Ad Valvas 1990-1991 - pagina 514
AD VALVAS 23 MEI 1 9 9 1 '
PAGINA 12
Sonja, Karel, Tineke, Ivo en de anderen
'Die man zingt schitterend. Geen forse uithalen of een zware stem, maar soepel en elegant'
Televisie, een kleurrijk medium? Ik bedoel, hoe vaak zijn op de vaderlandse buis gekleurde Nederlanders te zien? Mijn Eerste Zwarte zag ik hij Pipo de Clowrij in het Huisje van de Vier Windstreken. Daar woonden Mik en Mak en een van de twee werd gespeeld door Donald Jones. Met hem hebben we het jarenlang moeten doen en hij speelde zijn rol van vrolijke verrassing verdienstelijk. Maar anno 1991 komt hij over als nationale nepneger en vraag je je af of hij wel echt zwart is. Want Nederland werd een multiculturele samenleving en achterhaalde types als Donald Jones komen alleen in Privé' en Story nog tot hun recht. Minder stereotype allochtonen beginnen beetje bij beetje de blanke beeldbuis te bevolken: toneelspelers als Kenneth Herdigein en natuurlijk de onvolprezen nieuwslezeres Noraly Beijer. Van de talloze talkshows op 1 tot en met 4 heeft alleen de VPRO programma's die door medelanders gemaakt worden. Enkele jaren terug begon Bij Lobithj gepresenteerd door Ivette Forster en Guilly Koster, beiden afkomstig van de lokale migrantentelevisie. Een prima programma, zij het dat Koster een goedaardige, maar nogal
Dick Rood enburg
''"^IJf. ongehkte beer is en soms wat naast het onderwerp zat. Misschien dat daarom opvolger Lokolé meer magazine dan praatprogramma door Ivette Forster alleen gepresenteerd wordt. De enige echte gekleurde talkshow is Johnny. Vanwege het wat lastige tijdstip, zondagavond half zeven, had ik het programma steeds gemist. Mevrouw Buisman houdt er niet van als ik meteen na het eten achter de buis duik. Maar de roem was Johnny Kamperveen vooruitgesneld. Ooit een bekend radiopresentator in Suriname en nu wereldberoemd in de Bijlmer. Een irritant mannetje, zo werd mij verzekerd. Dat viel dus reuze mee. Afgelopen zondag vond ik bord op schoot Johnny een aangenaam programma en Kamperveen een charmante presentator. Zijn gasten waren dit keer allochtonen die het in Nederland 'gemaakt' hadden: een Marokkaanse verloskundige, een Turkse jurist, een Surinaamse tenniscoach enzovoort. Verplichte kost diegenen die denken dat Nederland nog steeds blank is. Maar de educatieve waarde van het programma betekent natuurlijk ook de beperking ervan. Mensen zijn interessant om wat ze te zeggen hebben en niet om hun huidskleur. Gelukkig krijgen gekleurde Nederlanders steeds meer de gelegenheid om wat te zeggen. BUISMAN
Foto Bram de Hollander
Anita Mooseker: 'In Verona sloeg de vonk over'
"Meestal zijn opera's natuurlijk heel dramatisch. Mensen die elkaar overhoop steken en dat soort ver halen. Maar daar word ik niet de pressief van, het vrolijkt me juist op. Luisteren naar muziek is voor mij een expressiemiddel, een ma nier om me te uiten. Heel erg ge nieten. Klassieke muziek kreeg ik van huis uit mee. Zo rond m'n negende draaide ik eindeloos het Ave Ver um van Mozart. Prachtig vond ik dat, zo'n gigantisch koor. Stemmen boeien me, de manier waarop ie mand zijn stem beheerst is heel persoonlijk. Persoonlijker dan bij instrumenten, volgens mij wel. Maar als je dat zegt schop je tegen een heleboel schenen. Mijn eerste operaplaat was een CD met Waanzinscènes, gezongen door Maria Gallas. Een tante van me, vroeger, was helemaal gek van Gal las. Dat hoorde ik toen veel, maar heb het jaren laten liggen. Later kwam ik via de radio weer met die muziek in contact. Op zondagmid dag had je een operaprogramma van Menno Feenstra. Ik heb een hele Gallasperiode gehad, nu is dat wat minder. Op een gegeven mo ment ga je weer verder zoeken naar
andere prachtige stemmen. De laat ste tijd ben ik vooral geïnteresseerd in vroegere tenoren. Tito Schipa bijvoorbeeld. Die man zingt zo schitterend. Helemaal geen forse uithalen of een zware stem, maar soepel en elegant. Heel innemend. Sinds kort heb je een GDserie van EMI met operasterren uit het ver
CD/LP/MC Wat staat in de platenkast van de VUbevolking? Deze week leggen we ons oor te luister bij Anita Mooseker, medewerkster bij de bibliotheek Economie. leden, oude opnames. Daar komen hele mooie dingen tevoorschijn, Jussi Björling is een andere naam. Speciale herinneringen bewaar ik aan de Troubadour van Verdi. Die heb ik een jaar of veertien geleden gezien in Verona. Een grote arena en dan zit je tussen al die enthou siaste Italianen. Toentertijd was ik
nog niet eens zo'n operaliefhebber, vond dat gedoe een beetje overdre ven; uit volle borst zingen met een mes tussen je ribben. Maar in Ve rona sloeg de vonk over, wat daar gebeurde bleek de gangmaker van mijn belangstelling voor andere opera's. De Troubadour draai ik trouwens nooit meer. Verdi heeft een aantal mooie opera's gecompo neerd, de Traviata bijvoorbeeld. Maar dat gehoempapa wat Verdi af en toe niet kan laten, daar heb ik wel moeite mee. Dan gaat mijn voorkeur veel meer uit naar de Norma van Bellini. Of de Tosca van Puccini, prachtige melodieën. Het bijzondere van de Tosca vind ik dat het orkest een gelijkwaardig aandeel heeft, de muziek en de tekst vormen een harmonisch ge heel. De tekst is heel belangrijk, abso luut. Daaraan hoor ik wat de zan ger of zangeres werkelijk te bieden heeft. Als iemand de tekst heel gladjes en keurig wegzingt, spreekt me dat niet aan. Neem nou Joan Sutherland. Schitterend wat ze doet, maar op een gegeven moment denk ik: ja mens, laat eens horen wat je nu bedoelt. Als je zegt dat je van iemand houdt, moet je dat niet al te koel en egaal brengen. En bij een sterfscène kun je niet even rus
JOOL HUL (VEL VBKp.J
tig afscheid nemen. Dat geldt bij opera's natuurlijk heel sterk: de componist heeft iets geschreven, maar of iets je raakt hangt af van degenen die het uitvoeren. Ja, die discussie over Carreras, Do mingo en Pavarotti, wie van de drie de beste is. Wereldkampioen zan ger als het ware. Daar heb ik wel een mening over. Garreras had een schitterende stem, maar nu niet meer, sinds hij leukemie heeft ge had. Domingo zingt prachtig. Van Pavarotti ben ik nooit zo weg ge weest. Vorig jaar hoorde ik hem, ook weer in Verona, in het Requi em van Verdi. Het was zoals ik al vermoedde, niet geweldig. Als je dat vergelijkt met een Schipa of een Björling, dan haalt die Pavarotti zo verschrikkelijk uit, zo van hoor mij eens een gigantische stem hebben. Dat is nergens voor nodig, ik denk ook niet dat het zo moet. Ik heb weinig behoefte mijn mu ziek op te dringen aan anderen. Op m'n bureau staat een cassetterecor dertje en het liefst wil ik daar na tuurlijk opera op afspelen, maar ik weet dat anderen zich eraan zouden storen. We zitten tegenwoordig met z'n vijven op een kamer, dat was even indikken. Maar zodra er wei nig mensen zijn, zet ik gauw Hil versum 4 op, even genieten."
door Aad Meijer |(0t^ f^e^ , IK HEB E ^ T H u i i No^ WEL EBhJ PA^I^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 1990
Ad Valvas | 574 Pagina's