Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 45
PD\PIS/PS
4 SEPTEMBER 1987
Leidse onderzoekers willen individualisering collegegeld
'Mag ik voor drie strippen onderwijs?' Bètastudenten studeren regel matiger d a n hun collega's uit d e alfa e n gammasector. Dat komt doordat hun studieprogram ma's met grote regelmaat pres taties v a n ze verwachten, e n ze ook veel contact met docenten hebben. Omdat dat laatste geld kost, wordt er a a n bètastuden ten meer geld uitgegeven d a n a a n alfa's en g a m m a ' s . Zou je het a a n e e n student overlaten hoeveel begeleiding hij of zij wil krijgen, d a n zouden d e bèta's minder over drukte klagen, e n d e alfa's e n g a m m a ' s minder over het gebrek d a a r a a n . Sa men zou dat d e overheid geld kunnen besparen, terwijl het studeerplezier erop vooruit g a a t . Daarom moet er e e n heel a n d e r collegegeldsysteem ko men, waarbij e e n student be taalt voor z'n individuele onder wijsgebruik. Dat b e w e r e n d e econoom K.D.J.M van der Drift en d e psy choloog P. Vos in e e n gezamen lijk proefschrift, w a a r m e e ze eind juni in Leiden d e doctorsti tel b e h a a l d e n . Een onderwijs economische analyse van u ni versitair onderwijs luidt d e on dertitel v a n hun boek. Ze l e g d e n e r studietijdmetingen v a n acht tien studierichtingen, a a n vijf Nederlandse universiteiten, voor op e e n rij. En wetend hoe veel e e n student studeert e n h o e hij studeert, g e v e n ze vervol gens adviezen om het hoger on derwijs doelmatiger te maken. De 1700 uur dié e e n student vol g e n s d e Tweefasenstructuur per j a a r geacht wordt te werken, wordt door g e e n enkele student in werkelijkheid g e h a a l d . Dat is niet onbegrijpelijk want die 1700 uur is destijds door d e com missieWiegersma met e e n bui tengewoon natte vinger be p a a l d . Een student moest m a a r e e n s net zo h a r d leren werken als elke a n d e r e werknemer, w a s d e redenering. Bij 42,5 werkweek v a n 40 uur het stuk m a a k t e e n student 1700 uur per jaar, w a s d e simpele r e d e n e ring. In werkelijkheid zijn d e hardst werkende studenten per j a a r gemiddeld 1300 uur netto a a n studeren kwijt. Natuurkunde studenten in Eindhoven bijvoor beeld, of eerstejaars biologie a a n d e VU, of (zolang ze er nog zijn) tandheelkundestudenten in Groningen. Per d a g werkt d e gemiddelde student niet langer d a n zeven uur. In vergelijking met e e n mo d a l e werknemer is dat niet schandalig weinig: die werkt gemiddeld netto ook m a a r 1437 uur per jaar. Er zijn wel studen ten die gemiddeld meer uren maTsen, m a a r daarvoor moet je n a a r d e campussamenleving in d e Verenigde Staten. Afge sloten v a n d e rest v a n d e sa menleving, e n voorzien v a n e e n studieprogramma dat h e m on der p e r m a n e n t e druk houdt, komt e e n eerstejaars medicij nen d a a r a a n e e n werkweek v a n 69 uur. Die 1300 uur per jaar, of zeven uur per d a g , m a a k t e e n student echter alleen m a a r als het on derwijsprogramma dat van hem vergt. En dat is dus alleen m a a r in d e bètarichtmgen het geval. Alfa's e n g a m m a ' s ma ken gemiddeld tussen d e 800 en 1100 uur per jaar. Ze h e b b e n minder onderwijs, en ook min der verplichtingen. En zonder verplichtingen is e e n student niet geneigd iets te doen. Een student is e e n uitsteller, e e n
Studenten in bètarichtingen hebben het te druk, en alfa en gammastudenten worden het bos in gestuurd met een te licht rooster. Het studeerplezier heeft hieronder te lijden en bovendien kost het de overheid nodeloos veel geld. Twee Leidse onderzoekers bepleiten een systeem van individueel collegegeld om a a n de manco's van het huidige systeem tege moet te komen.
De hardst w e r k e n d e studenten zijn per jaar g e m i d d e l d 1300 uur netto a a n studeren kwijt.
voorzichuitschuiver. De a v o n d voor e e n college bereidt hij dat college voor; d e d a g e n voor e e n tentamen werkt hij zich uit d e n a a d om dat tentamen te halen. Heeft e e n student op drie d a g e n college, d a n vat hij dat ook op als e e n d r i e d a a g s e werkweek.
Regelmaat Curriculumontwerpers moeten d a a r dus rekening m e e houden. Ze moeten pieken vermijden: g e e n twee tentamens op e e n kluitje geven, e n d e colleges verspreiden over d e hele week. Op die manier blijft e e n student regelmatig a a n het werk en haalt hij d e tentamens zonder energievretende eindspurten. Wat voor verschil e e n goed rooster k a n m a k e n illustreren Van der Drift en Vos met e e n Leids voorbeeld. Twee bèta richtingen, te weten scheikunde en biologie, vergen in d e prope deuse allebei bijna 1300 uur. Ook krijgen beide groepen on geveer evenveel onderwijs. Na twaalf m a a n d e n zijn o n g e v e e r evenveel studenten geslaagd: resp. 60 en 63 procent. M a a r d e biologen zijn d a a r d a n wel mak kelijker in g e s l a a g d d a n d e che mici. Want 72 procent v a n d e biologen h a d bij d e eerste tenta menpoging succes. Bij d e schei kundestudenten w a s dat m a a r 49 procent. Het verschil komt door d e op bouw v a n het rooster: d e biolo g e n krijgen blokcursussen ze houden zich dus langer a a n e e n met hetzelfde vak bezig. De scheikundestudenten volgen e e n parallel programma. Zij worden geacht zich met meer d a n é é n vak tegelijk bezig te houden. Dat kost h e n m e r k b a a r moeite. Maar ook d e subfacul teit scheikunde ondervindt er n a d e e l van: het nakijken v a n al die hertentamens kost natuurlijk gewoon geld. Het hoger onderwijs in Neder land zou o n b e t a a l b a a r worden
Esther Hageman/UP w a n n e e r alle studenten even veel begeleiding kregen als d e bètastudenten nu al hebben. Zou je d e roosters v a n d e alfa's en d e g a m m a ' s net zo vol prop p e n met begeleiding als nu bij d e bèta's het geval is, d a n zou dat 600 miljoen kosten. Dat is veertig procent v a n het univer sitaire budget. Bovendien is het niet zonder meer e e n g o e d e zaak dat d e bèta's het zo druk hebben. Ze h e b b e n het zie het b o v e n s t a a n d e voorbeeld lang niet altijd op e e n efficiënte ma nier druk. Een klassieke klacht v a n bèta studenten is, d a t ze door alle studieverplichtingen niet a a n verdieping toekomen, terwijl ze dat wel zouden willen. Alleen een bètastudent die snel kennis opneemt komt a a n verdieping toe. De a n d e r e n houden het vol g e l a d e n p r o g r a m m a hijgend e n puffend bij e n h e b b e n g e e n a s e m over voor verdieping.
Begeleiding Er moet dus geschoven worden met d e begeleiding, conclude ren Van der Drift e n Vos. De bèta's kunnen er best wat min der v a n gebruiken, d e alfa's e n de g a m m a ' s wat meer. Sommi g e studie onderdelen v a n d e bèta's zouden ook v e r v a n g e n kunnen worden door ander soortig onderwijs. W a a r o m krij gen ze niet wat vaker e e n werk boek m e e n a a r huis waaruit ze o p g a v e n moeten maken, m plaats v a n colleges? En boven dien zouden w e ook eens af moeten v a n het idee, dat alle studenten in hetzelfde vak be hoefte h e b b e n a a n hetzelfde type begeleiding. Want wat d e e n e student moeiteloos uit d e syllabus haalt zonder er d e do cent bij nodig te hebben, moet d e a n d e r e student e e n p a a r keer op het bord voorgerekend zien.
Foto AVC/VU
Voor d e universiteit is d e e n e student goedkoop e n d e a n d e r e student duur m a a r nergens in d e begroting v a n d e universiteit valt dat terug te vinden. Of je in het collegejaar veel of weinig begeleiding gebruikt, m a a k t voor d e prijs die je betaalt niet uit. Helemaal fout, vinden Vos e n Van der Drift. Op die manier creëer je e e n situatie w a a r i n e e n student en e e n universiteit tegengestelde b e l a n g e n heb bén. Een universiteit die moet bezuinigen e n welke moet dat niet wordt zo uitgenodigd om domweg op z'n onderwijs te be sparen. Meer grote hoorcolle ges en e e n z w a a r d e r beroep op d e tijd v a n studenten zijn d e me thodes w a a r v a n e e n universiteit zich daarbij bedient. De en. Een student die weinig onderwijsbe geleiding v r a a g t wordt er ook niet voor beloond.
Lucide Je moet het a a n d e student over laten hoeveel begeleiding hij gebruikt, vinden Van der Drift e n Vos. De student moet bewust g e m a a k t worden v a n d e kosten die a a n z'n onderwijs vast zit ten. Hij moet als het w a r e kun n e n kiezen tussen twee m a n i e ren om e e n tentamen te halen: ofwel door veel zelf met d e neus m d e boeken te zitten e n weinig docenttijd te vergen (dat is d a n goedkoop), ofwel door alle ken nis v a n d e docent te betrekken en zelf nauwelijks meer wat te doen. Dat is d a n d e dure va riant. Betaalt e e n student voor d e begeleiding die hij koopt, d a n krijgen docenten een reden om eens hun best te doen op het onderwijs dat ze geven. Tussen student e n docent ontstaat d a n dezelfde verhouding als tussen e e n klant en e e n winkelier. Ze h e b b e n g e e n tegengestelde be l a n g e n meer, m a a r gemeen schappelijke. Een gloednieuw idee? Welnee. In 1955 h a d d e Amerikaanse econoom Friedman al het lucide
idee, om het geld dat n a a r d e universiteiten gaat gewoon m a a r a a n d e studenten uit te delen. Die mochten d a n zelf be p a l e n a a n welk onderwijs ze het uitgaven. A a n het einde v a n d e jaren zeventig stelden in Neder l a n d Emmerij en Globus voor om elke Nederlander n a afloop v a n d e leerplicht e e n bonnen boekje te geven. Daarin zat d a n z'n recht op onderwijs. Of ie m a n d dat zou o p n e m e n in d e vorm v a n dagonderwijs of in d e vorm v a n korte cursussen m a a k t e niet uit. Begin 1985 k w a m ook d e Neder l a n d s e overheid met e e n derge lijk plan: d e nota Au tonomie en Kwaliteit. Dat is w e e r e e n verfij ning v a n het tegoedbonnen systeem, in d e HOAKnota met knipkaartsysteem a a n g e d u i d . Hoe dat knipkaartsysteem er precies moet uitzien, is n o g niet duidelijk. De nota geeft twee mogelijkhe den. Ofwel je knipt het j a a r in schrijving dat e e n student koopt in stukjes, zodat e e n student g e e n heel j a a r inschrijvings recht kwijtraakt als er iets mis g a a t . Of, je knipt e e n j a a r op in studieonderdelen zodat e e n student betaalt voor elk tenta men waarvoor hij zich inschrijft, tussen student en docent in stand. Als e e n student, geheel volgens d e nota HOAK, zes j a a r tijd krijgt om 252 knipkaart punten op te maken, d a n krijgt die student volop d e gelegen heid om hertentamens af te leg gen. Bovendien zal d e universi teit die geld krijgt o p grond v a n het a a n t a l ingeleverde punten dat wel best vinden. Zo'n uni versiteit zal z'n docenten niet opjutten om beter onderwijs te geven, zodat hertentamens overbodig zijn. Het idee v a n een knipkaart is dus op zich wel goed, m e n e n Vos e n Van der Drift m a a r d a n moet die knipkaart wel over be geleiding g a a n , e n niet over zo iets a l g e m e e n s als e e n j a a r in schrijvingstijd. In elk a n d e r ge val zijn docenten er niet m e e gebaat, en schiet hooguit d e ambtenarij ter universiteit er iets m e e op. De administratie wordt er tamelijk eenvoudig van, w a n n e e r je als universiteit al leen d e studiepunten nog m a a r hoeft op te tellen om a a n je geld te komen. De universitaire e n departe mentale ambtenarij is ook d e enige groepering w a a r v a n Van der Drift en Vos verwachten dat hij zou dwarsliggen. Als studen ten en docenten s a m e n b e p a l e n wat voor type coUege voor welk b e d r a g a a n welke studenten wordt gegeven, d a n raken die a m b t e n a r e n immers hun coördi n e r e n d e rol kwijt.
Anatomie van een leeromgeving onderwijseconomische a n a l y s e v a n versitair onderwijs K D J M v a n der en P Vos, Swets Zeitlmger, Lisse ƒ53,70
Een uni Drift Prijs
iH
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987
Ad Valvas | 588 Pagina's