Ad Valvas 1988-1989 - pagina 133
14 OKTOBER 1988 Over d e functie v a n d e herse nen h e b b e n in d e geschiedenis de ideeën nogal uiteengelopen. Aristoteles n a m w a a r dat d e temperatuur in d e hersenen la ger w a s d a n in d e rest v a n het lichaam en dacht d a n ook dat de belangrijkste functie gelegen was in d e warmteafgifte. De brein als e e n soort radiator die er voor zorgt dat het lichaam niet oververhit raakt. Sinds d e tijd dat hersenen ech ter gezien w e r d e n als d e centra le bestuurder v a n het lichaam en e e n vrijplaats voor g e d a c h ten, is d e v r a a g over het functio neren erg belangrijk geworden. Door inzicht te krijgen over d e werking, zou m e n immers ook inzicht verwerven over het grote mysterie v a n het menselijk den ken e n handelen. Voor een centraal besturings systeem lijkt d e hersenopbouw, b e s t a a n d e uit twee min of meer symmetrische delen, nogal vreemd en veel onderzoek is er d a n ook op gericht d e verschil len en overeenkomsten tussen de hersenhelften op te sporen. Dat de beide hersenhelften e e n sterke specialisatie k e n n e n is bekend. Zo speelt d e linker her senhelft e e n belangrijke functie bij d e t a a l en d e rechter hersen helft bij complexe ruimtelijke in formatie. Voor d e besturing v a n de lichaamsbewegingen, d e motoriek, blijken d e b a n e n ge kruist tussen hersenen e n het li c h a a m te verlopen. De rechter voet wordt bestuurd door d e lin kerhersenhelft en gelijksoortige verbindingen gelden ook voor de zintuigen. De hoop dat alle functies beschreven zouden kunnen met behulp v a n zo'n simpele tweedeling is door her senonderzoekers echter al lang opgegeven.
PD\fS^/F£ Proefschriften over hemisferen tonen complexiteit h e r s e n e n
Ook hersenen kennen capaciteitsproblemen Afgelopen week promoveerden twee neuropsycholo gen. Anke Bouma en Jan van Strien, op de organisatie van de menselijke hersenen. Zij keken vooral naar de verschUlen in functies van de beide hersenhelften. Een reden eens in te gaan op de hedendaagse ideeën over linkshandigheid, de verschillen tussen mannen en vrouwen en op de vraag hoe psychologen patiënten met hersenletsel kunnen helpen rechtshandig is, e e n deel links handigen en e e n deel met g e e n uitgeproken voorkeur", aldus d e rechtshandige onderzoeker. Bij het onderzoek n a a r h a n d voorkeur is er altijd veel a a n dacht voor d e positie v a n d e h a n d tijdens het schrijven. Bij linkshandigen b e s t a a n er ruw w e g twee schrijfwijzen: é é n
nisatie v a n d e laatstgenoemde linkshandigen (met d e gehoekte handpositie) niet zou afwijken v a n die v a n d e rechtshandigen. Voor linkshandigen die d e nor male handpositie hanteren, zou d e schrijffunctie echter vanuit d e rechterhersenhelft geregu leerd worden. Jan v a n Strien: "Toen dat niet
Gert van Maanen kerhand wordt g e r e a g e e r d , e n w a a r dus twee hersenhelften bij betrokken zijn. Je onderzoekt d a n of het verschil m a a k t of bei d e taken e e n beroep d o e n o p dezelfde hersenhelft, d a n w e i over d e twee hersenhelften ver deeld worden. Je zou verwach ten dat d e opdrachten sneller uitgevoerd worden als er slechts een hersenhelft bij betrokken is, omdat er d a n niet tussen d e bei d e helften moet worden g e s c h a keld. Maar het blijkt dat er, vooral bij d e moeilijkere taken, sprake is v a n e e n capaciteitsbe perking: d e opdracht wordt min der snel uitgevoerd. Het ziet er
Voor d e oorlog Volgens Jan v a n Strien, die zijn proefschrift heeft gewijd a a n d e relatie tussen handvoorkeur en hersenorganisatie, werd voor de oorlog ook voor d e links en rechtshandigen zo'n simpele tweedeling gemaakt. "Men wist dat rechtshandigen d e taal a a n de linker hersenkant h a d d e n zit ten en dacht dat bij linkshandi gen die verbale functies dus wel rechts zouden zitten. Maar dat klopt dus v a n g e e n kant. De handvoorkeur is in principe wel een soort afgeleide v a n die taal lateralisatie, m a a r is er niet we zenlijk m e e verbonden. Er be staat e e n groep met e e n stan daarddominantie: taal in d e lin kerhersenhelft en rechtshandig. Maar er is ook e e n groep, v a n zo'n dertig procent, die die stan daarddominatie niet heeft. Die valt uiteen in e e n deel dat
Anke Bouma
en Jan van Strien: wetenschap
linkshandigen. Foto Marius v/d Plas, AVCATU
waarbij d e linkerhand als het w a r e als het spiegelbeeld v a n e e n 'normaal' schrijvende rech terhand over het papier wordt voortbewogen en één waarbij d e h a n d in e e n gehoekte posi tie boven d e schrijf regel gehou den wordt. O orspronkelijk werd wel gedacht dat d e hersenorga
Onder linkshandigen meer kunstenaars Jan v a n Strien: "V\^e mogen erg blij zijn met die vijf tot tien procent linkshandigen. Als zij er niet w a r e n geweest, d a n h a d d e n we allerlei din gen m a a r voor zoete koek a a n g e n o m e n . De hersenen h a d d e n we h a d d e n d a n keu rig in m e k a a r zitten. De links handigen h e b b e n voorko men dat we voorbarige con clusies over hersenen heb ben getrokken". " G a a n d e w e g mijn onder zoek is er steeds meer a a n dacht gekomen voor hor mooninvloeden e n afwijkin gen tijdens d e embryonale ontwikkeling. Het is in ieder geval opvallend dat zoveel linkshandigen o p g a v e n dat
moet blij zijn met
hun moeder problemen h a d tijdens d e z w a n g e r s c h a p of d e geboorte. Afwijkingen zijn op zich niet altijd zo slecht, het zorgt ervoor dat er genieën als Einstein e n Mi chelangelo rondlopen. Als we allemaal rechtshandig zouden zijn e n dezelfde her senorganisatie zouden h e b b e n d a n zou het hier e e n re delijk s a a i e troep zijn". "Je kunt nooit zeggen dat ie m a n d die linkshandig is, ook artistiek zal zijn. Het is wel zo dat onder kunstenaars e n ar chitecten meer linkshandi gen zitten, m a a r dit is ook zo onder kinderen met leespro blemen".
meer h o u d b a a r bleek, h a d d e handpositie eigenlijk a f g e d a a n als cultureel beïnvloed, m a a r ik vond toch opvallende dingen. Zo h e b b e n mannelijke linkshan digen met e e n afwijkende handpositie e e n verhoogde mo torische begaafdheid. Ze h a l e n bij motorische taken bijna net zo'n hoge score met hun niet voorkeurshand als met hun lin ker. Dit zou te m a k e n kunnen h e b b e n met e e n meer tweezijdi g e organisatie v a n d e b e w e gingsfuncties voor deze groep; iets wat helemaal los staat v a n d e taalfuncties. Een dergelijke, meer verdeelde, hersenorgani satie vind je voor deze groep ook voor het gehoor, ze laten althans weinig verschü in oor voorkeur zien. Bij e e n visuele taak vind je dat echter weer niet." Zowel Van Strien als Anke Bou m a m a a k t e bij hun onderzoek gebruik van experimenten waarbij proefpersonen dubbel taken te verwerken krijgen. Hierbij moet een proefpersoon twee verschillende taken tege lijkertijd uitvoeren. Anke Bou ma: "Je biedt bijvoorbeeld infor matie a a n in het rechter g e zichtsveld e n ze moeten d a a r ook met d e rechterhand op r e a geren; d e verwerking vindt d a n plaats in d e linker hersenhelft. Ter vergelijking worden proe ven g e d a a n waarbij met d e lin
dus n a a r uit dat verdelen soms beter is d a n slechts é é n hemis feer te belasten." De dubbeltaken zijn soms e r g lastig. Proefpersonen moeten soms b e p a a l d e figuren in g e dachten roteren over 60 of 120 g r a d e n terwijl ze tegelijkertijd in het linker of rechter zichtsveld letters a a n g e b o d e n krijgen. De rotatie wordt hierbij met behulp v a n pijltjes a a n g e g e v e n . Als het erbij geschreven zou zijn, is er sprake v a n e e n combinatie v a n visuele en verbale (taal)infor matie.
E
Bij dit soort proeven zijn er ver schillen a a n te tonen tussen vrouwen e n m a n n e n . Anke Bou m a formuleert d a n ook voorzich tig: "Er is een enorme overlap, m a a r als er verschillen zijn bij ruimtelijke taken, d a n zijn het meestal d e m a n n e n die beter zijn. Mannen zouden e e n heel pure vorm v a n ruimtelijke ver werking gebruiken, terwijl vrou wen zo'n t a a k niet zuiver ruimte lijk oplossen, m a a r ook verbale informatie gebruiken. Het k a n zijn dat ze het probleem probe ren te omschrijven of op b e p a a l d e kermierken letten in plaats van puur ruimtelijk te werken. Dit k a n niet alleen worden toe geschreven a a n culturele in vloeden. Meisjes zijn bijvoor beeld v a a k sneller in kennista ken e n leren sneller e e n taal. Het is denk ik te ver gezocht om d a n te zeggen: 'Dat komt omdat moeders meer tegen meisjes praten d a n tegen jongens'".
Leerproces Het laten uitvoeren v a n taken door proefpersonen en op basis d a a r v a n uitspraken doen over het functioneren v a n d e herse nen heeft ook z'n nadelen. Zo kan een proefpersoon soms bin nen e e n experiment leren, w a t zich uit in e e n kortere reactietijd. De v r a a g blijft d a n of er soms ook sprake is v a n het toepassen s^an e e n a n d e r e strategie. Anke Bouma: "Soms g a a n men sen een t a a k op e e n a n d e r e ma nier uitvoeren. Het kan zelfs zo zijn dat bij b e p a a l d e taken in het begin vooral d e rechterher senhelft betrokken is, terwijl la ter d e linker hersenhelft d e ta ken overneemt. Het idee'is nu dat d e rechter hersenhelft voor al bezig is met nieuwe taken, het a a n l e r e n v a n b e p a a l d e con cepten. Bij kinderen h a d m e n al gevonden d a t bijvoorbeeld het leren v a n lezen zich vooral in d e rechter hersenhelft afspeelt, het is leuk dat je bij volwassenen ook zoiets vindt. Dat is erg be langrijk om te weten, denk m a a r eens a a n veroudering. We we ten dat d e rechter hersenhelft sneller achteruitgaat d a n d e lin ker. Door onze kennis over d e hersenen weten we nu hoe het komt dat bij ouderen d e taal functies relatief intact blijven, m a a r het a a n l e r e n v a n nieuwe dingen wordt bemoeilijkt." "Ook therapeutisch h e b je veel a a n dit soort kennis. Als je a a n wijzingen hebt dat bij e e n p a tiënt met taalmoeüijkheden e e n deel v a n d e taal wordt overge nomen door d e rechter hersen helft, d a n heeft dat consequen ties voor d e therapie. Die helft heeft namelijk b e p a a l d e gebre ken, k a n bijvoorbeeld niet d e taal analyseren in b e p a a l d e spraakklanken, heeft e e n be perkte grammaticale structuur. Je moet d a n dus op een heel globaal woordniveau bezig zijn, wil je d e beperkte mogelijkhe den optimaal gebruiken".
Voor onderzoek gebruik je beide hersenhelften Anke Bouma: "Die links e n rechts labels blijven e e n rol spelen, m a a r je moet goed in het oog houden dat ze steeds hun beperkingen hebben. Bij wetenschappelijk onderzoek gebruik je in ieder geval bei d e hersenhelften: je hebt in tuïtie, moet logisch analyse ren, schrijven en met d e rechter hersenhelft geeft je d a a r d a n structuur aan". "Bij het onderzoek werd ik v a a k b e p a a l d bij het b e l a n g
v a n d e intactheid v a n d e hersenen. Ik h e b tijdens het onderzoek gezien hoe e e n kleine beschadeging je iden titeit of persoonlijkheid k a n veranderen. Voor zulke p a tiënten is het persoonlijk con tact erg belangrijk en met d e kennis op het gebied v a n d e neuropsychologie kun je zul ke mensen helpen. De neu ropsychologie is d a n ook e e n v a n d e snelst groeiende tak ken v a n d e psychologie".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1988
Ad Valvas | 584 Pagina's