelfs tevreden met de rentedragende lening. Ook van de andere partijen zyn niet meer dan marginale opmerkingen te verwachten. De liberalen betreuren - met de socialisten - dat de financiële onafhankelijkheid van studenten nog niet volledig is gerealiseerd. 2ïj geloven dat dat binnen de grens van die drie miljard gulden wel mogelijk is, dus het zal wel by betreuren biy ven. CDA en PvdA vinden beiden dat drie miljard te krap is. Gezien hun gedragsiyn de laatste jaren zuHen ze zich waarschynUjk echter niet byzonder uitsloven om dat totaalbedrag verhoogd te krygen. Vermoedeiyk geeft Deetman, na een formeel robbertje vechten, toe op enkele puntjes zoals de leeftydsafhankeiykheid. Maar de hoofdiynen van het nieuwe stel-

ÊIMD£LyK

Ouders moeten van een aanzienlijk lager salaris af gaan meebetalen aan de studie van hun kind. De grens ligt nu bij 27.270 gulden, maar wordt verlaagd tot 21.650 gulden ofwel het minimumloon. Ook de bovengrens gaat naar beneden. Al by ruim 45 duizend gulden wordt geen aanvulling meer verstrekt. Nu houdt de rijksbijdrage op bij 54 duizend gulden. De financiële afhankelijkheid wordt er in de lagere inkomensgroepen dus alleen maar groter op.

Ouderen slecht af studeren op oudere leeftijd wordt moeilijk. Nu kan een student in het hoger onderwijs tot zijn zevenenveertigste studiefinanciering krijgen. Straks is de pret bij zevenentwintig afgelopen. Ouderen moeten, vindt het ministerie van onderwijs, maar parttime gaan studeren. Een zotte beperking voor fulltime werklozen. Bovendien is de keus in het deeltijdonderwijs klein. Voor arts kun je er niet leren. De zevenentwintigplusser die dat toch wil, zal bij zijn ouders moeten aankloppen, want 'kinder'-aftrek voor deze kategorie blijft bestaan, (in de vorm van buitengewone lastenaf trek). Ook voor de oudere student is het mooie principe van de ouderonafhankelijkheid dus een fabeltje. De Universiteit van Amsterdam is overigens begonnen aan een onderzoek naar de aantallen gedupeerden. Een derde van de ingeschreven studenten blijkt daar de zeventwintig te zijn gepasseerd. Hoevelen daarvan een beurs krijgen is nog niet bekend. De terugbetalingsregeling lijkt koulant. Je krijgt vijf jaar langer de tijd, en als je erg lang werkloos blijft wellicht zelfs gedeeltelijke kwijtschelding. Die kwijtschelding echter bestaat ook nu al in de vorm van opschorting want het ministerie weet dat het van een kale kip slecht veren plukken

kunnen, geacht mee te betalen aan de studie van man of vrouw. De bewindslieden willen dat uitbreiden tot samenwonenden. Ze weten nog niet precies hoe dat geregeld en gekontroleerd moet worden, maar gezien de experimenten van staatssekretaris De Graaf met voordeurdelers kunnen studentenhuizen spannende tijden tegemoet zien. Van verschillende kanten is inmiddels gewezen op onrechtvaardigheden in het nieuwe stelsel. Iedereen krijgt een basisbeurs, en die is voor de verschillende soorten van voortgezet onderwijs even hoog. Maar daarmee houdt de gelijkheid op. De aanvulling bijvoorbeeld verschilt naar opleiding, en dat verschil kan oplopen tot zeshonderd gulden in het voordeel van de universiteitsstudent. Een onterecht verschil, heeft de HBO-raad, overlegorgaan van het hoger beroepsonderwijs, geschreven in een kom-

derscheid voor de derde maal in te voeren, en kan wederom rekenen op verzet van de grote politieke partijen. Hoewel de heren politici een salarisverschil bij uitkeringstrekkers volkomen rechtvaardig vinden, willen ze er bij studenten nog steeds niets van weten. Een jongerejaars eet even veel en heeft, doordat hij zijn kamer moet inrichten, minstens even hoge kosten, redeneren ze.

Een goede zaak Begin 1985, heeft Deetman beloofd, zal hij de studiefinancieringsvoorstellen in een wetsontwerp gieten. In het studiejaar 1987/88 kan de student er voor het eerst van profiteren. Tenzij de Kamer dwars gaat liggen. Maar dat is erg onwaarschijnlijk. De socialist Van Kemenade, die het land er al bescheiden op attent heeft gemaakt dat hij de hoofdlijnen van het nieuwe stelsel reeds

sel liggen zo goed als vast. De relatie met de jongste collegegeldverhoging tot ƒ 1604 is nog niet helemaal duideiyk. Deetman schrijft daarover: 'Gezien de systematiek van het nieuwe stelsel van studiefinanciering komt een wyziging in de hoogte van de onderwysbydrage altyd neer op ook een wyziging in de hoogte van de aanvullende financiering. Maar wordt dat bedrag als beurs of als rentedragende lening uitgekeerd? Deetman: 'Afhankeiyk van inkomen en vermogen van de ouders zal een verhoging van de onderwysbydrage leiden tot óf een verhoging van de ouder-afhankeiyke bydrage, óf tot verhoging van de rentedragende lening óf tot een verhoging van de ouderiyke bydrage. 'De maximale rentedragende lening biyft voor WO-studenten echter ƒ3500,-.' Dat vraagt dus nog wel om verdere verduideiyking van de minister.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 35

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's