Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1988-1989 - pagina 122

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1988-1989 - pagina 122

12 minuten leestijd

'We moeten onze eigen marktpositie waarmaken' De overheid wil ze niet betalen, d e universiteiten mogen ze niet betalen, m a a r wie betaalt d e postdoctorale beroepsopleidingen d a n wel? Om te voorkomen dat de kosten volledig op de cursist worden afgewenteld, zijn verschillende faculteiten e e n bedeltocht b e g o n n e n langs bedrijven , beroepsverenigingen en ministeries. Hoeveel succes h e b b e n zij daarbij? "Ons zijn voortdurend w a r m e worsten voorgehouden." De stem v a n dr. A. Vermeer, vakgroepsecretaris bij bewegingswetenschappen, krijgt e e n licht cynische ondertoon als hij de geschiedenis v a n de postdoctorale beroepsopleiding tot bewegingspsychotherapeut ophaalt. De geschiedenis is lang en v a n een onverdeeld 'happy end' is nog steeds g e e n sprake. "Onze faculteit bewegingswetenschappen heeft al vanaf h a a r ontstaan in 1971 e e n vierjarige opleiding. De tweefasenstructuur gold toen weliswaar nog niet, m a a r het w a s al wel duidelijk dat d e cursusduur in het hele universitaire onderwijs op den duur tot vier j a a r gereduceerd zou g a a n worden. Ook het idee dat d a a r o p aanvullend e opleidingen zouden kunnen volgen, bestond al." "Van meet af a a n h e b b e n we d a n ook het idee g e h a d om e e n aanvullende beroepsopleiding te starten zodra d e vierjarige opleiding goed zou lopen. Zo'n model zagen we ook in het veld. Er bestaat tenslotte al meer d a n vijftig j a a r een opleiding tot psychotherapeut die volgt o p d e universitaire studie psychologie." "Aanvankelijk h e b b e n we geprobeerd zo'n beroepsopleiding te financieren met externe subsidies uit d e wereld v a n d e gezondheidszorg e n v a n het betreffende ministerie. Daar werd de boot echter afgehouden: m e n verwees steeds n a a r d e tweefasenstructuur die in aantocht was. Toen d e tweefasenstructuur e e n m a a l ingevoerd w a s inclusief d e mogelijkheid voor tweede-fase-beroepsopleidingen - h e b b e n we modellen ontwikkeld om daarin te kunnen passen. De beslissingen d a a r over werden steeds a a n g e h o u den en uitgesteld en opgeschoven. Tenslotte kwam er voor deze tweedefase-opleidingen helemaal g e e n geld." "In plaats d a a r v a n werd ons d e w a r m e worst v a n d e startsubsidies voorgehouden. Dus hebben we zo'n startsubsidie a a n g e v r a a g d . Maar er werden nauwelijks a a n v r a g e n gehonoreerd voor opleidingen die op de sociale sector gericht zijn; alleen zaken als informatica ziet Deetman zitten. Het laatste nieuws is dat het ministerie onze a a n v r a a g voor e e n startsubsidie heeft 'aangehouden'. We zouden bij hem niet a a n het goede a d r e s zijn, we zouden het eigenlijk bij het ministerie v a n WVC moeten proberen. Dat is onze laatste hoop ..."

Ommezwaai Het verhaal dat Vermeer vertelt weerspiegelt twintig jaar onderwijspolitiek. Het idee dat ë e n reguliere universitaire opleiding vier j a a r moet duren, werd al in 1967 door d e toenmalige regeringscommissaris voor het hoger onderwijs prof. dr. K. Posthumus gelanceerd. Posthumus is al lang dood, m a a r zijn ideeën leven voort, zij het dat opeenvolgende ministers v a n onder-

wijs er telkens opnieuw hun eigen draai a a n gaven. De belangrijkste ommezwaai op het gebied v a n d e tweedefase-opleidingen m a a k t e minister Deetman. De wet op de tweefasenstructuur - ingevoerd in 1982 - b e p a a l d e dat de beroepsopleidingen e e n verantwoordelijkheid v a n d e overheid zijn en dat de overheid er dus ook voor moet betalen. Nauwelijks drie jaar later k w a m e n de zaken totaal anders te liggen. Deetman besloot toen dat deze opleidingen betaald moeten worden door externe geldschieters. Voor wat hoort wat: wie b a a t heeft bij een beroepsopleiding moet er zelf voor betalen. Of dat nu bedrijven zijn of beroepsverenigingen of d e cursisten zelf, dat kan Deetman niet schelen, als het de overheid e n d e universiteiten m a a r niets kost. Deetman wil slechts startsubsidies ter beschikking stellen, m a a r alleen onder d e strikte voorwaarde dat e e n opleiding zich binnen vijf j a a r zelf k a n bedruipen. De gevolgen laten zich r a d e n . Inmiddels heeft het ministerie v a n onderwijs e e n kleine 57 miljoen gulden a a n startsubsidies toegekend. Het gros v a n d e opleidingen die d a a r m e e op poten zijn gezet, is te vinden in d e 'harde' sector: bedrijfs- e n bestuurskunde, economie, informatica, techniek e n dergelijke. De 'zachte' sector is bijna totaal afwezig. Niet elke sector v a n d e maatschappij k a n nu e e n m a a l de kosten v a n een beroepsopleiding opbrengen. De opleiding tot bewegingspsychotherapeut is e e n voorbeeld v a n een onderneming w a a r voor niemand geld heeft. Toch is Vermeer als secretaris v a n d e vakgroep bewegingsagogiek nauw betrokken bij d e opleiding, ervan overtuigd dat d e opleiding in een behoefte voorziet. "Ruim de helft v a n d e afgestudeerden uit onze vakgroep komt terecht in een praktisch-therapeutisch beroep. Ze h e b b e n een doctoraalexamen op zak, m a a r ze zijn niet opgeleid voor d e praktische beroepsuitoefening, het zijn nog g e e n echte therapeuten. Daarom h e b b e n ze e e n aanvullende scholing nodig." De opleiding is nu - in januari jongstleden - in arren moede m a a r zonder startsubsidie g a a n draaien. De kosten moeten gedekt worden door d e cursusgelden: 9500 gulden voor een parttime opleiding v a n drie jaar. Geld voor een coördinator is er eigenlijk niet. Eén v a n d e cursisten verleent hand- e n spandiensten, de faculteit springt bij met wat administratief werk e n d e leden v a n d e vakgroep b e w e gingsagogiek steken er tijd in. Dat is weliswaar in strijd met het door Deetman gehuldigde principe dat dit soort opleidingen zichzelf moet bedruipen, m a a r d a a r maakt Vermeer zich niet al te druk om. Een rondgang langs d e postdoctorale beroepsopleidingen waarbij d e VU betrokken is, leert dat bewegingswetenschappen niet d e enige faculteit is die met dit soort problemen

H a n n e Obbink kampt. De faculteit psychologie pedagogiek heeft al e e n p a a r keer vergeefs een a a n v r a a g voor een startsubsidie ingediend voor e e n opleiding tot klinisch psycholoog en orthopedagoog. Het ministerie v a n oriderwijs heeft d e standpuntbepaling opgeschort tot duidelijk is of zo'n opleiding op den duur zelfstandig kan worden gefinancierd. Prof. dr. P.A. de Ruyter, betrokken bij d e voorbereidingen v a n deze opleiding: "Omdat er op dit terrein g e e n werkgeversvereniging of iets dergelijks bestaat, zijn we a a n g e w e z e n op het vakdepartement op dit gebied, het ministerie v a n WVC dus. Dat moet de opleiding willen betalen. Daarover is nu overleg gaande." De opleiding op het gebied v a n d e milieukunde die het Instituut voor Milieuvraagstukken s a m e n met soortgelijke instellingen a a n d e universiteiten v a n Amsterdam, Leiden e n Wageningen verzorgt, heeft in d e onderhandelingen met zo'n v a k d e partement een opmerkelijk resultaat geboekt. Het ministerie v a n volksgezondheid, ruimtelijke ordening e n milieuhygiëne (VROM) d r a a g t per j a a r 4,7 ton a a n de opleiding bij. Dit royale g e b a a r heeft het ministerie v a n onderwijs ertoe kunnen brengen over d e brug te komen met e e n startsubsidie v a n 7,7 ton. De opleiding zit nu zo ruim in het geld dat d e cursisten g e e n stuiver a a n cursusgeld hoeven te betalen. Deze paradijselijke situatie zal echter niet eeuwig duren. De bijdrage v a n VROM is voorlopig voor vier j a a r toegezegd. Hoe het d a a r n a zal g a a n , is niet bekend. "Als d e cursisten het hele b e d r a g moeten ophoesten, d a n kom je uit op e e n cursusgeld van rond d e 15.000 gulden," zegt onderwijscoördinator drs. S.W.F, van der Ploeg. "Dat wordt dus heel moeilijk." "We hopen een zekere sponsoring te kunnen h a n d h a v e n . We moeten gewoon onze eigen marktpositie w a a r m a k e n . Als we kunnen laten zien dat we goed werk leveren, zal VROM misschien overwegen er e e n halve of een hele ton t e g e n a a n te blijven gooien. Je zou ook kunnen denken a a n d e Vereniging v a n Nederlandse Gemeenten en het bedrijfsleven. Maar d a n nog zal het cursusgeld op vijf d acht mille uitkomen. Dan zullen d e cursisten er in ieder geval n a a s t moeten

Wie betaalt de postdoc g a a n werken en dus zullen w e d e opleiding moeten omzetten v a n de full-time opleiding die het nu is in een part-time opleiding."

Euvel

Ook d e juridische faculteit g a a t zich op d e markt v a n postdoctorale beroepsopleidingen b e g e ven, met twee opleidingen zelfs, die tot wetgevingsjurist e n die tot advocaat. Dat er a a n d e opleiding tot wetgevingsjurist behoefte is, zal weinig mensen verbazen. "De grote klacht is dat d e wetgeving slecht is," legt prol. dr. H.J. de Hu uit. "Denk m a a r a a n d e harmonisatiewet. En veel a n d e r e wetten zijn niet beter. Dat euvel k a n verholpen worden door mensen beter op te leiden, m a a r in d e doctoraalfase is weinig tijd voor wetgevingsonder wij s." De voorbereidingen voor e e n postdoctorale opleiding tot wetgevingsjurist zijn nu in e e n vergevorderd stadium. Alle juridische faculteiten in Nederland h e b b e n gezamenlijk een stichting gevormd, die met ingang v a n januari 1989 d e opleiding g a a t verzorgen. De opleiding zal moeten d r a a i e n op e e n startsubsidie v a n 175.000 gulden e n op cursusgelden. De cursusgelden zouden wel eens d e 'bottle neck' v a n d e opleiding kunnen g a a n vormen. De cursisten moeten voor e e n part-üme opleiding v a n e e n jaar 9000 gulden en over e e n

p a a r j a a r zelfs 12.000 gulden g a a n betalen. G e e n v a n d e mogelijke 'afnemers' v a n d e opleiding heeft willen beloven het cursusgeld v a n hun werknemers voor zijn rekening te nemen. De afnemers bevinden zich immers bijna uitsluitend in d e overheidssector en d a a r is bezuinigen troef. De Ru erkent dat het "nogal e e n gok" is, m a a r heeft er toch wel vertrouwen in dat er cursisten zijn die het cursusgeld kunnen opbrengen. Hij verwacht dat het cursusgeld een uitstekende investering zal blijken te zijn. "Omdat ze dat b e d r a g zelf moeten betalen, moeten ze ook d e garantie h e b b e n dat ze met deze opleiding een uitstekende marktpositie verwerven en praktisch verzekerd zijn v a n een b a a n . Daarom g a a n we d e cursisten streng selecteren, zodat we alleen d e echt g o e d e mensen krijgen. Bovendien is het niet uitgesloten dat we n a verloop v a n tijd bewijzen een zo goede opleiding te zijn dat d e afnemers alsnog bereid blijken e r a a n mee te betalen." Een veel minder riskante onderneming is d e opleiding tot advocaat, die in september officieel gestart is. Allereerst is daarvoor uit verschillende bronnen geld beschikbaar. De opleiding kan, behalve over een startsubsidie v a n ƒ1,9 miljoen, ook beschikken over geld v a n het ministerie v a n justitie en v a n d e Nederlandse orde v a n advocaten. De opleiding heeft zich bovendien een soort monopoliepositie weten te verwerven: op aandringen v a n d e advocatenorde is in de wet opgenomen dat het volg e n v a n deze opleiding verplicht is voor alle a a n k o m e n d e advocaten. De VU is overigens m a a r indirect betrokken bij deze opleiding. De dikste vinger in d e p a p heeft - alweer - d e orde v a n advocaten.

Een hoop geld

Het goed ingerichte economie.

'knooppunt'

van de beroepsopleidingen

bij

Foto Kees Keuch, AVCAOT

De faculteiten die zich het meest lenen voor het opzetten v a n postdoctorale opleidingen zijn d e g e n e die het meest direct met het bedrijfsleven te m a k e n hebben. Neem bijvoorbeeld d e drie informaticafaculteiten v a n Amsterdam (VU en UvA) en Utrecht die kortgeleden d e Academie voor Informatica als postdoctorale studie h e b b e n opgericht. Weliswaar is het is nog te vroeg

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1988

Ad Valvas | 584 Pagina's

Ad Valvas 1988-1989 - pagina 122

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1988

Ad Valvas | 584 Pagina's