Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 251

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 251

10 minuten leestijd

FJ)\F3]^ps

11 DECEMBER 1987 Vandaag, 11 december, organi­ seert de vakgroep culturele an­ tropologie/sociologie der niet­ westerse samenlevingen een onderzoeksdag over feministi­ sche antropologie. Deze dag is bedoeld om met stafleden en belangstellende studenten te discussiëren over feministische antropologie. Op deze dag zal een aantal theoretische inzich­ ten vanuit de feministische an­ tropolocfie worden gepresen­ teerd, waarbij verschillende theoretische invalshoeken, the­ ma's en onderzoeksmethoden aan bod zullen komen. De vraag is of we dit moeten zien als de dwang en de terreur die feministen uitoefenen, waar Van Wetering in het interview in Ad Valvas en eerder in een arti­ kel in de Soci ologi sche Gi ds herhaaldelijk aan refereert. Ook mevrouw Van Wetering is uitgenodigd om op deze dag een lezing te verzorgen. H aar ideeën over antropologisch on­ derzoek en vrouwenstudies kan zij dus in het openbaar weerge­ ven. We vragen ons dan ook af waar Van Wetering de idee vandaan haalt dat feministisch antropologen zich terugtrekken in het bastion van de vrouwen­ wetenschap. Hopelijk zal de on­ derzoeksdag een bijdrage leve­ ren aan het wegnemen van der­ gelijke onaangename vooroor­ delen.

Vier feministen r e a g e r e n op d e kritiek v a n Wilhelmina v a n Wetering:

'Feministische antropologie geen eenheidsworst' Op 20 november jongstleden publiceerde Ad Valvas een interview met dr. Wi lhelmi na van Wetering, waarin zij een vernietigend oordeel geeft over de feministische antropologie. In dit artikel reageren enkele feministische antropolo­ ges van de VU op de karikatuur, die dr. Van Wetering naar hun mening van het vakgebied schetst.

Roelie Lenten en Li lli an van Wesemael-Smit doen onder­ zoek naar vrouwengroepen en (voedsel)hulp in Peru. Zij richten zich op de betekenis die volks­ gaarkeukens voor vrouwen hebben en analyseren zowel de voor­ als de nadelen hiervan. Met dit onderzoek willen zij een bijdrage leveren aan theorie­ vorming op het gebied van vrouwenorganisatie. Ook het formuleren van beleidsaanbe­ velingen rond het ondersteunen van vrouwenorganisaties vormt een belangrijke doelstelling. De onderzoeksresultaten worden dan ook regelmatig besproken met belanghebbende organisa­ ties. Zo zijn er onder andere goede contacten met UNICEF. Geheel volgens antropologi­

sche traditie worden nieuwe WïeJce van der Velden doet on­ ontwikkelingen op dit terrein be­ derzoek naar machtsverhoudin­ studeerd door meer malen naar gen tussen mannen en vrouwen de onderzoeksplaats terug te binnen plattelandshuishoudens. keren. Voor de uitvoering van Ze heeft hiervoor twee jaar het onderzoek heeft Roelie Len­ veldwerk in Noord­India ver­ ten een AlO­plaats, gefinan­ richt, waarbij ze voortbouwt op cierd uit het Stimuleringsfonds bestaand onderzoek in de regio. Vrouwenstudies VU. LUlian van Het is een explorerend onder­ Wesemael­Smit heeft een half­ zoek dat een bijdrage wil leve­ tijdse aanstelling voor drie jaar. ren aan de theorievorming over Edien Bartels doet promotie­on­ 'machtsverhoudingen tussen de derzoek naar volksreligieuze en sexen en besluitvorming. Na symbolische voorstellingen een aanstelling van drieëneen­ rond voortplanting en famüy­ half jaar als wetenschappelijk planning haar sexe­verhoudin­ assistent werkt ze nu onbetaald gen. Ze heeft hiervoor twee jaar aan haar proefschrift. veldwerk in Tunesië en Marok­ Ook Ineke van Halsema doet ko gedaan. Zij beoogt met name promotie­onderzoek, maar dan om tot theorievorming op dit ge­ via een contract van tweeën­ bied te komen. Overigens is ze eenhalf jaar bij WOTRO. Zij slecht 4 uur per week belast met heeft een jaar veldwerk in Bra­ onderzoeksaktiviteiten. Na in zilië verricht en is nu bezig met het totaal twaalf jaar in tijdelij­ de verwerking van de gege­ ke dienst te zijn geweest met vens. In een dorpje in zuid­Bra­ steeds wisselende contracten, zUië heeft zij onderzocht hoe de heeft zij sinds juni 1985 een vas­ relaties tussen vrouwen en te aanstelling van 0,3 formatie­ mannen in de laatste vijftig jaar plaats. veranderd zijn, in het kader van

Pseudo­wetenschappen in discussie Vervolg van pag.

9

vermenging van mechanisme en organicisme in het dagelijk­ se leven?

Loffelijk s t r e v e n Bij het publiek, betoverd door zijn voorbeeld over verliefd­ heid, gaan Kunnemans woor­ den erin als zoete koek. Op de terugweg groeit echter de scep­ sis. Wat beweert hij eigenlijk? Beweert hij wel wat anders dan Vroon en anderen die de ratio­ naliteit van het paranormale hoogst discutabel achten? Of gaat het hier alleen maar om een spel met woorden, waarin de een het heeft over leefwe­ reld, de wereld van de alle­ daagse communicatie en de an­ der over een onontkoombare

de ingrijpende ontwikkelingen die daar in de landbouw plaats­ vinden. Haar onderzoek is voor­ al gericht op theorievorming en maakt deel uit van een onder­ zoeksproject naar de sociale, politieke en economische as­ pekten van de snelle opkomst van het exportgewas soja in zuid­Brazilië. Tot zover de informatie over de onderzoeken die op de VU wor­ den uitgevoerd in het kader van feministische antropologie.

Pluriform

Werkelijkheid Genoeg over de beeldvorming rond feministische antropologie. Laten we nu eens kijken wat er werkelijk aan de VU gebeurt. Veel vrouwen verrichten antro­ pologisch onderzoek vanuit een feministisch perspectief. Dat dit echter niet leidt tot een soort eenheidsworst moge uit het on­ derstaand overzicht blijken.

Ineke van H alsema Gerry H ofstede Ina Keuper Lilian van Wesemael­ Smit

De inzet van de discussie over '(pseudo)wetenschap en scepti­ cisme' is in ieder geval voor bei­ de inleiders gelijk. Deze wordt door Vroon aan het slot van zijn lezing verwoord als hij stelt dat wat irrationeel is, buiten de maatschappelijke besluitvor­ ming moet worden gehouden. Hiermee stemt Kunneman in. Door nu de bordjes te verhan­ gen en het etiket rationeel ook op andere dan de feitelijke ver­ schijnselen te plakken, wil hij aantonen dat veel meer aspec­ ten van de werkelijkheid in de besluitvorming betrokken die­

nen te worden. Een loffelijk stre­ ven. Zolang hij echter niet aan kan geven hoe communicatieve ra­ tionaliteit werkt, hoe bijvoor­ beeld consensus bereikt kan worden tussen degene die zegt: 'Dat moet, want God wil hetl' en degene die zegt: 'Ik doe het niet, want ik voel me rot', zolang zul­ len zijn tegenstanders met een andere opvatting van wat wer­ kelijk is, van wat werkt, niet wakker liggen van zijn kritiek. Die kritiek voorals zien als een spel van woorden. Om aan te geven hoe consen­ sus bereikt kan worden is een zorgvuldige studie nodig van de alledaagse communicatie. En als Kunneman dan zijn eigen voorbeeld serieus neemt, zal hij onmiddellijk inzien dat kritiseer­ baarheid niet de basis van com­ municatief handelen kan zijn. Een verliefdheid is niet geba­ seerd op twijfel, maar op het betoverende gegeven dat je van elkaar houdt. Als je je maar vaak genoeg afvraagt of je wer­ kelijk verliefd bent en enkel re­ denen zoekt die die twijfel voe­

Het zal duidelijk zijn dat al deze onderzoeken te plaatsen zijn onder de centrale noemer van de feministische antropologie: 'de machtsverhoudingen tussen vrouwen en mannen'. Dit neemt echter niet weg dat dit weten­ schapsterrein wordt geken­ merkt door een zeer grote pluri­ formiteit, zowel qua onderzoeks­ methode als thematiek. Een uit­ spraak van dr. W. van Wetering als "pluriformiteit, de feministen houden daar niet van" kan dus met recht naar de prullemand worden verwezen (hoewel wij uit eerdere publikaties weten dat Van Wetering niet van prul­ lemanden houdt). Uit dit overzicht zal al gebleken zijn dat het niet zo rooskleurig is gesteld met de aanstellingen van feministisch antropologen. Van Wetering geeft daarover echter een heel ander beeld. In het interview in Ad Valvas stelt zij dat feministen er heel goed in slagen om voor hun be­ langen te vechten: "Op dat punt zijn ze heel zakelijk, ze denken uitstekend aan hun eigen car­ rière­mogelijkheden"; daartoe , kloppen feministen de achter­ stand van vrouwen op: "H oe krachtiger ze daarop hameren, des te vlugger komen er banen voor vrouwen vrij". H oe staat den, dan verdwijnt de verliefd­ heid vanzelf. Welk kwaad genie heeft ons ingefluisterd dat het rationeler is hieraan te twijfelen dan dit te aanvaarden?

Verwondering Scepsis als dé basis van ratio­ naliteit, als hét kenmerk van wetenschap! Pseudoweten­ schappen zijn irrationeel, omdat daarin van allerlei vooronder­ stellingen wordt uitgegaan, ter­ wijl echte wetenschap rationeel is, omdat daar in principe aan alles getwijfeld wordt, zo zal menig bezoeker van de confe­ rentie '(pseudo)wetenschappen en scepticisme' deze titel geïn­ terpreteerd hebben. Zo eenvou­ dig ligt het echter niet. Want, zo betoogt de Nijmeegse weten­ schapsfilosoof en spreker op de conferentie professor Derksen: wetenschap kan niet functione­ ren zonder vooronderstellingen. Toch is voor hem en Vroon we­ tenschap het toonbeeld van ra­ tionaliteit. Blijkbaar vinden ook zij dat rationeel weten meer is dan twijfelen aan hetgeen je

het nu feitelijk met banen voor vrouwen binnen onze vakgroep en meer specifiek voor de femi­ nisten onder hen? Hoewel de meerderheid van de studenten bij onze vakgroep vrouw is, zijn er momenteel 6 vrouwen op een totaal van 26 vaste en tijdelijke stafleden (23%), welke echter slechts 13% van de totale formatieruimte be­ zetten. Ina Keuper is de enige met een vaste aanstelling voor feministi­ sche antroplogie, zij het half­ tijds. H aar uren gaan voorna­ melijk op aan onderwijstaken binnen de antropologie en de vrije studierichting Vrouw en Beleid. Naast een tijdelijke, halftijdse aanstelling voor on­ derzoek, zijn er nog 6 andere vrouwen bezig met feministisch antropologisch onderzoek. Zij doen dit in hun vrije tijd, op AlO­plaatsen, via externe fi­ nanciering en als onbetaald on­ derzoeker.

Magertjes Dit alles overziende, moeten we constateren dat het aantal duur­ zame banen voor feministen bij onze vakgroep nog magertjes is, maar dat er heel wat onder­ zoek wordt verricht. (Van Wete­ ring in Ad Valvas: "Het is opval­ lend hoe weinig onderzoek er verricht wordt.") Bij deze onderzoeken baseren wij ons als feministisch antropo­ logen natuurlijk ook op de theo­ rievorming zoals die zich in de laatste eeuw in ons vakgebied heeft ontwikkeld. Tegelijkertijd voorzien wij die theorievorming van kritische kanttekeningen en gaan we de discussie niet uit de weg. Het getuigt eerder van vage emoties dan van een gedegen analyse als mevrouw Van We­ tering meent te kunnen stellen dat feministische wetenschap­ sters geen prijs zouden stellen op een open klimaat, op een wetenschappelijke beoordeling van hun onderzoeksvoorstellen, of op het op losse schroeven zet­ ten van de eigen waarheid. Wij hopen dat dit artikel stof aan kan dragen voor een gedegen en 'faire' analyse van de femi­ nistische antropologie, én dat we ons vanaf nu weer met echte wetenschap en wetenschappe­ lijke debatten bezig kunnen houden. Een inhoudelijke reac­ tie van dr. Van Wetering op ons werk zou misschien een goed begin zijn om de generatiekloof te overbruggen. De studiedag van 11 december biedt haar daartoe een goede gelegen­ heid.

weet. Verwondering, je laten betoveren door de werkelijk­ heid die je aantreft? Als Kunne­ man het denken van professor Derksen goed zou bestuderen, zou hij hierin ongekende moge­ lijkheden voor zijn communica­ tieve rationaliteit ontdekken. Het gros van de criteria die Derksen aan wetenschap stelt, geldt ook voor een goed ge­ sprek: wetenschap als dialoog mét de werkelijkheid in plaats van verhoor vdn de werkelijk­ heid. Iets dergelijks doet zich al voor in het bereik van de quantum­ mechanica. De natuur reageert anders al naar gelang de vra­ gen die gesteld worden. Een metafysica en kenleer op basis van de dialoog, van verliefd­ heid? In achterafzaaltjes van het filosofisch instituut wordt dit al voorzichtig geprobeerd. De winst van deze aanpak is in elk geval dat de metafysicus op zondagochtend zijn bed niet uit hoeft en dat 'bij mij' meer kan worden dan louter een plaats­ aanduiding als antwoord op de vraag 'Waar ben ik?"

ED

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's

Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 251

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987

Ad Valvas | 588 Pagina's