Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 371

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 371

10 minuten leestijd

3

AD VALVAS — 15 MAART 1985

„Het gebouw is afgeschreven, het personeel ook"

Verval VU-pand Kor Koningslaan politicologen te gort gortig De laatste overblijfselen van het feit dat de VU vroeger in de hele stad gehuisvest was, zijn te vinden rond het Vondelpark. Daar staan een aantal fraai ogende panden die nogal eens de jaloezie opwekken van hen die alleen het hoofdgebouw van de VU gewend zijn. De mensen die er werken zijn echter niet onverdeeld gelukkig met hun huisvesting. Het verval begint aan de panden te knagen. „We hebben een tijdje lang met 35 mensen één toilet gebruikt. Dat is symptomatisch voor de verloedering die hier de afgelopen zes jaar heeft plaatsgevonden." Voor de politicologen die gehuisvest zijn aan de Koningslaan is de maat vol. Over enkele jaren zullen ook de laatste stadspanden door de VU afgestoten worden. Rond 1990 zal er ook voor sociologie, politicologie en p.a.w. een plaatsje vrijgemaakt moeten worden op de campus. In de onlangs verschenen huisvestingsnota worden twee redenen gegeven waarom die verhuizing noodzakelijk zou zijn. Op de eerste plaats huisvesten de vaak kleine panden elk slechts gedeelten van faculteiten waardoor doelmatige samenwerking binnen (sub)faculteiten in onderwijs en onderzoek bemoeilijkt zou worden. Op de tweede plaats ligt de efficiency van het ruimtegebruik laag door de beperkte indelingsmogelijkheden van de stadspanden. Niet iedereen is even rouwig om deze verhuizing. Vorig jaar merkte Frank Boddendijk, wetenschappelijk medewerker bij politicologie, in het VU-magazine op dat het oude pand aan de Koningslaan slecht onderhouden, grauw en koud is. „Wij kunnen soms maanden zitten kleumen, gehuld in dikke jas, wetend dat de arbeidsproductiviteit daarmee niet gediend is. Maar niemand die ons naar huis stuurt of het verwarmingsprobleem structureel oplost." Een jaar later blijkt er van een oplossing van het verwarmingsprobleem nog altijd geen sprake te zijn. Terwijl het buiten een graad of viex boven nul is, zitten we in het pand zelf, waar de temperatuur nauwelijks hoger reikt. „Gisteren zijn we maar een wandeling gaan maken door het Vondelpark, want buiten was het behaaglijker dan binnen." Tegenover me zitten prof. Jan van Cuilenburg, voorzitter van de vakgroep politicologie, en dr. Otto Scholten. Ze hebben geen enkele aansporing nodig om uit te barsten in een lange litanie van

KoosNeuvel klachten betreffende het onderhoud van het gebouw. De nood is hoog. Het is niet de eerste keer dit jaar dat de verwarming uitgevallen is, vertellen ze. Ook gedurende de beruchte vorstperiode in februari is dat al een keer gebeurd; en dat terwijl het vorig jaar in maart en april de verwarmingsketel is vervangen. „Nu is het zo dat er enige dagen geleden het begin van een brand is geweest waar de brandweer nog bij moest komen. Als de huismeester de brand niet tijdig ontdekt had, dan was het hele gebouw in vlammen opgegaan. Als oorzaak van de brand is nu ontdekt dat de schoorsteenpijp een te kleine capaciteit had en bovendien niet vaak genoeg geveegd werd. Die pijp wil men niet repareren, daarom gaat men er eentje buitenom leggen."

Ammoniakploeg

In de tussentijd moet men zich behelpen met kleine noodkacheltjes. Maar meer dan vijf kacheltjes kunnen er in het gebouw niet staan, anders slaan de stoppen door. „Als er een stop doorgeslagen is, dan blijkt het bovendien bijna onmogelijk om uit te vinden welke het is. In de stoppenkast staan volstrekt verouderde aanduidingen als 'badkamer Bouma' en 'professor De Roos', iemand die er al twintig jaar niet meer is," zegt Scholten. Het is niet alleen de verwarming waarover de politicologen ontevreden zijn. Van Cuilenburg: „Er is sprake van een slecht beheer van de panden, en dan druk ik me nog beschaafd uit. De zaak is werkelijk te vies om aan te kijken.

Om de zoveel tijd komt er een ammoniakploeg door het gebouw. Met de middelen die ze hebben proberen ze er het beste van te maken, maar helaas schieten de middelen tekort. Wij hebben ook nogal wat contacten met het bedrijfsleven, maar die mensen durf ik hier bijna niet meer te ontvangen. Als ze er opmerkingen over maken, maak ik er n a a r een grapje van: 'Ja, wij in de collectieve sector gooien ons geld niet over de balk', maar eigenlijk is het een treurige zaak." We lopen door het gebouw. De politicologen wijzen op een deur die enige tijd geleden bij een inbraak geforceerd werd. Het blijkt dat alleen dat gedeelte van de deur overgeverf d is, wat ook gerepareerd is. Ook elders zien we maar gedeeltelijk geverfd houtwerk. In een werkkamer staat een c.v.-radiator waar de verf van alle kanten afbladdert. We roetsen even met de hand erlangs en direct is de vloer bezaaid met verfschilfers.' In de collegezalen staan diverse stoelen met kleine armleuningen. Met moeite ontwaren we een stoel waarvan de armleuning niet gebroken is. In de werkkamers is gelukkig wat meer luxe, daar heb je ook stoelen met bekleding. Afbreuk daaraan doet weer wel het feit dat in de meeste gevallen de bekleding gescheurd is. Van Cuilenburg: „Niemand heeft hier gewone bureaustoelen. Je moet maar zien waar je je spullen vandaan sleept". We begeven ons via de gevaarlijke steile en gladde trap met loszittende leuning n a a r een andere verdieping. Op de gang blijven we staan en kijken n a a r boven waar zich een fikse kale plek in het plafond bevindt. „Daar is laatst een stuk van het plafond n a a r beneden gekomen. Nog een geluk dat er op dat moment niemand onder liep." Van Cuilenburg wijst n a a r een stukje verderop in het plafond. „Zie je die scheuren daar? Dat zal binnenkort ook wel naar beneden komen," zegt hij bijna berustend. We lopen de verlaten kantine binnen. De achterste wand, waar de koffiejuffrouw normaal gesproken h a a r werk doet, bestaat geheel uit glas, en dat is bepaald geen dubbele beglazing. „Het is een wonder dat de koffiejuffrouw nog geen reuma heeft gekregen," zegt Van Cuilenburg.

Afgeschreven

De secretaresse van de vakgroep politicologie zijn de werkomstandigheden aan de Koningslaan te bar geworden. Met permissie van

de voorzitter van de vakgroep heeft zij haar werkzaamheden voorlopig gestaakt. Ook de mensen die er nog wel werken hopen zo snel mogelijk h u n domicilie te kunnen verplaatsen. Er wordt momenteel gewerkt aan een nood-verhuizingsplan, waarbij de politicologen waarschijnlijk verspreid ondergebracht zullen worden in andere stadspanden. Niet dat de politicologen daar erg gelukkig mee zijn, het zal de versnippering immers alleen maar vergroten, maar alles wordt beter geacht dan de huidige situatie. Van Cuilenburg: „Het verval zet zich al zeker zes jaar door. Vroeger hebben we nog wel eens een klusjesman gehad, maar die is nooit vervangen en De Boelelaan heeft gewoon geen aandacht voor de problemen die hier aanwezig zijn. Niet alleen het gebouw is af-

geen geval een verschillend beleid. Wat er wel is, dat is een verschil in gebouw. De stadspanden zijn veel ouder dan het hoofdgebouw en zullen meer mankementen vertonen. Daarbij komt datje weet dat het gebouw over enkele jaren afgestoten zal worden. Dat speelt een rol bij de keuze tussen een grondige reparatie die veel geld kost en een kleinere reparatie met minder kosten". Meijer denkt ook dat de klachten van de politicologen ietwat overdreven zijn: „Als ik u rond zou leiden over de campus, dan zou ik ook heel wat plekjes kunnen aanwijzen waarop wel wat aan te merken valt". Meijer verwijt de politicologen bovendien dat ze de klachten niet aangekaart hebben bij de adjunct-secretaris van de subfacul-

Het VU-pand aan de Koningslaan 31. Van buitenaf gesien een statig geheel. (Foto AVC/VU) geschreven, maar het personeel ook. Als de arbeidsinspectie hier op bezoek zou komen, dan zou het gebouw terstond afgekeurd worden". Hoe reageert De Boelelaan op de aantijging dat men het onderhoud van de stadspanden maar een beetje laat versloffen? Ir. J. C. Meijer, hoofd van de afdeling die over het onderhoud gaat, ontkent ten stelligste dat het hoofdgebouw en de stadspanden verschillend behandeld worden: „Er is in

teit; via deze weg zou de zaak hem tijdig ter ore zijn gekomen. Het antwoord van Van Cuilenburg op dit verwijt is, dat men meermalen de klachten via de adjunct-secretaris aangekaart heeft, maar dat men aan De Boelelaan simpelweg doof is gebleven voor die klachten. Inmiddels zijn de poUticologen bezig met het opstellen van een brief gericht aan het college van bestuur waarin alle ellende opgesomd wordt.

VU-orkest speelt werk van Amerikaanse componisten Na een korte rustperiode is het VU-orkest o.l.v. Daan Admiraal weer van start gegaan met de wekelijkse repetities voor de komende concerten. Op 19 maart in de Sonesta Koepelzaal Amsterdam om 20.15 u u r en 23 maart in de Concertgebouw in Haarlem om 20.15 u u r zal een geheel aan Amerikaanse componisten gewijd programma te beluisteren zijn. Gespeeld worden van Bernstein ,,Ouverture Candide"; van Copland „Billy the Kid"; van Gershwin „Rhapsody in Blue" en van Grofé „Grand Canyon Suite". Over Bernstein kunnen we kort zijn. Het wordt in zo'n razend tempo gespeeld dat reeds n a 4 minuten spelen het slotakkoord klinkt. Deze musical beleefde zijn

première in 1956 en laat de zoektocht van Candide zien n a a r de zin van het leven, begeleid door zijn leermeester Professor Pangloss. Op zoek n a a r een „American sound" componeerde Copland in 1938 de balletsuite Billy the Kid. Copland wilde muziek voor een breed publiek, „easy listening music", helder en vooral zonder pretenties. Hij gebruikt hiervoor volksliedjes zoals „The dying cowboy" en „Git along little dogy". Het verhaal gaat over de avonturen van Billy the Kid, een legendarische held uit het wilde westen. Twee kaartspelende cowboys krijgen ruzie die ontaardt in een schietpartij, fantastisch vertolkt door het slagwerk en trompetten.

Als blijkt dat de moeder van Billy hierbij per ongeluk dodelijk getroffen wordt, steekt Billy de geweldenaars neer en vlucht de open prairie in. Geen happy-end. Billy wordt door bandieten overvallen en doodgestoken. Veel bekender is de Rhapsody in Blue van Gershwin. De dirigent Paul Whiteman verzocht Gershwin een populair jazzy concert te schrijven. Iets van symfonische dimensies had hij echter nog nooit geschreven. Een jaar later, Gershwin was de toezegging geheel vergeten, las hij in de kranten dat hij een symfonie voor Paul Whiteman zou componeren. Het verhaal gaat dat Gershwin „geïnspireerd door het ritme van de rijdende trein" de komplete

s t r u k t u u r van de Rhapsody in Blue voor ogen zag. De arrangeur van Whiteman, Ferde Grofé, helpt Gershwin de partituur te orchestreren voor piano en jazzband en in 1924 werd de Rhapsody in Blue voor het eerst uitgevoerd met Gershwin aan de piano die gedeelten van zijn partij improviseerde omdat deze nog niet was uitgeschreven. De klarinet opent het werk met een schitterend glissando en verrukkelijke blues thrillers. Samen met de virtuoze pianosolo's gespeeld door de Nederlandse pianist Peter Kranen en dwingend koper laat het VU-orkest horen dat het naast de serieuze zich ook .kan verplaatsen in de „Hollywood style" van de jaren '30.

Meer nog dan de ritmen en cowboy melodiën trekt het bijzondere instrumentarium de aandacht voor de Grand Canyon Suite van Grofé. Jong en oud zal genieten van de curieuze geluiden die dit stuk ten gehore brengt. De partit u u r schrijft o.a. paardehoeven voor. Uit dierlievende motieven zullen hier kokosnoten gebruikt worden. Verder zorgen ratels, een wind- en lightningmachine en piani-glissandi ervoor dat, samen met het voltallige orkest, de natuurgeluiden zo echt mogelijk klinken. De Grand Canyon Suite is zo beschrijvend dat de 5 delen het best weergegeven kunnen worden als een toeristisch dagje Grand Canyon.

.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's

Ad Valvas 1984 - 1985 - pagina 371

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 augustus 1984

Ad Valvas | 544 Pagina's