Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 57
5 SEPTEMBER 1986 Huet geldt als e e n schrijver voor fijnproevers. En die fijnproevers blijken, a l hoeft dat niet per de femtie, enkelingen te zijn. Zijn stijl bevat hoogstandjes, m a a r is te weerbarstig om grote groe p e n lezers te b e h a g e n . De meeste in literatuur gemteres s e e r d e n k e n n e n Huet slechts v a n n a a m . Jammer, vindt Olf Praamstra, die e e n bloemlezing uit het werk v a n Huet s a m e n stelde, die dit j a a r onder d e Utel Tijgergenoegens verscheen. De geringe bekendheid v a n Huet wordt volgens h e m ook veroorzaakt door het feit dat hij nooit e e n g o e d e r o m a n heeft ge schreven. "Kritieken zijn moeilij ker te lezen, want je moet weten w a a r ze over g a a n . Huet heeft over veel mensen kritieken g e schreven, die juist dankzij die kritieken met bekend meer zijn. Zo graaf je als kriticus je eigen graf. Latere generaties geloven het d a n wel."
Olf P r a a m s t r a ontdekte bibliotheek v a n Huet
Een negentiendeeeuwse dwarsligger "In het rijk der wetenschap heeft de godsdienst alleen waarde als zielkundig verschijnsel en als historisch feit." Een citaat uit het werk van Con rad Busken Huet, die schrijven de kenners een bijzonder talent had voor het maken van vijanden. Honderd jaar geleden werd zijn be grafenis zoveel mogelijk genegeerd, want hij had juist andermaal het koningshuis beledigd. De ontdekking van zijn bibliotheek door OU Praamstra, werkzaam a a n de VU, in Parijs trok dit jaar de nodige belangsteUing.
"Je moet dus v a a k veel uitleg gen," vervolgt d e bloemlezer, "maar er s t a a n hele mooie stuk jes m zijn werk." Hij bladert in Tijgergenoegens e n leest e e n zin voor: "Wanneer d e Heer De Bye zich bedroefd toont over onze handelingen, d a n noemen w^ij zijne verontwaardiging g e e n e affektatie of zoeken d e n oor sprong zijner tranen in d e mon d e n v a n d e n N ijl." A a n d e monding v a n d e N ijl le v e n krokodillen. Een lezer k a n dus b e d e n k e n dot d e tranen v a n De Bye volgens Huet g e e n krokodilletranen zijn, e n leest vervolgens dat Huet h e m liever a a n v a l t op zijn "pseudolibera lisme" d a n op regelrechte a a n stellerij. M a a r wie w a s die De Bye? Huet w a s in 1868 n a a r Indie ver trokken om er hoofdredacteur v a n e e n krant te worden. Om d e overtocht te betalen h a d hij e e n geheime opdracht v a n d e con servatieve regering a a n g e n o m e n om te onderzoeken h o e zij d e pers in Indie a a n b a n d e n kon leggen. Dat w a s zeker voor e e n journalist e e n wat v r e e m d e manier v a n d o e n e n toen d e op dracht uitlekte staken d e r e d a c teuren v a n d e twee a n d e r e bla d e n in Indie hun afkeuring d a n ook niet onder stoelen of b a n ken. Een v a n h e n w a s De Bye,
Tot n o g toe ongepubliceerde foto v a n Huet met wie Huet in polemiek ge raakte. P r a a m s t r a wijst erop dat Huets stijlbloempje dus gewoon in e e n krant verscheen e n niet literair bedoeld w a s . En het m a a k t e deel uit v a n het gevecht dat Huet moest voeren om zijn b a a n e n zijn krant te behouden. Ook d a n blijkt Huet het niet te kun n e n laten. "Maar je moet er gevoelig voor zijn," besluit Praamstra, "je moet het mooi vinden. En in d e twee d e plaats moet je ontzettend veel worden uitgelegd. Dat m a a k t h e m zo moeilijk. Bij e e n r o m a n is dat probleem kleiner, w a n t e e n r o m a n is e e n gesloten w^ereld."
Johan de Koning g e n in d e briefwisseling Potgie terHuet, die indertijd is uitgege ven. Daarin staat dat Huet dat boekje krijgt e n d a n reageert Huet: hartelijk d a n k e n w a t e e n leuke opdracht. N u weet je w a t die opdracht is." Hij laat e e n foto v a n d e op dracht zien, die w a t d e inhoud betreft niet bijzonder is. "Het valt wel m e e ja," zegt P r a a m s t r a la chend, "dat vind ik ook. M a a r het a a r d i g e is dat je dat d a n weet."
Koningshuis Toen Huet honderd j a a r gele d e n overleed h a d hij zich juist o p g e m a a k t om zich te verdedi g e n tegen d e storm v a n veront waardiging die zijn artikel over het koningshuis zou doen opste ken. Hij h a d d e inhoud v a n e e n brochure v a n e e n liberaal ka merlid in eigen woorden weer g e g e v e n . Koning Willem 111 werd volgens hem, op zijn oude d a g , e e n "in d e pijp g e b r a n d e nachtkaars" genoemd, d e uit Pruisen afkomstige koningin Emma e e n "keulsche potte meid". Doet Huet niet d e n k e n a a n d e h e d e n d a a g s e majes teitsschermer Hugo Brandt Cor stius?
Olf Praamstra: "Ik vind het i n d e r d a a d gewoon leuk." Foto Bram d e Hollander
Bibliotheek Hoewel Huet weinig meer gele zen wordt trok hij dit j a a r toch d e belangstelling. In Parijs w e r d zijn sterfhuis g e ë e r d met e e n gedenkplaat e n d e ontdek king v a n zijn bibliotheek in mei w e r d breed uitgemeten in d e d a g b l a d e n . P r a a m s t r a w a s op het spoor v a n deze bibliotheek gezet door het testament v a n Huets zoon, Gideon, dat zich in het Letterkundig Museum in Den H a a g bevindt. Gideon m a a k t e bij zijn dood zijn boekenbezit, s a m e n met zijn manuscripten e n gravures, over a a n d e Bibliothe q u e N ationale te Parijs. Het d u u r d e echter meer d a n e e n j a a r voordat het d a a r boven w a t e r w a s g e h a a l d (de manu scripten e n gravures zijn nog steeds niet teruggevonden). P a s toen kon worden vastgesteld d a t d e boeken v a n zijn v a d e r d e e l uitmaakten v a n Gideons bezit. "Het eerste boekje dat ik in h a n d e n kreeg w a s Oude romans v a n Huet," vertelt Praamstra. "Toen z a g ik dat er heel veel correcties in w a r e n a a n g e bracht in het handschrift v a n Huet. Het ging met n a m e om drukfoutjes, dus op zichzelf w a ren ze niet zo heel erg belang rijk, m a a r ik m a a k t e er uit op dat die boeken wel v a n Huet ge weest moeten zijn." "Er zaten hele leuke dingen bij. Bijvoorbeeld het v e r h a a l 'Een modern predikant', dat indertijd in het tijdschrift N ederland is verschenen. Het is e e n halve ro m a n die hij nooit heeft afge
m a a k t en die nooit is herdrukt. In het exemplaar dat ik vond stonden heel veel aantekenin g e n e n heel grote veranderin gen. Daaruit kun je afleiden wat hij met die r o m a n v a n plan was." P r a a m s t r a vond boeken met op drachten (van De Genestet, v a n Quack, v a n Potgieter) e n losse brieven. En in e e n kookboek trof hij e e n recept voor broodpud ding, geschreven door d e vrouw v a n Huet. Voor het eigenlijke onderzoek v a n Praamstra, dat zich beperkt tot d e bestudering v a n d e literaire opvattingen v a n Huet e n het verzamelen v a n diens brieven, heeft d e vondst v a n e e n recept betrekkelijk wei nig w a a r d e . De aantekening bij d e onvoltooide r o m a n k a n door onderzoekers v a n het v e r h a lend proza echter niet meer wor d e n g e n e g e e r d . Wat is verder d e w a a r d e v a n d e ontdekking v a n d e bibliotheek voor d e stu die v a n Huet? "Daar zou ik over n a moeten denken," antwoordt Praamstra enigszins b e s c h a a m d . GeUuk kig weet hij vervolgens toch het e e n e n a n d e r te noemen. De correcties die Huet in zijn wer ken a a n b r a c h t zijn v a n belang" voor d e bestudering v a n d e drukgeschiedenis ervan. De brieven (vaak brieven v a n a n deren a a n Huet, m a a r ook klad jes v a n hemzelf) zijn interessant voor d e biograaf. "Maar ik vind het i n d e r d a a d allemaal gewoon leuk," zegt hij. "Ik vind het leuk om te zien dat Potgieter e e n boekje a a n h e m opdraagt. Een v a n die boekjes kom je ook te
m a a r a a n d e h a n d v a n zijn teks ten ook diens ontwikkeling als predikant e n journalist laat zien. Als journalist dreef zijn kritiek o p d e liberalen h e m in het con servatieve kamp. Als predikant behoorde hij echter tot d e meest progressieve stroming. Zijn ideeën w a r e n geënt op d e uit Duitsland afkomstige moderne theologie, die d e bijbelse won d e r e n toetste a a n wetenschap pelijke criteria.
"Brandt Corstius kwetst veel b e wuster," antwoord Praamstra. "Het tragische bij Huet is dat hij het altijd onbewust doet. Hij wü op e e n geestige manier die bro chure bespreken e n vat d a a r o m d e conclusie e r v a n s a m e n in zijn eigen woorden. Hij zet het d a n wel w a t scherper a a n , m a a r het w a s niet zijn b e d o e ling om te kwetsen. Ja, zo naïef w a s hij." In Tijgergenoegens vinden w e de aanstootgevende passages terug. Het bijzondere v a n d e bloemlezing is dat P r a a m s t r a er niet alleen het letterkundige werk v a n Huet in presenteert.
Aanvankelijk w a s Huet predi kant in Haarlem bij d e deftige Waalse gemeente. In e e n arti kel hekelde hij zijn eigen kerk. De d a m e s kijken er volgens h e m n a a r d e voorganger e n d e heren n a a r d e d a m e s . Ik lees Praamstra d e p a s s a g e voor w a a r i n Huet n a zijn uittreden d e godsdienst n a a r het rijk v a n d e fantasie verwijst. Een dodelijke p a s s a g e , vindt hij. Zo streng mo gelijk stel ik h e m d e v r a a g of d e verbreiding v a n dergelijke teks ten wel tot d e taken v a n d e VU behoort. Juist! vindt Praamstra. De VU heeft mensen als Huet volgens h e m veel te lang ver guist. "Het is opmerkelijk dat d e door Huet gevoerde discussie op d e v u nog steeds gevoerd wordt. Wat is wel e n wat is niet w a a r in d e bijbel? Huet behoorde tot d e m o d e r n e richting in d e theologie e n d a a r n a a s t h a d je e e n ortho doxe richting. Binnen d e ortho doxie vinden d e gereformeerde kerk e n d e VU e e n plaats. Nu zie je d a t hetzelfde als wat honderd j a a r geleden g e b e u r d e bij het meer weldenkende deel v a n het kerkvolk met dezelfde g o e d e bedoelingen plaatsvindt binnen d e orthodoxie zelf. Het heeft ge woon honderd j a a r geduurd voordat d e orthodoxen zover w a r e n dat zij dezelfde v r a g e n durfden stellen a a n het geloof. P r a a m s t r a noemt g e e n n a m e n , m a a r vervolgt: "Als je nu kijkt hoe het met Huet afloopt, d a n kun je ook d e afloop v a n d e gereformeerde kerk voorspel len. D a a r blijft dus niets v a n over."
C o n r a d Busken Huet, Tijgergenoegens Amsterdam 1986. Onder redactie v a n Praamstra verscheen ook e e n dubbel nummer v a n Maatstaf over Huet. Het Let terkundig Museum m Den H a a g houdt dit n a j a a r e e n tentoonstellmg over Huet n a a r aanleiding w a a r v a n e e n Schrijvers Prentenboek verschijnt.
Een v a n d e tijgergenoegens die Huet zich Het smaken w a s kennelijk d e broodpudding. Recept in het handschrift v a n zijn vrouw: "Broodpudding. Een klein fransch broodje, w a a r v a n m e n alleen het kruim gebruikt, e n dat in bijna e e n half pintje melk op het vuur in d e week zet onder gestadig roeren tot het g e h e e l fijn is. Vervolgens doet m e n erbij e e n half ons krenten, 10 of 12 a m a n d e l e n , e e n halve notenmuskaat, e e n derde v a n e e n schik s u c a d e n v a n 18 centen, drie". Achterzijde: "of vier eyeren, goed geklopt, e e n half ons boter, e e n scheut rum e n suiker n a a r d e n smaak. Men besmeurt d e n frommel met boter e n beschuit, en laat d e podding anderhalf uur kooken."
EK
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986
Ad Valvas | 592 Pagina's