Ad Valvas 1987 - 1988 - pagina 289
BOEKEN 'Schoenlapper, ik zie het al' Rond Sherlock Holmes is d e af gelopen honderd j a a r e e n gi gantische industrie ontstaan. De aanzet d a a r t o e is weliswaar ge geven door d e auteur Arthur Conan Doyle, m a a r sindsdien is de figuur v a n Holmes ook door andere h a n d e n gekneed. Hij is tot leven gekomen in talloze films en toneelstukken, m a a r ook h e b b e n diverse pasticheurs en parodisten zich over d e scherpzinnige speurder ont fermd. In de goede dokter en de grote detective brengt August Ha n s den Boef al het materiaal over Sherlock Holmes e n diens g e e s telijke vader in kaart. Helaas is het boekje hierdoor ietwat ency clopedisch geworden. Dat is misschien wel interessant voor de Holmesverzamelaar, die hierdoor te weten k a n komen welke film hij nog niet gezien heeft of welke pastiche hij echt nog een keer moet lezen; voor de wat meer globaal geïnteres seerde wordt het boekje er hier door niet leuker op. Bovendien loopt Den Boef zelf af en toe hinderlijk rond in zijn ei gen boek. Over elk boek of fUm met betrekking tot Sherlock Hol mes zadelt hij d e lezer op met zijn eigen oordeel. Al die r a p ' portcijfers e n waardeoordelen g a a n o p d e n duur enigszins irri teren. Het aardigste is het boek w a n
Koos Neuvel n e e r Den Boef d e werken v a n Conan Doyle analyseert e n plaatst in hun tijd. Bijvoorbeeld w a n n e e r a a n g e g e v e n wordt dat Sherlock Holmes in zijn koe le logica e n zijn excentrieke ei g e n s c h a p p e n e e n romantische held w a s ; en dat romantiek e n vertrouwen in d e exacte weten schap kenmerkend w a r e n voor de latere Victoriaanse decen
Puzzels Sherlock Holmes onderscheidt zich v a n d e modale politie agent doordat zijn interesse niet ligt bij veel voorkomende mis d a d e n als roof e n geweldple ging; zijn voorkeur g a a t uit n a a r ingewikkelde puzzels. Holmes neemt e e n elitaire houding a a n ten aanzien v a n d e misdaad, dat geldt ook voor zijn houding ten aanzien v a n d e persoon v a n d e misdadiger. Hij laat misdadi gers lopen die volgens d e wet toch echt schuldig zouden zijn. Bovendien koestert hij d e voor uitstrevende opvatting d a t g e vangenissen d e ziel v a n d e mis dadiger toch m a a r bederven. Eens te meer e e n reden voor Homlmes om e e n misdadiger niet altijd a a n d e politie uit te leveren. Het meest interessante e n actu
ele a a n Sherlock Holmes is ech ter zijn speurmethode, zijn sub tiele logica, die h e d e n ten d a g e voor een a a n t a l wetenschap pers e e n bron v a n inspiratie is. Doyle heeft, zo weet Den Boef te melden, die methode die hij Hol mes in zijn boeken laat hante ren, voor een belangrijk deel ontleend a a n professor Joseph Bell. Die hield zijn studenten voor dat je a a n d e h a n d v a n enkele details d e diagnose v a n een ziekte kon stellen. Die methode p a s t e hij ook toe in d e collegezaal bij het herken nen v a n het beroep v a n d e p a tiënt. De hoogleraar met zijn 'scherpe, borende blik e n arendsneus' Uet een patiënt n a a r voor komen en zei dan: 'Schoenlapper, ik zie het al'. Vervolgens legde BeU uit a a n zijn gehoor dat hij tot deze be vinding w a s gekomen doordat hij z a g dat d e broek v a n d e m a n a a n d e binnenkant v a n d e knie ë n versleten w a s . Zijn klopsteen h a d hij d a a r altijd t e g e n a a n ge klemd. Deze op aanwijzingen berus tende interpretatieve methode werd door Doyle overgenomen en hij liet Holmes hiermee heel wat misdadigers ontmaskeren. Omgekeerd h e b b e n heel wat geleerden weer hvm licht bij Holmes opsteken. De Ameri k a a n s e logicus Peirce stelde een heel wetenschappelijk sys
Portret v a n Sherlock Holmes door Sidney P a g e t teem s a m e n op grond v a n die interpretatieve methode. Dat kwam Peirce in het d a g e lijks leven overigens ook e e n enkele keer a a r d i g v a n p a s . Zo ontpopte hij zich eens als e e n verdienstelijk amateurdetecti ve toen zijn jas en horloge ge stolen waren. Peirce giste a a n d e h a n d v a n enkele aanwijzin gen wie d e d a d e r w a s m a a r d e politie weigerde hem te gelo ven, m a a r toen hij er zelf op af ging h a d hij in korte tijd zijn spullen terug. Ook hedendaagse weten schapsmensen als Utn berto Eco
en Carlo Gin zburg laten zich in spireren door het slimme gis werk v a n Sherlock Holmes. De n a m e n v a n d e hoofdpersonen uit De n aam van de roos, Willi am van Baskerville e n zijn a s sistent Adson , laten wat dat be treft niets a a n duidelijkheid te wensen over. W a a r m e e m a a r gezegd is: Sherlock Holmes is niet dood, hij leeft e n geeft blijk v a n e e n blakende gezond heid.
August Hans den Boef de goede dokter en de grote detective: honderd jaar Sher lock Holmes. Amsterdam, Sua, 1987.
Waar buitenlanders opduiken ontstaat rotzooi... Als het a a n onze minister v a n Onderwijs ligt zal het v a k 'maat schappijleer' uit het lespro gramma v a n het voortgezet on derwijs verdwijnen. In dat nieu we plan wordt z w a a r d e nadruk gelegd op d e natuurweten schappelijke vakken, ten koste van d e meer maatschappijge richte vakken. Maatschappij leer, dat zogezegd d e leerling dient voor te bereiden op d e rol len die hij of zij in d e m a a t schappij moet spelen, legt hele maal het loodje. Misschien dat de wat verdachte bijsmaak v a n 'linkse indoctrinatie' die sommi gen nog altijd in het vak proe ven, d e bewindvoerders heeft geholpen dit besluit te nemen. Wat dat betreft h a d Deetma n echter nergens b a n g voor hoe ven zijn. Ik kan hem het boekje van Teun A. Van Dijk, hoogle raar tekstwetenschap a a n d e Universiteit v a n Amsterdam, over racisme in maatschappij leerboeken, v a n harte a a n b e velen. Natuurlijk, d e verhouding van witte Nederlanders tot men sen uit etnische minderheids groepen, neemt slechts e e n be perkt gedeelte in v a n het onder wijsprogramma bij m a a t s c h a p pijleer. Toch kan hij door deze casestudy e e n zeker inzicht verwerven in d e wijze w a a r o p jonge mensen op hun rollen in de samenleving worden voor bereid. Als het a a n d e auteurs v a n die schoolboeken ligt zal d e jongere generatie g e e n enkel woord van protest laten horen tegen het minderhedenbeleid v a n d e regering. Dat beleid wordt in d e maatschappijleerboekjes keu rig gelegitimeerd. Deetmans collega Brin kman zal rustig kun nen blijven zeggen dat het hoog
Koos Neuvel tijd wordt dat er e e n d a m opge worpen wordt tegen d e immer w a s s e n d e stroom v a n buiten landers die 'ons' autochtonen dreigt te overspoelen. Niet elke Vietnamees kan immers in ons land een b a a n als wafelbakker krijgen. Ja toch? Je zou bijna denken dat Brink m a n zijn ideeën heeft opge d a a n uit d e maatschappijleer boekjes. Of misschien helpt hij zijn kinderen bij het m a k e n v a n hun huiswerk. In ieder geval laat Van Dijk zien dat alle stere otypen, clichés en vooroordelen over buitenlanders in die boe ken bevestigd worden. Veelal zijn d e discriminatieme chanismen overigens tamelijk subtiel. Buitenlanders worden bijvoorbeeld altijd in v e r b a n d gebracht met problemen; w a a r buitenlanders opduiken ont
staat rottigheid. Dat g a a t zelfs zover dat het tegendeel a p a r t vermeld wordt. Zo wordt in é é n var} d e schoolboeken over d e chinezen opgemerkt dat ze niet erg lastig zijn. De suggestie is duidelijk: normaal gesproken zijn buiterüanders wel lastig.
Discussiestof Leuk in d e schoolboeken zijn ook altijd d e discussieonder werpen, d a a r m e e worden d e leerlingen immers a a n g e z e t tot zelfstandig naderiken. Ze mo gen d a n hun g e d a c h t e n laten g a a n over d e stelling d a t Ne derland te vol is e n dat er g e e n buitenlanders toegelaten mo gen worden; Van Dijk zegt hier v a n niet ten onrechte dat leer lingen hier geoefend worden in het hanteren v a n e e n racisti sche argumentatie. De indruk wordt gewerkt dat zowel over het voor als het tegen v a n d e stelling op e e n plausibele ma nier te argumenteren valt; we dienen genuanceerd over d e zaken leren n a te denken. Het racisme in d e schoolboeken hult zich nogal e e n s in e e n voor uitstrevend jasje. Zo n e m e n veel schrijvers het edelmoedig op voor d e onderdrukte Turkse huisvrouw die door h a a r m a n geringeloord wordt. V a n w a a r dit engagement? Van Dijk con stateert dat het percentage vrouwen in Nederland met e e n betaalde b a a n d e laagste v a n d e industriële wereld is, e n dat nog niet zo heel l a n g geleden d e vrouw alleen geacht werd m a n e n kroost te verzorgen. "Het op vallende is dat h i e r a a n door d e schoolboeken nauwelijks a a n dacht wordt besteed. Met a n d e re woorden: er is sprake v a n selectieve waarneming."
In zulke w a a r n e m i n g e n wordt altijd het verschil tussen d e bui tenlanders e n d e Nederlanders benadrukt, terwijl d e problemen w a a r beide groepen voor s t a a n misschien wel aanzienlijke overeenkomsten vertonen. In plaats d a a r v a n wordt altijd be nadrukt dat 'zij' zo a n d e r s zijn d a n 'wij'; waarbij dat a n d e r e nooit een positieve w a a r d e r i n g krijgt, m a a r altijd wordt ge bruikt in d e zin v a n achterlijker, dommer etc. Van Dijk laat, enkele n u a n c e ringen daargelaten, geen s p a a n heel v a n d e m a a t s c h a p pijleerboeken. A a n d e h a n d v a n d e g e a n a l y s e e r d e tekst fragmenten kan ik niets a n d e r s zeggen dat dat mij ook zeer te recht lijkt. Nu krijg je als lezer wel een wat vertekend beeld; d e onderzoeker selecteert im mers enkele fragmenten e n pre senteert die als 'schoolvoorbeel den v a n racisme', tegenvoor beelden blijven buiten beschou wing. Dat w a s ook d e repliek v a n e e n uitgeverij op een bekritiseerd boek. Die uitgever w e e s er op dat in een b e p a a l d m a a t s c h a p pijleerboek ook wel enkele posi tieve opmerkingen over minder heidsgroepen voorkwamen. Van Dijk wijst er echter mijns inziens terecht op dat die op merkingen het racisme in d e schoolboeken niet kunnen com penseren. In dat soort kwesties kun je niet d e positieve e n d e negatieve opmerkingen over minderheidsgroepen tegen el k a a r wegstrepen, zodat je even tueel toch nog e e n batig saldo overhoudt. Het enige wat m e verbaast is het vertrouwen dat Van Dijk heeft in de overheid inzake d e
racismebestrijding in school boeken. Hij stelt voor e e n offi ciële controle in te voeren op schoolboeken. Het vertrouwen dat hij uitspreekt dat zoiets van zelf wel zal leiden tot e e n verho ging v a n d e kwaliteit v a n het lesmateriaal, lijkt me wat al te optimistisch gedacht. Zeker om dat hij ook constateert in zijn boek dat het overheidsbeleid zelf niet v a n racistische tenden zen ontbloot is. Laat liever het boekje v a n Van Dijk opgestuurd worden n a a r alle leraren m a a t schappijleer; wellicht dat het ook hen wat ontvankelijker maakt in het herkennen v a n ste reotypen in lesmateriaal.
Teun A. van Dijk schoolvoorbeelden van racisme: de reproduküe van racisme m schoolboeken voor maatschappijleer. SUA, Amsterdam, 1987.
BEYERS NAUDÈ VRAAGT UWSTEUN, GeefomZuid Afrika: giro 26655 Ln.v. Bevrijdings fonds Komitee Zuidelijk Afrika, Amsterdam
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 augustus 1987
Ad Valvas | 588 Pagina's