Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 289

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 289

14 minuten leestijd

16 JANUARI 1987 Dialektik der Aufklarung, het magnum opus v a n Theodor W. Adorno en Max Horkheimer, verscheen in 1947 bij d e Am­ sterdamse uitgeverij Querido. Grondtoon v a n het boek is het ambivalente karakter v a n d e Verlichting. Beide filosofen hou­ den vast a a n d e g e d a c h t e dat "de vrijheid in d e maatschappij verbonden is met het Verlich­ tingsdenken." Maar ze laten daarop volgen: "Toch geloven wij net zo duidelijk onderkend te hebben dat d e kern v a n het Ver­ lichtingsdenken zelf, reeds d e kiem in zich d r a a g t v a n d e te­ rugval die nu overal w a a r ­ neembaar is", w a a r m e e Adorno en Horkheimer vooral doelen op de opkomst e n heerschappij van totalitaire regimes in Euro­ pa. Ze concluderen: "Als d e Ver­ lichting d e bezirming op dit re­ gressieve element niet in zich opneemt, bezegelt zij h a a r ei­ gen lot." Het fascisme is in d e visie v a n Adorno en Horkheimer niet ont­ staan door het succes v a n ge­ niale volksmenners, m a a r door een trek in d e Verlichtingstradi­ tie zelf, namelijk het streven naar e e n volledige, planmatige en rucksichüose beheersing v a n de werkelijkheid. De h a n g n a a r macht die daaruit voortvloeit, brengt tegelijkertijd e e n p a r a ­ noïde angst met zich m e e voor hetgeen niet in het beheersings­ systeem past. Om de mechanismen te verhel­ deren die daarbij e e n rol spe­ len, g a a n Horkheimer e n Ador­ no terug tot d e bakermat v a n d e westerse cultuur, d e Griekse oudheid. In Homerus' Odyssee zien ze exemplarisch het proces van Verlichting verwoord en fi­ gureert Odysseus als het 'oer­ beeld' v a n d e wording v a n het burgerlijke individu. De held Odysseus tracht in dit epos door sliniheid d e natuurgoden d e b a a s te zijn. Bij é é n v a n zijn omzwervingen stuit hij op d e eenogige b a r b a a r s e cycloop Polyfemos. W a n n e e r deze hem naar zijn n a a m vraagt, noemt hi] zichzelf 'Niemand', zodat d e cycloop 'Niemand' d e schuld geeft als zijn oog uitgestoken is en de omwonende cyclopen op zijn hulpgeroep komen a a n r e n ­ nen. Het lukt Odysseus aldus het vege lijf te redden. In feite is d e boodschap v a n dit epos, zo interpreteren Horkhei­ mer en Adorno, d a t het individu zichzelf in d e natuur tracht te handhaven door zijn identiteit te verloochenen. Het zijn niet aUeen d e natuurgo­ den die Odysseus in g e v a a r brengen. Hij moet ook bedacht zijn voor d e roerselen v a n zijn eigen 'innerlijke' natuur. Het verhaal v a n d e ontmoeting met Kirke, de godin met prachtige vlechten en e e n a d e m b e n e ­ mende stem, wü w a a r s c h u w e n voor het g e v a a r v a n verleidin­ gen. Odysseus' metgezellen, die zich niet weten te b e h e e r s e n e n zich overgeven a a n hun lusten, worden op slag getransfor­ meerd in varkens. Odysseus zelf weet zich a n d e r m a a l in e e n vei­ bge positie te manoeuvreren door zijn lusten te bedwingen Toegeven a a n verleidingen k a n zelfs de dood tot gevolg hebben, zo leert het v e r h a a l v a n d e beto­ verende e n o n w e e r s t a a n b a r e zang der Sirenen. Maar ook hier trotseert Odysseus d e g e v a r e n door zich vast te laten binden a a n de mast v a n zijn schip e n de oren v a n zijn roeiers vol te stoppen met w a s . De m a n dient voortdurend op zijn hoede te zijn w a n n e e r hij zich met vrouwen inlaat, zo is d e algemene teneur v a n Homerus' epos. Ze zijn immers onbetrouw­ baar en vormen e e n bron v a n problemen. Maar in feite, aldus Horkheimer e n Adorno, g a a t het om de onderdrukking v a n d e ei­

Jan Baars promoveerde op lang onopgemerkte magnum opus v a n Adorno en Horkheimer

Filosoferen op de vuilnisbelt van de maatschappij Hoe konden catastrofes als Auschwitz en Hiro­ shima plaatsvinden temidden van de westerse cultuur die toch begrippen als vrijheid en ratio­ naliteit in haar vaandel voert? Deze vraag staat centraal in Dialektik der Aufklarung, het be­ langrijkste boek van de Duitse filosofen Adorno en Horkheimer. Dr. Jan Baars, medewerker a a n de subfaculteit sociaal­culturele wetenschap­ pen, promoveerde onlangs op een studie naar dit boek dat decennia lang bijna onopgemerkt bleef.

Foto Bram d e Hollander

g e n zwakte en kwetsbaarheid ten opzichte v a n d e natuur.

Weinig weerklank Dialektik der Aufklarung vond n a zijn verschijning nauwelijks weerklank. Deels is dat te wijten a a n d e nogal ontoegankelijke schrijfstijl. Het boek staat vol met p a r a d o x e n en cryptische verwijzingen. Vooral Adorno w a s sterk gekant tegen syste­ matische filosofische vertogen. Van d e criteria v a n het moderne wetenschapsbedrijf, zoals expli­ cietheid en ondubbelzinnigheid, moest hij weinig hebben. Hij h a d , in navolging v a n Nietz­ sche, e e n voorkeur voor het afo­ risme. Want d e w a a r h e i d kon zijns inziens alleen in fragmen­ ten en brokstukken g e v o n d e n worden. De burgerlijke cultuur l a g immers zelf a a n diggelen. Elke concessie a a n communica­ tie met e e n groter publiek ver­ valst die waarheid, w a s het strenge standpunt v a n d e filo­ soof. P a s in d e jaren zestig, op d e golfstroom v a n studentenprotest e n maatschappijkritiek, kreeg Dialektik der Aufklarung op bre­ d e r e schaal a a n d a c h t . Overi­ g e n s w a s hun verhouding tot d e studentenbeweging afstande­ lijk e n soms ronduit vijandig.

Radicale studenten verguisden Adorno en Horkheimer als bur­ gerlijke intellectuelen; d e twee füosofen verweten d e studenten blind actionisme. Adorno over­ leed in 1969 a a n e e n h a r t a a n ­ val. Vier j a a r later stierf Hork­ heimer. In d e Verenigde Staten, a l w a a r ze g e d u r e n d e d e oorlog onder­ d a k h a d d e n gevonden, doen Adorno en Horkheimer onder­ zoek n a a r commercièle radio­ stations. Deze stations, v a a k in h a n d e n v a n grote ondernemin­ gen, h e b b e n volgens h e n enkel het conditioneren v a n d e luiste­ r a a r tot doel. Ze bieden e e n soort v a n v e r m a a k d a t erop g e ­ richt is d e m a s s a ' s in het gareel te houden. In d e eindeloze her­ halingen v a n primitieve slogans e n opgepepte sales­talk zien d e filosofen aanwijzingen dat ook in d e V.S. het fascisme nabij is. Ook in hun onderzoekingen v a n d e autoritaire persoonlijkheids­ structuur e n v a n antisemitische vooroordelen h e b b e n Adorno e n Horkheimer d e neiging Ame­ rikaanse ontwikkelingen te in­ terpreteren als e e n latente vorm v a n het Duitse nazisme. Voor h e n zijn d e slums enkel d e voor­ stations v a n d e concentratie­ kampen. Dergelijke generalisaties doen afbreuk a a n d e vele scherpzin­ nigheden die Adorno en Hork­ heimer over deze onderwerpen te berde h e b b e n gebracht, vindt

Wim Crezee promovendus Jan Baars. Ze be­ letten het d e maatschappelijke krachten tegen e e n totalitaire ontwikkeling scherp in het vizier te krijgen en m a k e n het boven­ dien onmogelijk te analyseren w^aarom in d e V.S. het fascisme uiteindelijk niet aansloeg.

Deceptie De terugkeer in Duitsland, eind j a r e n veertig, w a s voor Horkhei­ mer en Adorno e e n deceptie. Het bleek h e n dat men niet be­ reid w a s te leren v a n het recen­ te verleden, of liever gezegd: d a t verleden verdrong. In het opstel Wat betekent verwerking van het verleden, geschreven a a n het einde v a n d e jaren vijf­ tig, rept Adorno v a n "het schrik­ beeld v a n e e n mensheid zonder herinnering". Een dergelijke vervreemding v a n d e eigen ge­ schiedenis w a s volgens h e m "niet louter e e n verschijnsel v a n verval of e e n reactiepatroon v a n e e n mensheid die, zoals m e n pleegt te zeggen, overstelpt w^ordt door prikkels en deze niet meer a a n k a n . Het is vooral e e n verschijnsel d a t onverbrekelijk verbonden is met het vooruit­ g a n g s k a r a k t e r v a n het burger­ lijk principe. De burgerlijke maatschappij is in h a a r geheel onderworpen a a n d e wet v a n ' d e ruü, v a n het 'gelijk tegenover gelijk', v a n rekeningen die op­ g a a n en waarbij eigenlijk niets overblijft. (...) Het geheugen, d e herinnering wordt als e e n soort irrationele rest geliquideerd." Zonder twijfel overdreef Ador­ no, indachtig zijn opvatting dat alleen overdrijving nog het m e ­ dium v a n d e w a a r h e i d k a n zijn. Feit blijft echter dat het na­oor­ logse Duitsland in b e s l a g geno­ m e n werd door e e n koortsachti­ g e bedrijvigheid w a a r i n e e n verwerking v a n het nazistische verleden goeddeels achterwe­ g e bleef. Wat niet verwerkt wordt, blijft in verdrongen vorm aanwezig. In d e huidige verkiezingsstrijd in d e Bondsrepubliek h a m e r e n sommige politici, daarin ge­ steund door historici, op d e n o o d z a a k v a n e e n nieuw natio­ n a a l bewustzijn dat d e trauma­ tische herinnering a a n d e oor­ logsperiode moet vervangen. CSU­voorman Franz Josef Strauss meent zelfs dat "een volk dat zulke enorme dingen tot stand heeft gebracht, het recht heeft niets meer over Auschwitz te hoeven horen."

Boosaardig De schok die Adorno heeft moe­ ten ervaren toen hij hoorde v a n d e vernietigingspraktijken in d e Oosteuropese kampen, is b e p a ­ lend geweest voor het karakter v a n zijn latere werk. De moder­ n e maatschappij w a s voor hem n a d i e n door en door slecht. Uit deze wereld kon in zijn ogen slechts boosaardige macht voortkomen, d e macht die zich keert tegen het levende. Dat Auschwitz kon plaatsvinden, te­ midden v a n d e westerse traditie v a n füosofie, kunst en Verlich­ ting, brengt Adorno tot e e n nog radicalere kritiek op deze tradi­ tie, d a n in Dialektik der Aufkla­ rung w^erd geformuleerd. "Alle cultuur n a Auschwitz, inclusief

d e noodzakelijke kritiek d a a r o p , hoort thuis op d e vuilnisbelt", schrijft hij. Mensen zijn machte­ loos ten aanzien v a n wat h e n overkomt, hun waarnemings­ e n denkvermogen is afge­ stompt, ze houden zich kramp­ achtig vast a a n autoritaire en reglementerende principes. Over het latere werk v a n Ador­ n o is Baars zeer kritisch. De maatschappelijke onderdruk­ king is voor Adorno overal even sterk aanwezig e n zelfs d e in­ stantie w a a r v a n d e onderdruk­ king uitgaat is overal (en ner­ gens). Met zo'n opvatting ver­ nietigt maatschappijtheorie zichzelf, aldus Baars. Immers, als aUes samengesmolten is tot e e n onontwarbaar geheel, d a n heeft sociaal­wetenschappelijk onderzoek n a a r deze processen g e e n zin. Het a a n g e v e n v a n perspectieven die uitzicht bie­ d e n op e e n bevrijding v a n d e knechtende verhoudingen, is onmogelijk. "In het latere werk v a n Adorno wordt g e e n enkele poging ge­ d a a n e e n positieve verbinding met maatschappelijke bewegin­ g e n te formuleren", vertelt Baars. "De westerse m a a t ­ schappij is voor hem d e terug­ v a l in d e totalitaire barbarij niet te boven gekomen. Zo'n a n a l y s e vind ik e e n doodlopende weg. Er zijn g e n o e g r e d e n e n om zeer pessimistisch te zijn over d e hui­ dige maatschappij als je kijkt n a a r d e milieuvervuiling e n d e bewapeningswedloop. Maat­ schappelijke machtsblokken h e b b e n d e tendentie zichzelf voortdurend uit te breiden, waarbij d e g e h a n t e e r d e midde­ len steeds groteskere proporties a a n n e m e n . Die ontwikkeling is door Adorno en Horkheimer goed doorzien. Maar als e e n kri­ tisch fUosoof zich geheel iso­ leert, d a n voltrekt hij als het w^are het onheil. Elke mogelijk­ heid om catastrofes tegen te g a a n , snijdt hij d a a r m e e af. Het suggereert d a t deze ontwikke­ lingen een onafwendbaar noodlot vormen."

Kunst Voor Adorno w a s het uiteinde­ lijk alleen d e kunst die nog iets kon zeggen over d e sociale wer­ kelijkheid, zij het aUeen in n e g a ­ tieve zin. Hij h a d e e n sterke voorkeur voor kunstuitingen die d e antagonismen in e n d e zin­ loosheid v a n het b e s t a a n uit­ drukken, zoals d e literatuur v a n Kafka e n d e niet­harmonieuze twaalftoonsmuziek v a n Schón­ berg. Deze kunst drukte voor Adorno het bewustzijn v a n het lijden uit, e n d a a r m e e indirect het verlangen n a a r het a n d e r e . Adorno's h a n g n a a r het negati­ visme, zijn totale afkeer v a n d e maatschappij, k a n b e g r e p e n worden vanuit zijn joodse ach­ tergrond. In d e joodse traditie immers wordt d e messias, d e verzoener, nog steeds verwacht e n is niet reeds als verlosser ge­ komen, zoals in d e christelijke traditie. De verwijzing n a a r het licht v a n d e verzoening e n ver­ lossing is aUeen nog te vinden in het onooglijkste en ellendigste. Niet in d e a a n b i d d i n g v a n d e zon, zo schreef Horkheimer, m a a r in d e blik op d e boom die door h a a r gloed verdord is, leeft het vermoeden v a n e e n andere, betere wereld.

-^

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Ad Valvas | 592 Pagina's

Ad Valvas 1986 - 1987 - pagina 289

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1986

Ad Valvas | 592 Pagina's