Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 405

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 405

9 minuten leestijd

27 MAART 1986 De internationale publiciteit wisten Theo Knippenberg en Suzan Gabrielle te halen toen zij op 13 november 1985 een bezoek brachten aan de Russische partijleider Gorbatchov. Zij waren daar samen met twee Nobelprijswinnaars, de Amerikaan George Wald en de Rus Alexander Prokhorov. Het bezoek was een uitvloeisel van het Kaos-Wereldcongres voor de Vrede dat enige tijd daarvoor in Maastricht was gehouden en waar bijna zestig Nobelprijswinnaars in een petitie zich uitspraken tegen de bewapeningswedloop. De petitie zou zowel aan Reagan als a a n Gorbatchov aangeboden moeten worden. „Het ijzeren gordijn rond Reagan bleek ondoordrmgbaar," zoals Suzan Gabrielle het uitdrukte, maar het contact met de Russische partijleider bleek in een vloek en een zucht te zijn gelegd. Gorbatchov had twintig minuutjes uitgetrokken voor de aanbieding van de petitie, maar uiteindelijk werd er een diepgaande conversatie van twee en een half uur gevoerd, waarbij geen gespreksonderwerp taboe was. De scepticus kan zijn twijfels hebben over het nut van zulke ontmoetingen. Worden deze goedwillende idealisten immers niet gebruikt als instrumenten om het aanzien van het nieuwe Russische bewind in de westerse publieke opinie op te vijzelen? Voor het uitgeversduo is dat echter nauwelijks een relevante zaak. „Ja, we zijn ons bewust dat we ons geleend hebben voor propaganda-doeleinden, maar we hebben ons in ieder geval niet onbewust laten gebruiken. Morgen zouden we het weer doen. We laten ons duizendmaal liever gebruiken als propagandamateriaal voor wapenafbouw dan voor oorlogsvoering. Als morgen de SovjetUnie met nog meer troepen Afghanistan binnendringt, dan zullen wij ons lenen om daar propaganda tegen te maken. Even zo goed zouden we direct bereid zijn om Reagan te steunen als we het gevoel zouden hebben dat hij serieus van plan is om bij te dragen tot ontwapelung. Overigens hebben we in ons onderhoud met Gorbatchov ook gesproken over de mensenrechten in de Sovjet-Unie, de dissidenten en de situatie in Afghanistan." We zitten in het kantoorgebouw van Kaos. Zoals te verwachten viel van een organisatie die in contact staat met de groten van deze aarde, gonst het er van de activiteit. Er wordt geboord, getiimnerd, geverfd en vloeren gelegd; het tijdschrift is namelijk net verhuisd. Het is ongetwijfeld een fikse vooruitgang, maar ook de nieuwe residentie is niet bepaald een klassieke kantoorkolos. Het is een iebwat aangepaste, normale woonetage, met een zolderverdieping erbij. Nog maar net is het derde niraimer van Kaos verschenen in een ongelooflijke hoge oplage van vijftigduizend exemplaren; en dat voor een bundeling van artikelen die zich niet allemaal even snel bij het knapperend haardvuur laten weglezen. De artikelen zijn veelal voorpublikaties van boeken die nog lang niet vertaald zijn, het zogenaamde „work-in-progress" en teksten van lezingen. Een enkele keer wordt er een artikel speciaal voor de krant geschreven, bij voorbeeld een artikel van de econoom Jan Tinbergen in het tweede nummer. Het zijn trouwens toch niet de kleinste jongens waarvan verhalen in Kaos gepubliceerd worden. Een kleine greep: R. D. Laing, FritjofCapra, Michel Foucault, Peter Sloterdijk, Douglas Hofstadter. De krant is maar één kant van

D e zelfgekozen c h a o s v a n e e n j o n g e r e d a c t i e

'Wat wij nu doen past bij onze leeftijd' Het tijdschrift Kaos is nog maar net a a n zijn derde nummer toe, maar nu al kan gesproken worden van een groot succes. De oplage van het blad is hoog en daarnaast legt men zich toe op het organiseren van congressen vyaarvoor men internationaal vermaarde wetenschappers heeft weten te strikken. Theo Knippenberg en Suzan Gabrielle zijn de uitgevers van het blad, en zij proberen zelfs in de organisatie van hun bedrijfje hun eigen filosofische principes toe te passen.

Theo Knippenberg en Suzan Gabrielle met hun geesteskmd. het hele Kaos-gebeuren. Daarnaast organiseert men ook nog eventjes drie grote congressen in een jaar. Het volgende, dat met pinksteren gehouden wordt, heeft als titel: „Eros and violence in relationships". Als prominente eregast zal daarbij onder andere aanwezig zijn, mits zijn broze gezondheid geen roet in het eten gooit, de beroemde Argentijnse schrijver Jorge Luis Borges. Als laatste activiteitenpoot brengt Kaos ook cassettes op de markt met lezingen. Al die activiteiten ondersteunen elkaar. Artikelen in de krant dienen als basis voor congressen, en omgekeerd worden lezingen op congressen ook weer in het blad gepubliceerd of op cassette opgenomen. Van de beide uitgevers is Theo Knippenberg degene die al de meeste ervaring heeft in het vak. Hij heeft bij voorbeeld nog a a n de wieg gestaan van muziekkrant Oor, maar grote bekendheid heeft hij gekregen door de uitgave van de Bulkboeken. Deze kranten met literaire teksten werden gebruikt in het middelbare onderwijs. Suzan Gabrielle heeft zich hiervoor met name beziggehouden met fotografie, kleding en organisatiewerk in de muziekwereld. De beide uitgevers opereren nu op een terrein dat de „nieuwe wetenschap" genoemd wordt. ,,Een klotewoord," geeft Theo Knippenberg toe, „een onmogelijk uit je strot duwbaar begrip." Dat deze aanduiding gebruikt wordt, komt echter doordat in Engeland en Amerika het bec(rip „new sciences" al langer ingeburgerd is. De overgang van literatuur naar nieuwe wetenschap is voor Knippenberg niet zo'n grote stap geweest. „Neem iemand

als Borges, die kun je volgens mij zowel bij de filosofie als bij de literatuur onderbrengen. Het zijn gebieden die elkaar overlappen. Eén van de kermierken van de nieuwe wetenschap is een grotere toegankelijkheid voor onopgeleiden dan in de traditionele vormen van wetenschapsbeoefening. Daar hoort beslist ook een schrijfstijl bij die de toegankelijkheid bevordert." „Wij houden ons ook veel bezig met relaties, met hoe mensen met elkaar omgaan. Waar vind je nu fraaiere voorbeelden over zulke onderwerpen dan in de wereldliteratuur? Persoonlijk ben ik nooit geïnteresseerd geweest in literatuur voor de mooischrijverij. Het is toch altijd een inhoudelijke kwestie geweest en dat heeft veel te maken met de nieuwe wetenschap." Daarnaast is het voor Knippenberg ook een kwestie van persoonlijke ontwikkeling geweest. „Op mijn twintigste communiceerde ik gemakkelijker met middelbare scholieren, je had een persoonlijke interesse die overeenstemde met die van anderen. Wat we nu doen past meer bij onze leeftijd van in de dertig, tegen de veertig. Vroeger was ik in literatuur geïnteresseerd omdat ik daarin vraagstellingen en pogingen tot antwoord herkende, die mij zelf ook bezighielden. Intussen heb ik gemerkt dat ik veel meer vraagstellingen vind bij de nieuwe wetenschap." Een gemeenschappelijke gedachte van veel „nieuwe wetenschappers" is hun kritiek op het Cartesiaanse denken. De traditionele wetenschap wordt ervan beschuldigd haar objecten te bestuderen door ze in steeds kleinere mootjes te hakken en alle onderlinge verbanden weg te snijden. Om het in

Koos Neuvel metaforen te zeggen: de traditionele wetenschap zou de machine willen begrijpen door hem te slopen, terwijl de nieuwe wetenschapfjers de machine in zijn geheel willen zien, in zijn relatie met de omgeving en aangeven dat zij zelf deel uitmaken van die machine. Deze meer organische visie op de werkelijkheid wordt ook wel „holisme" genoemd.

wel noflef, maar we vinden het heel irritant dat je tegenwoordig voor alles en nog wat een specialist nodig hebt." Dot betekent niet dat er geen taakverdeling is, met als gevolg een volledig ontbreken van efficiency. Knippenberg: „Natuurlijk is die taakverdeling er wel. Je selecteert bij voorbeeld mensen op verschillende criteria en één daarvan is dat je mensen kiest die goed zijn in dingen waar je zelf niet goed in bent. Dat wil echter niet zeggen dat er vanaf dat moment een strikte scheiding tot stand komt. Er is hier niemand die niet vrolijk en rustig meepraat over de inhoud van de krant, of over congressen. Niemand werkt hier ook alleen van negen tot vijf uur. Je moet een team hebben van mensen die elkaar aanvullen." Knippenberg erkent wel dat zijn werkwijze kan floreren in een kleinschalig bedrijfje, maar dat General Motors er volledig door te gronde zou worden gericht. In de tot nog toe verschenen nummers van Kaos zijn diverse interessante artikelen te lezen. Soms echter lijkt de holistische filosofie wel een heel bizarre wending te nemen. Zo geeft de Amerikaan Eüerbroek een zeer eigen inhoud aan de eenheid van geest en lichaam. Volgens hem komt kanker vooral voor bij mensen met een depressief gemoed en loop je geen gevaar als je maar vrolijk, fluitend door het leven gaat. „Wees niet depressief - want waarom zou je kanker krijgen?" luidt de boodschap van EUerbroek. Aan de beide uitgevers daarom de vraag of je met publikatie van zulke artikelen je niet op ean gevaarlijk terrein begeeft, het wordt al snel een moderne charlatanerie? Knippenberg vindt zelf de stelling van Eüerbroek te boud en te simplistisch. „Met het idee dot kanker iets te maken heeft met psychische toestanden ben ik het wel eens, maar niet dat het er dus door veroorzaakt wordt. In hetzelfde nummer hebben we trouwens een antwoord van Gregory Bateson gepubliceerd, die zelf aan kanker leed, waarin deze stelling ook bekritiseerd wordt." „De artikelen die wij publiceren zijn voor intelligente lezers, we willen niet betuttelen. In Kaos zullen meer artikelen staan waar ik het niet honderd procent mee eens ben. Als je het blad intensief leest, zie je ook onderling flagrante tegenstel-

De redactie en twee Nobelprijswinnaars bij Gorbatchov. Voor de beide uitgevers is dit hoUsme niet zomaar een moeilijk, abstract filosofisch principe. Zij proberen er gebruik van te maken in hun eigen bedrijf, in him eigen leven. Suzan Gabrielle: „Het hele idee van het opbouwen van een bedrijf door alles sterk te isoleren, door functies van elkaar te scheiden, is sterk Cartesiaans. Het is juist leuk, als je overtuigd bent van onze filosofie, om een bedrijf zo op te zetten dat alles elkaar overlapt. Dat je met elkaar een geheel vormt. Het is misschien

lingen tussen verschillende schrijvers. Het criterium is vaak dat het leuk is om even een gedachtenproces op gang te brengen. Er worden leukere, interessantere manieren aangedragen om tegen bepaalde problemen aan te kijken. De lezers worden verondersteld zelf te denken en wij hoeven daar niets aan toe te voegen. Het is prima als er bepaalde tegenstellingen in de krant tot uitdrukking komen. Pasklare oplossingen? Forget it." m

B

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985

Ad Valvas | 568 Pagina's

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 405

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985

Ad Valvas | 568 Pagina's