Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 379

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 379

1 minuut leestijd

r o y we n c a r r I è r e s 3 a n d e V U

PAGINA 13

Vrouwenstudies afgescheept met luttel bedrag

.,<•

v.

rorig jaar vroeg de Stimuleringsgroep Emancipatie-Onderzoek (STEO) een bedrag van zes miljoen gulden aan minister Ritzen en staatssecretaris Ter Veld. Die weigerden: ze stelden slechts zeven ton beschikbaar. De aanvraag zou slecht onderbouwd zijn. STEO-voorzitter Jacqueline Soetenhorst over haar jarenlange speurtocht naar Hnanciën. Tom de Greef Zes jaar reisde de voorzitter door het land. Een van haar taken was om onderzoeksinstellingen, overheid, bedrijfsleven, universiteiten en individuele onderzoekers/sters aan te zetten tot emancipatie-onderzoek. Haar meest pregnante herinnering: "In bijna elk gesprek zeiden de heren 'Ja, mijn vrouw is ook geëmancipeerd.' Dat was heel leerrijk." Jacqueline Soetenhorst-de Savornin Lohman, in het dagelijks leven hoogleraar andragologie aan de Universiteit van Amsterdam, was tot voor kort voorzitter van de Stimuleringsgroep EmancipatieOnderzoek (STEO). Zes jaar lang besteedde de STEO jaarlijks ƒ 820.000 om vrouwenstudies te stimuleren. In september 1990 bundelde de groep de ervaringen in het eindadvies Toekomstige ondersteuning van vrouwenstudtes/emancipatie-onderzoek. Over het benodigde bedrag was men heel duidelijk: "Voor het uitoefenen van de programmeringsfuncties wordt een jaarbedrag van ongeveer zes miljoen gulden voorgesteld." Een nieuw programmeringscollege zou deze somma moeten verdelen.

Ironisch Stimulering van vrouwenstudies blijft in de ogen van de STEO de komende periode noodzakelijk, zij het dat de groep vindt dat zulks minder vrijblijvend moet gebeuren en meer gericht moet zijn op een duurzame verankering van vrouwenstudies binnen de wetenschappelijke instellingen. Over de mogelijkheden die vrouwenstudies heeft om mee te delen in het geld dat de Nederlandse organisatie voor wetenschappelijk onderzoek (NWO) te verdelen heeft, is men met optimistisch: de positie van vrouwenstudies aldaar "is nog steeds problematisch". Veruit de meest ironische passage wijdt de groep aan de vele goede raad, die men de afgelopen zes jaar mocht ontvangen bij de tocht langs vele instellingen en perso-

Jacqueline Soetenhorst: 'Het was heel leerzaam'

nen. "Welwillendheid ten opzichte van het belang van vrouwenstudies/emancipatie-onderzoek (VEO), goede raad ten aanzien van het adres waar de gerechtvaardigde claims van VEO neergelegd moeten worden. De genoemde adressen hadden tot nu

Soetenhorst vertelt bittere anecdotes toe maar één ding gemeen: ze waren niet het adres waar de STEO-vertegenwoordigers zich op dat moment bevonden."

Genadeklap De wetenschapsregelaars hebben blijkbaar een geraffineerde hang naar het verschijnsel 'van het kastje naar de muur sturen'. Niet echt leuk natuurlijk, maar nog een oase van vriendelijkheid in vergelijking met de reactie die minister Jo Ritzen en staatssecretaris Elske ter Veld eind januari de wereld inzonden. "De universiteiten zijn nu aan zet om de taak van de overheid over te nemen." En verder meer in het algemeen: "...de actoren in het veld zijn nu primair aan de beurt om de daadwerkelijke verankering van vrouwenstudies en emancipatieonderzoek verder vorm te geven." Het duo deelde de genadeklap uit met hun opmerking over het nieuwe programmeringscoUege en het gevraagde budget van zes miljoen gulden: "...de argumentatie van de STEO voor het instellen van een dergelijk orgaan met het daarbij behorende budget is niet overtuigend. Met name ontbreekt een goede onderbouwing van het gevraagde budget." Alleen de opmerking van de STEO over de moeilijke positie van vrouwenstudies binnen NWO kon bij de be-

windslieden op begrip rekenen. "De staatssecretaris en ik zijn dan ook bereid om voor een periode van maximaal vijf jaar vrouwenstudies en emancipatieonderzoek extra te stimuleren met een bedrag van ƒ 700.000 per jaar. Wij zijn daarbij van mening dat dit bedrag niet via een apart intermediair orgaan, maar via NWO aan vrouwenstudies en emancipatie-onderzoek ten goede dient te komen."

Aap uit de mouw Heeft mevrouw Soetenhorst die brief niet als een klap in het gezicht van de STEO ervaren? "Het kwam niet helemaal als een verrassing. Bij de presentatie van ons eindadvies waren de minister en de staatssecretaris direct erg afhoudend. Tijdens een eerder gesprek had de staatssecretaris ons al geadviseerd om via Kamerleden te proberen meer geld beschikbaar te krijgen. Maar dat vonden wij - om het maar eens eufemistische te zeggen - een wel erg indirecte weg. Wij hebben direct toegang tot de staatssecretaris en om dan via Kamerleden actie te voeren, dat zie ik als de uiterste mogelijkheid die wij nog hebben. Eigenlijk zijn bij het aantreden van de nieuwe regering de perspectieven op een nieuw programmeringsfonds verkleind." Soetenhorst wijst in eerste instantie op de penibele situatie van 's lands financiën, die de terughoudendheid van Ritzen en Ter Veld zou verklaren. Maar later begint langzaam de aap uit de mouw te komen. "In de vorige kabinetsperiode hield het ministerie van Sociale Zaken zich veel meer zelf bezig met onderzoek. We hebben toen zeer serieus met minister De Koning gesproken over de mogelijkheden om een fonds te maken. Sociale Zaken zou een flinke duit in de subsidiepot doen, in de verwachting dat Onderwijs en Wetenschappen mee zou doen. Dat zou een heel aardig fonds

zijn geweest. Bij het aantreden van het nieuwe kabinet zijn al dit soort plannetjes verdwenen. Men is veel harder geworden: Sociale Zaken betaalt de sociale zekerheid en stoot al het onderzoek af." In de wandelgangen valt een meer prozaïsche gang van zaken op te tekenen. Van minister De Koning wist de STEO dat hij bereid was drie miljoen ter beschikking te stellen. De overige drie miljoen moest van de andere departementen komen. Zijn advies aan de STEO moet ongeveer als volgt geluid hebben: "Dames, zorgt u nu dat in uw advies een bedrag van zes miljoen genoemd wordt, dan zal ik dat advies overnemen." Maar zelfs de raspoliticus De Koning had vorig jaar de kabinetscrisis niet voorzien.

Freutelpotje Een bedrag van zes miljoen vragen in combinatie met de opmerking dat vrouwenstudies financieel nog niet op eigen benen kan staan en vervolgens tot de conclusie komen dat door een kabinetscrisis de gewekte verwachting - zes miljoen is een reëel bedrag -ingeschrompeld is tol zeven ton gedurende de komende vijf jaai:, hoe reageert een ex-voorzitter daarop? Mevrouw Soetenhorst: "Vroeger bestond er op het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen het zogenaamde Freutelpotje. Dat was genoemd naar een ambtenaresse - mevrouw Preutel - die een potje van vijf ton beheerde. Dat was voor vrouwenstudies heel prettig, want daar werden allerlei dingen uit betaald zoals bijvoorbeeld congressen en reizen. Dat potje werd door de minister gedecentraliseerd naar alle universiteiten. "De STEO hoorde dat pas toen de decentralisatie al had plaatsgevonden. Daar hebben wij ons behoorlijk druk over gemaakt en toen is ons meewarig verteld dat we ons over zo'n luttel bedrag

foto Bram de Hollander

van vijf ton niet zo moesten opwinden. En nu krijgen we dan zeven ton. Een pondje meer dan het Freutelpotje en daar moeten we dan verschrikkelijk blij mee zijn. Daar werd ik even heel ziek van." — Dat is toch een heel bittere anecdote? "Ja, dat is het zeker wel; dat soort associaties heb ik wel. We hebben in ons advies inderdaad het bedrag van zes miljoen niet uitgebreid onderbouwd. Eerst hadden we dat wel gedaan, maar toen adviseerden ambtenaren om dat maar weg te laten. 'Probeer het maar gewoon', zeiden ze. "Ik wil daar best iets over zeggen. Aan de goede onderzoeksaanvragen die wij binnen kregen, is die zes miljoen gemakkelijk te besteden. Kijk je naar andere maatschappelijke groepen, die over een fonds beschikken - jongerenen minderhedenonderzoek - dan stel je vast dat die ook ongeveer over zo'n bedrag beschikken." — U kunt na vijfjaar ongetwijfeld vergelijken hoe de verschillende universiteiten het op het gebied van vrouwenstudies doen. Wat vindt u van de VU? "We hebben bij verschillende universiteiten, ook bij de VU, gezien dat naast thema's als de Derde Wereld en normen en waarden de positie van de vrouw een profileringspunt is. Ik herinner mij wel dat ook de VU daar invulling aan wilde geven. "Inmiddels is Jeanne de Bruijn aangetreden als hoogleraar vrouwenstudies. Dat verheugt ons zeer, maar ik moet zeggen dat ook daar eigenlijk onze algemene analyse geldt. Het dreigt een te geïsoleerd eilandje te worden als de verschillende faculteiten geen onderwijsprogramma's op het terrein van vrouwenstudies aanbieden. Dan wordt het nooit een normaal onderdeel van het curriculum." Tom de Greef is hoofdredacteur van AdVatvas

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 379

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's