Ad Valvas 1985 - 1986 - pagina 51
6 SEPTEMBER 1985 Sinds 1983 krijgen de studenten geen prachtige folders met het halfjaarlijkse Studivmi Génerale-programma meer thuisgestuurd. De steeds speciaal ontworpen affiche-boodschappen zijn ook verleden tijd geworden. Dat kostte telkens vele duizenden guldens. Als wij dan ook ons steentje aan de bezuinigingen moeten bijdragen, dan moet het maar op onze grootste begrotingspost: de publiciteit, dacht de Commissie Studium Generale, die er vanzelfsprekend niet erg gelukkig mee was, na rijp beraad. ,,Bovendien was de ambtelijke ondersteuning al teruggebracht van tv7eeëneenhalve dag tot anderhalve dag per week," zegt commissiesecretaris Peter Sebek, die juist aan het begin van de minder plezierig wordende tijd aantrad. „Daardoor werden we gedwongen over een andere aanpak na te denken. Eerst werd een beperkter programma overwogen, maar we kwamen uit bij de publiciteit. De programma's werden voortaan in Ad Valvas op 'kooppagina's' aangekondigd en de affiches werden standaardaffiches, die bij de huisdrukkerij elke keer een nieuwe tekst kregen." Financieel was zo de lucht geklaard bij een afgekalfd budget, dat nu nog slechts ƒ 10.000 bedroeg, terwijl het ooit ongeveer viermaal zo groot was geweest. Ook organisatorisch bezon de commissie zich als gevolg van de financiële aderlating, want hoe kon je de belangstelling op peü houden bij een minder pregnante publiciteit. Het Studium Generale was in tegenstelling tot de andere universiteiten en hogescholen aan de VU steeds strikt als een ondervTijsaangelegenheid beschouwd: door middel van lezingen over verschillende vakgebieden studenten de samenhang der wetenschappen te laten zien en hen zicht geven op de relatie tussen wetenschap en samenleving. Dat hoefde niet te veranderen, maar een betere afstemming op wat er overigens op de VU aan activiteiten voor studenten wordt ontplooid: culturele (Algemeen Cultureel Centrum), religieuze en levensbeschouwelijke (Bezinningscentrum) en vormingsactiviteiten (Vormingscentnmi), die elders onder de Studium Géneralekoepel vallen, zou zo kwaad nog niet zijn. Zo'n programmatische samenwerking zou tot ieders voordeel kunnen werken, niet aUeen omdat overlappingen zouden kunnen worden vermeden, maar ook omdat bij de keuze van één gezamenlijk algemeen thema met een aanpak uit veel meer gezichtshoeken overal misschien een hogere belangstellingsscore van studentenzijde behaald zou kunnen worden. Dat de interesse voor de Studiimi Génerale-lezingen omstreeks het begin van de jaren '80 geleidelijk aan was gaan dalen, werd op dat moment niet onderkend als een sluipende tendens die wel eens een permanenter karakter kon krijgen . . . Van de soms happentng-achtige lezingen in de jaren zestig en zeventig was geen sprake meer. Het College van Decanen, waar de commissie Studium Generale onder ressorteert, ging met de voorgestelde aanpak akkoord. De veelkleurige lapjesdeken werd een hechter geheel. Waren vertegenwoordigers van het ACC, Bezinningscentrum en Vormingscentrum tot dan toe alleen als toehoorders bij de commissiebijeenkomsten aanwezig geweest, nu veranderde hun status en werden ze (evenals de vertegenwoordigers van de Exposoriumcommissie en de wetenschapsvoorlichter) leden van
Belangstelling voor lezingen liep te veel t e r u g
Cursus vorm moet kwijnend Studium Generale redden Als VU-student zomaar eens een graantje van het Studium Génerale-cyclus meepikken, omdat een bepaalde lezing je interessant lijkt, kan niet meer. Met ingang van dit studiejaar moeten studenten zich voor het héle Studium Generale van tevoren inschrijven. En dat doen ze dan niet voor een serie lezingen, maar voor een aantal colleges die bij elkaar een „cursus" vormen. Dit najaar gaat die cursus over de Middeleeuwen . . . De vrijblijvendheid is eraf. Niet omdat de organiserende commissie vindt dat het daarmee maar eens afgelopen moet zijn. Nee, er is meer a a n de hand: het gaat niet zo goed met het Studium Generale. Het verhaal van een reddingspoging.
zeggen over hoe het met de tweede zal gaan." Ook hij heeft zo zijn mening over de tanende interesse. „De mentaliteit van de studenten is veranderd. Het is een beetje generaliserende opmerking weliswaar, maar het maatschappelijk engagement is afgezwakt. Studenten denken meer aan carrière. Ze kijken minder over hun eigen enge studiemuurtjes heen en willen zo snel mogelijk afstuderen om aan de bak te komen. Aan de andere kant is het zo dat de universiteit een geïntegreerder onderdeel van de samenleving is geworden, waardoor studenten voor hun vrijetijdsbesteding hun heü vaak elders, buiten de imiversiteit zoeken. We hebben bijvoorbeeld in het Studium Generale een programma gehad over het actuele onderwerk (kem)energie. In de tijd van de Brede Maatschappelijke Discussie. Maar de studenten wisten er kennelijk al zoveel van door alle publiciteit en bijeerikomsten, dat ze de Studiimi Génerale-lezingen lieten lopen."
Individuen
Redelijk gevulde zalen bij Studium Génerale-lezingen zijn na '80 hoge uitzonderingen. Foto AVC/vu de commissie, die overigens bestaat uit één hoogleraar en één student uit elke faciliteit. De commissie telt nu 21 leden. Maar het succes waarop men voor het Studium Generale hoopte, bleef uit. Het gezamenlijke programma „Kwaliteit van leven", dat gedurende het hele vorige jaar a a n oUerlei kanten werd belicht, leverde bij de SGlezingen gemiddeld hooguit 40 tot 50 belangstellenden op en dat was een bittere tegenvaller. ZeUs de bekende Amsterdamse studentenzielzorger pater Van Küsdonk was slechts een matige opkomst beschoren. De teruglopende belangstelling werd nu duidelijk als een structureel feit ingezien. Had de Studium Génerale-lezing afgedaan? Waar lag het aan? De commissie SG krabde zich achter de oren. Defaitisten vonden dat je er maar beter helemaal mee kon ophouden op universiteitsniveau en de faUliet lijkende boedel inclusief de wettelijke opdracht toch zoiets als een „algemene studie" te bieden aan de faculteiten moest overdragen. Die zouden er misschien nog iets van kunnen maken. Dat was echter wel de gemakkelijkste weg en of dat iets zou uithalen? Het facultair Studium Generale bij wiskunde en natuurwetenschappen kan zich nu ook niet bepaald in een opwindend grote belangstelling van binnen en buiten de faculteit verheugen.
Gissen
Voor de SG-commissievoorzitter proi. dr. E. H. van Ofef (sinds '83) en anderen was dat moment in elk geval nog niet gekomen. De commissie vond dat er eerst een reddingspoging moest worden
gedaan. Maar op basis waarvan? Naar de oorzaken van de weggeëbde interesse was het slechts gissen. „Onderzoek daarnaar is nooit gedaan. Dat zou je trouwens een kapitaal kosten," zegt Van Olst. En kijken naar hoe de Studium Géneralezaken op de andere universiteiten lopen en hoe men het daar doet is op zichzelf wel zinvol, maar vergelijken is moeilijk omdat de omstandigheden zo verschillen. Voorzitter Van Olst noemt als voorbeeld de zuigkracht van de stad waarin een universiteit of hogeschool is gevestigd. „Vergeleken met Amsterdam zit bijvoorbeeld de Tilburgse hogeschool in een betere positie, omdat de concurrentie vanuit de stad daar minder groot is. Dat is beslist een van de factoren." Toch denkt hij dat de belangrijkste oorzaak van de teruggelopen belangstelling de invoering van de tweefasenstructuur met haar tot vier jaar beperkte studieduur is. Studenten hebben minder tijd voor andere dingen naast him studie en de tijd die ze over hebben willen ze goed besteden. In die optiek passen geen vrijblijvende losse SG-lezingen meer. Van Olst: „We hoorden geluiden dat een gerichtere vorm wel eens beter zou kunnen werken." Zo-kwam de commissie terecht bij de cursusvorm met inschrijving vooraf. Van studenten wordt verwacht dat zij alle daarin geplande colleges volgen. Voor de op stapel staande cursus over de Middeleeuwen zijn dat er zeven. Ze worden gegeven door VU-docenten. Het idee kwam bij de Nijmeegse universiteit vandaan, waar er dit voorjaar voor het eerst en met succes mee werd gewerkt.
De deelnemende studenten konden er zelfs studiepunten mee verdienen als ze na afloop een tentamen aflegden, maar dot lokkertje bleek achteraf niet nodig te zijn geweest, omdat de belangstelling erg hoog was.
Nadeel
,,Er is wel een verschil met Nijmegen," zegt Greetje de Jong, hoofd van het Vormingscentrum en het SG-commissielid dat in het informele landehjke SGoverleg meedraait. „Bij ons is de inschrijving erg beperkt. Er kunnen maar 40 studenten meedoen. In Nijmegen was dat niet zo. Ook in 'Tilburg werd iets dergelijks gedaan in samenwerking met de rechtenfaculteit en daar waren de colleges ook algemeen toegarikelijk. Die beperkte inschrijving bij ons kan wel een nadeel zijn." Van Olst: „Dat is zo, maar als de cursus wordt overtekend kan die herhaald worden. Maar we moeten reëel blijven. Ik geef toe dat uit wat we nu doen, daar spreekt inderdaad een beetje uit wat we verwachten. Tja, en als het niet slaagt, dan vind ik dat je niet moet overdrijven door de zaak eindeloos te rekken. Dan moeten we ons ernstig gaan beraden. Het zou wel jammer zijn. Mijn inschatting is wel dat de cursus voUoopt. Misschien dat die nog een keer herhaald kan worden, maar meer dan dat, nee, dat zit er, denk ik, toch niet in." Secretaris Peter Sebek: „Het is de bedoeling dat er twee cursussen per jaar worden gegeven. De werktitel voor de volgende cursus is er al: 'Wetenschap nader bekeken'. We hopen natuurlijk dat de eerste cursus slaagt, want dat kan iets
Greetje de Jong heeft ook het gevoel dat de studenten veranderd zijn. „Ze denken efficiënter en komen alleen nog maar opdraven als ze iets echt leuk vinden." Wat de onderwerpenkeus betreft, laat ze blijken dat het moeilijker dan vroeger is om in de roos te schieten. „Vroeger hadden de studenten in de SGcommissie hun achterbannen via hun verenigingen. Dat is niet meer zo. De studenten in de commissie zitten er als individuen zonder binding en weten nauwelijks wat er leeft. Het is ook lastig studenten bereid te vinden in de commissie mee te doen." Overigens vindt zij het verbazingwekkend dat het Studium Generale niet is meegegaan in de opgaande lijn die zij bij het Vormingscentrum ontwaart. „Ik vind het heel raar dat het Vormingscentrum er het afgelopen jaar wel in is geslaagd meer belangstelling te kweken. Dat bleek uit de interesse voor het programma over architectuur, dat trouwens wel in een cursusopzet was gegoten. Verder hadden we het project over de multiculturele samenleving, waar alles bij elkaar 600 mensen op af kwamen, weliswaar uitgesmeerd over zes bijeenkomsten, maar toch." Ze weet dat de VU niet alleen te lijden heeft onder minder belangstelling. ,,Op de Universiteit van Amsterdam is dat ook zo. De beide Amsterdamse instellingen verschillen daarin duidelijk met de andere universiteitssteden, waar het niet zo hard achteruit holt. Ook op de Universiteit van Amsterdam hebben ze een goede avond als er zestig mensen bij een lezing zitten. Het is kennelijk zo dat de tendens zich met name in Amsterdam voordoet."
Klap
Volgens Greetje de Jong heeft het Studium Generale „een ontzeftende klap" gekregen door de deuk in de publiciteit. De studenten zijn daardoor slecht op de hoogte van het Studium Generale, ook al omdat er maar een of twee programma's per jaar zijn en de aankondigingen zich beperken tot dus ook maar een of twee keer. „De studenten moeten de SG-folders thuis op hun deurmat ontvangen." Desgevraagd betitelt ook voorzitter Van Olst de reclame die
Vervolg op pag. 8
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 augustus 1985
Ad Valvas | 568 Pagina's