Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 44
30 AUGUSTUS 1985
Fotograaf Kees Keuch klaagt niet, m a a r ik zie hoe hij te lijden heeft onder het gewicht v a n zijn fotoapparatuur. L aten w e wijs b e g e e r t e m a a r over slaan, b e slmt ik, als logikus is oudewater eigenlijk toch mislukt. Tijdens zijn onderzoek n a a r d e v r a a g of vrouwen kunnen schaken, ging hij er met d e d a m e s vandoor. Mijn compagnon kijkt opge lucht, w e s l a a n e e n a n d e r e richting in. Hoe kon Chriet Oudewater in korte tijd zoveel bekendheid verkrijgen? Waarschijnlijk komt het doordat het weekblad d e G r o e n e Amsterdammer d e af gelopen zomer om d e komkom mertijd te overbruggen, weke lijks v a n zijn kennis gebruik heeft gemaakt. Elke aflevering v a n d e Grote Groene Zomerse rie werd vergezeld v a n e e n foto v a n d e 42jarige VUraedewer ker en d o o r g a a n s gaf hij in en kele korte bewoordingen zijn vi sie op het onderwerp dat die w^eek a a n bod kwam. Vrijwel niets ging zijn veelzijdigheid te boven. Als ecobioloog beves tigde hij het b e s t a a n v a n het monster v a n L och Ness, ofte wel het z o g e n a a m d e tuUimon strum, en op juridische gronden bepleitte hij d e eenheid v a n Eu ropa. Als politicoloog b e v a l O u d e w a ter Anne Vondeling a a n als op volger v a n Den Uyl. We slepen ons n a a r het p a n d a a n d e Ko ningslaan, w a a r d e beoefena ren v a n deze discipline zijn ge huisvest, m a a r dat blijkt er to t a a l vervallen en verlaten bij te s t a a n . We v r a g e n ons af of het d e opvolging v a n Den Uyl nog vyel m e e zal m a k e n e n willen ook hier a l w e e r vertrekken als we stemmen horen. W e treffen d e politicologen, die juist in ernstig d e b a t verkeren, met vijfendertig m e n s e n in het enige vertrek dat nog in e e n re delijke staat verkeert, het toüet. Als ik v r a a g of doctorandus Ou d e w a t e r ook aanwezig is wordt het even sü e n vervolgens ont
Drs. Chriet Oudewater Als verkeersdeskundige verklaarde hij links en rechs tot verouderde be grippen. Houdt dit wellicht verband met de moeilijke traceerbaarheid van zijn persoon? Bij zijn vakgroep we gokken op planologie laat men ons niet binnen. Wegens bezuinigingen staat het licht op rood. Het begin van een moeizame speurtocht naar de bebaarde geleerde die al wekenlang het gezicht van de VU naar de buitenwereld toe be paalt, drs. Chriet Oudewater.
Foto AVC/VU
staat er e e n minutenlang ge wring e n gemompel. N a d a t d e hele mensenkluit zich driemaal voUdig heeft omgewenteld, ver klaart m e n eenstemmig: „Twee dingen. Hij is e v e n weg, wilt u misschien e e n b o o d s c h a p ach terlaten?" W e besluiten aldus e n g a a n het ondertussen bij Nederlands op d e Boelelaan proberen.,, V r a a g het d e wind, mijn kind," luidt
Johan de Koning d a a r het antwoord op mijn v r a a g . Voordat ik d a a r evenwel d e k a n s toe krijg begint iemand e e n uitvoerig betoog over reci p i è n t e n g e d r a g e n fictionaliteit, dat ons in ieder geval d e gele genheid geeft om e v e n uit te rusten, m a a r ons niet op het
spoor v a n Chriet Oudewater brengt. Uiteindelijk verklaart e e n woordvoerder: ,,Men heeft h e m onlangs n o g ontmoet in d e z o g e n a a m d e Friesche wafel k r a a m o p d e wereldtentoonstel ling te Parijs, m a a r over zijn te genwoordig verblijf l a a t ik mij niet uit." Onze laatste k a n s is Godge leerdheid, op d e veertiende etage, w a a r Oudewater werk
z a a m schijnt te zijn als nieuw testamentikus. De tent blijkt er aanmerkelijk te zijn vermoder niseerd. In het k a d e r v a n d e corpusgerichte woordanalyse s t a a n er overal computers te ratelen e n te bliepen, op d e grond liggen uitdraaien met in gewikkelde berekeningen te slingeren. „ O u d e w a t e r zit in d e compu ter," weet e e n technisch m e d e werker ons te vertellen. En in d e r d a a d , als w e zijn n a a m via e e n toetsenbord invoeren, ver schijnt er e e n tekst op het beel scherm. ,,Ik b e n e v e n n a a r het bruin café," luidt deze, „ S e e you, e n vergeet niet: Hebreeën 13 gedeeld door 8, Chriet." We prijzen Oudewater om d e standvastigheid v a n zijn geloof, n e m e n afscheid, e n spoeden ons met d e snelste lift n a a r d e b e g a n e grond, w a a r zich bij d e m e n s a het bruin café bevindt. De bekendste geleerde v a n onze universiteit zit er gewoon in e e n hoekje a a n d e bar, a c h ter e e n stevig glas wijn. Met d e rug v a n zijn h a n d veegt hij b e leefd zijn b a a r d af e n vervol g e n s stelt hij zich voor als vino loog. Hij blijkt zich op het mo ment te verdiepen in het enige werkelijke onderwerp v a n d e komkommertijd, het s c h a n d a a l rond d e Oostenrijkse wijnen. „Dit onderzoek betreft e e n ern stige zaak," vertelt hij ons, „ e n het maatschappelijk b e l a n g eist d a t d e w e t e n s c h a p zo spoedig mogelijk concrete resultaten op d e plank legt. OmwUle v a n d e tijdsdruk h e b ik m e d a a r o m in het k a d e r v a n dit onderzoek moeten beperken tot d e zoge n a a m d e Rusterwijnen e n ik k a n u zeggen, deze hier h a n g t in het glas e n zwemt op d e tong. De v r a a g is echter: verliest d e wijn a a n kracht als ze e e n m a a l in gevroreren is geweest e n zijn er wellicht schadelijke gevolgen voor d e menselijke gezondheid a a n te wijzen? Op dit moment k a n m e n d a n nog slechts het volgende met zekerheid vast stellen: Rust never sleeps."
'Hengel, hengel, hé, ik heb een vis' ,,Moet d e kachel a a n ? " v r a a g t Niels Voorbach terwijl hij m e n a a r d e b a n k leidt. Aangezien het prachtig weer is besluiten w e h e m m a a r uit te laten. Niels is drie j a a r oud. Zijn vader, Hans, werkt als onderwijskundi g e a a n d e VU. Hij klimt op het a a n r e c h t om iets lekkers voor bij d e koffie te pakken. Niels e n ik h e b b e n elkaar voor het eerst ontmoet in het kantoor tje v a n het kinderdagverblijf 't Olifantje. We w a r e n er allebei o p visite bij d e hoofdleidster, Dorine Kalingfreks. Hij stak e e n l a n g v e r h a a l af over e e n avon tuur dat hij met zijn v a d e r h a d beleefd: ,,We gingen in d e bots autootjes e n toen gingen w e bots! tegen d e a n d e r e mensen a a n . Ik mocht rijden (Niels maakt een gebaar waaruit blijkt dat zijn arm en nauwelijks lang genoeg waren om het brede stuur vast te houden) e n p a p a zat achter mij. Er zaten g e e n p e d a l e n a a n d e botsauto." Hij vond het best als ik n o g e e n s bij h e m langs zou komen op zijn woonboot om hem beter te leren kennen. Ik hoopte zeer dat hij m e iets concreets te vertellen zou hebben, want ik h a d ook a l e e n seniele geleerde voor d e a c h t e r p a g i n a gemterviewd e n é é n diverterend v e r h a a l is meer d a n genoeg.
ü
Johan de Koning E e n cassetterecorder noemt hij e e n radio e n het ding wekt d e nodige belangstelling bij d e driejarige, zodat het op d e woonboot a l snel gezellig wordt. Zodra hij d e toetsen ervan e v e n met rust laat, stel ik mijn eerste vraag. Wat is je lievelingsspeelgoed, Niels? ,,Mijn blokfluit." Waarom vind je die zo m ooi? ,,Ik vind h e m niet mooi. Nee hoor, w a n t hij klinkt e e n beetje anders." Hoezo anders? ,,Weet ik niet. Je moet zo door die g a a t j e s . . . (gebaart m et zijn vingers voor zijn m ond)" Je m oetje vingers op de gaatjes houden? ,,Waarom? Nee toch? Je moet blazen. Ik houd nooit mijn vin gers op d e gaatjes." Niels loopt w e g om e e n a n d e r speelgoed v a n zijn g a d i n g te pakken, e e n plastic boot, be m a n d met smurfen, die a a n d e a n d e r e kant v a n d e kamer in e e n blokken sluis staat g e p a r keerd. Terwijl hij h e m onder luid gegil over d e vloer n a a r mij toe vaart, verklaart zijn v a d e r die ook thuis is onder ons: „Hij speelt nooit blokfluit." ,,Hier komt e e n kleine boot,"
zegt Niels terwijl hij aanlegt. ,,Hans heeft h e m gemaakt, sa m e n met mij." Heb je hem weleens in het vira ter gegooid? „Nee, natuurlijk niet, d a n zinkt hij. Een speelgoedboot blijft toch niet drijven? Nee toch? En het w^ater is heel diep hoor. Wü je n o g koffie?" Zelf neemt Niels n o g e e n beker chocomel.,,Hen gel, hengel, h é ik h e b e e n vis," zegt hij terwijl hij er bedacht z a a m in roert. Thuis, in Nederland op d e
Foto Bram de Hollander
woonboot, heeft Niels het n a a r zijn zin. Het buitenland is echter niet a a n h e m besteed. ,,Joego slavië," liegt hij, als ik v r a a g w a a r hij o p vakantie is geweest, Hoe vond je het in Italië? „Warm. Te warm." Heb je er m isschien toch iets leuks m eege m aakt? „We zijn n a a r rails t o e g e g a a n . We gingen n a a r d e trein kijken. Er w a s e e n zachte trein e n e e n h a r d e trein, die ging héél hard." Daarna ben je naar Frankrijk toegegaan? „Ja." Hoe vond je het daar? ,,Ook te warm. W e zijn er niet gebleven." Waar zijn julie dan naartoe ge gaan? „We zijn n a a r het spoorlijntje hier wezen kijken. Er is hier vlakbij e e n spoorlijntje, er komt e e n tram over. En ik b e n ook nog bij o m a geweest. Heb jij ook e e n oma? De mijne heet o m a Jopie. Ze heeft snoepjes, die heeft ze a a n mij g e g e v e n e n dat w a s heel lekker. We gingen ook met d e rondvaartboot. D a n ging het touw los e n d a n gingen w e varen. We stuurden met e e n wiel. Het w a s in d e stad e n d a a r w a s ook e e n toeter." Blies die hard? „Ja, m a a r dat w a s niet zo leuk (zucht). P a p a , zet Emie e n Bert e e n s op." P a p a : ,,Vertel eerst m a a r e e n s w a t w e n o g meer
voor platen hebben." Niels (haalt diep adem ): ,,Moo zaaart." De beide ouders v a n Niels wer ken. Met zijn vader, die n a a r e i g e n ' z e g g e n onderzoek n a a r d e opleiding v a n leraren voor het voortgezet onderwijs doet, g a a t Niels wel e e n s m e e . Wat doet papa? „Schrijven e n opbellen." Zijn eigen kinderdroom is b r a n d w e e r m a n te worden. Hij heeft e e n boek w a a r i n staat hoe twee kinderen ( w a a r v a n er é é n niet k a n lopen omdat ze uit e e n boom gevaUen is) b r a n d w e e r m a n worden, m a a r Niels beseft d a t dat fictie is: „Ik k a n toch niet b r a n d w e e r m a n worden als ik e e n echt kindje ben?" Niels merkt dat d e pixiereporter l a n g z a m e r h a n d door zijn vra g e n h e e n raakt e n stelt voor om vanaf het balkon te g a a n vis sen. A a n e e n l a n g stok heeft hij e e n rode plastic vis g e h a n g e n , die Moenie heet. Even later vind ik m e h a n g e n d boven het water „het water is heel diep hoor," herinner ik m e om vis e n hen gel er voor d e krijsende Niels weer uit te halen. Vanaf het bal kon verleent zijn v a d e r me enig tegenwicht. „Hij is e e n beetje druk v a n d a a g , " zegt die m e als ik weer veilig a a n boord sta. „Mischien laten w e h e m ook wel te vrij hoor."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985
Ad Valvas | 568 Pagina's