Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 199
20 NOVEMBER 1987 "Meneer Kee, ik ben zeer be nieuwd wat u ons te vertellen heeft," verwelkomt een student de docent die college gaat hou den in het kader van de werk groep 'Filosofie in bedrijf'. De plechtige woorden blijken iro nisch bedoeld te zijn. Voor het overige wordt prof.dr. B. Kee namelijk voortdurend als Bas aangesproken. In een kleine studierichting kan men zich nog informele omgangsvormen per mitteren. Het college was tevoren aange kondigd als hoorcollege, maar de füosofen lijken daar iets an ders onder te verstaan dan veel anderen. Geen driftig pennen de studenten die beleefd het verhaal van de professor beluis teren, waarna een enkele stout moedige student een vraag durft te stellen. In dit gezelschap begint men daarentegen al snel met interrumperen waarna het hoorcollege naadloos overgaat in een soms gecompliceerde discussie. Men deinst er niet voor terug om de geleerde Kant als getuige op te roepen om de eigen standpunten kracht bij te zetten. De bijeenkomst wordt op een gure donderdagavond gehou den, hetgeen de niet al te grote opkomst ten dele verklaart. Maar daarnaast is het ook zo dat het vak 'iilosofie in bedrijf' nog pas in een zeer embryonaal stadium verkeert. Het is de eer ste keer dat een dergelijk vak 'gegeven wordt en er moet maar afgewacht worden of er über haupt enige belangstelling voor bestaat van^de kant van het be drijfsleven. Mochten de reacties positief zijn, dan overweegt men er een afstudeerrichting van te maken. Zelfs de filosofen die zich altijd verre hielden van de harde za kelijkheid van de markt, lijken dus in dè ban te zijn van 'de ondernemende universiteit'. Ze moeten ook wel. Voorheen kwa men filosofen vooral in onder zoeks en onderwijsfuncties te recht, maar de toegang tot die banen is nagenoeg dichtge slibd. Een artikel in The Econo mist over de beroepssituatie van filosofen in de Verenigde Staten bracht de vakgenoten aan de VU op het idee om het over een andere boeg te gooien. Uit dat artikel bleek dat de Ame rikaanse filosofen relatief ge makkelijk aan de slag komen en werkzaam zijn in sectoren als het bedrijfsleven, de gezond heidszorg en de politiek. Van daar de poging om in N eder land ook eens iets anders te pro beren.
Extraatje Vanuit de universiteit kunnen echter de schitterendste plan nen bedacht worden, als de on dernemers te kennen geven geen enkele boodschap te heb ben aan filosofenpraat, dan houdt het snel op. Volgens Hans Groen, ambtelijk secretaris bij de Centrale Interfaculteit, hoeft het echter niet snel op te hou den. Sommige bedrijven zouden wel degelijk een boodschap aan filosofie hebben; "Ik heb on langs het jaarverslag van een softwarehouse gezien en dat gaf als extraatje een kort over zicht van de wetenschapsfiloso fie. Dat is bij software niet zo verwonderlijk want daar ben je voortdurend bezig met de vraag wat kennis is en hoe je dat pro grammeren kunt." Ook in meer algemene zin denkt men dat filosofie als vorm van reflectie iets aan het bedrijfsma nagement kan toevoegen. Heeft het management echter wel zo veel behoefte aan reflectie, vraag ik in een gesprek aan prof. Kee; zal men de filosoof niet ervaren als zo'n eeuwige piekeraar die eerst de zaak tien
PDVPJ]^P>S
Centrale Interfaculteit stort zich op veronderstelde nieuwe markt
Filosofie moet manager a a n wijsheid helpen Filosofie en management, op het eerste gezicht een zeer ongebruikelijke combinatie. Twee werelden die niets met elkaar uitstaande lijken te heb ben. Niettemin tracht de Centrale Interfaculteit met een collegeserie geti teld 'Filosofie in bedrijf' het zo te zien onverenigbare met elkaar te vereni gen. Tijd om eens te bekijken op welke manier ze dat voor elkaar probe ren te krijgen. keer van een andere kant be kijkt voor hij tot een besluit komt? Kee karakteriseert .deze omschrijving als een stan daardkarikatuur. "Het is waar dat dit beeld bij sommige men sen leeft. Het is ook maar de vraag of een manager iets bij zonders heeft omdat hij filoso fisch geschoold is." Mijmerend over zijn eigen vraag blijft hij even stil, om tenslotte lachend
een filosofische invalshoek be spreken." "Filosofie heeft ook te maken met inzicht in de ontwikkeling van de maatschappij in brede zin. Mensen in bedrijven letten wel op hun omgeving, maar doorgaans blijft die aandacht nogal oppervlakkig. Tegen woordig wordt het debat over modern en postmodern gevoerd en dat debat gaat over de ver
Koos N euvel kunnen zijn dat je niet zozeer construerendontwerpend bezig bent maar dat je veel eerder goed moet kunnen luisteren. Het interessante van die benade ring is dat hierdoor van een ma nager heel andere eigenschap pen verwacht worden dan de traditionele. Je moet intuïtie en verbeeldingskracht ontwikke len, hetgeen niet strijdig hoeft te zijn met rationaliteit. Dót is een enorme stap waar veel mensen huiverig tegenaan kijken, want hoe ontwikkel je intuïtie en ver beeldingskracht? Maar het zijn wel heel opmerkelijke opvattin gen en zeker de moeite waard om serieus op in te gaan." Het is bek end dat veel mana gers zich aangetrok k en voelen tot het bolisme en andere oos terse filosofie. Probeert u daar ook bij aan te sluiten?
zelf het antwoord te geven: "Dat hopen we dan maar." Als ik zeg dat het zo toch ondui delijk blijft hoe een filosofisch geschoolde manager kan bij dragen aan een beter functio neren van een bedrijf, licht Kee zijn ideeën nader toe: "Als ma nager zit je voortdurend in de klem tussen maakbaarheid en machteloosheid. Je kunt daar enorm gefrustreerd door raken en achter jezelf aan gaan hol len. Je kunt ook inzicht proberen te krijgen in hoe dat nu precies komt. Dat zou ertoe kunnen lei den dat je ofwel een andere be slissing neemt, ofwel een ande re houding aanneemt bij beslis singen." "Management heeft veel te ma ken met toekomstplanning, met het streven naar zekerheid. Als je nogal technisch ingesteld bent wil je zoveel mogelijk ge gevens verwerven om tot een maximum aan beheersing te ko men. En dan blijkt dat telkens niet lukken. Je kunt die onzeker heid eens onder ogen gaan zien en erkennen dat in planning een grote onvoorspelbaarheid zit. Op die manier kun je heel concrete onderwerpen vanuit
anderingen in onze maatschap pij en of die veranderingen er toe leiden dat we in een geheel nieuwe situatie terechtkomen. Het is uiterst belangrijk om te beseffen in wat voor tijd je leeft en enig idee te hebben welke kant de ontwikkelingen heen gaan." De postmoderne manager is in aantocht? "Die is er al", beweert Kee stel lig. Om die uitspraak te adstrue ren verwijst hij naar de opvat tingen over management die zijn collega Swart aan de Eras musuniversiteit verkondigt; "Die verdedigt een wereldbeeld waarin het management een plaats krijgt ten opzichte van de traditie. Dat zou je postmodern kunnen noemen. Het paradig ma van de maakbaarheid en de beheersbaarheid is in de mo derne tijd opgekomen sinds Ga lilei en Newton. Dat paradigma is eenzijdig zoniet onjuist ge weest, in ieder geval lopen we nu duidelijk tegen de grenzen daarvan op." "Een andere opvatting van ma nagement en organisatie zou
Kee; "We willen eerst de traditie goed bekijken, zeker als je het management vanuit filosofische invalshoek wilt benaderen is het van belang dat je de traditie goed kent. De aandacht voor het holisme heeft ook iets opge klopts, men holt van de ene mode naar de andere. De ene keer is Transcendente Meditatie het helemaal, de volgende keer weer iets anders. Maar je kunt het niet helemaal als modieus gedoe afdoen. Ik vind het teke nend dat men zo holt, er is ken nelijk iets waarnaar men op zoek is." Ook de student Jacob Keegstra kritiseert de modieuze kanten van het denken over manage ment. Hij wijst naar een boek dat vlak voor hem op tafel ligt, 'Naar een nieuwe onderne mingscultuur' heet het. "AUes wordt tegenwoordig 'cultuur' genoemd maar zodadelijk ver zinnen ze weer een nieuwe term die ze voor ölles en nog wat gebruiken," zegt hij. Niettemin is Jacob Keegstra be hoorlijk verguld met de plotse linge aandacht van de filosofie voor het management: "Ik heb al een studie economie achter de rug, maar dat vond ik toch wat beperkt. Ik ben daarom filo sofie gaan studeren, dat is daarentegen weer heel alge meen. Je leest Kant maar een directe relatie met economische vraagstukken wordt er niet ge legd. Het vak 'Filosofie in be drijf' komt daarom wat mij be treft als geroepen."
Keurslijf Terug naar het college. Het loopt tegen tienen en Kee is nauwelijks op de helft van het verhaal dat aangekondigd was. Niettemin is de tijd gekomen voor een epiloog die gelijkertijd proloog is; een bespiegeling over de verhouding tussen theo rie en praktijk, die gelijkertijd een bespiegeling is over de mo gelijkheden en beperkingen van de filosofie. In hoeverre kunnen weten
Prof. dr. Bas Kee schap en filosofie praktijkge richt zijn, is de vraag die Kee zich als opstapje stelt. Kan de wetenschap bruikbare kennis leveren aan een manager over hoe in een concrete situatie te handelen? N ee, is zijn ant woord. "De filosofie en de wetenschap kunnen hun betekenis hebben in het trainen van iemands be oordelingsvermogen. Maar hoe in een bepaalde situatie te han delen daar kan ik niet een dus danige theorie over opstellen dat die training overbodig wordt. We stuiten hier altijd weer op een grens. Je kunt die grens zo dicht mogelijk probe ren te naderen en het is belang rijk dat dat gebeurt, maar je kunt hem nooit overschrijden." "De praktijk heeft ook iets an ders nodig, namelijk wijsheid. Wijsheid is een gave die niet door theorieën te leren is, het is een persoonlijke kwaliteit die echter wel te ontwikkelen en te verdiepen valt. De wijze kent de mensen van nabij. Hij perst de werkelijkheid niet in het keurslijf van een schema omdat hij weet dat een schematisch overzicht tot brokken leidt. Heeft de filoso fie nu een voorsprong in de ont wikkeling van wijsheid? Dat is de vraag. De wijsbegeerte be perkt zich tot het verwerven van inzicht en handelt niet, terwijl alleen in het handelen de wijs heid zich kan tonen. De filosoof blijft toeschouwer." Zo, wat gezegd moest worden is gezegd. Of zoals Kee het zelf uitdrukt: "Het puin is geruimd zo dat we nu onbekommerd over filosofie en management kun nen spreken." Alleen het is al ruimschoots over tienen en vol ledige afronding van het colle ge voor het middernachtelijk uur lijkt een onhaalbare zaak. Vandaar het voorstel om de zit ting te verdagen. Instemmend gemompel, en de slimste van de klas ziet zijn kans schoon om voor open doel te scoren: "Dit getuigt van veel wijsheid." Advertentie
DE KAMERLEDEN EN HET STICKIE Is het roken van hasj voor onze politici een vergeeflijke jeugdzonde? Welke kamerleden geven openlijk toe dat ze vroeger een stickie hebben gerookt, en »elke hebben de verleiding weerslaan. Schadelijk voor een carrière? Een onderzoek. De NOMADEN van de Universiteit. Het circus van de jonge wetenschappers, die eeuwig 'tijdelijk* op een contract zitten. En een voorbeeld: Frank Kassenaar (29), gelauwerd academicus, die zich bij gebrek aan kansen in het wetenschappelijk onderzoek laat omscholen tot manager. Justitie: het hasjbeleid verschilt van arrondissement tot arrondissement. Het steeds toenemende aantal medische fouten bij arts en chirurg. Verzeker je tegen je arts.
PERESTROJKA Het boek van Gorbatsjov {'het boek heeft een manier van argumenteren die de zijne moet zijn') in^VN's Boekenbijlage. HEN N Y, scholiere, moeder, huisvrouw — een fotointerview (I9T7 1987), De ramen van Chagall. Jaap Vegter.
Lees naast uw krant Vrij Nederland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987
Ad Valvas | 588 Pagina's