Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 133

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 133

11 minuten leestijd

fD\p3}jps

16 OKTOBER 1987

Hoogleraar De Ridder bij oratie over de universiteit in de middeleeuwen:

'Wortels van het westerse, rationele denken liggen in de twaalfde eeuw' In 1793 m a a k t e n d e Franse revolutionairen op brute wijze e e n einde a a n het universitaire leven. De instellingen voor hoger onderwijs w e r d e n onmiddellijk opgeheven; zij zouden namelijk zijn verworden tot diplomafabrieken met nauwelijks nog enig e intellectuele w a a r d e . Volg e n s die revolutionairen h a d d e n deze instellingen voor d e vooruitgang v a n d e beschaving g e e n enkel nut meer. Het is niet e r g waarschijnlijk dat h e d e n ten d a g e er n o g revolutionairen o p s t a a n die dezelfde drastische voorstellen te b e r d e durven brengen. Toch valt uit d e mond v a n menig verontruste wetenschapper eenzelfde soort klachten te beluisteren als v a n die F r a n s e revolutionairen. Voor veel critici is het huidige wetenschappelijk onderwijs niet veel meer d a n e e n hogere beroepsopleiding. De a l g e m e e n vormende w a a r d e die d a t w e tenschappelijk onderwijs vroeger nog zou h e b b e n bezeten, wordt volgens h e n tegenwoordig ernstig ondergraven. Sommige v a n die critici stellen d e situatie op d e universiteiten in d e twaalfde e n dertiende eeuw ten voorbeeld a a n h o e e e n universiteit zou kunnen zijn. Toen zou d e universiteit nog niet volledig ondergeschikt zijn gemaakt a a n het nuttigheidsprincipe e n zouden w e t e n s c h a p p e lijke nieuwgierigheid e n intellectueel enthousiasme d e hoekstenen gevormd h e b b e n v a n d e wetenschappelijke instelling. Prof. H. d e Ridder-Symoens meent dat dit beeld slechts ten dele w a a r is. Wel constateert zij d a t in d e twaalfde e e u w er e e n ongehoorde intellectuele bloei

De problemen van de huidige universiteit zijn niet uniek. Ook in de middeleeuwen verdeelde het dilemma of wetenschappelijk onderwijs in de eerste plaats algemeen vormend dan wel beroepsvoorbereidend behoort te zijn, de gelederen. Dat kan geconcludeerd worden uit de oratie over de functie van de universiteit in de middeleeuwen van prof.dr. H. de RidderSymoens. Zij sprak die afgelopen vrijdag uit ter gelegenheid van haar benoeming tot hoogleraar in de middeleeuwse geschiedenis. 'tv é#

Positie student

\,iW f!»pi?iir'ï»fifi»"^ii'nr t»

ï

- w i - mf'

In die twaalfde e n dertiende eeuw ontstaat e e n onstuitbare d r a n g n a a r nieuwe kennis. Mevrouw d e Ridder wijst er echter op d a t die behoeften niet zonder tegenwerking uitgeleefd kond e n worden. De toenmalige kerk ontpopte zich als e e n g e duchte opponent voor d e n a a r kennis h o n g e r e n d e geleerden. Voor die kerk w a s intellectuele nieuwsgierigheid alleen m a a r verdacht: door d e goddelijke

« » ^ -

Studenten in e e n zeventiende eeuwse universiteitsbibliotheek. Illustratie uit Het Studentenleven

Foto Kees Keuch, AVCWU

Ketters

In het korte bestek v a n h a a r oratie g a a t De Ridder niet zeer uitgebreid in op d e positie v a n d e studenten a a n d e universiteiten g e d u r e n d e d e middeleeuwen. In het boek Het studentenleven (1980) behandelt Rob Hagendijk dit onderwerp wat uitvoeriger. Volgens Hagendijk h a d d e n studentenorganisaties in d e derde e e u w e e n aanzienlijke macht. Zij sloten collectieve contracten af met docenten over vorm e n inhoud v a n d e leerstof e n over het g e d r a g v a n d e docenten; dat ze op tijd met d e lessen moesten beginnen en ophouden en dat ze het programm a moesten afwerken. Zo niet, d a n volgden er sancties. Studenten wisten op die manier d e docenten, die h u n inkomens vooral betrokken uit collegegelden, sterk v a n zich afhankelijk te maken.

""Pt*is1P'f\,\>

openbaring is alle kennis omtrent het wezen der dingen immers ons al ter beschikking gesteld; e n die kennis hoeft aUeen nog m a a r v a n generatie op g e neratie op correcte wijze te word e n doorgegeven. Intellectuele studie diende er uitsluitend voor om d e 'juiste' leer goed af te schermen tegen d e schadelijk invloed v a n ketterse ideeën. Niettemin vonden er in d a t dertiende eeuwse spanningsveld enkele grote intellectuele vernieuwingen en syntheses plaats; bijvoorbeeld het werk v a n Thomas van Aquino die d e klassieke Griekse filosofie integ r e e r d e in het christelijke denken. Het w a r e n v a a k controversiële werken die kerkelijke inMevrouw H. d e Ridder-Symoens stanties niet bijzonder w a a r leerden. plaatsvond w a a r v a n d e weerklank nog altijd te beluisteren valt: "De wortels v a n het huidige Westerse rationele denken, met alles w a t dat impliceert, liggen niet in d e zestiende-eeuwse Ren a i s s a n c e m a a r in die v a n d e twaalfde eeuw."

Wat d e studenten betreft, analyseert professor De Ridder vooral hun mobiliteit. Die w a s in d e middeleeuwen aanzienlijk groter d a n tegenwoordig. Het w a s destijds heel gewoon om voor het volgen v a n e e n studie te reizen n a a r buitenlandse universiteiten. Mede door deze grote mobiliteit, e n ook door het feit dat overal het latijn g e h a n t e e r d werd, h a d het toenmalige intellectuele geestesleven e e n sterk internationaal karakter.

Voogdij

Tegen het eind v a n d e Middele e u w e n n a m die vrijheid op de universiteit weer af. De Ridder: "Een strengere controle v a n d e officiële instanties en e e n meer gereglementeerde benoemingspolitiek v a n d e professoren h e b b e n uiteindelijk d e w e tenschappelijke creativiteit afg e r e m d e n geleid tot intellectueel e n wetenschappelijk conservatisme." Het w a s niet alleen d e invloed v a n d e kerk die d e onafhanke-lijkheid v a n d e universiteit inperkte. Na d e Middeleeuwen werd d e b a n d tussen kerk en universiteit zelfs aanzienlijker zwakker. In plaats d a a r v a n werden d e universiteiten geplaatst onder d e voogdij v a n e e n wereldlijke overheid en

Koos Neuvel d a a r m e e w a r e n ze lang niet altijd beter af. Mevrouw d e Ridder beschrijft in h a a r oratie dat d e koninklijke hoven snel het nut h e b b e n ingezien v a n universitair getrainde raadslieden e n ambtenaren. Die academici w e r d e n met n a m e nuttig b e v o n d e n voor het opzetten v a n e e n moderne politieke administratie, e e n rationeel rechtssysteem en e e n bureaucratisch a m b t e n a r e n a p p a raat. Bovendien moesten zij met hun hele a r s e n a a l v a n intellectuele argumentatietechnieken het recht v a n e e n soevereine eenheidsstaat verdedigen. Van d e universiteiten werd verlangd dat ze academici afleverden die berekend w a r e n voor zulke taken; d e a c a d e m i s c h e opleiding moest dus in sterke m a t e e e n beroepsopleiding zijn. H a a r intellectuele macht heeft d e universiteit geruild voor e e n politieke en bureaucratische macht, stelt prof. De Ridder. Maar er kwam wel iets voor in d e plaats: "Een a n d e r type intellectueel zal gedeeltelijk d e t a a k v a n d e academicus uit d e eerste e e u w e n overnemen, namelijk d e uomo universale, d e humanist". Dat w a s in veel gevallen iemand die niet op d e universiteit werkzaam w a s e n d a a r ook niet erg n a a r verlangde. De Ridder:" Notoir zijn d e s m a l e n d e uitlatingen v a n d e humanisten a a n het a d r e s v a n d e universiteiten e n v a n h a a r hoogleraren." Die kritiek lijkt niet b e p a a l d misplaatst. Veel hoogleraren combineerden hun ambt met e e n

b a a n als raadsheer, rechter, biechtvader enzovoort; nevenactiviteiten welke het intellectuele niveau v a n het wetenschappelijk onderwijs niet verhoogd zuUen hebben. Volgens professor De Ridder h e b b e n d e overh e d e n actief meegewerkt a a n de d e g r a d a t i e v a n het universitaire onderwijs. De salarissen v a n hoogleraren w a r e n bovendien laag, d e arbeidsmogelijkh e d e n beperkt en het prestige w a s gering. Als het even kon verlieten getalenteerde hoogler a r e n d e universiteit.

Column Kan d e situatie v a n toen met die v a n nu vergeleken worden? Professor De Ridder is in h a a r oratie terughoudend in het trekken v a n directe paralellen. De verschillen zijn aanzienlijk. Niettemin lopen toch ook e e n a a n t a l overeenkomsten in het oog. Zo valt het bij sommige faculteiten momenteel niet m e e om hoogleraren voor d e universiteit te behouden, gezien d e sterke zuigkracht v a n het bedrijfsleven. Ook kun je je afvragen of d e 'ware' intellectueel momenteel wel a a n d e universiteit werkz a a m is. Bestaat er e e n hedend a a g s e p e n d a n t v a n d e vroegere humanist? Volgens d e Groningse filosoof LoUe Nauta, in een onlangs gepubliceerd essay, bestaat die inderdaad: d e 'ware' intellectueel heeft zich d e vermomming v a n journalist a a n g e m e t e n ; het is iemand die bij voorkeur e e n column in e e n krant schrijft en vanuit die plek d e wereld bestookt met zijn a n a lyses e n commentaren.

Hagendijk over deze situatie: "De beschrijvingen v a n deze organisaties doen d a n ook sterk denken a a n e e n bikkelhard optredende konsumentenbond met e e n eigen keuringsdienst v a n waren, die kontroleert of d e docenten zich wel a a n d e kontaktbepalingen houden e n bijvoorbeeld wel stipt op tijd met hun kolleges beginnen." Een situatie om jaloers op te zijn voor d e h e d e n d a a g s e studentenvakbonden en faculteitsverenigingen, zou je zeggen. Maar d e toenmalige studentenorganisaties verging het niet veel a n ders d a n die v a n d e afgelopen decennia: l a n g z a a m w e r d e n zij uit d e universiteitsbesturen verdrongen. Misschien dat die historische parallel voor d e studenten v a n nu e e n kleine, schrale troost is. Advertentie

BIBEB EN ERIK HAZELHOFF ROELFZEMA Bib«b en Erik HazelhofT (Soldaat \ a n Oranje) Roelfzema. Over zijn adjudantschap bij Koningin Wilhelmina. zijn werk voor de CIA en het nut van inlichtingendiensten. COCAINE in Amsterdam: een onderzoek naar gebruik en gebruikers. Gary Kasparov's leven: 'Karpov had me onder schot, hij kon de trekker niet overhalen.' Interview met Renate Rubinstein: 'Ik heb de Nederlandse literatuur nooit erg gevolgd omdat ik bang ben me te vervelen.' CUBA — de vrouwengevangenissen, de homosexualiteit. Reportage. Soul.Een gesprek met Wilson Pickett. Euthanasie; artsen in kinderziekenhuizen over de pil van professor Voute.

JONGENS en MEISJES In de kleurenbijlage.Een enquête: jongens over meisjes en meisjes over jongens. Antwoorden op de oproep: Vriendschap. Alles over Echte Vrienden en Vriendinnen. Eten met: de horeca vakschool. daklozen van New York

Lees naast uw krant Vrij Nederland

B

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 133

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's