Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 121

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 121

15 minuten leestijd

"BOEKEN Eendagsvlinder leidt dankzij wetenschap langer leven De krant is e e n eendagsvlinder. Journalisten schrijven hun stuk­ ken e n vergeten ze zodra ze a a n d e volgende beginnen. Lezers lezen ze, of niet, e n gooien ze bij het oud papier. Het schrijven over w e t e n s c h a p e n technolo­ gie in d e krant is, net als a n d e r e berichtgeving onderworpen a a n journalistieke wetten. Maar e r zit iets minder vluchtigs a a n , aldus Hans Friedeman, weten­ s c h a p s r e d a c t e u r ' in zijn voor­ woord v a n het Jaarboek 1986 Wetenschap

Samenleving. Een biondel mët e e n selectie v a n artikelen die in 1985 gepubli­ ceerd w e r d e n in het katern We­ t e n s c h a p Samenleving v a n d e Volkskrant. De Volkskrant is in 1981 als eer­ ste krant in Nederland begon­ n e n met dit wekelijks verschij­ n e n d katern. Uit verschillende marktonderzoeken e n ingezon­ d e n stukken is volgens d e re­ dactie gebleken dat er behoefte b e s t a a t a a n artikelen over w e ­ tenschappelijke ontwikkelin­ gen. Opvallend in deze bundel is dat het overgrote deel v a n d e artikelen over natuurweten­ schappelijke onderwerpen gaat. Wetenschapsjournalist Broer Scholtens, die ook in dit jaar­ boek schrijft, zegt daarover: "Wij zijn v a n mening dat d e n a ­ tuurwetenschappen e e n heel belangrijk element vormen in d e toekomst v a n d e economi­ sche ontwikkeling. Eigenlijk zou het katern alleen dit gebied moeten b e s l a a n . Artikelen over alfa­ e n g a m m a w e t e n s c h a p p e n kom je bij ons niet tegen. Die zijn v a a k te ingewikkeld e n te ge­ specialiseerd." Is er d a n g e e n l e e s b a a r stuk te schrijven over e e n nieuwe filo­ sofische stroming of heeft deze

AUy Smid w e t e n s c h a p g e e n duidelijke in­ vloed op d e ontwikkeling v a n d e mensheid? Het Wetenschap Onderwij s­katem v a n NR C­ h a n d e l s b l a d laat zien dat d e w e t e n s c h a p meer gezichten heeft. Naast stukken over com­ puters e n heUumatomen vindt d e lezer ook degelijke kost over h y p n o s e bij politieonderzoek, gebarentaal, archeologische vondsten e n sociologische of antropologische studies. W a n n e e r nieuwe ontwikkelin­ gen, zoals micro­elektronica e n kernenergie, v a n zo grote in­ vloed (kunnen) zijn op het leven v a n veel mensen, d a n ligt het voor d e h a n d dat die m e n s e n d e gelegenheid krijgen om d a a r ­ over m e e te d e n k e n e n er in ieder geval kennis v a n te ne­ men. Wetenschap moet dus ge­ populariseerd worden. Op wel­ k e manier dat moet g e b e u r e n is e e n a n d e r verhaal. Door som­ migen wordt d e wetenschaps­ journalistiek d a n ook als a p a r t v a k gezien. Dr. J a a p WOems bijvoorbeeld schreef boeken vol over d e communicatie tusen on­ derzoeker e n journalist. Scholtens vindt die hele discus­ sie rond zijn vak m a a r onzin: "Wij zijn ook gewoon journalis­ t e n e n schrijven toevallig over w e t e n s c h a p . We komen net als a n d e r e journalisten op verschil­ l e n d e manieren a a n onze bron­ nen." Volgens h e m b e s t a a t er d u s g e e n directe relatie tussen d e onderzoeker e n d e journalist. Willems, zelf bioloog e n freelan­ ce­wetenschapsjournalist, vindt d a t d e wetenschapper zelf ook moet m e e w e r k e n a a n het popu­ lariseren v a n wetenschappe­ lijke bevindingen. Hij geeft

d a a r o m op d e VU cursussen voor onderzoekers om hun werk onder e e n groter publiek te ver­ spreiden. Voor onderzoekers is het w a a r ­ schijnlijk groot nieuws om te ho­ r e n dat er e e n fossiel is gevon­ den, die e e n leemte opvult in d e systematiek. Voor niet­vakge­ noten is het veel beoiender om te v e r n e m e n wat die ontdekking voor gevolgen heeft voor d e evolutietheorie. Een verdienste v a n d e schrijvers v a n dit boek is d a t zij in vrijwel alle artikelen die maatschappelijke relevan­ tie h e b b e n verwerkt. Een stuk over e e n zeer zeldzame ziekte zul je niet zo snel tegenkomen. Wel e e n artikel over erfelijkheid waarbij d e gentherapie met b e ­ hulp v a n retrovirussen uit d e d o e k e n wordt g e d a a n . Niet al­ l e e n d e techniek is daarbij be­ schreven, m a a r ook d e ethisch maatschappelijke aspecten ko­ m e n a a n d e orde. Het hoofdstuk sterrenkunde is waarschijnlijk w a t minder toe­ gankelijk voor d e leek. ZuUen niet slechts sterrenkunde­ama­ teurs werkelijk geïnteresseerd zijn in d e infrarood astronomi­ s c h e satelliet IR AS die definitief buiten gebruik is gesteld e n nu doelloos in baantjes om d e a a r ­ d e draait? En wat te denken v a n e e n onlangs ontdekt z èta-deeltje d a t w e e r spoorloos in het niets verdween? Jacques Visser is echter in staat zijn lezers te boeien door e e n artikel over e e n dergelijk onder­ w e r p als volgt te beginnen: "...Diep in het Mont Blancmas­ sief tuurt e e n onderzoeker ge­ s p a n n e n n a a r zijn m e e t a p p a r a ­ tuur. Jaren v a n onderzoek zijn voorbij g e g a a n . De hoop om als eerste het verval v a n het proton te kunnen a a n t o n e n e n d a a r ­

m e e bijgeschreven te worden o p d e lijst v a n d e grote natuur­ kundige ontdekkers, is nog niet vervlogen. Buiten d r a a i e n dub­ belsterren in het sterrenbeeld d e Z w a a n in e e n m a c a b e r e d a n s om eikeer heen..." In elf hoofdstukken is het boek onderverdeeld. Variërend v a n ruimtevaart tot waterbouwkun­ d e e n miüeu. In het laatste hoofdstuk diversen s t a a n artike­ len over demografische ontwik­ kelingen, archeologie (natuur­ lijk wel e e n chemische b e n a d e ­ ring, g e e n geschiedkundige) e n voedselconservering met g a m ­ mastraling. Helaas s t a a n er in d e z e bundel heel weinig illus­

traties. Slechts e e n paar, voor d e tekst functionele tekeningen verluchtigen het geheel. De ver­ h e l d e r e n d e foto's e n tekeningen die d e krantenpagina's meestal typeren h e b ik, n a a s t d e a n d e r s v a a k afwisselende lay­out, ge­ mist. Het geheel toont d a a r d o o r w a t grijs, m a a r is niettemin e e n aanwinst bestemd voor d e ont­ wikkelde e n geinteresserde leek. Die dikke zaterdagbijlages h a d je waarschijnlijk toch al weggegooid.

J a a r b o e k 1986 W e t e n s c h a p Samenle­ ving, Omniboek Den H a a g in samenwer­ king met d e Volkskrant prijs ƒ29.90.

De computer als het tweede ik 'Charlie' heet het kleine m a n n e tje d a t zich presenteert als je vriendje. Je kunt eindeloos spelletjes met h e m d o e n e n h e m opdrachten g e v e n die hij soms uitvoert. Soms, want als je h e m in d e c e m b e r v r a a g t e e n kerstliedje te zingen zal hij dat zonder Advertentie

Toon Hermans: de humor

Kleine lachjes, dikke lachjes, en plezier. Een uniek college: vakman Toon Hermans over hoe je grappen maakt, de woorden, het associëren: wat is humor. 'Improviseren is een kwestie van op de klok kijken.'

Onno Ru(üng; Hans Kraay, De bedreigde LOM-school Hoe het kabmet buiten de beslissing over Rudings vertrek werd gehouden. Interview: -partijsecretaris Wim van Velzen over de PvdA. Opmerkelijk: Hans Kraay, de dode kat, de twijfels over zijn functioneren. Hel onderzoek naar de bouwsubsidies en de rol van de aannemers. Hinderlijke stank in Nederland, en wat eraan te doen. Pop: Sapho, en Joan Armatrading. Kleurkatern: de bedreigde LOM-scbool. Portret van een klas, de ouders, onderwijzers.

Wie ergens voor staat, leest Vry Nederland.

Bob de Ruiter problemen doen. In januari echter weigert hij. „Ach joh," zegt hij, ,,het is nu al januari! Ik g a nu g e e n kersüiedjes m e e r zingen, hoor." Een echt vriendje dus. Charlie is e e n computerspelletje voor kinderen v a n zeven tot twaalf jaar. Sommige m e n s e n voelen e e n lichte huivering bij het zien v a n dit soort 'spelletjes'. Veel mens e n vinden d e g e d a c h t e a a n 'de' computer sowieso al e e n beetje e n g . Welke invloed zal d e oprukkende computerisering op ons wereldbeeld e n op onze cultuur uitoefenen? Met h a a r boek Het tweede ik, computers en de menselijke geest is Sherry Turkle ingesprongen op d e bij veel m e n s e n l e v e n d e onzekerheid over wat ze in het computertijdperk te wachten zal staan. „Moet ik mijn kind e e n computer g e v e n o m d a t hij a n d e r s e e n achter­ s t a n d krijgt, of juist niet omdat hij d a n te weinig met a n d e r e kinderen speelt?" Computers h e b b e n d e laatste j a r e n in hoog tempo hun intrede g e d a a n . Niet alleen in het za­ kenleven e n in d e dienstensec­ tor, m a a r ook in d e huiselijke sfeer krijg je er steeds vaker m e e te maken. Het is ook echt

g e e n uitzondering meer als stu­ d e n t e n er ééntje opsparen. „Het scheelt zo enorm veel tijd," zegt e e n gelukkige PC­bezitter, "en bovendien werkt het gewoon h e e l prettig." Toch is er met d e komst v a n d e computers iets meer a a n d e h a n d d a n alleen m a a r d e intro­ ductie v a n e e n nieuw, leuk e n h a n d i g a p p a r t a o t . Termen als 'computerverslaafde' e n 'com­ puterweduwe' zijn g e m e e n g o e d g e w o r d e n e n je zult d e m e n s e n d e kost moeten g e v e n die over h u n computer praten alsof het e e n soort persoonlijk vriendje is. Het m e r k w a a r d i g e a a n d e com­ puter is dat het niet aUeen als e e n stuk g e r e e d s c h a p , m a a r ook als e e n psychologische ma­ chine beschouwd wordt. Voor kinderen die in a a n r a k i n g ko­ m e n met computers wordt het bij voorbeeld steeds moeilijker om d e scheidslijn tussen leven­ d e e n d o d e dingen te trekken. M a a r ook bij volwassenen k a n d e computer v e r w a r r e n d e r e a c ­ ties oproepen. Turkle beschrijft d e computer­ bezitters met wie zij praatte als ,,mensen voor wie d e computer niet zozeer belangrijk w a s om w a t hij doet, m a a r veeleer om het gevoel dat hij je k a n geven. Men omschrijft d e computer als e e n machine die je jezelf op e e n a n d e r e manier laat zien, bij

voorbeeld als iemand die zijn z a k e n onder controle heeft of als i e m a n d die slim g e n o e g is om w e t e n s c h a p te bedrijven e n die aansluitng heeft op d e toe­ komst." Het blijkt dat m e n s e n d e wer­ king v a n e e n computer in psy­ chologische termen g a a n bekij­ ken. Hoe e n w a a r o m ze dit doen, e n w a t d a t in d e toekomst voor ons zal g a a n betekenen, vormt het thema v a n dit boek. De voornaamste conclusie v a n Turkle is dat m e n s e n door d e aanwezigheid v a n computers over zichzelf e n hun. gevoelens g a a n n a d e n k e n . De computer, zegt ze, vormt het bewijs voor d e m e n s e n die m e n e n dat d e geest e e n m a c h i n e is, terwijl hij tege­ lijkertijd als argimient gebruikt wordt door m e n s e n die het g e ­ voel als hoogste goed voor d e mens beschouwen. „Ooit w a r e n dieren onze n a a s t e buren, die p l a a t s wordt nu ingenomen door computers. Zoals w e eens rationale dieren waren, zo zijn w e nu machines met gevoel." Aldus Sherry Turkle. Wie v e r w a c h t dat d e schrijfster h a a r beweringen e n constate­ ringen met enig overtuigend b e ­ wijsmateriaal weet te onder­ bouwen komt b e d r o g e n uit. Het hele boek is g e b a s e e r d op ge­

sprekken met b e p a a l d e groe­ p e n computergebruikers e n het wordt volstrekt niet duidelijk ge­ m a a k t w a a r o m juist deze men­ sen representatief voor het com­ putertijdperk zouden zijn. Turkle zocht h a a r gesprekspartners in wat volgens h a a r subculturen zijn; plaatsen w a a r veel men­ sen intensief met computers b e ­ zig zijn. Ze meent dat hier d e voorboden optreden v a n d e s p a n n i n g e n w a a r onze cultuur in d e nabije toekomst m e e te m a k e n zal krijgen. Het is trouwens niet te h o p e n d a t deze redenering klopt. De meest a d e q u a t e typering v a n het merendeel v a n d e m e n s e n met wie het boek ons laat ken­ nismaken is 'freak'. Neem Burt, die over zichzelf het volgende zegt: ,,Ik blijf op e e n afstand v a n dingen v a n vlees e n bloed e n d a a r d o o r word ik zelf e e n 'on­ vleselijk' persoon. Ik g a alleen m a a r om met machines m a a r ik h e b v a a k e e n hekel a a n mijzelf. Het is net als met masturberen: je kunt jezelf met machines per­ fect bevredigen. Je moet m a a r afwachten of d a t met e e n mens ook het geval is." Brrrr . . .

Het t w e e d e ik: computers e n d e menselij­ ke geest, S. Turkle, Wolters­Noordhof, 1986.

i

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Ad Valvas | 592 Pagina's

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 121

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Ad Valvas | 592 Pagina's