Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 346

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 346

10 minuten leestijd

I A D VALVAS 21 FEBRUARI 1991

PAGINA 6 I

'De bestuurlijke pleuris is uitgebroken' Collegevoorzitter Brinkman over bestuursstructuren en de markt Tom de Greef/Frank van Kolfschooten Echt van de wijs is de voorzitter niet te brengen. In de betoogtrant is het docentschap van weleer nog enigs­ zins te herkennen, maar in de loop der jaren heeft er blijkbaar een zekere vervuiling met bestuurlijk jargon plaatsgevonden. De voorzitter heeft de abstractie lief en na een gesprek van twee uur is één ding zeker duide­ lijk: het betreft hier geen geheime liefde. Afkeuring wordt bij voorkeur gego­ ten m een milde ironie of in een wat striemender sarcasme, maar regel­ rechte boosheid is afwezig. Zelfs de funest geachte Haagse regelzucht wordt koel geanalyseerd. De woor­ denstroom laat zelden af; de verslag­ gevers moeten verdorie af en toe moeite doen om ook aan het woord te komen. Drs. H.J. Brinkman bekleedt sinds vele jaren het voorzitterschap van het College van Bestuur van de Vrije Universiteit. In de met enige bomba­ rie heropende discussie over de be­ stuursstructuur heeft de voorzitter ook zijn partijtje meegeblazen. Op een van de door minister Ritzen geï­ nitieerde conferenties, medio novem­ ber vorig jaar, zette Brinkman zijn ge­ dachten over universitair bestuur en management uiteen. "Als er verschil­ lende universiteitsconcepten zijn, en mogelijk zelfs verschillende typen universiteit, moet er ruimte zijn voor verschU in organisatie­ en bestuurs­ structuur." In het verlengde hiervan ligt zijn verzuchting "Maar hoe ko­ men we voor de universitaire be­ stuursorganisaties uit de traditie van etatistische, eenvormige regule­ ring?".

Befaamd De befaamde professor Arie van der Zwan organiseerde voor minister Rit­ zen ­ zij waren eertijds collega's aan de Erasmus Universiteit en ook me­ deauteurs van het boekje Naar een ondernemende universiteit ­ de con­ ferenties en verzorgde het zogenaam­ de slotdocument ervan. De aanbeve­ ling in het slotdocument om de uni­ versiteiten de gelegenheid te geven tot "variëteit en flexibiliteit" in de be­ stuursstructuur werd medio januari door minister Ritzen overgenomen. De bewindsman gaat nu overleg voe­ ren met de universiteiten en in het voorjaar wil hij met een wetswijziging Komen om een verschillende be­ stuursstructuur per universiteit mo­ gelijk te maken. Hiermee lijkt weer voor het eerst sinds vele jaren de be­ stuursstructuur op de agenda te staan. Sinds de invoering van het stelsel van universiteits­ en faculteits­ raden in 1970 is deze vorm van de­ mocratisering altijd onderwerp van discussie en strijd geweest. Deetman had er geen behoefte aan de bestuursstructuur opnieuw ter dis­ cussie te stellen, maar minister Rit­ zen heeft het aangedurfd om de dis­ cussie van 20 jaar weer op de be­ stuursagenda te zetten. Brinkman: "Ik weet nog niet wat bij die discussie de echte agenda is. Op het eerste gezicht lijkt het te gaan over de bestuursstructuur. Maar als je goed kijkt is er een discussie ontstaan over de vraag wie de bestuursstruc­ tuur eigenlijk regelt. Het voorstel van Ritzen vloeit eigenlijk voort uit de de­ regulering, die nu toegepast is op de bestuursstructuur. Het Nederlandse onderwijs wordt nu van A tot Z door Zoetermeer geregeld en gecontro­ leerd. Dat geldt ook voor de bestuurs­ structuur van de universiteiten. Maar Den Haag moet terug naar zijn poli­ tieke kernfunctie. Dat noemen wij deregulering en bestuur op afstand. Je moet dus de vraag beantwoorden hoeveel je in de wet wüt regelen."

Minister Ritzen wil dol­ graag dat de discussie losbarst waarna iedere universiteit een eigen bestuursstructuur kan instellen. Iedereen profi­ leert zich dan. De VU kijkt eerst maar eens de kat uit de boom. Be­ stuursvoorzitter Brink­ man zou willen weten wie het initiatief neemt. Hij zelf zal dat in ieder geval niet zijn. En pas­ sant laat hij zich uit over marktpositionering en dat soort zaken.

*J'

Brinkman: ' M o e t er meer ruimte komen voor zelfregulering, dan zegt ik: j a , a l t i j d . '

Bent u dan al niet een stap te ver? Als je iets formeel wil t regelen ga je toch eerst naar de inhoud kijken, wat je eigenl ijk... "Nee, nee, dat hoeft helemaal niet." Is het niet interessant om eerst de dis­ cussie te voeren... "Ik observeer dat er nu een discussie is begonnen, niet over de vraag wat er geregeld wordt maar over de vraag wie de regelaar is.

Liefhebbers De minister wil een artikel in de wet dat het mogelijk maakt te experimen­ teren met de bestuursstructuur. "Ik vind wat de minister zich voor­ stelt heel ondoorzichtig. Hij verwijst naar het slotdocument van de confe­ rentie. Maar als je daarop juridisch een beetje laatdunkend wilt reageren zeg je het volgende. Iedereen die dat wil kan de ongewijzigde wet blijven volgen. Dan moet er in de wet blijven staan wat er nu instaat. Maar iemand die wat anders wil kan dat ook. Er ko­ men dus twee hoofdstukken: een voor de liefhebbers van de ongewij­ zigde wet en een tweede hoofdstuk voor degenen die wat anders willen." Zoiets valt toch praktische te regelen? "Een serieuze deregulering ­ in mijn bijdrage aan de conferentie is die te vinden ­ moet er anders uitzien. In de wet moet staan aan welke randvoor­ waarden de bestuursorganisatie moet voldoen en dat moet men zo beperkt mogelijk houden. Dingen als rechts­ positie en rechtsbescherming en de bescherming van de autonomie van de onderzoeker moeten in de wet. En vervolgens introduceer je daarin een regelaar. En dat moet dus niet de Tweede Kamer zijn." In uw bijdrage aan de conferentie maakt u gewag van reregul ering. "Ik venrouw de Nederlandse over­ heid maar half als die deregulering zegt. Want wat je daarbij tegenkomt is dat men zo weinig mogelijk regelt en dan val je in handen van de minister en zijn ambtenaren."

Is het dan voor de VU met veel inte­ ressanter om een plan op te stellen voor de bestuursstructuur en dan te­ gen de minister te zeggen: dit is ons plan en zorg maar dat de wet zo wordt dat wij dit kunnen doen? "Ik zit op dit moment helemaal niet met een urgentievraag ten aanzien van een wijziging van de bestuurs­ structuur. Het hele verhaal op die conferentie ging over twee dingen: moet er nu echt uniform gewijzigd worden en zo ja, wat? En moet je het daar dan ook uniform over eens wor­ den in een groot beslissend politiek debat? In de jaren zeventig was dat natuurlijk de manier waarop je dat deed. Nu is onder ons de bestuurskundige pleuris uitgebroken sinds die tijd. Uniformiteit van een regeling is niet meer vanzelfsprekend voor de wetge­ ver en wordt niet meer als goed be­ schouwd. Dat debat is nu aan de gang en daarmee krijg je pluralise­ ring. Dat is het echte debat. Dat hangt dus samen met het hele proces van deregulering en reregulering. Dat ontbrekende stuk moet nu voor de bestuursstructuur ingevuld wor­ den." Wat ts uw opvatting over een en an­ der en hoe wilt u gaan opereren? "Ik heb op dit ogenblik helemaal geen opvatting. Er is wat mij betreft maar een ding aan de orde: hoe gaan wij op dat stuk van minister Ritzen reageren? En dan is er voor mij maar één vraag. Als de minister vraagt of er meer ruimte moet komen voor een of andere vorm van zelfregule­ ring, dan zeg ik: ja, altijd. Of die ruimte er zal komen hangt af van de Tweede Kamer. Zou dat voor 1993 in het Staatsblad komen? Dan kunnen we ons eens gaan afvragen hoe we er gebruik van zullen maken."

van het functioneren van het univer­ sitaire bestuur dat het urgent is daar in de kortste keren, wat deze univer­ siteit betreft, verandering in te bren­ gen."

Taal In het slotdocument bracht Van der Zwan naar voren dat de bestuurs­ structuur de marktgerichtheid van de universiteiten bel emmerde. Daar bent u het niet mee eens? "Ik heb maar één verhaal. Dat is het verhaal dal ik op de conferentie heb gehouden. Daar sta ik volledig ach­ ter. Er is, denk ik, geen deelnemer geweest die zich zo duidelijk heeft uitgesproken. Meer vind ik niet, min­ der vind ik ook niet." U zul t toch wel iets vinden van die overtuiging van Van der Zwan? "Van der Zwan spreekt een andere taal dan ik. Hij spreekt Nederlands en ik spreek ook Nederlands, dat denk ik wel. Maar daar houdt het dan ook mee op." Maar wat Van der Zwan zegt over marktpositionering... "Dat is zijn jargon, dat is zijn cultuur, maar dat is niet de mijne. Ik ben geen hoogleraar in de bedrijfseconomie. En we hebben nu een minister die hoogleraar is geweest in de over­ heidsfinanciën. Die mensen spreken dat soort taal. Ik spreek een andere taal. Zie mijn bijdrage aan de confe­ rentie. Als de Erasmus Universiteit zou kiezen zich te organiseren vol­ gens het recept van het boekje Naar een ondernemende universiteit, au­ teurs onder andere de heren Ritzen en Van der Zwan, Iaat ze. Ik denk niet dat de Vrije Universiteit dat zal doen. Overigens hebben wij een der­ de geldstroom die er wezen mag."

Markt Meent u dat nu echt, dat is toch ont­ zettend bureaucratisch gedacht? "Nee hoor. Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad en het project van deze dag is het project deregule­ ring. En wat mij betreft is er niet een . zodanige crisissituatie ten aanzien I

Het begrip marktgerichtheid zie je als maar meer in stukken van de overheid. "Nee, laat ik daar heel helder over zijn. Ik denk dat het begrip markt in hoge mate als metafoor gebruikt wordt in veel discussies. Dus als ik

Foto Nico Boink AVC/VU

zeg dat je bij de inrichting van je on­ derwijs onder andere rekening moet houden met de variatie die tussen studenten bestaat in termen van hun belangstelling, van hun motivatie, van hun begaafdheid, dan kun je dat als volgt uitdrukken: de universiteit beweegt zich met zijn onderwijs op een studentenmarkt. En dat is dan een metaforisch gebruik van het be­ grip markt. Als op een gegeven moment een on­ derzoeksgroep in deze universiteit zijn onderzoeksprogramma kiest en dan kijkt wat er op dat onderzoeksge­ bied internationaal aan de hand is in termen van vraagstelling en metho­ den, dan positioneert hij zich op de onderzoeksmarkt. Dan is dat begrip markt dus metaforisch gebruikt. In alle mogelijke organisaties heb je twee manieren om je identiteit en je sturing te bepalen. Ik vind dat de identiteit altijd functioneel bepaald wordt. De functie wordt altijd uitge­ oefend in een context en ik opereer dus altijd in een context. Ik ben dus altijd op een markt bezig omdat markt, zeg maar de metafoor is om de context aan te geven." Maar markt is toch vraag en aanbod? "Ja, maar communicatie in een con­ text kun je tot op zekere hoogte met de metafoor van vraag en aanbod aangeven. Het bezwaar van die meta­ foor is ­ en daarom zal ik hem niet graag gebruiken ­ dat je dan in een soort economisch paradigma dreigt te schieten. Dus dat bevalt mij niet aan die metafoor. Je haalt met een meta­ foor natuurlijk ook tot op zekere hoogte een cultuur binnen. Ik zal dus de marktmetafoor liever beperken tot de situatie waar echt sprake is van ko­ pen en verkopen. En waar kosten en baten ook uitgedrukt kunnen worden in de gangbare economische termen. En wij we.ten niet wat de winst van onze universiteit is."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's

Ad Valvas 1990-1991 - pagina 346

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990

Ad Valvas | 574 Pagina's