Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 10

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 10

9 minuten leestijd

CULTUUR I

PAGINA 10 !

I AD VALVAS 23 AUGUSTUS 1990

Verval in joods New York De expositie van Wijnanda Deroo is te zien tot en nnet 23 september in het Joods Historisch Mu seum, Jonas Daniel Meijerplein 2-4, Amsterdam Tel 26 99 45

Mff'G

iwr

Op dit moment is in het Joods Histo­ risch Museum de tentoonstelling 'Lower East Side: foto's van Wijnan­ da Deroo' te zien. Met een werkbeurs van WVC vertrok Deroo in 1988 voor twee jaar naar New York om daar de kwijnende restanten van joods cultuurgoed vast te leggen. Ze fotografeerde hoofdzakelijk in sy­ nagoges, badhuizen en verenigings­ gebouwen, ooit de trefpunten van een levendige joodse gemeenschap, maar nu veelal verwaarloosd en ver­ laten, ten prooi aan verval. Veel spin­ rag dus, kapotte ruiten, bladderende muren, stof en puin. De overblijfse­ len van een voorbije tijd. Vanaf het midden van de vorige eeuw emigreerden er veel joden naar de Verenigde Staten. Ze kwamen vooral uit Oost­Europa, uit Polen, Rusland en Oostenrijk­Hongarije. Op

de vlucht voor honger, armoe, discri­ minatie, pogroms, troffen ze elkaar in de Lower East Side, een wijk ten noord­oosten van New York. De joodse commune die daar ont­ stond was hard op weg de grootste ter wereld te worden, totdat in 1924 een strengere immigratie­wetgeving een einde maakte aan de grote stroom vluchtelingen. De aanvoer stagneer­ de, en tegelijkertijd verhuisden de in­ woners van de Lower East Side naar andere wijken van de stad, zoals de Bronx en Brooklyn. Met als gevolg een leegloop van de joodse emigran­ tenwijk, en de verwording ervan. Bij het maken van haar fotoserie ging het Deroo niet zozeer om de huidige staat waarin de gebouwen op de Lo­ wer East Side verkeren, maar om er in de veelal ongebruikte ruimtes spo­ ren van het verleden terug te vinden. Net als in haar andere fotowerk is de leegte heel belangrijk; in de verlaten­ heid van een ruimte, in de stilte er­ van of in een enkel object probeert Deroo iets van vroegere menselijke aanwezigheid op te roepen.

Gefluister in Arti Manifestatie 'Jonge Kunst' in Arti et Amicitiae Sub Rosa t/m 15 september, The Noisy Depart ment 23 september t/m 1 oktober, 12 Channels 28 oktober t/m 18 november Rokin 112 Dinsdag t/m zondag 12 17 uur Tel 233508

Iris Dik "Dit werk is met wild, niet nieuw, niet gek, niet schreeuwerig en niet spontaan", aldus Tineke Reijnders, de organisatrice van de eerste in een reeks van drie exposities over 'jonge kunst' in Arti et Amicitiae. Zij wil een tegenwicht bieden aan de schier

eindeloze stroom van exposities in de jaren '80 waar werk van jonge kunste­ naars gelanceerd werd als het nieuw­ ste en extreemste. Sub Rosa gaf zij als motto mee, een uitdrukking ontleend aan de rozet, die als sluitsteen fungeerde om een plafondopening te dichten. Dat wat men elkaar toevertrouwde zou dan binnenskamers blijven. In de catalo­ gus schrijft ze: "Sub Rosa houdt dus een belofte in: hier wordt in afzonde­ ring iets zorgvuldig voorbereid. On­ der dit motto wil de toon zijn gezet

Fietsen volgens Faraldo Themroc draait maandag 27 augustus om 17 00 uur in het Filmmuseum, Vondelpark 3, telefoon 5891400

Dick Roodenburg Vraag me naar mijn favoriete füm, regisseur of filmster en de paniek , slaat toe. Het zijn er zoveel en je wilt niemand vergeten. Maar voor mijn favoriete scène kun je me midden in de nacht wakker maken. Faraldo, fietsen, zal ik fluisteren en gelukzalig glimlachend verder slapen. In Themroc (1973) van de Franse re­ gisseur Claude Faraldo gaat een ar­ beider (Michel Piccoli) elke morgen op exact hetzelfde tijdstip naar zijn werk. Hij fietst het steegje naast zijn huis uit en elke morgen op precies hetzelfde moment verschijnt zijn overbuurman uit een steegje aan de overkant. Ze fietsen op elkaar af, draaien een kwartslag en rijden tegen elkaar leu­ nend weg. Na zo'n tien meter laten ze los en gaan ze op eigen kracht ver­ der. Dat gaat jaren goed, totdat Pic­

coü besluit niet meer naar zijn werk te gaan. 's Morgens komt de over­ buurman uit zijn steegje fietsen, draait de kwartslag en valt om. Want Piccoli ligt nog in bed. De dag daar­ na gaat overbuurman op een driewie­ ler naar zijn werk. Op een manier die Charles Chaplin noch Jacques Tati hem zouden ver­ beteren weet Faraldo zijn maatschap­ pijvisie in slapstick te verpakken. Net als beide komieken heeft hij daarvoor weinig woorden nodig: in Themroc worden slechts onverstaanbare gelui­ den voortgebracht. Faraldo laat de beelden het verhaal vertellen. In zijn eerdere film Bo/uit 1971 sjouwt een bezorger dag in dag uit kratten naar boven. Hij trouwt en we zien hoe hij zijn bruid naar driehoog achter draagt. Een verschil met Chaplin en Tati is, dat Claude Faral­ do in zijn kritiek veel verder gaat. Het begin van Themroc zou je nog mild ironisch kunnen noemen. De symboliek van de elkaar steunende arbeiders wordt ondergraven door de taakverdeling op de fabriek, waar

Het is steeds de plek zelf die centraal staat bij Deroo

Door dit heimwee naar het verleden wordt wel eens gezegd dat het werk van Deroo (1955) zwaarmoedig zou zijn of romantisch. Maar zoals ze zelf verklaarde werd ze bij het Lower East Side­project vooral gedreven door verbazing, verbazing over het feit dat de joodse gemeenschap in Amerika

zo makkelijk haar eigen geschiedenis Het verdwijnen. In die zin bevat deze foto­serie naast een melancholisch zeker ook kritisch element. Behalve het opvallend grote formaat zijn er fotografisch gesproken twee dingen die opvallen in het werk van Deroo, niet alleen in deze Lower

voor werk dat is ontstaan in omstan­ digheden van concentratie en onder­ zoek." Ongewoon fatsoenlijk, vredig en stil is het in de zalen van Arti. De sculp­ turen van Bernaar Leenders illustre­ ren Reijnders motto perfect. Zuiver witte gipsen blokken zijn gestapeld tot vormen die refereren aan ma­ quettes van een gebouw of muur. So­ lide, in zichzelf besloten bastions zijn het. Binnenin roert zich weliswaar iets ­ verschillende holtes vormen ritmi­ sche patronen ­ maar zelfs de gedul­ digste kijker vangt hiervan slechts een glimp op. Leenders wenst zijn zieleroerselen duidelijk niet te exhibi­ tioneren. Een groter contrast met de zwierige expressie in de felgekleurde schilderijen van de 'Nieuwe Wilden', begin jaren '80, is haast niet denk­ baar. De gipsen wal sluit de zaal met teke­ ningen van Semna van Ooy af, waar­ door hun toch al intieme karakter

versterkt wordt. Mooi zijn ze, de pas­ tels van Van Ooij. Wonderlijk dat zonder uitgesproken vormen of ma­ terialen zulke indringende beelden kunnen ontstaan. De zachtgekleurde atmosferische abstracties onttrekken zich aan het predikaat 'antroposofen­ kunst' door de sterke composities waarin ze bedwongen zijn. 'Kringe­ lende' en 'cirkelende' vormen ver­ sterken de sensatie van ingehouden dynamiek. Beweging in de innerlijke ruimte, het lijkt ook het thema van Petra Dolle­ man. Haar verhalende tekeningen geven op een komische manier ge­ voelswaarden weer: een boemerang slingert zich langs een stippellijn door een kale ruimte ("trouw"); een gratig poppetje houdt zich staande te midden van een wervelwind van vlaggetjes ("hartstocht"). Conrad van de Ven schildert naar hartelust dode eekhoorntjes en vogel­ tjes. Zijn knap geschilderde traditio­ nele stillevens dragen saaie titels als

East Side­serie, maar. ook in de repor­ tages die ze maakte in Rusland, Chi­ na en niet te vergeten Frankrijk, waar haar eerste fotoboek tot stand kwam, '16 Franse hotelkamers plus uitzicht'. In de eerste plaats is er het cameras­ tandpunt. Deroo fotografeert vaak vanuit het midden van de ruimte, met de camera loodrecht op de te­ genoverliggende muur ofraampartij. Dat creëert een effect van ruimte en symmetrie, een optische ordentelijk­ heid die misschien een tegenwicht moet bieden voor het verval waarmee ze steeds geconfronteerd wordt. Daarnaast is er de belichting. Deroo werkt niet met kunstlicht, maar met het natuurlijk licht in een ruimte. Daarom is ze vaak gedwongen een langere sluitertijd te kiezen: alsof ze de betreffende ruimte tijd wil geven om in te werken op de film. Het is steeds de plek zelf die centraal staat in haar fotografie, niet de toevallig aanwezige individuen. Dat is mooi te zien op een foto van een badhuis, onderdeel van de expo­ sitie in het Joods Historisch Museum Je ziet een bassin, met links ervan een metalen trappetje, nodig om in het water te komen. Op dat trappetje zie je een menselijk figuur (een man?) naar beneden klimmen. Maar door de lange sluitertijd zijn de con­ touren onscherp, is de figuur niet meer dan een transparante schim. En dat is tegelijk een fraai zinnebeeld voor het thema van de expositie: het oplossen, het verdwijnen van geschie­ denis.

"schedel en takje" en "bloem, vaas en kegel". Plotseling krijg ik de dringen­ de behoefte aan een schop in plaats van al dat geaai en gekietel, aan een schreeuw, klare taal, in plaats van al dat bescheiden gezwijg en gefluister. De schilderijen van Hermann Ga­ bler, super­secuur geschilderde em­ blemen die een raadselachtige ver­ binding aangaan met poëtische teks­ ten als "Durch ein Tal fahren in wel­ chem kein Schnee liegt und sich beim Abschied in dem Augen des Anderen gespiegelt sehen" kunnen die aandrang slechts gedeehelijk be­ vredigen. Hoe nobel ook het uit­ gangspunt van Reijnders, deze intro­ verte kunst had in contrast met uitge­ sprokener werk waarschijnlijk een krachtiger indruk achtergelaten. De stilte zal nu pas doorbroken wor­ den door de volgende expositie. De titel, The Noisy Department, belooft meer rumoer.

Piccoli als lid van de buitenploeg de ene kant van het hekwerk schildert en overbuurman als lid van de bin­ nenploeg de andere kant van hetzelf­ de hek. Naarmate de film vordert, wordt de toon echter steeds grimmiger. Zodra Piccoli eenmaal besloten heeft niet meer te gaan werken, is er geen hou­ den meer aan. Hij slaat thuis de boel kort en klein, gaat met zijn zus naar bed en vangt op straat politieagenten, die hij roostert en opeet. Nogal komisch is het moment waar­ op hij zijn voorgevel met een moker weghaalt. Een volstrekt saaie buur­ man wordt door het anarchistisch elan aangestoken en begint, aange­ vuurd door zijn vrouw, met een lullig hamertje ook tegen de muur te tik­ ken. Maar Themroc is geen lachfilm. In een interview zei Faraldo dat hij be­ paalde komische elementen weggela­ ten had: "Ik heb geprobeerd het ge­ vaar van de lach te vermijden, want ik wil serieus genomen worden." Wat mij betreft is hij daar niet helemaal in geslaagd. Tot slot de kanttekening dat de film, bij een weerzien kort geleden, soms wat gedateerd overkwam. De anar­ chistische jaren zestig zijn blijkbaar toch voorbij.

Michel Piccoli geeft zijn buurman een schouderduw.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 10

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's