Ad Valvas 1988-1989 - pagina 261
fD\Fjy/ps
16 DECEMBER 1988
E
'Met een r a a d van commissarissen krijg je een efficiënte organisatie "De wettelijke regels betreffende de universiteitsraad voeren we loyaal uit", zegt collegelid dr.ir. A.W. de Jager naar aanleiding van recente wrijvingen tussen UR en college van bestuur. Maar in zijn ideaalbeeld van het universitaire bestuur heeft een raad van commissarissen de controlerende taak van de UR overgenomen. "Een vertegenwoordigend overleg heeft daar de kwaliteit niet voor, sorry." Sinds geruime tijd probeert d e universiteitsraad om d e bestuursstructuur en -cultuur op h a a r eigen a g e n d a te krijgen. Na lang onderling b e r a a d , resulterend in e e n gezamenlijke notitie v a n aUe fracties, lukte dat 29 november. De a l g e m e n e strekking v a n het stuk beviel collegevoorzitter Brinkman zo goed dat hij zich bereid verklaarde om er later, in kleinere kring, over door te praten. Afgelopen w o e n s d a g is het eerste gesprek gevoerd, achter gesloten deuren. Een ordinaire territoriumstrijd lijkt d e aanleiding voor alle wrevel. Het college g a a t er, blijkens e e n notitie v a n begin oktober, vanuit dat het Statuut v a n d e VU "de a l g e m e n e regelingsen bestuursbevoegdheden a a n het college toebedeelt, met uitzondering v a n enkele expliciet a a n d e universiteitsraad toebedeelde bevoegdheden". Ten onrechte, aldus d e r a a d s notitie v a n twee weken geleden. Bij goed doorlezen v a n het Statuut wordt volgens d e r a a d duidelijk dat "de belangrijkste, ja allesomvattende beleidsbepalende e n regelgevende bev o e g d h e d e n (m.n. vaststellen v a n begroting, ontwikkelingsplan en bestuursreglement) in h a n d e n v a n d e UR zijn gelegd". De scheiding tussen d e formele taken v a n d e beide bestuursorg a n e n is enigszins verwarrend omdat het college d e wettelijke taak heeft om d e besluiten v a n d e UR voor te bereiden. UR-voorzitter C.Zeijlemaker. "Er is g e e n formele o m g a n g s r e g e ling tussen college e n r a a d , wel e e n in d e praktijk gegroeide. Deze oude gewoontes wekken echter irritaties op. Die zijn op zichzelf nauwelijks te noemen, m a a r alles bij elkaar opgeteld, v r a g e n wij ons af: neemt het college d e r a a d nog wel serieus? Of neemt het coUege zichzelf misschien niet te serieus?"
Ideaal
Enig inzicht in het antwoord hierop levert een gesprek met collegelid De Jager, die zich door Ad Valvas liet verleiden om zijn persoonlijke g e d a c h t e n over d e ideale overlegstructuur op d e VU vrij uit te spreken. "Ideaal wordt het overleg in d e organisatie nooit, w a n t er zitten mensen in", luidt d e eerste wijsheid v a n De Jager. Zijn belangrijkste credo met betrekking tot medezeggenschap: 'Men moet praten over zaken w a a r m e n verstand v a n heeft e n w a a r men b e l a n g bij heeft'. "Eén v a n d e zaken die w e bij d e democratisering h e b b e n vergeten, is het lijnoverleg. Het vertic a a l overleg tussen d e verschillende niveaus in d e organisatie. Ik h e b bij universiteiten soms d e indruk dat meer a a n d a c h t wordt besteed a a n overleg om bestuurlijke overeenstenmiing te krijgen, d a n dat er behoorlijk overleg is met d e mensen die het allemaal moeten uitvoeren, met n a m e in d e faculteiten."
Zogezegd wordt het nooit ideaal. "Er g a a t nog wel eens wat mis in die verticale kolom. Dat een volgende l a a g niet goed wordt geïnformeerd, of dat a a n e e n lager niveau dingen niet goed worden doorgegeven. Dat betekent dat d e top slecht geïnformeerd k a n zijn. D a a r o m is het voor een g o e d e besluitvorming nodig dat er overleg is tussen d e top en een vertegenwoordiging v a n d e organisatie. Een overleg w a a r d e bestuurders als het w a r e verantwording a a n moeten afleggen." De functie v a n d e universiteitsr a a d ziet De Jager als aanvullend op het lijnoverleg. "Je zou
Gerard van Schaik tegen, want het is tegen het bel a n g v a n mijn afdeling'. Men moet m e e d o e n met d e afweging v a n het b e l a n g v a n d e totaliteit. Dat is voor veel m e n s e n niet eenvoudig. Vooral niet als je daarin g e e n enkele training hebt g e h a d , e n w a n n e e r je nooit in staat bent geweest om over je eigen afdeling h e e n te kijken. Die mensen zouden getraind, opgeleid moeten worden om deze functie goed te behartigen." Hoewel d e universiteitsraad formeel e e n (mede-)bestuursorg a a n is, ziet De Jager d e r a a d materieel als e e n vertegenwoordigend overleg. In e e n notitie v a n 11 oktober noemt het college v a n bestuur als eerste functie v a n d e r a a d 'vertolker tegenover het CvB v a n d e binnen d e universitaire g e m e e n schap levende g e d a c h t e n e n gevoelens', e e n 'voortdurende toetssteen voor het college'. Vol-
etcetera. Bij d e Wet universitaire bestuurshervorming, die in 1970 d e universiteitsraad inluidde, heeft men waarschijnlijk a a n zo'n gemeentemodel gedacht. Toen w a s het ook e e n beetje zo. De wetenschapper h a d z'n belang, d e student h a d z'n belang; het w a s e e n gem e e n s c h a p die binnen e e n gebouw functioneerde, e n alle bel a n g e n moesten tot hun recht komen." - Paste dat toen meer dan nu? "Ik denk dat het in die tijd beter paste, m a a r ik vind het nog steeds slecht bedacht. Een universiteit is veel meer e e n doelorganisatie. Ik zeg niet: onderneming, m a a r e e n döel-organisatie met e e n publiek belang: d e wetenschapsbeoefening." "In zo'n organisatie past eigenlijk g e e n vertegenwoordigend overleg met e e n bestuurstaak. De bestuurders moeten zelfstandig beslissingen kunnen nemen. Ze moeten niet in e e n positie zitten w a a r i n ze zich kunnen
UR-leden b e r a d e n zich tijdens e e n schorsing v a n hun vergadering (29 november) over d e v r a a g hoe zij collegevoorzitter Brinkman tot e e n duidelijker antwoord kunnen dwingen. Aanvankelijk wüde Brinkm a n d e r a a d s b e h a n d e l i n g v a n het a g e n d a p u n t 'bestuurscultuur' afdoen met twee zinnen: "Het UR-stul lijkt ons e e n heel geschikt uitgangspunt voor e e n gesprek. Dat gesprek willen w e morgen wel voeren, mogelijk in e e n wat kleinere samenstelling d a n om deze tafel". Foto Kees Keuch, AVCAfU kunnen zeggen: als het lijnoverleg goed wordt georganiseerd, heb je g e e n vertegenwoordigend overleg meer nodig. Dan wordt met iedereen in d e organisatie goed gesproken." De Jager: "Het abstractieniveau is voor d e leden v a n e e n vertegenwoordigend ^verleg e e n probleem. Ze moeten n a m e n s d e hele werkorganisatie het bestuur ter verantwoording roepen, en soms moeten ze beslissingen n e m e n die i n g a a n tegen d e b e l a n g e n v a n onderdelen v a n die organisatie. Dus kunn e n ze er nooit n a m e n s d e organisatie zitten. Zodra e e n vertegenwordigend overleg moet meebeslissen, zit het op dat a b stractieniveau."
Positie
"Ik denk dat het e e n heel moeilijke positie is, m a a r binnen het bedrijf e e n heel nuttige. Men k a n niet volstaan met: 'Ik b e n
gens De Jager zien d e UR-leden zichzelf ook als vertegenwoordigers uit d e universiteit. De Jager: "Het probleem v a n d e UR is: n a m e n s wie spreekt men, en waarover kan m e n gezagh e b b e n d spreken? Het college v a n bestuur b e s t a a t uit professionele bestuurders, die je geselecteerd hebt, die dat werk kunnen. De UR wordt gevormd door mensen uit alle gremia v a n d e universiteit, die niet per sé bestuurervaring hebben. Die eis wordt helemaal niet gesteld. Toch s t a a n college en r a a d in de organisatie naast elkaar." - Dat moet eigenlijk niet? "Ik vind dat e e n probleem, laat ik het zo zeggen. Q u a medezeggenschapsstructuur is e e n universiteit georganiseerd n a a r het model v a n e e n gemeentebestuur, het model v a n d e belangenbehartiging. Als ik in e e n gemeente woon h e b ik b e l a n g bij een g o e d e kwaliteit v a n d e straten, e e n g o e d e vuilafvoer
verschuüen achter e e n UR e n zeggen: 'Dat heeft d e UR toen besloten'. Bestuurders moet je kunnen a a n s p r e k e n op hun beslissingen." "Ik zeg: mensen, w e e s wijs, e n zorg dat het overleg binnen d e organisatie goed is. Zorg d a t je een behoorlijk vertegenwoordigend overleg hebt, e n houdt d e organisatie e e n beetje helder. Het zou makkelijker zijn als d e universiteitsraad nooit e e n bestuurstaak h a d g e h a d . Dan kun je zeggen: hoe zit het met het college v a n bestuur? Dat k a n d a n helemaal zijn g a n g g a a n . Dan zeg ik: benoem d a n v a n mijn part gerenommeerde mensen vanuit d e UR e n v a n buiten, die echt bestuurlijk kunnen kijken. In een r a a d v a n commissarissen of iets dergelijks. Die komen twee keer per j a a r bijeen, e n a a n d e h a n d v a n het jaarverslag moet het coUege v a n bestuur het hele reilen e n zeilen nog eens verantwoorden. Zo krijg je een organisatie die vol-
FotoAVCA^U
Collegelid De Jager over bestuurlijke helderheid
gens mij vrij effectief k a n werken." Maar het collegelid zal g e e n moeite doen om d e UR afgeschaft te krijgen. "Ik h e b het uitsluitend over 'idealiter'. Terug n a a r d e realiteit: over d e positie v a n d e universiteitsraad zeg ik niets, dat is in d e wet geregeld. We g a a n d e huidige structuur niet aantasten, d a a r zijn w e het echt over eens. Bovendien k a n het niet, want d e wet stelt d e UR verplicht, e n die wet voeren w e loyaal uit." "Bovendien: ik kies bewust voor een vertegenwoordiging v a n het personeel. Het niet h e b b e n v a n zo'n o r g a a n is slechter d a n het wèl h e b b e n - met alle problemen die d a a r a a n vast zitten. Maar zo'n belangrijk onderwerp is het nu ook weer niet. Wij m a k e n ons er niet zo vreselijk druk over." Blijft als probleem voor d e collegeleden dat ze noodgedwongen moeten s a m e n w e r k e n met een r a a d die h e n in b e v o e g d h e den overtreft, m a a r w a a r v a n zij d e leden op zijn zachtst gezegd niet allen even c a p a b e l acht. De Jager: "Ik b e n helemaal niet negatief over veel dingen v a n d e UR. Het buitenlandbeleid, d e verdeling v a n gelden, die onderwerpen zijn uitvoerig a a n d e orde geweest. Over het algem e e n functioneerde dat helem a a l niet zo slecht. Er zijn heel wat mensen, dat geldt ook voor studenten, die zich d a a r behoorlijk in verdiept hebben. Over individuele leden zeg ik niets; er zitten er ook hele goeie bij." "Ik denk dat d e UR a a n g e z a g zal winnen als je g e z a g h e b b e n d e wetenschappers in d e r a a d zou hebben. Toen ik bij d e VU kwam, zaten veel meer hoogleraren in d e UR, in het begin ook nogal wat gerenommeerde hoogleraren... Maar dat moet u m a a r niet opschrijven, dat is wat badinerend bedoeld, h a h a . Ik geloof niet dat je in d e UR e e n doorsnee hebt v a n het wetenschappelijk potentieel a a n d e Vrije Universiteit." "Het probleem blijft dat het toch e e n beetje frustrerend is om lid v a n d e UR te zijn. Als je e e n of a n d e r e ondersteunende functie hebt bij e e n dienst, wat moet je d a n meepraten over wetenschappelijke samenwerking met a n d e r e landen? Dat m a g je toch niet v a n mensen vragen?" - En dat moet de betreffende ondersteunende medewerker ook niet willen? "Nou, dat is het probleem." - Neemt u het hen kwalijk als ze tóch denken dat ze kunnen meepraten?
Vervolg op pag.
6
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 augustus 1988
Ad Valvas | 584 Pagina's