Ad Valvas 1991-1992 - pagina 109
,gj^
m
AD VALVAS 3 OKTOBER 19911
PAGINA 7
Een wetenschapsprijs is niet echt nodig In het kader van de wetenschapsweek, die van 6 tot en met 12 oktober in het hele land gehouden wordt, heeft het tijdsc hrift Kijk een prijs uitgeloofd voor het beste rec ente populair-wetenschappelijke boek. Een jury heeft er inmiddels vier genomineerd. De winnaar mag op 1 1 oktober tienduizend gulden mee naar huis nemen. Ad Valvas las en oordeelde alvast. Dirk de Hoog "De aarde is om negen uur 's ochtends , op 23 oktober 4004 jaar voor de ge boorte van Christus geschapen", bere ; kende de geestelijke dr. John Lightfoot i uit Cambridge in het begin van de ze (ventiende eeuw. Niet iedereen was het eens met deze zeer bijbelvaste geschied f sinterpretatie. In 1655 schreef Isaac de La Peyère dat er waarschijnlijk al vóór j Adam en Eva mensen op aarde waren, I zich hierbij beroepend op brieven van I de apostel Paulus. Hoe zouden anders j China, Amerika en Groenland al be volkt en tot ontwikkeling kunnen zijn gekomen, vroeg hij zich af. Hij had geluk. Alleen zijn boeken belandden op de brandstapel. Waarschijnlijk heeft het feit dat hij inmiddels in Nederland [woonde zijn leven gered. Deze anekdote valt te lezen in het ge 1 nomineerde boek Oermensen in Neder land, de archeologie van de oude steentij d. i Hienn beschrijft de Leidse onderzoeker I W. Roebroeks, aan de hand van recente 1 opgravingen in Limburg, de speurtocht i naar onze vroegste voorouders. D e re sultaten zijn opzienbarend. Zo'n I 250.000 jaar geleden woonden er al I mensachtigen in ons land. T o t voor kort gingen de sporen niet verder terug dan tot zo'n 50.000 jaar geleden. Niet
dat Nederland daarmee ineens een be langrijke plaats krijgt in de geschiedenis van de mensheid, want onze oermoeder Lucy leefde zo'n d n e miljoen jaar gele den in Afnka.
Landjepik De blanke nazaten van Lucy hebben er in Afnka een potje van gemaakt lezen we in het boek Verdeel en heers. De de ling van Afnka, 18801914, van de Leidse hoogleraar H.L. Wesseling. In deze lijvige studie wordt de kolonise ring door West Europa van een heel continent beschreven. Voor 1880 waren alleen delen van de Afnkaanse kust ingelijfd bij de westerse beschavin gen. D e enorme binnenlanden waren grotendeels onbekend terrein. Landen als Engeland, Frankrijk, Duits land, België en nog zo wat anderen speelden landjepik in dat continent, want het was tóch van niemand. E n daarmee zijn we in de periode die het boek behandelt, 1 8 8 0 1 9 1 4 . T o e n werden de grondslagen gelegd voor het hedendaagse drama van een nagenoeg failliet werelddeel. Volkeren zijn wille keurig samengevoegd of juist verdeeld binnen door vreemde binnendnngers getrokken landsgrenzen. Maar het was ook de tijd van de laatste werkelijke ontdekkingsreizen, zoals Stanley's ex ploratie van de Kongo (Dr. Livingsto ne, I presume?) bijvoorbeeld. N a de de ling van Afrika is nagenoeg de hele aarde in kaart gebracht en door de mensheid bevolkt.
Speldeknop i n heelal Maar wij willen meer! N a de aarde on derworpen te hebben trekt de mens de ruimte in. Net zoals ontdekkingsreizi gers de zeeën bevoeren en onbekende continenten ontdekten, doorkruisen n u ruimtevaartuigen de donkere oceaan van de kosmos, schrijft Govert Schilling in zijn boek Werelden naast de aarde. De planeten: ontstaan, evolutie, onderzoek. En dan ontdekken we dat de mens er eigenlijk nog maar net is. Tien miljard jaar na de oerknal ontstaat vier miljard jaar geleden de aarde. Eigenlijk zijn we pas van gisteren. N o u ja een fractie van een seconde geleden bedoel ik, ergens op een speldeknop in het heelal. Hoe wel, niet overdrijven! Misschien is met een beetje moeite het hele melkwegstel sel te vergelijken met een speldekop. En dan te bedenken dat we niet eens
'Mister Livingstone, 1 presume'. Illustratie in Verdeel en heers
"^
' ml^ W" ^ „
weten wat we weten. Die titel had Lies beth K oenen graag meegegeven aan haar bundel interviews Het vermogen te verlangen (9 letters): Taalkunde. Ge sprekken over taal en het menselij k brein. Maar die titel had een ander al be dacht. Zonder taal kunnen we niet den ken of kennis over de wereld verzame len, maar de meeste geleerden zijn het
Boeken voor in bed, om ooit nog eens te lezen en om te verleiden er over eens dat we van de taal zelf nog erg weinig begrijpen. Taal is zo inge wikkeld dat computers er niet mee uit de voeten kunnen, terwijl het lijkt of mensen een ingeboren taalvaardigheid bezitten.
D e jury Maar heeft zo'n wetenschapspnjs wel echt zin? Het lijkt onderhand wel of er meer boekenprijzen zijn dan er titels verschijnen. Natuurlijk, dichters moe ten prijzen krijgen, want die hebben geen droog brood te eten. E n roman schrijvers de Nobelprijs, want waarom zou iemand nog anders z'n leven lang alleen achter een bureau gaan zitten? Maar dne van de vier genomineerde auteurs hebben een wetenschappelijke betrekking en kunnen dus tegen een re delijk salaris in diensttijd hun boekjes
schrijven. Alia, Liesbeth K oenen is freelance journaliste, dus zij zal het geld wel nodig hebben. Waarom moet er n u juist uit déze vier boeken gekozen worden? Ja, ja ik weet het! D e jury heeft een zorgvuldige keuze gemaakt uit de ingezonden wer ken. Zo IS Verdeel en heers zo'n boek waarvan je na het lezen van een recen sie denkt "Dat moet ik hebben. N o g geen jaar op de markt en n u al een klas siek standaardwerk met meer dan vijf honderpagina's gebeurtenissen, docu menten en details." Het is ongetwijfeld het meest oorspronkelijke werk van de vier en een knappe prestatie van de professor. Maar na aanschaf komt het uiteindelijk toch in de boekenkast op de plank van nog te lezen boeken. Een goed wetenschapsjournalist zou er een mooie populaire samenvatting van moeten maken en volgend jaar meedin gen naar de pnjs. Oermensen in Nederland is echt een boek voor een regenachtige zondagmiddag, want je kunt aan de hand van de plaat jes met onderschrift het verhaal een heel eind volgen. In de tekst zelf is Roe broek teveel de bevlogen archeoloog ge bleven, die alle mitsen en maren van het onderzoek, doorspekt met vakter men, uit de doeken doet. Mijn vader zou het wel mooi vinden, want die is ook dol op Jane Auells Stam van de Ho lebeer. Jammer, ook hier had de tekst nog eens door de handen van een be gaafd redacteur moeten gaan. Bij Het vermogen te verlangen werd ik door de titel enigszins op het verkeerde been gezet. Zeker door de ondertitel Gesprekken over taal en het menselij k brein verwachtte ik iets in de trant van het zo'n tien jaar geleden verschenen
H.L. Wesseling, Verdeel en heers De deling van Afrika, 1880 1914 Uitgeverij Bert Bakker, ƒ 59 50 W. Roebroeks Oermensen in Nederland De archeologie van de oude steentijd Uitgeverij Meulenhoff, ƒ 29,50 Liesbeth Koenen Het vermogen te verlangen {negen letters)* Taalkunde Gesprekken over taal en het men selijk brem Uitgeverij Nijgh van Ditmar, ƒ 25.00 Govert Scllllling Werelden naast de aarde De planeten ontstaan evolutie, onderzoek Uitgeverij Wereldbi bliotheek ƒ 29 50
hoger liggen - maar de alfakant was toch een beetje in het slop geraakt. Bij Frans heb ik een fantastisch jaar gehad. Vooral het vak Interpretatie vond ik enorm boeiend: toneelstukken en gedichten lezen, de achtergronden bekijken en ze plaatsen in de context van h u n tijd. Zo maak je kennis met werk dat je uit jezelf niet ter hand zou nemen, maar wat grote indruk maakt.
G.J. Bakkenes (61) is eerI stejaars kunstgeschiedenis. Hij zat vroeger in de compute-rbranche, maar I wil nu een beetje zijn culturele achterstand inhalen. Het eerste in een j serie portretten van I oudere studenten. Steeds meer mensen beginnen op latere leeftijd nog eens aan een compleet nieuwe studie. Een paar decennia geleden zaten er nauwelijks middelbare dames of heren in de collegebanken: toen vond een mens zo halverwege zijn twintigste z'n bestemming en sudderde dan verder het leven uit. N u telt de jongste lichting kunstgeschiedenis een kleine 15 eerstejaars die - naar h u n uiterlijk geschat - al een behoorlijk tijdje aan het volwassen leven deelnemen. G.J. Bakkenes (61) ging vorig jaar in de VUT: "Het was mei en meteen in september ben ik gaan studeren. Z o ' n grote stap was het niet, vanuit mijn werk was ik toch al een soort permanente educatie gewend. Dertig jaar heb ik bij een technisch wetenschappelijk rekencentrum gewerkt, de hele ontwikkeling in de computerbranche heb ik van nabij meegemaakt. In het begin waren computers nog als zalen zo groot. Ja, dat was een romantische tijd. Het bijhouden van die ontwikkelingen vergde een voortdurende intellectuele inspanning, waar je aan gewend raakt en die je op den duur leuk gaat vinden. Ik vind het nog steeds heerlijk om mooie, zware, nieuwe, ingewikkelde boeken te lezen, om er achter te komen hoe 't een en ander in elkaar zit, vooral
boek Taal en verlangen over de moderne Franse filosofie. Met spanning begon ik de twintig op zich leuke interviews te lezen, maar gaande weg ontstond het gevoel van wanneer komt het nu. Welaan, in het veertiende interview werd duidelijk dat de titel een cryptogram is, en daar heb ik nooit veel van begrepen! Aan het boek kleven de voor en nadelen van een verzameling voor de krant geschre ven stukjes. Allemaal op zich wel leuk, maar waar blijft de samenhang. E n de pretentie van de ondertitel wordt niet echt waargemaakt. Maar toch een leuk boek voor in bed. N a een verhaaltje heb ik zoiets als nog maar één voor het sla pen gaan. Govert Schilling's boek Werelden naast de aarde is echt iets dat je in de boek winkel even m de hand neemt: wel leuk maar niks voor mij. Even de foto's be kijken. E n dan droom je langzaam weg als de astronaut uit je kinderjaren. In eens tikt de winkelmeneer op je schou der: "Sorry we gaan sluiten". Blijk je in een uur tijd bijna het hele boek gelezen te hebben. Eerlijk is eerlijk. Als dan toch echt ge kozen moet worden: Govert gefelici teerd, want schrijven is verleiden tot lezen, zelfs hen die eigenlijk niet willen.
Foto NICO Boink, AVC/VU
i k moet er wel harder aan trekken' in teamverband. Maar ik ben ook een spelletjesmens, ik schaak en bndge graag. Voor computers moet je ook speels zijn, flexibel tegenover nieuwe dingen staan. In het weekend speel ik veel, dan komt er dus niets van studeren. Vorig jaar heb ik Frans gedaan maar dat werd me iets te pittig met vier
dagen college per week plus een tentamenrooster dat net viel in de penode dat ik op vakantie wilde. Ik heb lang geweifeld voor ik omzwaaide, vooral ook omdat de groep waar ik mee studeerde zo aardig was. Maar kunsthistorie heeft een authentiek deeltijdprogramma eij een ideaal tentamensche-
ma. Bovendien kan ik deze studie later altijd nog weer gaan combineren met literatuur in Woord en Beeld. Ik heb deze richting gekozen omdat ik als bètaman een beetje mijn culturele achterstand wilde inhalen. Niet dat ik nou zó'n cultuurbarbaar was - hoewel de maatstaven bij Letteren wel wat
D e VU heb ik gekozen omdat ik uit een calvinistisch milieu kom, al ben ik n u zelf niet meer van dat geloof. Mijn ouders hebben nog via 'het busje' voor de VU gespaard. T o e n ik eindexamen HBS-B deed, in de jaren 50, was het nog vnj ongebruikelijk om te gaan studeren. Tegenwoordig zegt men bij elke opleiding: 'ik studeer', maar toen was dat begnp nog exclusief voor universiteiten. Een op de twintig HBS'sers ging misschien naar de universiteit. Ik heb MO-wiskande gedaan. Eerst A m Utrecht, en later de Vnje Leergangen aan de Lairessestraat, die toen dus met de VU samen hingen. Dat deed ik als avondstudie. Ik was getrouwd, had kinderen en een overdag een baan. O m half een 's nachts reed ik nog een half u u r op het fietsje vanaf het station Alkmaar om thuis te komen, en dan stond ik om 7 uur weer op om naar m ' n werk te gaan. Als je jong bent, kun je alles. Ik merk wel dat ik n u iets harder aan de studie moet trekken dan jonge studenten. Het pure woordjes leren gaat niet meer zo snel. Maar je kunt je hersens met spieren vergelijken: je moet af en toe hardlopen om je spieren te trainen. Jonge mensen zijn wat kennisopname betreft meer als sponzen, ze zien een woordje een keer en onthouden het, terwijl ik het drie keer moet bekijken. Maar ik beschouw mijn studie als een serieuze hobby. Als ik de gezondheid en de energie houd, maak ik 'm zeker af" (SS)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 19 augustus 1991
Ad Valvas | 614 Pagina's