Ad Valvas 1988-1989 - pagina 333
989
i10 FEBRUARI 1989
K
De Adviesraad voor het Hoger Onderwijs (Arho) werd in d e zo mer v a n 1985 ingesteld met d e bedoeling d e minister v a n on derwijs e n wetenschappen in een zo vroeg mogelijk stadium te adviseren over het te voeren beleid. In principe moet d e Arho aan het woord komen voordat de minister zelf beleidsvoorne mens formuleert op het terrein van het hoger onderwijs of e e n voorontwerp v a n e e n wet op • stelt. Overigens is er in een later stadium ook nog e e n advies v a n de Onderwijsraad nodig alvo rens een wetsontwerp k a n wor den ingediend bij d e S tatenGe neraal. Tot nu toe heeft d e Arho negen tien adviezen uitgebracht over uiteenlopende zaken als kwali teitsbewaking, bestuursstruc tuur, vouchersysteem e n w e t s voorbereiding. Het merendeel ervan is volgens De Hart "nogal positief" ontvangen. "Misschien is de minister niet overal verrukt over, m a a r ze worden uiterst se rieus genomen." De instelling v a n d e Arho w a s een onderdeel v a n e e n vrij in grijpende herziening v a n d e a d
12
77.'
/uD^ïi\^^ Voorzitter Adviesraad voor het Hoger Onderwijs drs. C. d e Hart:
^ ^
Het parlement mag zich binnenkort buigen over een wettelijke regeliiig voor de verschülende adviesorga nen voor het onderwijs. Daarmee wordt ook een defini tieve, wettelijke basis gegeven a a n de Adviesraad voor het Hoger Onderwijs. Met het oog daarop werkt de raad nu aan een evaluatie van zijn werkzaamheden in de afgelopen drie jaren. Volgens Arhovoorzitter drs. C. de Hart worden de adviezen "uiterst serieus" geno men.
Klein
i
Jos Dohmen voor e e n gezamenlijke onder bouw v a n universiteit e n hoge school met d a a r n a specialisa tiemogelijkheden in d e weten schapsbeoefening. Eigenlijk is zo'n proces onbedoeld al op g a n g gebracht met d e tweefa senstructuur. De eerste fase v a n het wetenschappelijk onderwijs kent nauwelijks meer e e n rela tie met wetenschappelijk onder zoek. En afgestudeerden uit het Hbo komen ook al in d e t w e e d e fase terecht."
Verwijt
I
De Arho is vrij klein. Hij bestaat uit maximaal n e g e n leden, die meestal slechts voor e e n d a g in de week benoemd zijn. Alleen Arhovoorzitter De Hart e n se cretaris mr. A. Hazewinkel heb ben een fuUtime aanstelling. Dat de leden v a n d e r a a d onaf hankelijk moeten zijn, wil overi gens niet zeggen dat zij v a n bui ten de wereld v a n wetenschap pelijk en hoger beroepsonder wijs komen. De Hart: "Je moet onverenigbare functies voorko men. In d e universitaire wereld is dat niet zo moeüijk. D a a r vind je tal v a n mensen die g e e n be stuurlijke functies bekleden, maar wel deskundig zijn. In het Hbo ligt dat iets moeüijker. De mensen die je d a a r moet h e b ben, zitten ook v a a k in d e be stuurlijke circuits." Volgens De Hart heeft men daarom wel e e n s e e n kleine concessie moeten doen. "Ook het Hbo moet zich in d e r a a d
fessor, m a a r dat is echt niet zo. Wij h e b b e n alleen e e n p a a r v r a g e n willen opwerpen. Ik noem e e n voorbeeld: w a a r o m moeten a m b t e n a r e n v a n d e uni versitaire diensten m e e p r a t e n over het onderzoeksbeleid?"
'Waarom zouden Wo en Hbo niet mogen fuseren?' s^^f^^^^^r'^,.
'Arhoadviezen worden uiterst "erieus genomen' viesstructuur. Tot 1985 h a d d e minister v a n onderwijs te ma ken met e e n Academische Raad, waarin alle universiteiten vertegenwoordigd w a r e n . De Academische R a a d w a s echter niet alleen d e officiële beleids adviseur, hij voerde ook n a mens d e universiteiten het over leg met d e minister over d e uit 5 voering v a n beleidsmaatrege len. Deze vermenging'van func ties leverde in d e praktijk d e nodige problemen op, vooral toen d e periode v a n ingrijpende bezuinigingen in het hoger on derwijs a a n b r a k . Minister Deetman vond het no dig de advies e n overlegfunc ties te scheiden. De advisering werd o p g e d r a g e n a a n onaf hankelijke, niet a a n d e universi teiten of hogescholen g e b o n d e n deskundigen. Vergelijkbare constructies zijn bedacht voor het basis e n voortgezet onder wijs (Arbo e n Arvo). Voor d e stroomlijning v a n hun overleg met de minister h e b b e n d e uni versiteiten vervolgens hun Ver eniging v a n S a m e n w e r k e n d e Nederlandse Universiteiten (Vsnu) opgericht. In het hoger beroepsonderwijs wordt die taak w a a r g e n o m e n door d e HboRaad.
S
Drs. C. d e Hart: "Ook d e student heeft baat van één geheel van onderwijsmogelijkheden." Foto Bram de Hollander kunnen herkennen. Een keer is een lid v a n het college v a n be stuur v a n een hogeschool in d e Arho benoemd. Ik geloof echter niet dat hier e e n belangenver strengeling is opgetreden. De minister benoemt d e en alle m a a l "praatpalen" in het l a n d e n e e n enkele keer worden werkzaamheden uitbesteed. Alle adviezen worden echter door d e r a a d zelf in plenaire vergadering vastgesteld. In d e adviezen zijn twee of drie rode d r a d e n te herkennen die d e visie v a n d e r a a d a a n het licht brengen. De Arho heeft verscheidene keren gewezen op d e risico's die d e overheid loopt door bij het stimuleren v a n d e d e e l n a m e a a n het hoger on derwijs een z w a a r accent te leg g e n op d e economische ontwik keling e n het herstel v a n d e werkgelegenheid. Het is nog m a a r d e v r a a g of er werkelijk e e n economische behoefte is a a n vergroting v a n het a a n t a l hoger opgelei den. Bovendien moeten d e mo gelijkheden om het onderwijs kwalitatief te laten aansluiten op d e arbeidsmarkt niet worden overschat. De Arho adviseerde om evenzeer gewicht toe te ken nen a a n d e sociaalculturele w a a r d e v a n hoger onderwijs.
De marktgerichtheid v a n het hoger onderwijsbeleid leidt ook tot problemen in d e relatie v a n het wetenschappelijk e n het ho ger beroepsonderwijs. A a n d e universiteiten ontstaan steeds meer opleidingen, die m e n evenzeer bij hogescholen zou kunnen verwachten. Dat k a n tot gevolg h e b b e n dat er minder a a n d a c h t is voor d e specifieke functies v a n d e universiteit, met n a m e voor het verzorgen v a n 'wetenschappelijk' onderwijs. Volgens De Hart wordt dit pro bleem veel te weinig onder kend. "Als m e n d e ontwikkelin gen op zijn beloop laat, zullen d e spanningen tussen het w e tenschappelijk onderwijs e n het Hbo steeds groter worden. Vol gens d e r a a d zijn functionele verschillen tussen beroepson derwijs e n wetenschappelijk onderwijs v a n wezenlijk b e l a n g voor het totale onderwijsaan bod. Maar dat hoeft nog niet te betekenen dat ook d e institutio nele scheiding v a n beide moet blijven voortbestaan. Dat zou allerlei ontwikkelingen kunnen belenmieren." "Ook d e student heeft b a a t v a n één geheel v a n onderwijsmo gelijkheden. W a a r o m zouden Wo en Hbo op termijn niet mo gen fuseren? Ik voel wel wat
Erg belangrijk vindt d e Arho verder dat er meer a a n d a c h t komt voor het veilig stellen v a n het fundamenteel onderzoek a a n d e universiteiten. Dat on derzoek wordt steeds duurder e n er zou nu al verwaarlozing dreigen. Daarin zit ook e e n ver wijt in d e richting v a n d e univer siteiten, die te weinig oog zou den h e b b e n voor b e l a n g e n die het instellingsniveau overstij gen. De Arho heeft onder meer aar±)evolen om d e facultaire bestuursorganisatie te verster ken. D a a r n a a s t zou het onder ling overleg v a n d e instellingen over taakverdeling e n concen tratie versterkt moeten worden. Maar op deze laatste punten is De Hart toch minder tevreden over d e respons. Het Arhoadvies over d e univer sitaire bestuursorganisatie werd niet goed ontvangen. Daarin h a d d e Arho ondermeer voorgesteld om d e beslissings b e v o e g d h e d e n v a n gekozen ra d e n te verleggen n a a r besturen. De r a d e n zouden zelf e e n meer adviserende t a a k moeten krij gen. De Hart: "Wij h e b b e n die kwes tie onderschat. We hoopten op e e n discussie over het wezen v a n d e universiteit en over d e benodigde vormgeving v a n d e organisatie. Men heeft zich ech ter geconcentreerd op het ver moeden dat wij d e gekozen uni versiteits e n faculteitsraden wilden liquideren. Men dacht dat wij terugwillen n a a r e e n au tocratische positie v a n d e pro
Mmister heeft hetm a ad r vies metDeetman overgenomen, volgens De Hart is d e discussie nog lang niet gesloten. "Ik ge loof vast dat ons advies e e n breed d r a a g v l a k heeft binnen d e instellingen. Wij h e b b e n er vantevoren met veel mensen over gesproken. En je ziet nu dat er publikaties over dit on derwerp loskomen. Ook in poli tieke kring is het gesprek g a a n de, al zijn d a a r nog g e e n con clusies getrokken. Ik geloof dus niet dat wij dit vergeefs a a n d e orde h e b b e n gesteld. De minis ter volgt ons in ieder geval op één punt. Hij onderschrijft d e noodzaak v a n e e n versterking v a n d e positie v a n d e faculteit en v a n d e d e k a a n . Dat zal nog in wetgeving worden vastge legd." De Arhovoorzitter zegt dat het ook helemaal niet d e bedoeling moet zijn om het over alles met elkaar eens te worden. "S ommi g e dingen moet je nu e e n m a a l a a n d e orde stellen, ook al ont staat er veel rumoer. Wat wij in onze adviezen proberen, is het veld e e n spiegel voor te houden. In het a l g e m e e n vind ik dat d e universiteiten e n hogescholen veel te weinig reageren. Ze mo gen onze adviezen onder tafel schrijven, m a a r er moet wel iets gezegd worden. Vooral v a n d e officiële o r g a n e n uit d e instellin g e n hoor je niets, tenzij het over hun eigen positie gaat." Wat dat betreft heeft d e schei ding tussen advies e n overleg structuren nog niet het voUe pond opgebracht. "Van d e Arho durf ik te b e w e r e n dat het b e langrijkste uitgangspunt zijn vrucht afwerpt: d e leden v a n d e r a a d laten zich niet door hun achterban bewerken. Ze zijn be slist onafhankelijk. Maar binnen d e overlegorganisaties Vsnu e n HboRaad komt m e n nog te wei nig v a n d e individuele belan gen los." De Hart vindt dat d e universiteiten e n hogescholen meer prioriteit moeten geven a a n hun collectieve inspannin gen. "Men moet zich e e n s wat minder fixeren op het eigenbe lang, want a n d e r s blijft uitein delijk d e minister a a n d e touw tjes trekken. De instellingen zijn nog veel te defensief ingesteld, ze moeten meer positie kie zen."
'Wisselleerstoel' voor grensvakken theologie De theologische faculteit a a n d e VU heeft er sinds begin v a n dit j a a r e e n leerstoel bij. Voorlopig zal d a a r v a n weinig te merken zijn, want het zal nog zeker tot het voorjaar v a n 1990 duren, voordat d e leerstoel bezet zal worden. De leerstoel is bedoeld om d e bestudering v a n d e grensgebie d e n v a n d e theologie te bevor deren. Het g a a t d e faculteit daarbij niet alleen om d e gren zen tussen theologische en niet theologische vakken (zoals die tussen bijbelexegese en litera tuurwetenschap), m a a r ook om d e grenzen tussen d e verschil lende theologische vakken. De faculteit heeft gekozen voor d e constructie v a n d e zoge n a a m d e 'wisseUeerstoel': het is d e bedoeling om d e twee j a a r iemand uit te nodigen d e leer stoel een p a a r m a a n d e n te be zetten. De faculteit hoopt op
ïdeze manier in d e loop v a n e e n a a n t a l jaren zoveel mogelijk grensgebieden a a n bod te kun nen laten komen. Een tweede voordeel v a n deze constructie is dat er met e e n re latief bescheiden b e d r a g er wordt gesproken v a n 15.000 gulden per twee j a a r toch we tenschappers met e e n zekere n a a m aangetrokken kunnen worden. De faculteit zal e e n commissie instellen die e e n benoemings advies moet uitbrengen a a n d e Stichting Vrije Universiteits fonds (die d e leerstoel heeft in gesteld en ook d e a a n te stellen bijzonder hoogleraar zal beta len). Of dat binnen e e n j a a r zal lukken, is d e v r a a g . De gerepu teerde wetenschappers w a a r n a a r d e faculteit op zoek is, zijn namelijk v a a k niet op korte ter mijn a a n te trekken.
(Hanne Obbink)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1988
Ad Valvas | 584 Pagina's