Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 79

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 79

8 minuten leestijd

fD\pJ^/ps

18 SEPTEMBER 1987

INFO ^^'t^^t^^"^ \3^

De mens: Brein onder invloed Wie "mens" zegt, spreekt over een onlosmakelijke eenheid van lichaam, ziel, geest. Wie "mens" zegt, spreekt ook van een eigen-heid, omscheidbaar verbonden met, en mede afhankelijk van zijn omge-ving. Met andere woorden: de mens is geest en stof,) en hij bestaat alleen te midden van stof en geest. Het geest)en)stof zijn komt tot uitdrukking met name in de werking van het centrale zenuwstelsel, en meer in het bijzonder in die van van buiten ondergaan en verwerken,) en die, omgekeerd, de signalen genereren waarmee de omgeving wordt beinvloed.Deze dubbele tweepoligheid (stof en geest, eigenheid en omgeving) markeert het veld waarbinnen het thema van de najaarscursus van het Belangstellenden kunnen zich d.m.v. de bijgevoegde inschrijfstrook voor deze cursus aanmelden bij het secretariaat van de commissie voor het Studium Generale. De kosten bedragen vijf gulden. Bij de cursus wordt een syllabus verstrekt.

Programma Studium Generale najaar 1987 Eerste college: De mens: Een hoofd vol ervaringen woensdag 7 oktober 1987, 16.00 -18.00 uur In dit inleidend college wordt in eerste instantie ingegaan op de structuur, het functioneren en de mogelijkheden van het centrale zenuwstelsel (CZS), bestaande uitruggemerg, hersenstam en de grote en kleine hersenen.ln eenvoudige vorm vertoont het CZS veel overeenkomst met een computer. Zodra er evenwel sprake is van de ontwikkeling van het bewustzijn die uiteindelijk uitmondt in het ingewikkelde menselijke denk-proces, dienen er vraagtekens te worden geplaatst bij deze voor de handliggende vergelijking met een computer. Zijn begrippen als emotie, motivatie en verwachting op te vatten als functies van de hersenen of gaan deze daar ver bovenuit? Voor de typische menselijke geesteseigenschappen is bijvoorbeeld geen enkele nadere localisatie in de hersenen mogelijk. Docent: Prof. dr. P.G. Smelik (farmacoloog, VU)

Tweede college: Het brein als basis van de geest woensdag 14 oktober 1987, 16.00 -18.00 uur

Wordt in het inleidende college vooral aandacht besteed aan het functioneren van het CZS op microniveau {neuronen, micro)schakelingen, chemische verbindingen) in dit college staat het functioneren van het CZS op macroniveau centraal (complexe structuren, spraakcentrum, het ruimtelijk zien). Aan de top van deze macro-pyramide staat het begrip ziel.In de matenalistische visie worden lichaam en geest als een geheel beschouwd, in die zin, dat de functies die aan een ziel worden toegeschreven berusten op bepaalde lichamelijke verschijnselen. Wat als de psyche wordt beschouwd IS in wezen het resultaat van electnsche en chemische processen in het CZS. Dat moge voor sommigen een ontluisterend idee zijn, bij nadere beschouwing zijn de mechanismen waarmee we in het CZS te maken hebben zo ingewikkeld, soms bijna onbegrijpelijk, dat we ons er niet voor hoeven te schamen dat onze "ziel" wordt gevormd door een duizelingwekkende hoeveelheid hersencellen die in nog weer duizelingwekkender relaties met elkaar in staat zijn menselijk gedrag in de meest ruime zin van het woord te genereren. Docent: Prof. dr. B.Ansink (neuropedagoog, UvA)

Derde college: Ontwikkeling en structuur en functie van het zenuwstelsel woensdag 21 oktober 1987, 16.00 -18.00 uur Vierde college: De evolutiegeschiedenis van het brein woensdag 28 oktober 1987, 16.00-18.00 uur De term "ontwikkeling" kan in de biologie twee dingen betekenen: die van het individu (ontogenese) en die gedurende de evolutie (fylogenese). In twee afzonderlijke colleges zal aan beide betekenissen aandacht worden geschonken. In het 3e college staat de ontogenese centraal, waarbij het accent zal worden gelegd op de ontwikkeling van het CZS bij de foetus en de pasgeborene. Is er sprake van een afgebakende ontwikkeling van het CZS op het moment dat de foetus een pasgeborene wordt en breekt er vervolgens een nieuwe ontwikkelingsfase van het CZS aan? Of is er eerder sprake van een geleidelijke overgangsfase waarbij de foetus al kenmerken van de pasgeborene vertoont en de pasgeborene nog in vele opzichten lijkt op de foetus? Hoe verloopt vervolgens de ontwikkeling van het CZS bij de pasgeborene en welke problemen kunnen zich hierbij voordoen. In het 4e college wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van de bouwstenen van het CZS, de zenuwcellen of neuronen. Hoe verloop deevolutie van deeerste levende cellen, naar meercellige organismen, naar de gewervelde dieren en tenslotte naar de mens? Docent derde college: Prof. dr. B.L. Touwen (ontwlkkellngsneuroloog, RUG) Docent vierde college: Dr. J. Wind (antropogeneticus, VU)

mogelijkheid om de ideeën van de griekse natuurfilosofen toe te lichten en in te gaan op het voor het westerse geneeskundige denken kenmerkende streven naar localisatie van functries. Uit de via Salerno doorgegeven griekse en romeinse (Galenus) ideeën werd in de Middeleeuwen de drie)cellen)leer ontwikkeld.In deze localisatieleer speelde het sensorum commune ee grote rol. Vanaf de 16e eeuw wordt aan de hersensubstantie zelf een belangrijke functie toegekend dan aan de spiritus bevatende hersenkamer. Pas in de 17e eeuw begint de hersenschors in de belangstelling te komen. De frenologie va Gall en Spurzheim is in het begin van de 19e eeuw de anacdotische voorbode van de hudige corticale localisatieleer. In 1854 werden voor het eerst fotografische afbeeldingen van de herse-nen gepubliceerd, met weinig invloed op de toen heersende ideeën. Afbeeldingen van de hersenen in de levende mens, zijn van recente datum. In deze beelden van het cerebrum is het met de menselijke beschouwer, maar de technische procedure die de werkelijkheid misvormt. Docent: Prof. dr. B.P.M. Schulte (neuroloog, KUN)

Zesde college: De mens: voorwaardelijk in vrijheid gesteld woensdag 11 november 1987 16.00 -18.00 uur Is menselijk gedrag het produkt van een vnje keuze of wordt het gedetermineerd door zijn gebondenheid aan allerlei interne/externe structuren? Bij de beantwoording van deze vraag, die in zo hoge mate bepalend is voor het mensbeeld dat men aanhangt, is

het zinvol de trekken. Aandacht zal worden besteed aan de invloe'd van de psychofarmaca op relatief elementaire aspecten van het gedrag op het gebied van stemming, gevolens e.d., aan de invloed van psychotherapeutische interventies op het gedrag en aan de invloed van specifiek op het sociaal milieu gerichte interventies. Komen psychiatrie en psychologie tot de conclusie dat de menselijke ziel doelgericht gemanipuleerd kan worden of dat door doelgerichte beïnvloeding van bepaalde condities de menselijke keuzevrijheid kan worden vergroot? Docent: Prof. dr. W. van Tilburg (klinisch psychiater, VU)

Zevende college: De mens: een hoofd vol ervaringen woensdag 18 november 1987, 16.00-18.00 uur Gebleken is dat psycho-sociale factoren (omgeving) in staat zijn de structuur en de functie van het brein te wijzigen. Het onderzoek op dit terrein heeft praktisch uitsluitend plaatsgevonden bij dieren. Dit laat zich verstaan wanneer men bedenkt dat het bestuderen van de omgevingsfactoren in hun invloed op de hersenen alleen mogelijk is indien men in de hersenen kan kijken om te zien wat de uitwerking van de omgevingsmanipulaties is. Uit onderzoek bij ratten die werden bestudeerd in een verarmde, standaard en verrijkte omgeving, bleek dat ratten uit de verrijkte omgeving (flinke kooi, meerdere ratten en veel speeltuigjes) in vergelijking met de ratten uit een verarmde omgeving (een rat in een kleine kooi zonder speeltuig), grotere zenuwcellen, meer

celvertakkingen en grotere contactpunten tussen de cellen in de hersenen vertoonden.Zou wat geldt voor jong (en oude) dieren met gelden voor jonge (en oudere) mensen? Vast staat dat bij dyslectische kinderen (kinderen met leesmoeilijkheden) de electrofysiologie van de hersenen zich wijzigt als gevolg van gerichte psychologische stimulering en dat, in samenhang met die wijzigingen, aspecten van leesvaardigheid verbeteren. Docent: Prof. dr. D. J. Bakker (neuropsycholoog, VU)

Achtste college: Stof en geest - een wijsgerige benadering woensdag 25 november 1987, 16.00-18.00 uur Grondvraag is: Hoe moet de duistere tekst die mens heet, geïnterpreteerd worden?ln een eerste inleiding worden aard en mogelijkheden van een wijsgerige benadering nagegaan. Gesteld wordt dat het thema stof en geest zowel in wetenschappelijke als in voorwetenschappelijke visies aan de orde komt. Vervolgens wordt eerst ingegaan op de inzichten van de voorwetenschappelijke ervaring zoals die m.n. m de kunst (ceramiek en dans) tot uitdrukking komen.In de tweede plaats komt de wijsgerige antropologische visie aan de orde waarbij o.m. aandacht wordt geschonken aan de biologisch georiënteerde antropologie, aan de existentiële fenomenologie en aan het joodse denken (Levinas).ln de derde plaats wordt ingegaan op wijsgerige vragen die zich voordoen bij de vakwetenschappelijke benadering (in biologie en psychologie) van het thema stof en geest. Docent: Prof. dr. E. H. van Olst (wijsgerig antropoloog, VU)

Naam Adres

Vijfde college: Het bezien van de menselijke hersenen woensdag 4 november 1987, 16.00 -18.00 uur

Woonplaats

Evenals bij het kijken naar al, wat in de buitenwereld visueel gepercipieerd kan worden, is er bij het bezien van de menselijke hersenen beïnvloeding door tijdgebonden ideeën. In historische afbeeldingen van het cerebrum komt dit samengaan van bezren en interpretatie duidelijk tot uiting. Getoond zal worden dat aprionstische standpunten vaak die weergave van de werkelijkheid misvormden. De oudste afbeeldingen komen uit de Alexandrijnse school. Zij bieden de

geeft zich op als deelnemer/deelneemster aan de cursus "De mens: Brein onder invloed".

Postcode:

(Sub)Faculteit Eerste jaar van inschrijving

^N.B. Inschrijving in volgorde van aanmelding. Studenten hebben voorrang opmet-studenten. Eenieder die zich aanmeldt ontvangt zo spoedig mogelijk antwoord van het secretanaat van de commissie. Dit formulier in een envelop zenden aan: Vrije Universiteit, Secretariaat Commissie voor het Studium Generale, Kamer 2E - 70 , Hoofdgebouw, De Boelelaan 1105,1081 HV Amsterdam. •

X

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 79

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's