Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 287

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 287

15 minuten leestijd

24 JANUARI 1986 De bewaking v a n d e kwaliteit v a n het wetenschappelijk on­ derwijs is momenteel zeer en vogue. Er wordt althans veel over g e p r a a t e n geschreven. Rector­magnificus prof. dr. P. J. D. Drenth, die d a a r het zijne a a n bijgedragen heeft, b e a a m t deze verhoogde belangstelling voor het onderwijs: „Vroeger stelde m e n d e v r a a g n a a r d e kwahteit v a n het wetenschap­ pelijk onderwijs gewoon niet. Universiteiten w a r e n elitaire in­ stituten: d e colleges w e r d e n ge­ g e v e n door verstandige lieden die zelf ook gestudeerd h a d d e n e n d a a r m e e w a s d e kous af. De enkele hoogleraar die werd a a n g e n o m e n w a s vanzelfspre­ kend goed e n dat w a s ook wel zo. M a a r sinds e e n a a n t a l jaren is d e universiteit minder e e n bol­ werk en is meer a a r d s e r gewor­ den. Dat verhoogt d e k a n s dat e r fouten g e m a a k t worden. Nu liggen d e selectiedrempels voor e e n hoogleraarschap e e n stuk lager. En het is niet op voorhand zo d a t afgestudeerden goed toe­ geruste personen zijn." De arbeidsmarkt heeft dit laat­ ste ook in d e g a t e n gekregen. Academici moeten nu met el­ k a a r en met HBO'ers concurre­ ren om d e beschikbare b a n e n . Een a n d e r e reden om tot kwali­ teitsbewaking over te g a a n is d e toegenomen druk vanuit d e po­ litiek om verantwoording af te leggen v a n d e besteding v a n middelen. G e e n prestaties, d a n g e e n geld, is het hardvochtige parool v a n d e overheid. Het evaluatiesysteem dat nu a a n d e VU ontwikkeld is, is ge­ tooid met het sierlijke acroniem AMOS: Analyse Model voor het Onderwijs in Studierichtingen. Het is in opdracht v a n het Colle­ g e v a n Bestuur ontwikkeld door d e afdeling Onderwijsresearch v a n d e VU. De kern v a n het model bestaat uit e e n serie richtgetallen die a a n g e v e n hoe d e studievoortgang in d e twee­ fasen­structuur idealiter zou moeten verlopen. Zo zouden volgens het plaatje 75 procent v a n d e studenten die a a n e e n studie b e g o n n e n zijn d e prope­ deuse in é é n d a n w e i twee j a a r moeten halen. In d e doctoraal­ fase dient, nog steeds volgens het AMOS­model, d e studievert­ raging en ­uitval minimaal te zijn. Uiteindelijk moet 70 procent v a n d e studenten d e studie, al­ thans d e eerste fase, binnen d e wettelijk toegestane mschrij­ vingsduur kunnen afronden. Volgens Wim van Os v a n On­ derwijsresearch zijn deze richt­ getallen of streefpercentages g e b a s e e r d op e e n mixture v a n ministeriele beleidsuitgangs­ punten, ambachtelijke expertise en een zeker pragmatisme over wat h a a l b a a r is. ,,Niet iedereen die met e e n universitaire studie begint, is d a a r ook geschikt of gemotiveerd voor. De opzet v a n ons model is dat dat snel moet blijken. Het zou e e n slechte zaak zijn als d e selectie in het eerste j a a r minimaal is e n p a s m het vijfde j a a r zou blijken dat grote aantallen studenten d e studie niet birmen d e gestelde termijn kunnen halen. D a n klopt er iets niet. Dat zou niet alleen verspilling v a n middelen zijn, m a a r is ook niet in het b e l a n g v a n betrokken studenten." De onderwijsvisie die achter het AMOS­model schuügaat, strookt met d e uitgangspunten van d e tweefasenwet: d e prope­ deuse m a g e e n hordeloop met selectie zijn, m a a r d a a r n a , in het doctoraal, m a g er niet teveel uitval zijn (vijf procent in totaal stelt AMOS). In d e doctoraalfa­ se moet in principe volgens het contractmodel gestudeerd wor­ den. De bedoeling v a n d e streefge­ tallen is duidelijk. W a n n e e r e e n studierichting ervan afwijkt, is dat aanleiding tot n a d e r onder­

VU wil met „uniek" s y s t e e m inspectie voor zijn

AMOS moet aanzet geven tot onderwijsverbetering Na de jarenlange sterke aandacht die het uni­ versitaire onderzoek heeft gekregen, zet het College van Bestuur van de VU zich momenteel in voor een verhoging van de kwaliteit van het onderwijs. Al was het alleen maar omdat minis­ ter Deetman inspecteurs op de universiteiten af wil sturen. Maar er zijn meer redenen. In deze tijd van beperkte middelen vormen studenten voor de universiteiten een kostbaar goed dat met de nodige zorg omringd moet worden. De afdeling Onderwijsresearch van de VU ontwik­ kelde daarom een evaluatiemodel voor het on­ derwijs. Omdat alle faculteiten eraan meewer­ ken wordt de operatie „uniek" genoemd.

Wim Crezee (PKV) gematigd positief over het AMOS­systeem. De huidige si­ tuatie v a n het wetenschappelijk onderwijs noemt hij allerminst gelukkig. „We zitten nu met d e resultaten v a n e e n j a r e n l a n g afbraakbeleid. De besnoeiin­ g e n op personeel zijn vooral ten koste g e g a a n v a n het onder­ wijs. De programma's zijn v a a k sclioolser geworden e n minder arbeidsintensief. Als het d a n g a a t om kwaliteitsbewaking v a n d e eerste fase, g a a t bij mij altijd e e n belletje rinkelen: d e

cultuur binnen d e universitaire muren w a a r i n het v a n b e l a n g wordt g e a c h t om onze klanten, d e studenten, goed te bedie­ nen." Ook rector Drenth is die mening t o e g e d a a n . „Met het stellen v a n sancties kun je nooit onderwijs verbeteren ­ dat is mijn grond­ overtuiging. Je kimt voorwaar­ d e n creëren e n h o p e n dat er bij faculteiten voldoende enthou­ siasme, kwaliteit e n identificatie met d e t a a k bestaat om hun on­ derwijs te verbeteren. Met cen­ tralistische maatregelen, vanuit het CvB, schiet je g e e n steek op. Een gevolg is alleen dat facili­ teiten zich defensief g a a n op­ stellen. Natuurlijk k a n het CvB in zijn gesprekken met d e facul­ teiten d e rapportages v a n On­ derwijsresearch gebruiken als start v a n d e discussie. Maar die evaluatierapporten moeten op d e eerste p l a a t s e e n basis zijn voor zelfevaluaties in d e facul­ teiten." Volgens Drenth zou het goed zijn w a n n e e r d e beleids­ structuur v a n faculteiten meer gericht is op onderwijsevalua­ tie. Hij ziet daarbij e e n mogelij­ ke rol weggelegd voor e e n vice­ d e c a a n die alle lijntjes op dit terrein bij elkaar houdt. De strategie v a n het universi­ teitsbestuur is dus d e faculteiten met zachte h a n d a a n te sporen d e kwaliteit v a n hun onderwijs te verbeteren. Dwingende ncht­ Ujnen worden daarbij als niet succesvol gezien. Van e e n kop­ peling v a n het AMOS­systeem a a n het systeem volgens welke d e middelen a a n d e universiteit verdeeld worden, is, althans voorlopig, g e e n sprake.

Ongunstig

George Bemaert e n Wim v a n Os v a n Onderwijsresearch zoek. De verantwoordelijke fa­ culteit moet in dat geval h a r d kunnen maken dat een trage studievoortgang te wijten is a a n factoren die buiten d e opbouw e n d e inhoud v a n het studiepro­ g r a m m a liggen ­ factoren w a a r o p e e n faculteit g e e n ,,grip" heeft. Zo k a n er in d e p r o p e d e u s e sprake zijn v a n on­ gemotiveerde studenten, v a n e e n parkeerstudie, v a n studen­ ten met e e n minder a d e q u a t e vooropleiding e n dergelijke. ,,Maar," zo benadrukt George Bemaert v a n Onderwijsrese­ arch, ,,dit soort verklaringen m o e t e n niet uit d e sfeer v a n rationalisaties of koffiedikkijke­ rij komen. Faculteiten moeten e e n gefundeerd v e r h a a l heb­ b e n om d e afwijking te verkla­ ren ­ liefst met empirische on­ derbouwing."

Enquête G a a n deze verklaringen niet op, d a n is er dus alle reden om d e studie n a d e r onder d e loupe te nemen. Een hulpmiddel d a a r ­ bij is e e n vragenlijst w a a r o p studenten hun w a a r d e r i n g kun­ n e n g e v e n over e e n b e p a a l d studieonderdeel. Wat vindt m e n v a n d e collegeopbouw, d e uit­ leg door d e d o c e n t het college­ dictaat, d e g e h a n t e e r d e onder­ wijsmethode, het tentamen, et­ cetera. De Vragenlijst is gestan­ d a a r d i s e e r d zodat docenten die slecht scoren, snel in het oog springen. Bovendien wordt op d e z e manier e e n verbetering v a n d e cursusopzet over e e n reeks v a n jaren zichtbaar. Nu is het niet zo dat d e oordelen v a n studenten als laatste w a a r h e i d

moeten worden opgevat. Stu­ d e n t e n kunnen zich immers ,,vergist" h e b b e n e n sommige studie­onderdelen zijn nu een­ m a a l zure appels w a a r m e n zich doorheen moet zien te bij­ ten, zegt Onderwijsresearch. Toch k a n e e n l a g e w a a r d e r i n g e e n sicfnaal zijn om bijvoor­ beeld d e didactische vaardig­ h e d e n v a n d e betreffende do­ cent bij te schaven. Overigens is het zo dat studie­ richtingen met rendementcijfers die in d e buurt liggen v a n d e streefgetallen, in d e toekomst niet a a n d e a a n d a c h t zullen ont­ s n a p p e n . Het k a n immers voor­ komen dat slecht onderwijs, on­ gemotiveerde studenten of e e n slechte onderwijsorganisatie g e c o m p e n s e e r d wordt door e e n te licht p r o g r a m m a of te l a g e examennormen. Het AMOS­systeem, dat zich n o g in e e n eerste fase v a n toe­ p a s s i n g bevindt, kent e e n b e ­ langrijke beperking: het houdt zich vooral bezig met d e zoge­ n a a m d e proceskwaliteit. Het draait om d e v r a a g of g e g e v e n d e eindtermen v a n e e n studie e n g e g e v e n d e beschikbare middelen er efficient en effectief met deze middelen wordt omge­ sprongen. De universitaire op­ leidingen moeten bedrijfsmati­ ger worden gerund, is d e ach­ terliggende g e d a c h t e . De tijd is voorbij dat e e n studie gemid­ deld acht j a a r kon duren. En e e n universiteit met e e n l a a g rendement zal steeds meer van­ uit Den H a a g financieel worden gestraft. Vanwege d e g e n o e m d e beper­ king is student­raadslid Erik Sol

Foto Michel Claus, AVC/VU

tweefasenstructuur, die op zich­ zelf al e e n verschraling v a n het onderwijs betekende, is door het grotendeels wegvallen v a n d e t w e e d e fase fors gekortwiekt. De bewaking v a n d e kwaliteit begint dus op e e n vrij l a a g ni­ veau." De belangrijkste fimctie v a n AMOS ligt volgens Erik Sol bij zijn signaalfunctie. ,,Bij eco­ nomie zijn er bijvoorbeeld gi­ gantische uitvalpercentages. D a a r is blijkbaar iets a a n d e h a n d . Nu, dat wisten w e op zich drie j a a r geleden ook al. M a a r dezelfde constatering van AMOS is d a n e e n deurtje om bij d e faculteit binnen te komen. De rapporten v a n AMOS zijn dus e e n aanloopje tot d e eigenlijke discussie over onderwijs. Niet meer e n niet minder." O n d a n k s deze e n a n d e r e kriti­ sche geluiden zijn cdle facultei­ ten vorig j a a r accoord g e g a a n met het AMOS­systeem. De VU k a n zo als eenheid opereren e n dat is volgens Bemaert landelijk gezien uniek. „Bij deze operatie merk je dat d e VU e e n relatief homogene universiteit is. De overleggen tussen College v a n Bestuur e n d e faculteiten verlo­ p e n in e e n constructieve, zake­ lijke sfeer. Men is er zich v a n bewust dat kwaliteitsverbete­ ring v a n het onderwijs e e n ge­ meenschappelijke t a a k is e n d a t is e e n basis die je nodig hebt om e e n organisatie te veranderen. Je kunt natuurlijk v a n bovenaf veranderingen opleggen e n af­ dwingen met e e n systeem v a n sancties. M a a r dat werkt niet echt. Wat je d a n krijgt is achter­ docht, lake, politieke strijd ­ noem m a a r op. W a a r het om g a a t is het ontwikkelen, v a n e e n

Enkele weken terug heeft On­ derwijsresearch e e n eerste r a p ­ port uitgebracht over d e studie­ voortgang v a n d e studenten­ lichting '82­'83, d e eerste lichting v a n d e tweefasenstructuur. Het beeld is niet e r g gunstig. Van deze generatie heeft slechts 27 procent n a twee j a a r g e e n ver­ traging opgelopen. (Uitschieter n a a r b e n e d e n is, m d e r d a a d , economie: welgeteld é é n pro­ cent b e h a a l d e d e propedeuse in é é n jaar). Met d e nodige slagen om d e a r m concludeert het r a p ­ port dat voortzetting v a n deze tendens ertoe leidt dat bij slechts enkele faculteiten e e n beperkt a a n t a l studenten (min­ der d a n twintig procent) het doctoraalexamen birmen d e cursusduur zal halen. Bij e e n a a n t a l faculteiten doet Onderwijsresearch verder­ g a a n d onderzoek n a a r studie­ vertraging e n ­uitval. Zo zijn bij economie d e potentiële studie­ stakers geënquêteerd teneinde hun beweegrredenen te achter­ halen. In het rapport worden ook voor­ stellen voor docententrainingen en studievaardigheidscursus­ sen uitgewerkt. Worden d e onderwijsinspec­ teurs v a n Deetman met deze ini­ tiatieven nu overbodig? Drenth houdt daarnaar gevraagd, een gloedvol betoog over d e nood­ z a a k „in huis d e zaak op orde te h e b b e n . D a n hoef je ook niet b a n g te zijn voor die visitatie­ commissies. Laat ze m a a r ko­ men." De voordelen v a n interne kwaliteitsbewaking boven e e n inspectie v a n staatswege zijn voor h e m duidelijk: er is meer ruimte om eventuele tekortko­ mingen tijdig te corrigeren. Ook Van Os meent dat d e drei­ ging v a n visitatiecommissies g e e n k w a a d kan: „Tot dusver is er a a n universiteiten als geheel niet veel g e d a a n a a n interne evaluatie, hoewel dat wel voor­ geschreven is in d e tweefasen­ wet. Er is dus blijkbaar toch iets meer voor nodig, bijvoorbeeld e e n druk v a n buiten."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985

Ad Valvas | 568 Pagina's

Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 287

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985

Ad Valvas | 568 Pagina's